Natuurdagboek


Natuurdagboek 2007                            Natuurdagboek Zomer 2010
Natuurdagboek 2008                            Natuurdagboek Herfst 2010
Natuurdagboek Winter 08/09             Natuurdagboek Winter 2010/2011
Natuurdagboek Lente 2009                Natuurdagboek Lente 2011
Natuurdagboek Zomer 2009               Natuurdagboek Zomer 2011
Natuurdagboek Herfst 2009                Natuurdagboek Herfst 2011
Natuurdagboek Winter 2009/2010     Natuurdagboek Winter 2011/2012
Natuurdagboek Lente 2010

 

 

Lente 2012

 

Link naar de Zomerpagina

20 juni 2012

Nee maar, zowaar een reebokje in het vizier! Ik zie deze dieren maar hoogst zelden in het bos en altijd gedragen ze zich erg schuw. Jaren geleden kon je ze zien grazen tussen de Rankende helmbloem waar ze zo dol op zijn, en de reegeit had dan ook nog wel een kalfje bij zich. Waarom ze dan toch zo weinig te zien zijn hier, ik weet het niet. Gisteren sprak in nog even in het bos onze jachtopzichter maar helaas vergat ik hem ernaar te vragen. Dat was de schuld van zijn hond, een beeldschoon en aardig beest met een koppie waar je meteen voor valt. Nou, voor volgende keer dan maar een knoop in mijn fototoestel leggen om het niet te vergeten. Eekhoorns zijn hier ook maar weinig als ik afga op de keren dat ik ze zie en dat is ook nauwelijks. Pas rolden er twee over het pad, vlak voor mijn voeten en ik wist niet wat ik zag! Ze schoten een boom in en zaten elkaar achterna maar de foto mislukte, het ging allemaal te snel en ze waren ook zo weer verdwenen. Het bokje op de foto zag ik in het bos van Middachten, beetje veraf en precies in de schaduw.

19 juni 2012

Telkens weer sta ik met groot respect te kijken naar de vele mierenhopen in het bos. Het lijkt wel of er aldoor nieuwe bijkomen. Het is verbazingwekkend hoe in een paar weken tijds de Rode bosmier (Formica rufa) er in slaagt om met niet aflatende ijver dennenaalden en schorsstukjes naar de hoop te slepen om hem op te bouwen. Een week geleden zag ik hoe op deze hoop gevleugelde mannetjes rondliepen. Je zou verwachten dat de bruiloftsvlucht met de koningin op het programma staat. Maar het gekke was, dat die gevleugelde mannetjes werden aangevallen door de zogenoemde werksters. Verliep de synchronisatie niet goed? Was de koningin nog niet zover? Deugde de weersomstandigheden niet? Je moet trouwens niet te lang bij zo'n mierennest blijven staan want in een ommezien zitten ze op je broek, je sokken en op je armen. Per nestheuvel is er maar ťťn koningin die voor het nageslacht zorgt. Ze kan tot twintig jaren oud worden. Zo'n nest kan bewoond worden door wel een miljoen mieren! Dat je bij gelegenheid alleen in het bos waant, is dus een illusie, maar tegelijkertijd ook het spannende!

18 juni 2012

Het Judasoor (Auricularia auricula-judae) vaart wel bij dit natte weer van de laatste tijd. Ik vind dit zulke grappige paddestoelen; bij droogte verschrompelen ze tot onherkenbare geaderde vruchtlichamen maar als ze weer doordrenkt raken van vocht, verschijnen weer de mooie oren die zo zacht aanvoelen en er echt als oren uitzien, vooral als de zon er door schijnt. Het Judasoor kan worden gegeten maar smaakt naar niks. In de Aziatische keuken kom je hem wel tegen in gerechten maar ik vind ze wat taai en niet lekker. De oren zouden het cholesterol- en bloedsuikergehalte verlagen en stoffen bevatten die als anti stollingsmiddel in het bloed werken. De natuurlijke eigenschappen van de meeste planten, paddestoelen en dergelijke, zijn in de loop der jaren verdrongen door allerlei chemische geneesmiddelen. Best jammer eigenlijk.

