Natuurdagboek

Denk je onjuistheden in deze dagboeknotities tegen te komen, meldt dit dan even via mijn mailadres: tineke [at] natuurfragmenten [dot] nl.
Bij voorbaat dank!

Lente

Zomer

Herfst

Winter


Herfst 2022

26 november 2022

Tijdens de vervanging van de beglazing in ons huis, moesten de gordijnen van de rails gehaald worden. In de slaapkamer, waar altijd wel het raam tenminste op een kier staat vond ik in het gordijn dat er hing zeven exemplaren van de Bladpootrandwants die zich tussen de plooien van de stof hadden genesteld om te overwinteren. Ik trof er ook nog een viertal lieveheersbeestjes aan die hetzelfde voornemen hadden. Ik had er geen idee van dat ik rondom ons nog zoveel van die wantsen zouden leven. Ze houden zich op in coniferen, en die staan wel in de tuin.

Het is verheugend dat er weer meer merels te zien zijn. Grappig ook dat de vrouwtjes de baas zijn en de mannetjes zich daar naar gedragen. Vanwege het natte weer voer ik nog niet zo uitgebreid om schimmel en bederf te voorkomen maar in het voerhuisje leg ik elke ochtend een handje zwavelvrije rozijnen. De merels zijn er dol op alleen komen de mannen maar moeizaam aan deze zoete bessen. Zodra zo'n zwartjas op het huisje aanvliegt, verschijnt er een vrouw die hem verjaagt.

Nu het steeds kouder wordt en de winter steeds meer nadert, komen ook de vinken weer naar de tuin. Laatst werd ik aangehouden door een wandelaar in het bos die mij vroeg of ik het ook zo opmerkelijk vond dat er weinig vinken in het bos waren. Dat was inderdaad zo, het viel mij ook op. Andere jaren zie je ze wanneer je nadert met vele opvliegen van de bosbodem waar ze op zoek zijn naar beukennoten maar dit jaar dus veel minder.

De heggenmusjes zoeken het nu ook bij huis, dagelijks zie ik ze scharrelen tussen de mussen die ik 's ochtends een in stukjes gesneden boterham geef. Toen mijn moeder nog leefde voerde zij de mussen altijd het velletje van de melk die ze kookte voor in de zelf gezette koffie. Elke ochtend zaten de mussen tegen koffietijd al te wachten in de ligusterhaag. Cupjes, pads, en de huidige koffiezetmachines waren er toen nog niet en eerlijk is eerlijk, ik vond de koffie thuis altijd het lekkerst. Een bakje van verse, zelf gemalen koffie en warme melk ging ook altijd gepaard met een plak ontbijtkoek, vaste prik was dat en een aangename herinnering.

De dikke dollies zijn er ook weer en alhoewel ik steeds de neiging heb ze te verjagen, laat ik ze toch beperkt hun gang gaan. Ik zie ze ook al van het brood eten en ach, ze hebben ook honger. Voorlopig zal het wel weer wat rustiger worden in dit dagboek. Het is weer de tijd van grijze dagen en kil, vochtig weer, in de natuur is niet zoveel meer aan te treffen. De natuur gaat langzaam maar zeker in rust.

20 november 2022

Nadat er gisteravond matige nachtvorst was voorspeld en het kortgeleden nog een hele dag geregend had, besloot ik vanmorgen vroeg het bos in te gaan op zoek naar een paar mooie ijsveren. Die waren er niet tot mijn grote verbazing. De omstandigheden waren immers perfect: nat dood hout en een paar graden vorst. Aangezien er aan de beuken nog heel wat blad zit, was de vorst niet diep genoeg op de bodem doorgedrongen. Op een kruising was goed te zien hoe dat in z'n werk gaat. De bosbodem bruin, het brede wandelpad wit van de rijp, daar kon de vorst goed z'n werk doen.

Op de bosbodem vol gevallen blad was daarom ook nauwelijks wat te zien aan rijp. Die hecht zich het snelst vast op de uitstekende randjes en nerven van het blad. Hier is het verschil te zien tussen een beukenblad dat met de bovenkant, en een met de onderkant op de grond ligt.

Met spijt zag ik vanmorgen hoe de fuchsia met de grote bloemen (afkomstig van een stek uit Schotland) en die nog steeds volop in bloei stond, er nu bijstaat. Het is gedaan met het fraais, het blad en de bloemen zullen er nu rap afvallen.

Even nog een ode aan een enkele roos die nog bloeide langs de rozenboog. Ook het bos zal nu snel kaal worden, de vorst geeft het laatste zetje. Wanneer er een vogel op een tak land, zie je meteen hoe het blad valt. Dit was een ongewoon vroege matige nachtvorst, meestal komen die pas in de laatste maand van het jaar.

19 november 2022

Onze buurgemeente Doesburg heeft veel last van een grote hoeveelheid roeken. Allerlei methodes zijn ingezet om ze te verjagen maar dat is nutteloos gebleken. De Roek (Corvus frugilegus) is een beschermde soort en het geweer mag dus niet worden ingezet. Nu is het wachten tot daar verandering in komt, is de slotsom van de gemeenteraad. Er leven aan de randen van dorp en stad veel kraaien, roeken en kauwen, dankzij de weilanden om ons heen. Wie de geluiden van de vogel hoort, kan nauwelijks geloven dat die tot de zangvogels behoort.

