Natuurdagboek

Denk je onjuistheden in deze dagboeknotities tegen te komen, meldt dit dan even via mijn mailadres: tineke [at] natuurfragmenten [dot] nl.
Bij voorbaat dank!

Lente

Zomer

Herfst

Winter


Herfst 2020

27 september 2020

Menigeen te snel korten de dagen richting kerst, de herten burlen alweer op de Veluwe, de meeste trekvogels zijn al op reis gegaan, blad valt en herfstkleuren beginnen te verschijnen. Het zal niemand ontgaan dat het herfst is, ook al zou je geen kalender hebben om te zien welke datum het is.

Afgelopen week zag ik nog een Fitis in de tuin. Rusteloos fladderde die tussen de klimop, op zoek naar vliegjes, rupsjes, kevertjes, mugjes en ander klein grut. De laatste dagen hoor ik zijn klaaglijk klinkende geluidjes niet meer. Zolang het nog niet koud is blijven deze vogels het nog uitstellen om naar hun warme winterverblijven te trekken. Andere gaan tegen september al op reis.

Sinds twee dagen hoor ik van 's ochtends tot 's avonds het weldadige, parelende liedje van de Roodborst. Het moet een noorderling zijn die naar ons land is afgezakt om de winter door te brengen terwijl een deel van onze roodborstjes juist het land verlaten.

De merels bezoeken volop de Lijsterbes om de vruchten te eten. Even leek het erop dat de door de langdurige droogte de bessen zouden verdrogen maar de regen kwam net op tijd om ze daarvoor te behoeden. Onze Lijsterbes hebben we nooit zelf geplant, die kregen we cadeau van een vogel die pitjes uitpoepte.

26 september 2020

Eindelijk liet de egel zich zien die ik de hele zomer al in de tuin hoorde scharrelen tussen de klimop. Dat hij overdag op zoek was naar voedsel, was wel wat vreemd. Het zou te maken kunnen hebben met de droge aarde, weggekropen slakken die het bij dat langdurige vochtgebrek tijdelijk voor gezien hielden, pieren die diep in de grond zaten en dat alles tezamen voor enig voedselgebrek zorgde. Omdat ik hem al hoorde aankomen had ik snel wat kattenbrokjes neergelegd, waarvan de egel meteen begon te eten. Dit was dus een aantal dagen geleden maar elke dag komt hij sindsdien een klein schoteltje voer halen. Misschien moet ik dan nu de cadeaubonnen die ik voor mijn verjaardag kreeg maar besteden aan een solide hok waarin de egel tegen november aan zijn winterslaap kan gaan beginnen.

Ook dan nog maar even terug naar afgelopen week toen ik een tweede keer met de camera naar het bloemenveld fietste, waar ik eerder over schreef. Het was zo leuk om te zien hoeveel insecten zo'n veld trekt, en in hoeveel bloemharten die rond kropen tussen de volle meeldraden. Deze zweefvlieg was helemaal overdekt door het witte stuifmeel van de Lavatera.

Dahlia's zijn weer helemaal "hot" tegenwoordig, er zijn zoveel mooie nieuwe soorten dat je er hebberig van wordt. Vlinders, (zweef)vliegen, bijen (al dan niet wild) en hommels, de dahlia is een geweldige insectentrekker. Volgend jaar ga ik er een heel stel op mijn volkstuin zetten.

Het was dus een waar genoegen op dat veld en in de tuin te kunnen rondlummelen met de camera in de aanslag. Als je dan bij vertrek nog zo'n beeldschoon boeket in je handen gedrukt krijgt, kan de dag niet meer stuk. Ik ga volgend voorjaar dus ook heel veel plukbloemen zaaien. Alleen de gedachte daaraan is al fijn om de komende seizoenen te helpen overkomen......

25 september 2020

Het is grijs en dreigend, de wind waait behoorlijk en het blad vliegt massaal van de krentenboom. Wat een verschil met twee dagen geleden toen ik deze rupsen vond. Ik fietste langs een berm vol brandnetels toen mijn oog viel op een "donker blaadje" tussen al dat groen. Er bleken rupsen onder het blad te zitten van het Landkaartje (Araschnia levana), de derde generatie van deze zomer.

Het Landkaartje is een bijzonder vlindertje, de voorjaarsvorm is totaal verschillend van de zomervorm. De onderkant van de vleugels blijft wel hetzelfde, door alle lijntjes die daar zitten, kreeg de vlinder haar naam.

De zomervorm is donker van kleur en anders van tekening. Het is zelfs zo dat de zomergeneratie iets grotere voorvleugels heeft. Door het veranderende klimaat gebeurt er veel in de natuur. Steeds vaker komt het nu ook voor dat sommige vlinders nog een derde generatie voortbrengen. Dat was dus ook hier het geval. De rupsjes zitten aanvankelijk bij elkaar en eten uitsluitend het blad van de Grote brandnetel. Als ze volgroeid zijn gaan ze hun eigen gang en eten zich vol tot ze zich kunnen gaan verpoppen. Zo brengen ze de winter door, als pop liggend tussen het strooisel op de bodem.