17 juni 2012

Zodra de graslanden gemaaid worden, zijn meeuwen, ooievaars en reigers er als de kippen bij om naar prooien te zoeken die nu open en bloot in het veld te vinden zijn. De Blauwe reiger is er een die vissen, kikkers, mollen en muizen vangt. Maar wat te denken van een Reiger die zich vergrijpt aan een jong konijntje! Het werd vastgelegd door de Nederlandse fotograaf Ad Sprang, die er veel opzien mee baarde en alle kranten haalde, zowel in binnen- als buitenland. Het is al een paar jaar geleden dat dit gebeurde maar het blijft een aangrijpende fotoserie.
http://cellar.org/iotd.php?threadid=18440

16 juni 2012

Kijk nou toch eens, wat een schoonheid! Kwekerijen staat vol mooie tuinplanten maar zelden vind je er kleinoden die overvloedig in de natuur groeien maar over het hoofd worden gezien. Ze zijn te miniem om op te vallen, ze "showen" niet, zoals dat in vaktaal heet. Eigenlijk zou er tussen alle fraaie tuinen die ons land telt, een tuin moeten komen met de naam "Laag bij de grond", of "Door de knietjes". En daar zou dan een collectie wilde planten te bezichtigen moeten zijn die veel te weinig aandacht krijgen. Voor mensen met wat strammere scharnieren zouden kleine land-schapjes op ooghoogte geknutseld moeten worden, zodat ook zij zouden kunnen genieten van alles wat klein maar fijn is en alle bewondering verdient. Zoals deze schitterende bloemen van de Reigersbek (Erodium cicutarium). De kleur van de bloemen kan variŽren van paarsrood tot wit. De plantjes zijn eenjarig en  groeien op droge en stenige plekken; de bloemen zijn anderhalve cm in doorsnede. De naam Reigersbek is gebaseerd op de puntige zaadpeulen die wat aan een reiger doen denken. Het zusje van de plant, de Duinreigersbek heeft kleinere bloempjes.

15 juni 2012

Toen ik dit zag, moest ik denken aan Calimero, het leuke tekenfilmfiguurtje waar hier in huis vroeger door de kinderen naar gekeken werd. Een gevleugelde uitroep van dit kuikentje was "...hij is groot en ik is klein, 't is niet eerlijk". Wordt het rode Moertje door zijn opspelende hormonen bestuurd, of was het gewoon een vergissing om op het Munthaantje te klimmen? Bladhaantjes, want dit zijn het, zijn bolle kevertjes met vaak heel mooie felle kleuren. Het zijn bijna allemaal planteneters en ze hebben een metaalachtige glans. Ze zijn overal te vinden, zoek maar eens in de struiken en kijk ook maar eens naar de onderkant van bladeren, daar worden de eitjes gelegd. Het zuringhaantje om er maar een te noemen, legt oranje langwerpige eitjes dicht bij elkaar onder de grote gelijkgenaamde bladeren. In ons land leven meer dan driehonderd verschillende bladhaantjes, ze vormen een aparte groep binnen de kevers. Veel van deze insecten zijn erg schadelijk, zoals de gevreesde Colorado- en  het Aspergekevertje, fraai getekende insecten.

14 juni 2012

Aan de rand van het bos ligt een akker die elk jaar ingezaaid wordt voor het wild, zo werd mij eens verteld door de beheerder. Zolang het wild hier komt eten, blijft het in het bos van de aanplant af. Nu het sappige gewas op de akker flink begint te groeien, kun je in principe op alle tijdstippen van de dag de edelherten zien grazen. Wandelaars die een NS-route lopen die hier langs voert, staan soms met open monden van verbazing te kijken. Het is ook een prachtig gezicht. De herten krijgen alleen niet veel rust want langs de akker loopt een hondenloslooppad en mening hond rent enthousiast op de herten af die dan meteen de sierlijke slanke benen nemen. De dieren blijven altijd heel dicht bij elkaar lopen. Pas in de herfst, als de bronstijd aanbreekt, vallen de mannelijke roedels uiteen maar alleen de sterkste herten zullen een harem verzamelen.