Waar elk jaar het hele groeiseizoen wel bloeiend Moederkruid is te zien, kwam de eerste plant pas in de zomer tevoorschijn. Heel laat heeft die zich nog uitgezaaid en voordat de vorst vannacht gaat toeslaan, heb ik de bloemen nog snel even gefotografeerd. Het is onuitstaanbaar, zo'n enkele plantenverwoestende nachtvorst terwijl de volgende dag- en nacht temperaturen alweer gaan stijgen. Alles wat nog bloeide is dan opeens verdwenen.

Op de deur van de garage zat deze Berkenwintervlinder (Operophtera ferata) te wachten tot het weer avond zou worden. Ik heb tot nu toe nog geen nachtvlinders gezien, noch in het bos noch in de tuin, maar er is ook weel veel lichtvervuiling in de buurt. Iedereen lijkt bang voor onraad en lampen blijven de hele nacht branden in een poging dat te voorkomen. De Berkenwintervlinder verscheen pas tegen het eind van de vorige eeuw in ons land en vermoed wordt dat de soort hier werd ingevoerd met de insleep van wilde planten van elders, waarop eitjes en rupsen zaten. Of wellicht doordat de rupsen zich met een spinseldraadje hierheen lieten waaien, zo las ik. De vlinder, een spanner, lijkt op de Kleine wintervlinder. De vrouwtjes van beide soorten zijn vleugelloos maar dankzij de geslachtshormonen (feromonen) weten de mannetjes ze feilloos te vinden.

Elke winter ergerde ik mij aan de merels die allemaal honger hadden maar die meer tijd leken te besteden aan elkaar te verjagen dan samen gebruik te maken van het voedsel dat hier voor ze ligt. De laatste winters echter waren er nauwelijks merels te zien. Ik was al blij als ik er maar één zag. Het Usutuvirus had een desastreus verloop voor de populaties. Dat is dit jaar weer anders gelukkig en de zinloze knokpartijen beginnen weer. Blijkbaar hebben er toch genoeg merels het virus overleefd om zich succesvol voort te planten. Gelukkig maar, wat moet een mens in het voorjaar zonder de zang van deze vogels.

12 november 2022

Op mooie dagen in de herfst gaat de zon vaak zo prachtig onder. Of liever gezegd: dan beschijnt de laagstaande zon vanuit de verte de licht bewolkte hemel zo schitterend. Net als de beuken die nu goudbruin zijn. Als ik beneden zie dat het in de lucht weer feest wordt, ga ik naar de zolder en kan vanuit het raam de bosrand van de Veluwe zien. Toen ik deze foto maakte hoorde ik ganzen komen en ja hoor, ze vlogen prachtig door het hemelse rood voorbij. Toen weigerde de camera dienst en mijn frustratie was niet te beschrijven!

Net als vorige herfst is er weer een vertederend roodborstje in de tuin. Telkens als ik buiten ben, vliegt het aan en kijkt of ik een fijngeknepen beschuit strooi, of lekkere insecten tevoorschijn tover bij het wieden van onkruid. Het is zo'n fijne ervaring als zo'n vogeltje vol vertrouwen heel dicht bij je komt. Roodborsten die dit doen komen vast uit het hoge noorden om hier de winter door te brengen. Misschien hebben ze nauwelijks ondervonden dat ze bang zouden moeten zijn voor mensen. Ik fotografeerde deze toen het op een lelijke buis ging zitten, waarna ik een riek in de grond prikte, en een schepje, in de hoop dat de vogel daar fotogeniek zou gaan zitten poseren. Maar natuurlijk lukte dat weer niet. En als het wel gebeurt, ligt de camera binnen.

Geraniums zijn geweldige planten voor in de tuin. Ik heb er diverse en voor deze knalrode bezweek ik toch weer afgelopen zomer. Maandenlang bloeit hij al met zijn fantastische kleurtje, en nog steeds gaat hij door, zelfs nu de nachttemperatuur al gevaarlijk dicht bij het vriespunt begint te komen. Ik houd de weerberichten dus goed in de gaten want ik wil hem niet kwijt en moet hij tijdig naar binnen. Deze planten zijn van grote waarde op plekken in de borders waar het een beetje saai begint te worden. Gewoon met pot en al wordt er hier en daar een tussen het groen van de uitgebloeide soorten neergezet.

9 november 2022

In het bos op de zandgrond van de Veluwezoom is het paddenstoelenseizoen zo goed als voorbij. Ondanks de langdurig uitgedroogde bosgrond waren ze er wel, maar qua soorten was het maar mager. Momenteel zijn ze, ondanks het zachte weer, nauwelijks nog te vinden. Ik vond nog wel exemplaren van o.a. de Reuzenzwam maar die zijn niet veeleisend, je vindt ze nog in zowel oude als jonge staat. De paden liggen onderhand bezaaid met afgevallen blad en je moet goed oppassen waar je loopt want voor jet het weet struikel je over een ongeziene boomwortel die over het pad groeit.

In het bosgebied van Middachten vind ik het aantrekkelijker wandelen dan in dat van Twickel (Hof te Dieren). Het is er natuurlijker; ze grenzen aan elkaar. Hier vond ik een paar Nevelzwammen, niet mooi genoeg meer voor een plaatje. Ook zag ik er de Narcisamaniet (Amanita gemmata). Heel zachtgeel met een geelachtige steel. Ook een algemene soort van de zandgrond en voorkomend in loof- en naaldbos. De camera maakte de zwam helaas bleker dan hij was.