22 september 2020

Vooral in de nazomer is de fraaie Paardenbijter (Aeshna mixta) te zien, een van de groep Glazenmakers. Elke dag moet ik er wel een binnenshuis vangen met een schepnet om hem buiten weer los te laten. Waarom ze zo graag naar binnen vliegen is een raadsel. De libel kan geweldig goed vliegen, hij schicht van de ene kant razendsnel naar een andere kant en kan als een helicopter (of omgekeerd) stil hangen. Prachtig beestje. Ook langs de bosrand is hij veel te zien.

Tot nu toe waren er heel veel bloem bezoekende insecten te zien. Dat zal veranderen als het weer vanaf morgen gaat omslaan en wind, regen en kilte hun lot zal zijn. Maar nu zijn ook de herfstasters in bloei gekomen en die krijgen aan de lopende band bezoekers. Dit is een van een groep zweefvliegen waarvan het soms moeilijk is ze uit elkaar te houden. Ik houd het op de Bosbandzwever (Syrphus torvus) en als ik fout zit, verneem ik het graag.

Omdat deze mooie dag de laatste kans bood eens van heel dichtbij te zien wat zich allemaal op de bloeiende klimop bewoog, heb ik er maar een voorzetlensje bij genomen om wat te fotograferen. Deze Gras- of Halmvliegjes zijn prachtige glanzende en onbehaarde vliegjes die zo klein zijn dat je er een vergrootglas of iets vergelijkbaars bij moet nemen om ze goed te kunnen zien. Ze leggen hun eitjes op de halmen van grassen. Ze kunnen in enorme hoeveelheden voorkomen en in de zon kun je dat goed zien. Het is zo leuk om je wat te verdiepen in dingen die je zo makkelijk ontgaan. Verrassend ook!

Zijn de halmvliegjes niet groter dan 3 millimeter, dit vliegje is ook klein maar wel groter. In de zon zag hij er met zijn mooie vleugeltjes heel leuk uit. Hoe het heet weet ik niet. Het vloog ook met vele op de klimopbloemen.

Nog een klimopbezoeker, het Wenkvliegje (Sepsis punctum). Dat zijn net pikzwarte glanzende mieren met vleugeltjes die ze vaak laten wapperen om een partner te lokken.

Nog een opname om te laten zien hoe ongelooflijk veel insecten de klimop bezoeken in deze tijd. En dan zijn er ook nog al die grotere zweefvliegen, bijen, enzovoort. De Klimop wordt wel de "laatste kroeg" van de zomer genoemd en grotendeels is dat waar. Gelukkig bloeien er ook nog de nodige overige planten die nectar en stuifmeel in de aanbieding hebben.

21 september 2020

Vandaag begint de astronomische herfst al zou je dat, afgemeten aan de (te) warme dagen, niet zeggen. Door het weer dat ons tot nu toe verwend heeft vliegen er nog aardig wat vlinders rond, onder andere de Kleine parelmoervlinder (Issoria lathonia) die voor het grootste deel langs de kust voorkomt. In Limburg en het zuiden van Brabant vliegen ook aardige populaties terwijl de vlinder boven het midden van het land niet of nauwelijks voorkomt. Dankzij het opwarmende klimaat doet hij het hier steeds beter, met name tijdens vorige en deze warme zomer. Deze zomer is zelfs met stip een topjaar en wordt de vlinder heel veel waargenomen.

Een Kleine vuurvlinder (Lycaena phlaeas) op het Boerenwormkruid. Het valt wel op hoezeer vlinders vaker te zien zijn in een gebied met veel groene ruimte en veel bloemen. Natuurlijk is dat geen wonder maar het zegt wel genoeg.

Ook het Bont zandoogje (Pararge aegeria) vliegt nog volop. Mooi dat ondanks de droogte- en de hitteperiode veel vlinders het toch weer gered hebben. Dit mooie zomereinde van de laatste weken belooft tenminste dat we ook volgend jaar weer van deze vliegende juweeltjes zullen kunnen genieten.

Nu de nachten behoorlijk koud worden moeten insecten zich eerst door de zon laten opwarmen voordat ze actief kunnen worden. Het inwendige kacheltje moet worden opgestookt om de vliegspieren soepel te laten werken.

Behalve dagpauwogen, kroosvlinders, atalanta's en sommige andere dagvlinders vliegt ook de nachtvlinder Buxusmot (Cydalima perspectalis) nog rond, al is die veel minder te zien dan vorig jaar. Dat er heel veel buxusstruiken gerooid zijn na al die overweldigende rupsenvraat in 2019, is daar een oorzaak van, maar ook sommige vogelsoorten hebben de rupsen als voedsel ontdekt. Toen ik e.e.a. eens nazocht op het internet bleek dat begin maart van dit jaar in Belgiƫ de eerste mot alweer rond vloog, dankzij de milde winter. Een Franse kweker meldde dat hij weer meer en meer Buxus verkocht omdat de gehate vlinder daar nauwelijks nog te zien was. Een Nederlandse kweker meldde recent dat de infectiedruk van de mot zodanig is afgenomen dat er nauwelijks nog zware schades meer worden gemeld. Zoals altijd: de natuur is spannend, onvoorspelbaar en elk jaar kan weer anders zijn!