13 juni 2012

Nog eenmaal, omdat het zo leuk is even terug naar de sprookjeswereld! Een bloem van het Karpatenklokje waaronder je meteen een elfje denkt. Als ontwerp voor een damesregenhoedje zou het ook zeer geschikt zijn. Met name dan voor de leden van tuinclubs. De campanulafamilie waartoe bovenstaand klokje behoort, is aardig groot, vooral waar het de tuinplanten betreft. In Honselerdijk zit zelfs een kwekerij die zich speciaal toelegt op deze familie en door veredeling telkens nieuwe exemplaren op de markt brengt. Maar ook in het wild groeien diverse Campanula's,  het mooie Grasklokje bijvoorbeeld. Op mijn volkstuin staan het Weideklokje en het Rapunzelklokje. Binnenkort gaan ze bloeien, ik kan niet wachten want ze zijn zo buitengewoon sierlijk en fragiel dat ik er niet aan voorbij kan gaan zonder even op de hurken te gaan. Nu maar hopen dat er eens een mooie droge periode aankomt, zodat ze lang blijven staan.

12 juni 2012

Een mens kan soms de meest merkwaardige associaties krijgen bij het zien van 't een of 't ander! Zo verplaatste mijn brein zich, bij het aanschouwen van dit schattige elfenmutsje plotsklaps terug in de tijd dat ik nog op de Middelbare Meisjesschool zat. Een geweldige opleiding die er helaas niet meer is. We leerden daar o.a heel veel over literatuur in Duits, Engels en Frans en nog altijd kan ik rap de mooiste Franse of Engelse gedichten declameren. Op het jaarlijkse schoolfeest had de docente bedacht dat wij Flower Fairies of the Spring moesten gaan uitbeelden. Wie kent ze niet, de tekeningen van de beeldige bloemenkinderen met bijbehorende gedichtjes. Ik wilde graag een sneeuwklok, of een narcis zijn maar werd een hazelkatje en moest daarvoor een tenue in elkaar flansen dat mij daarop deed lijken. Dat werd niks natuurlijk. Maar ik kon wel prachtig declameren: Like litle tails of litle lambs on leafless twigs my catkins swing. They dingle dangle merrily before the wakening of spring. Toen ik het eens aan de kleinkinderen vertelde, lagen ze in een deuk van het lachen: oma als hazelaartakje, ik heb het nog lang moeten horen. Ik moest hier opeens aan denken bij het zien van dit ontluikende eerste bloempje van de Aardaker. Een woekeraar in de tuin maar o zo mooi. Een uur nadat ik de foto nam, was het mutsje aan de bovenkant al opengebroken en kwam de bloem in volle glorie tevoorschijn.

11 juni 2012

Dankzij de enorme mast van beukennoten tijdens vorig jaar, gaat het uitstekend met de muizen. Ze worden veel en vaak gezien. Dat wil zeggen, de Veld- en Rosse woelmuis want de Bosmuis vertoont zich niet overdag en heeft zo minder kans gegrepen te worden door een vijand. Maar de Rosse woelmuisjes zijn zowel overdag als 's nachts actief, wat goed te merken is trouwens als je regelmatig buiten loopt. Van de Rosse woelmuis (Myodes glareolus) is bekend dat hij voedsel-voorraden aanlegt. Op een van de volkstuinen op het complex waar ook mijn lapje grond ligt, is een woelmuis bezig geweest aardbeien te oogsten. Vruchten, rijp en onrijp worden van de planten gebeten en op een hoop gelegd. Puur een kwestie van instinct want erg nuttig is dat in het geval van aardbeien niet. Voor de eigenaar van de planten is het wel zuur, de oogst is dit jaar voorspoedig en een deel van hem gaat dus mooi zijn neus voorbij! De muis dankt zijn naam aan zijn roodbruine vachtje. Het is een van de meest voorkomende woelmuizen in onze streken.