Het Mosschelpje (Chromocyphella muscicola). Vóór 2010 zeer zeldzaam, twee jaar eerder waren er pas drie gevonden in Nederland. Het parasiteert op mos dat op beukenstammen groeit. De schimmeldraden vormen een cirkel en daarbinnen groeien heel kleine paddenstoeltjes. Een soort heksenkring, zou je kunnen zeggen. Je moet al heel goede ogen hebben om ze te zien, dus leve het computerscherm. De jaren hierna zag je ze zowat op elke boom, al is dat wellicht ietwat overdreven. Maar het opvallende is dat ze pakweg een jaar of twee alweer steeds minder worden, vergeleken met ervoor.

Detailopname van het Mosschelpje . Ze behoren tot de Basomiodyceten of steeltjeszwammen. Ik vond ze gisteren op een nog niet zo oude beuk. Het waren de resten, de zwammetjes waren niet meer te zien. Foto: zo zien ze er uit in volle glorie.

Beukenstammen zien er vaak heel mooi oud met al die bulten, rimpels en groeven. Bij zoiets als dit blijf ik altijd even staan om al die groeisels te bewonderen.

Bij de Roodgerande houtzwam (Fomitopsis pinicola) zie je bij dit vochtige weer vaak druppels aan de randen hangen. Het is het uit de bodem opgezogen water dat hier weer wordt uitgeperst. Guttatie heet dat. Ik vond ze op een oude gekapte beukenstam maar ze groeien ook vaak op naaldhout. Het is een overjarige soort die telkens weer nieuwe buisjeslagen vormt.

2 november 2022

Met al dat sappige agrarisch gebied in Nederland is het niet verwonderlijk dat in ons land veel ganzen verblijven. Héél veel ganzen zelfs en in de winter wordt het aantal vogels nog eens aangevuld met ganzen die hier komen overwinteren. Elke gans eet per dag tot 500 gram gras, dus dat tikt flink aan. Provincies mogen daarom bepalen hoeveel vogels er mogen worden gevangen en gedood, of afgeschoten. En dat zijn er onvoorstelbaar veel. Ik moet er altijd aan denken als ik de ganzen hoog in de lucht hoor aanvliegen.

In onze tuin verblijft al twee jaar een egel. Ik vind het wonderlijk dat die nog altijd leeft, gezien het feit dat wij op een hoek wonen en auto's hier voortdurend langs rijden. Maar heel af en toe zie ik de egel lopen als hij op weg is naar de plek waar voer voor hem ligt. Dat vindt hij in een plastic doos waarin een toegangspoortje is gezaagd. Om katten te weerhouden het voer te eten, mag dat niet groter zijn dan 14 x 14 centimeter. Beter is het nog om de toegang te verlengen door een soort tunnel te maken waardoorheen de egel moet kruipen een katten juist tegenhoudt. Dat heb ik gedaan met stevig materiaal.

In het voorjaar sleept de egel nestmateriaal uit het winterverblijf waarmee hij op een eigen gekozen plekje in de tuin een slaapplek maakt. Maar met al die regen van de laatste tijd zal dat niet droog gebleven zijn, vermoedde ik. Dus heb ik voor deze ene keer toch maar eens overdag heel voorzichtig het dak van het egelhok een stukje opgetild om te zien of hij daar al dan niet lag te slapen. En ja hoor, dat was zo, ik zag hem nog net heerlijk onder een het stro en hooi in elkaar gerold liggen. De hele zomer heb ik hem voorzien van kattenbrokjes en water. Geen overbodige luxe want de hete en droge zomerperiode heeft heel wat slachtoffers geëist. Sinds ik weet dat gedroogde meelwormen heel slecht zijn voor deze dieren, heb ik ze niet meer aangeboden.

Veel bomen zijn al kaal geworden en daarmee verdwijnt ook een belangrijk deel van het voedsel voor de vogels. Tijd om de voertafel in te richten, zou je denken. Het is zo leuk om in de komende tijd vogels dichterbij te lokken. Echt nodig is het nog niet maar je kunt natuurlijk wel heel voorzichtig beginnen met bescheiden aanbieden van voer. Ik kan het niet vaak genoeg schrijven: hang in deze natte tijd geen pinda's in een netje op. Ze bederven al snel en de beschimmelde, slijmerig geworden troep die er over blijft is slecht voor vogels. Pinda's los voeren, in een silo of een voederhuisje is echt de beste optie.

31 oktober 2022

Alweer de laatste dag van oktober. Al is het weer van de laatste dagen nog zo behaaglijk, er is één reden dat het voor mij toch kouder mag gaan worden. Dan verdwijnen namelijk eindelijk de hoornaars die nog steeds bezig zijn onze Es te slopen. Tak voor tak wordt aangepakt en stukje bij beetje knagen ze er over flinke lengten de bast vanaf om bij het zoete sap eronder te komen. Daar voeden ze zich mee. Voor ons is het afwachten in hoeverre de vele kale plekken de boom schade zullen doen... Het is merkwaardig dat ze dat nooit eerder deden.

Een eenjarige die het nog altijd vrolijk doet en onophoudelijk nieuwe bloemen produceert is "Suzanne met de mooie ogen". Het oranjegeel zorgt voor een vrolijk hoekje in de tuin.

Suzanne produceert heel leuke zaaddozen. Ze ontwikkelen zich in een groen omhulsel en als ze rijp zijn valt dat eraf en verschijnen de bruine zaaddoosjes. Als die zover zijn om hun zaad te verspreiden splijten ze open en lijken opeens op kleine konijntjes.