10 juni 2012

Bladrollers en sigarenmakers zijn verschillende beestjes maar alle gebruiken bladeren van bomen om hun eitjes in te leggen. Kleine nachtvlindertjes zijn bladrollers en snuitkevers zijn de sigarenmakers. Allerlei kleine tot iets grotere snuitkevers doen dit. Het vrouwtje maakt, voordat ze haar eitjes legt, een kunstig "nestje" van het blad door het langs de nerven te voorzien van inkepingen waardoor het blad omgevouwen kan worden; vervolgens rolt ze het blad met haar pootjes op.  Soms gaat het om een heel blad, bij een ander kevertje weer om een deel van het blad. Als de wieg klaar is, legt het vrouwtje, weer afhankelijk van de soort, een of meer eitjes in het blad. De larven die daaruit komen ontwikkelen zich in de door moeder gefabriceerde sigaar en uiteindelijk valt de sigaar met larven op de grond waar de larven zich verpoppen en in de strooisellaag overwinteren. Ze hangen nu aan allerlei bomen, die langwerpige keverwiegen. Feitelijk zijn deze kevers een aparte soort, ze onderscheiden zich van de echte snuitkevers door het ontbreken van geknikte voelsprieten. Tja, het zit hem soms in kleine dingen......

9 juni 2012

De pelorische bloem van het Gewone vingerhoedskruid komt altijd voor op de top van de bloemstengel. De kelk is daar een komvormige, veelslippige bloemkroon geworden. Deze verandering  kan door de plant ontwikkeld ontwikkeld worden maar ook op een genetische basis berusten. Omdat de plant afhankelijk is van kruisbestuiving (door hommels), zou je dat met een kwastje ook  zelf kunnen doen en op die manier planten met pelorische topbloemen kunnen kweken. Plantenkwekers maken soms van dit kunstje gebruik om een nieuw soort plant op de markt te brengen. Bij de Gloxinia, die al grote kelken heeft, worden bijvoorbeeld door die "bemoeienis" nÚg grotere bloemkelken gevormd.  Het schijnt dat de witte variant van de pelorie alleen voorkomt bij witte tuinvormen van het Vingerhoedskruid. Het woord pelorie komt van het Griekse pelorios, wat monster betekent. In dit geval een monstrueuze bloem. Hoe het ook zij, dit jaar vind ik opvallend veel van deze pelorin, terwijl ik er andere jaren maar heel weinig zie.

8 juni 2012

De mooiste plek in het bos is momenteel een grote open hoek waar het Vingerhoedskruid (Digitalis purpurea) als een leger in het gelid naast elkaar staat te bloeien. De wandelaar die hier niet bekend is, moet de adem wel in de keel stokken bij het voorbijgaan van deze plek. In het vroege voorjaar kon je de belofte al zien in de vorm van plantenrozetten die er groeiden. De plant behoort tot de grote Helmkruidfamilie, waarvan de planten overwegend een open en zonnige plek verlangen. Zodra het Vingerhoedskruid een bloemstengel heeft gevormd, sterft de plant af. Maar dan zijn er al zoveel zaden verspreid dat de toekomst ruimschoots verzekerd is voor deze geweldige bosplant die meteen haar kansen grijpt zodra er ergens gekapt wordt. Opvallend is dat er in verhouding maar weinig witbloeiende planten te zien zijn. De witte schijnen aanzienlijk minder zaad voort te brengen terwijl het zaad in de bodem veel gevoeliger is voor schimmel, minder voorspoedig ontkiemt en wat hogere eisen aan de grond stelt. Daar elke bloem aan een stengel ongeveer een week kan bloeien, kunnen voorlopig van deze plant nog een poos genieten.

7 juni 2012

Wat heerlijk om tijdens deze natte en kille dagen aan de hand van foto's nog even terug te dwalen naar die mooie dag in de Kierse Wijde, terwijl buiten de regen maar blijft neergutsen. Wij gingen ook nog even kijken naar een gebied van Staatsbosbeheer waar vorig jaar in het ruige grasland een paar poelen waren gegraven. En zie, verbazend snel werden die gevonden door een stel Lepelaars, en zelfs Kraanvogels, die mogelijk hier kwamen fourageren vanuit het Dwingelderveld waar ze broeden. Je denkt daarbij meteen aan de nieuwe voorzitter van Natuurmonumenten die bij zijn eerste optreden al riep dat we maar eens moeten ophouden te praten over  zaken als ecologische verbindingszones en beleidsnota's omdat we "gewoon" moeten kunnen genieten van de natuur. Wij moeten weer emoties voelen bij de natuur, aldus Hans Wijers, en blijkbaar kan dat niet als je probeert die juist in stand te houden, te beschermen of te verbeteren. En moet er nodig een weg komen ten faveure van het verkeer, nou pech, dan moet dat maar ten koste van de natuur! Het is juist dankzij onder andere die verbindingszones, waarbij deze poelen een nieuwe stapsteen vormen, dŗt we zo kunnen genieten van dit fraais! Ik kan mij niet voorstellen dat dit nieuwe boegbeeld van Natuurmonumenten met deze instelling alle kwijt geraakte natuurzieltjes weer weet terug te winnen. Terwijl dat juist wel de bedoeling is van de natuurorganisatie.