Mussen zijn ongelooflijke slimmerikjes. Door de jaren heen zag ik hoe ze steeds meer ontdekten dat je allerlei voedsel kunt vinden door af te kijken wat andere vogels deden, zoals bijvoorbeeld de mezen. Zo hingen ze op een moment aan de vetbollen, peurden uit de pindakaaspot en dit is voor het eerst dat ze de rozijnen opeten die ik neerleg voor de merels.

20 oktober 2022

Het zijn vreemde dagen. Het is aan de ene kant heerlijk om te ervaren dat de dagen meer zomers zijn dan herfstig maar aan de andere kant is het ook een teken van naderend onheil. Alle rapporten en onderzoeken wijzen het uit: met het klimaat gaat het de verkeerde kant uit. Er bloeit nog wel het een en ander maar bij de ene plant gaat het om een bescheiden nabloei die er altijd wel is in de herfst maar ook zijn er planten die gewoon opnieuw aan de slag lijken te gaan. Deze eenjarige Diasciasoort in de plantenbak bijvoorbeeld.

Ook de tuingeranium heeft weer een opleving, net als de Campanula, de Moerasspirea en nog wat andere planten. De laatste stuiptrekkingen tot de komende periode er een eind aan maakt, zullen we maar zeggen.

De Winterjasmijn daarentegen doet alles volgens de regels, alhoewel... In tuinboeken lees je dat die vanaf januari bloeit op de kale takken. Vandaar de Latijnse naam Jasminum nudiflorum. Nudiflorum betekent op het naakte hout. Hij bloeit echter nu al en het blad zit er nog aan.

Het is jammer dat we het in de tuin moeten doen zonder vruchten aan de Kardinaalsmuts, de bessen van de Gelderse roos en die van de Taxus die zich dit keer met hier en daar een eenzaam besje tooit. Allemaal vanwege de droogte van afgelopen zomer.

Nu de klimop haar bloesem inmiddels verruild heeft voor bessen vormt de enkelbloemige Dahlia in de tuin nog een laatste insectenkroeg. Er vliegen nog hommels, zweefvliegen en heel veel Langlijfjes op de bloemen die maar blijven verschijnen alsof ze hun afwezigheid in de zomer goed proberen te maken.

Wie een Rhododendron in de tuin of in de omgeving heeft, moet eens kijken onder de blaadjes. Daar vind je nog steeds de achtergebleven vervellinghuidjes van de Rhododendroncicade. Die overblijfsels zien er prachtig uit.

28 oktober 2022

Binnenin het bos is het nog behoorlijk groen en de beuken staan nog volop in blad. Hier langs de Veluwezoom staan voornamelijk beuken. Al die uniformiteit maakt een bos wat saai en ook de biodiversiteit is er minder. Als ik vanaf mijn volkstuin naar huis fiets, kom ik langs de bosrand die in de herfst nog het fraaist is. De zon valt er volop in hetgeen de verkleuring ten goede komt.

Het bos zou veel aan charme winnen als er niet voornamelijk beuken zouden staan; die maken het een beetje saai. Maar af en toe kom je toch een enkele eikenboom tegen. Zo'n boom in herfstkleur - in dit geval de Amerikaanse eik (Quercus rubra) - knalt er uit, prachtig! Een probleemloze boom die nauwelijks last heeft van insectenvraat of ziektes.

De beukenbomen op de zandgrond hebben geen diepgravende wortels en bij een fikse storm vallen er dan ook vele om. Pas goed is dan te zien hoe hier de bodem er uitziet, het is een wonder dat deze soort het nog zo goed doet en géén wonder dat ze ontzettend te lijden hebben van droogte.

Een ander probleem op de zandgrond van de Veluwe wordt gevormd door de heftige regenbuien die steeds vaker vallen. Erosie van de paden is het gevolg omdat het gebied niet vlak is maar telkens wat hoogteverschil heeft. Het afstromende water voert de humuslaag weg over grote afstanden. Bovendien kunnen er door het uitslijtende water diepe geulen ontstaan wat op een wandelpad natuurlijk niet prettig is.

Naaldbomen groeien er ook en daarvan profiteert de Grote sponszwam (Sparassis crispa), een parasitaire soort. Ik vond een fors exemplaar dat op de wortels van een dun dennenboompje groeide.

23 oktober 2022

Op mijn volkstuin ontdekte ik in de vlinderstruik een grote hoeveelheid Kaneelglasvleugelwants (Corizus hyoscyami) die onderin de plant samenschoolden op de takken. Ze waren zich aan het voorbereiden op slechtere tijden nu de zomerwarmte voorbij leek en dan kun je maar beter lekker tegen elkaar aankruipen. Maar ja, hoe gaat dat tegenwoordig, niets lijkt zich meer aan de seizoenen te houden, dat zie je alleen al aan het weer dat alles door elkaar schudt. Dieren moeten hun leefgedrag telkens weer aanpassen.

Maar niet de vogels, die hebben wel weer zin in de gedekte voederplekken. Ik had nog niet het plan om dit vetblok ergens op te hangen maar de mussen waren me alweer te snel af. Met beetjes vogelzaad probeer ik ze wel alvast naar de tuin te lokken. De merel met een paar rozijnen per dag, die komt hij ook al ophalen.

Ik was een tijd geleden bij iemand die mij in paniek meenam naar haar slaapkamer die "vergeven zou zijn van de vieze beesten". Ze had de stofzuiger er al over gehaald maar de slaapkamer zat er nog vol mee. Het bleek te gaan om de Bladpootrandwants (Leptoglossus occidentalis), een soort die nog niet zo lang geleden als een exoot in ons land arriveerde. Hij houdt niet van kou en wil, net als lieveheersbeestjes graag bij ons binnen overwinteren. Maar een hoeveelheid zoals die daar in die slaapkamer rond kroop op de vloer, de muren, de ramen, het bed...., het was bizar! Ik nam er drie mee naar huis om ze te fotograferen en zette ze naderhand buiten neer. Voor het eerst zag ik er nu een in de eigen tuin. Ze zijn best fors met hun 2 centimeters maar volkomen ongevaarlijk. Ze leven van de zaden van sommige naaldbomen.

Nog een wants maar nu van formaat mug: de Glansheremietwants (Eremocoris fenestratus). De larven en volwassen insecten leven van zaden op de bodem. Ze behoren tot de grote familie Rhyparochromidae, waarvan veel soorten als zaadwantsen worden benoemd. Deze kwam even op de tuinstoelleuning zitten en vloog al ras weer verder. Leuk om bij het scheiden van de markt nog een aantal leuke beestjes te kunnen kieken.

18 oktober 2022

Vanmorgen lokte het mooie weer me naar buiten. Al vroeg was de zon doorgekomen en ik vond het een fijn begin van de dag. Vochtig was het in het bos en hoog in een boom zag ik dit spinnenweb hangen, belicht door de zon. Boomstammen leken wel in brand te staan doordat de zon het vocht op de stammen verdampte en dat net op rook leek.

Een jongeman die zijn hond uitliet zag afgelopen zondag in Vaassen (Oost-Veluwezoom) tot zijn verbazing een roedel wolven van acht stuks voor zich het pad oversteken en dat filmpje zag ik vanmorgen. Ik woon een flink stuk verderop, ook aan de Oost-Veluwezoom, en in deze omgeving is de wolf ook al gesignaleerd, doodde er een schaap dat op een weitje stond en zelfs binnen de bebouwde kom van ons dorp is er een gezien. Ik loop dus niet zo ontspannen meer het bos in als voorheen en heb daarom steeds een alarm bij me, je weet maar nooit. Foto: gefotografeerd tv-beeld.

Als ik 's avonds al die foto's van paddenstoelen in het weerbericht zie langskomen word ik daar ietwat jaloers door want hier in het beukenbos is het nog steeds zeer matig. Op mijn wandeling zag ik slechts één Vliegenzwam (Amanita muscaria), en dan nog een kleintje en al aangevreten door een slak. Maar opvallend is ook dat de meest zwammen die er wel staan niet veel vraatsporen hebben. Dus conclusie: blijkbaar zijn er momenteel ook niet zoveel slakken. Te zien zijn ze ook nauwelijks.

Ook een enkel vers exemplaar van het Gewoon eekhoorntjesbrood (Boletus edulis). Die leven in symbiose met sommige loofbomen maar het meest bij Eik en Beuk. Ze worden overwegend gevonden in min of meer schrale, zwak zure zandige of leemhoudende bodems. En dat is precies de bodem van dit bos.

In het bos was het nog zó vochtig dat een schimmel kans zag zelfs een andere schimmel, een Fopzwam, te koloniseren.

Ook een perceeltje naaldbomen zag er schitterend uit nu het vocht alle spinrag zichtbaar maakte. Van boven tot beneden waren ze versierd met spinnenweb. Vanuit de verte leken de bomen wel grijs. Genieten hoor!

17 oktober 2022

Gisteren was er een ware invasie van lieveheersbeestjes. Onze zonbeschenen gevel en ruiten zaten er vol mee. Ik heb er nog nooit eerder zóveel bij elkaar gezien. Ook elders zag ik ze met een heleboel rondkruipen op een houten hek. Zelfs vlogen er een paar in mijn haren. Het waren allemaal Aziatische kevertjes in verschillende kleuren en hoeveelheid stippen. Het komt wel eens voor dat ze massaal over grote afstand worden meegevoerd met de wind. Ook zouden ze misschien door het opeens weer warme weer tot leven gewekt zijn maar dit laatste lijkt me in dit geval onwaarschijnlijk. Hoe het ook zij, ik kon er geen meldingen over vinden. In de kleinste spinnenwebjes werden ze gevangen.

Een viervlekkig Aziatisch lieveheersbeestje (Harmonia axyridus), ook al zijn er nog zoveel verschijningsvormen, ze hebben alle dezelfde Latijnse naam.

En hier nog een veelstippelig Aziatisch lieveheersbeestje op glas, deze is het meest algemeen. Deze kevertjes hebben nauwelijks vijanden dus het vergaat ze uitstekend, zodanig dat ze vandaag de dag beschouwd worden als plaagdieren.

Tot slot nog een bruin exemplaar. De Aziatische lieveheersbeestjes komen oorspronkelijk uit Azië en Japan en werden hier ingevoerd Je kunt ze herkennen aan een deukje op het achterschild en ze zijn wat groter dan onze inheemse soort. De eerste heeft zich hier zo succesvol voortgeplant dat het nu een bedreiging vormt voor de inheemse. De Aziatische voeden zich namelijk met de larven van onze kevertjes. Een voorbeeld van een rampzalig besluit om een uitheemse soort in onze natuur te brengen. Dat werd ongeveer 25 jaar geleden gedaan met het doel bladluizen in kassen te bestrijden.

15 oktober 2022

De dahlia's in mijn tuin en volkstuin kwamen deze zomer niet op gang. Ze zaten volop knoppen maar die kwamen niet uit ondanks het regelmatig water geven. Pas nu al een tijdlang regenbuien uit de lucht vallen hebben ze het uitstekend naar hun zin en zitten ze vol bloemen. Pas een paar dagen geleden verscheen de eerste bloem in de dahlia Crème de cassis. Ik wist niet eens meer dat ik hem had. Vorig jaar werd hij opgevroten door de slakken en dit jaar dus de eerste bloem in half oktober. Ik vind hem beeldschoon.

De voorkant van deze mooie dahlia met volmaakte bloemblaadjes zacht roze/lila en de achterkant van diezelfde bloemen bloedrood. Je snapt niet hoe zoiets gekweekt kan worden.

Ook mijn favoriet de Night butterfly begon pas in oktober te bloeien. Doorgaans laat ik planten met gevulde bloemen links liggen maar voor dahlia's maak ik een uitzondering. De regen stroomt op het moment dat ik dit schrijf weer uit de lucht anders was ik nog even naar mijn volkstuin gegaan om nog meer fraaie exemplaren te laten zien.

Eerder schreef ik al over de vele hoornaars die we deze zomer in de tuin hadden en het raadsel waarom ze in de Es rond vlogen. Niemand die een antwoord wist maar nu staat het vast: ze knaagden de bast van de takken kapot om bij het zoete sap daarin te komen. Nu het blad van de Es valt, zie ik pas wat een enorme stukken bast ze daarbij slopen. De boom loopt er serieuze schade door op.

Nu het blad volop valt laat de voortschrijdende herfst zich nadrukkelijk voelen. En met die regenbuien als begeleider voel ik me daar wat onbehaaglijk bij. Daarom ben ik tegelijkertijd wel blij met alles wat nog in bloei staat als ik naar buiten kijk. De clematis Aureolin bloeit deze herfst spectaculair.

Een andere geelbloeiende plant die ik zeer waardeer is de Solidago Casea. Zoveel mooier dan de algemeen voorkomende soort Gulden roede die zelfs in de bermen langs de weg wel groeit. De bloempjes groeien als toefjes langs de stengels. In het voorjaar moet het ontluikende blad echt goed beschermd worden tegen slakkenvraat anders komt er niets van terecht.

Tja, andere planten doen het dit jaar dan weer veel minder goed, het is zo'n bizarre zomer geweest. Waar het allemaal naar toe gaat zullen we moeten ondervinden. De Kardinaalsmuts in onze tuin bijvoorbeeld heeft nauwelijks vruchten, de aanhoudende droogte was gewoon teveel.

12 oktober 2022

Vanmorgen maar eens een stevige wandeling gemaakt en wat dieper het bos in want daar ben je vaak nog alleen met de geluiden van wind en vogels. Vooral de spechten lieten zich horen, zowel qua roep als geklop op de takken. Voor me uit heel veel vinken die op de paden aan het scharrelen warren. Wat paddenstoelen betreft was het nog steeds mager, al vond ik wel een paar leuke soorten.Maar nog steeds geen Amethystzwam, Aardappelbovist, Vliegenzwam, Nevelzwam, Russula's, Parelstuifzwam enzovoort, plus - heel opmerkelijk - ondanks de vele regen ook geen enkele slijmzwam. Her en der wel de gele hoedjes van de Valse hanenkam (Hygrophoropsis aurantiaca) met hun fraaie onderkanten.

Onderweg vond ik een Breedplaatstreephoed (Megacollybia platyphyl), waar iemand, zo leek het, een stukje had afgebroken.

Zowaar ook een heksenkring van het Heksenscherpje (Mycena rosea). Het groeit in de strooisellaag van het loofbos, al is het soms ook te vinden bij naaldbomen. Een giftige zwam die je vooral moet laten staan. Zowel de hoed als de lamellen eronder zijn roze.

Een duo Grote parasolzwam (Macrolepiota procera). In jonge vorm lijken ze op trommelstokken die parmantig uit de bodem steken. Ze zijn eetbaar en smaken lekkerder dan de Knolparasolzwam. Ik heb het nooit geprobeerd, laat liever de zwammen staan in het bos waar sommige bewoners er van eten. De zwam doet z'n naam eer aan, hij heeft de grootste hoed van alle paddenstoelen die in ons land voorkomen.

Er bestaan heel veel verschillende soorten in de familie Mycena en ze zijn vaak moeilijk op naam te brengen. Vaak kleine verfijnde zwammetjes die tussen het mos groeien. Als ze daar zo staan te pronken tussen het frisgroene mos en wat herfstblad, lijken het op foto's net schilderijtjes.

6 oktober 2022

Een compleet verloren generatie, kopt een natuurbericht. Er zijn 100% minder vlinders dit najaar dan vorig jaar in deze tijd, met uitzondering van een enkel koolwitje, luzernevlinder of Kleine parelmoervlinder. Op mijn volkstuin vond ik inderdaad nog een enkele parelmoervlinder en dat is deze die zich op het pad zat op te warmen. Ook sterke vlinders als Atalanta en Dagpauwoog zijn niet te zien. De oorzaak ligt in de extreme langdurige droogte waardoor heel veel waardplanten verdroogden. De rupsen uit de zomergeneratie vlinders stierven daardoor massaal en dat heeft in volgende lente natuurlijk gevolgen: er zullen weinig dagvlinders zijn want de rupsen van de zomer vormden de toekomstige generatie..

De klimop bloeit weer en dat betekent dat er heel veel insecten op vliegen. Niet wat soorten betreft maar wel hoeveelheden. Vliegen, zweefvliegen en vooral heel veel wespen. Maar ook de hoornaars doen zich tegoed aan de nectar van de klimop. Nog nooit eerder zag ik er zoveel en behalve in de klimop vliegen ze nog steeds af en aan in onze Es (Fraxinus excelsior). Eerder schreef ik al eens over de hoeveelheid hoornaars die ik zag sterven onder de boom. Een nieuwe verklaring via Waarneming.nl zou kunnen zijn dat de hoornaars aan de bast van de boom knagen, opzoek naar het suikerhoudend sap. Maar de droogte zal toch een oorzaak zijn geweest van het dood gaan van wel 30 stuks in onze tuin.

Jaarlijks geef ik de borders in onze tuin een laagje compost en soms brengt dat de leukste verrassingen met zich mee vanwege de zaden die in de compost zitten. Dit jaar verscheen er opeens een wilde Anjer met kleine lieflijke bloempjes. Het bleek de Ruige anjer (Dianthus armeria) te zijn. De plant is in ons land zeldzaam waardoor dit een extra mooi cadeautje was. Het zaad heb ik verzameld en de helft ervan heb ik uitgestrooid. De andere helft gaat in het voorjaar in de grond, of misschien ga ik het wel voor zaaien in potjes. Het zou mooi zijn als de plant in onze tuin zou blijven. De laatste bloempjes zitten er nog aan.

In de tuin vandaag nog een Citroenvlinder. Die gaat binnenkort ergens overwinteren en wordt vroeg in het voorjaar weer wakker als alles goed gaat. Een vlinder heeft warmte nodig om actief te kunnen zijn, als het te koud is zit hij stil op een blad te wachten op wat zonnestralen.

2 oktober 2022

Op zondag het bos in gaan, dat doe ik nauwelijks. Ik hou er niet van als het er druk is en je op elk pad wel mensen tegenkomt. Maar deze mooie ochtend ben ik toch maar een keer op pad gegaan. Het krò-krò van de Raven klonk, en het kri-kri-kri van de Zwarte specht, aangevuld door het welluidende gezang van de roodborstjes die vanuit het hoge Noorden afzakken naar onze streken voor het doorbrengen van de winter.

Verkleuring van het blad is nog niet aan de orde maar wel vallen er wat bladeren. Eiken groeien hier niet zo veel, beuken des te meer. Maar af en toe kom je er toch een paar tegen. Hier ligt al wat blad te vergaan maar dat is lang niet zo onder alle eiken. Door alle regen is de bodem flink nat en daarvan profiteren de eerste zwammen. Vooral de Reuzenzwam is goed vertegenwoordigd, op zowat elke stronk groeien ze met vele. Maar er waren ook ander soorten te zien nu. Het zwammenseizoen is begonnen!

De Gewone oesterzwam (Pleurotus ostreatus) groeit op Wilg en Populier maar vooral op Beuk, en daar vond ik ze. In de winkel vind je ze ook maar dan komen ze niet uit het bos maar werden gekweekt.

De porseleinzwam (Oudemansiella mucida) was alweer overal te zien. Mooie, witte, glimmende paddenstoelen en een echte bewoner van het beukenbos. Ze groeien op het dode hout op de bosbodem maar ook hoog op de stam van levende beuken. Maar dan moet er wel ergens op die stam een beschadiging zijn waar de schimmel z'n kans kan pakken.

De Glimmerinktzwam (Coprinellus micaceus) vond ik voor het eerst deze herfst maar binnenkort zullen ze overal houtstronken, dode boomwortels en allerlei ander dood hout gaan koloniseren. Altijd weer een schitterend gezicht.

Voor het tweede jaar zie ik weinig Bosmestkevers. Tijdens mijn wandeling vanmorgen zag ik er slechts driemaal een over het pad lopen. Misschien hebben die ook wel flink te lijden gehad door de langdurige droogte.

27 september 2022

Nu de ene bui na de andere verschijnt, kun je je bijna niet meer voorstellen hoe kortgeleden de zomer nog hoogtij vierde. Het is echt herfstig geworden maar ook wat bizar. Nooit eerder bleef de Hemelsleutel zonder bloemen en ook op de herfstasters zijn zomervlinders niet meer te zien. Wat een enorm verschil met vorige herfst.

Afgelopen zondag maakte ik meteen weer gebruik van de mooie dag en ging nog even naar mijn volkstuin. Ik zat een poosje bij mijn vijvertje te kijken toen ik naast de inmiddels vier jonge groene kikkers, ook nog een juveniele bruine zag rondscharrelen.

En ook zag ik een Veldsprinkhaan op wat verdord blad. Moeilijk op naam te brengen, deze beestjes. Bij het zoeken naar een naam zag ik meerdere die er precies hetzelfde uit leken te zien maar toch met verschillende namen. Veldsprinkhanen hebben als soortnaam Chorthippus.

De Kleine parelmoervlinder vloog nog steeds, ik zag zelfs een parend stel, helaas buiten het bereik van de camera. Het Klein koolwitje houdt het nog steeds uit maar de aantallen worden duidelijk minder. Een beetje nazomeren zit er helaas niet in.

Op de volkstuin bloeit nauwelijks nog iets. Een paar bloemen in de Mexicaanse zonnehoed, de herfstchrysanten willen wel maar lijden erg onder de regenbuien, en hier en daar staat nog een bloeiend plantje van de Stijve klaverzuring (Oxalis stricta). Als het weer mistroostig wordt, vouwt het de in drieën gedeelde blaadjes samen. Voor mijn gevoel krimp ik vanbinnen ook altijd wat bij dit grijze weer....

Nu de temperatuur steeds meer daalt en de nachten soms behoorlijk koud zijn, vliegen er steeds minder insecten. Op de Japanse wasbloem (Kirecheshoma palmata) zag ik vandaag nog een bijtje foerageren.

De enige die er echt lol in heeft is nu de mooie dahlia Magenta star die ik dit voorjaar van iemand kreeg. De hele zomer stond hij slechts miezerig te bloeien maar nu steekt de ene bloem na de andere de kop op tussen het donkerbruine blad. Lang leve de regen!

25 september 2022

In onze tuin en in mijn volkstuin zijn geen spinnen en/of webben te zien. Ook in het bos heb ik ze niet ontdekt. Mijn conclusie is dat er heel weinig kruisspinnen zijn in deze nazomer/herfsttijd. Maar wie ben ik, denk ik dan, en zou het elders anders zijn? Dat ben ik eens gaan uitzoeken en ik stuitte op een groot onderzoek dat in de nazomer van 2019 werd gedaan naar de Kruisspin (Araneus diadematus). Het was een grootschalig onderzoek op twintig locaties in Zwitserland.

Hier de resultaten uit het onderzoek: De aantallen lagen meer dan 99% lager dan veertig jaar geleden. Hoewel populaties van ongewervelden van nature sterk kunnen fluctueren, staat vast dat de gemiddelde populatiedichtheid van deze spin is gedaald tot aantallen die veel lager liggen dan wat men bij natuurlijke fluctuaties kan verwachten. De Zwitserse data bevestigen de eerder anekdotische waarnemingen van Vlaamse waarnemers, die zagen dat vanaf de herfst van 2018 kruisspinnen schaarser dan ooit waren. Die vaststellingen suggereren dat dit patroon wijdverspreid is en niet beperkt tot deze regio.

Eerdere onderzoeken door de Universiteit van Gent, die in Oost-Vlaanderen werden gedaan, toonden hetzelfde beeld: de oorzaak lijkt te liggen in de afname van prooien. Spinnen zijn bijna geheel afhankelijk van insecten. Uit het Zwitserse onderzoek bleek dat ondervoede spinnen veel minder stevige webben maakten. Een mogelijk andere oorzaak van de afname zou ook kunnen liggen in de klimaatverandering met de huidige lange droge perioden en soms zeer hoge temperaturen die samengaan met de afname van bloeiende planten en het daarvan afhankelijke insectenleven. Foto: Gehaakte blinker (Heliophanus cupreus).

Twee jaar geleden stond het volgende bericht in het AD: "In 2015 werden er gemiddeld nog 24 kruisspinnen per tuin waargenomen. Dit was in 2016 zelfs 37. Daarna gaat het hard achteruit. In 2018 gaat het om nog maar acht kruisspinnen per tuin. In 2019 en 2020 zijn het er zes. Ook in andere Europese landen is een flinke achteruitgang te zien". Maar het gaat niet alleen om kruisspinnen, die vormen een indicatie. Het blijkt van mij dus helaas geen verbeelding, geen kwestie van niet goed kijken. Het wordt al langer door wetenschappers bevestigd dat we leven in een tijdperk van een wereldwijde ineenstorting van insectenpopulaties, zo las ik ergens. Ik word er als waarnemer vaak mistroostig van. Foto: Eikenspringspin (Ballus chalybeius)

23 september 2022

Ik ben maar eens in het bos op zoek gegaan naar paddenstoelen, de herfst is immers begonnen. Ik betwijfelde of die er zouden zijn aangezien de bosbodem nog maar een paar regenbuien heeft gekregen. Het is best mogelijk dat door de hitte en droogte van de voorbije zomer de myceliums van de zwammen erg te lijden hebben gehad, misschien zelfs verdroogd zijn. Ik vond dan ook alleen een paar zwammen die op dood hout leven. De Reuzenzwam vond ik, en verse elfenbankjes. De Bleke oesterzwam (Pleurotus pulmonarius) was er ook een van. Op z'n mooist als ze nog vers zijn.

Verder nog de Roodgerande houtzwam (Fomitopsis pinicola). De kleuren kunnen, afhankelijk van de leeftijd erg variëren. Zijn rimpelige uiterlijk toont aan dat dit al een oude, meerjarige zwam is. Je vindt hem meestal op naaldhout, hier echter op een dood stuk hout van een beuk.

Aan de onderkant van de zwam hingen druppels. Guttatie is het verschijnsel dat aan de rand van de zwam het water naar buiten drukt. Het ontstaat bij hoge luchtvochtigheid en het komt hoofdzakelijk bij houtzwammen voor.

Een leuke bijvangst op de zwam, deze snuitkever genaamd Eikengalboorder (Curculio villosus). De larven van deze kever leven uitsluitend van de larven van de Aardappelgalwesp. In die gallen leven de larven van de genoemde wesp maar door voedselconcurrentie met de larven van eerstgenoemde, sterven die. Hyperparasitisme wordt dat genoemd. De volwassen kever leeft in eiken. Snuitkevers zijn heel grappig om te zien.