6 juni 2012

Misschien las je al in mijn laatste column op het verhalendeel van deze website, over de diverse libellen waar mensen opgewonden van raken. Dit is de Gevlekte witsnuitlibel (Leucorrhinia pectoralis) waarover het onder meer ging. De Vlinderstichting meldt dat, hoewel het aantal flink groeit, deze libel nog steeds als zeldzaam wordt beschouwd en op de nieuwe Rode lijst staat als kwetsbaar. Maar wij zagen er in de Kierse Wijde heel veel. Libellen zijn soorten die heel moeilijk te fotograferen zijn, zeer snelle en rusteloze insecten die continu op jacht zijn. Maar ook zijn ze moeilijk te determineren vanwege de soms minimale verschillen en de diverse onderdelen en tekeningen van hun lichamen. Ik vind ze prachtig maar kan het niet opbrengen er zo intensief naar te kijken. Maar ja, zo heeft iedereen zijn eigen voorkeuren en specialisaties.

5 juni 2012

In dit prachtige gebied vonden wij een heel mooi vlindertje: de Gestreepte goudspanner (Camptogramma bilineata). Wij beiden hadden hem nog nooit gezien hoewel het een heel gewone soort blijkt te zijn die overal voorkomt, zelfs in tuinen. Zo zie je maar weer dat gericht zoeken en kijken steeds weer iets nieuws kan opleveren. De vlinder komt voor bijvoorbeeld voor in struwelen, brede bospaden, akkerlanden en zelfs tuinen. De vlinders maken momenteel slechte tijden door, wat een weer! En zo koud, een temperatuur die dezelfde is als die op de eerste kerstdag van 2012. Het is toch niet te geloven. Ik vraag me af hoe het zou gaan met de acht Koninginnepages die ik vorige week  heb losgelaten.....

4 juni 2012

Vorige week heb ik weer eens heerlijk met mijn Drentse natuurmaatje gewandeld in de Kierse Wijde, dat deel uitmaakt van De Weerribben. Voor iemand die bijna dagelijks in het bos rondsjokt is dit een hemels gebied met al dat levendige natuurschoon. Een overvloed aan insecten en bloemen valt de liefhebber hier ten deel, en veel soorten die ik thuis niet zie. Nergens zie je zoveel echte Koekoeksbloem, ze groeien er als onkruid. En bendes Gele lis, Gulden boterbloem, Rode klaver, tot zeldzame soorten als Moeraskartelblad en diverse orchideeŽn . En dit is nog maar het begin, de maand juni heeft nog heel wat in petto. Ook allerlei soorten libellen vliegen hier rond boven de slootjes die vaak vol staan met Krabbescheer. Wat je hier aan mensen ziet rondlopen, is allemaal gewapend met indrukwekkende lenzen op hun camera's hetgeen al aangeeft dat hier een paradijs voor de natuurliefhebber ligt. Dankzij natuurorganisaties zijn in ons land nog veel meer van deze prachtige landschappen te vinden. Momenteel worden er ook weer excursies gehouden in het mooie Korenburgerveen. Maar daar mag je alleen in onder leiding van een boswachter. Het ligt in de Achterhoek bij Winterswijk. Zeer de moeite waard er eens te kijken.

3 juni 2012

Dat op een stuk hout twee mooie slijmzwammen tegelijkertijd voorkomen, zag ik nog niet vaak. Slijmzwammen gedijen uitstekend bij warm en vochtig weer, ik vond ze een week geleden. 
Hier groeien het Gewoon ijsvingertje en de Bloedweizwam, hoogst merkwaardige organismen. Nog altijd wordt er discussie gevoerd over de exacte plek die deze organismen in het natuurlijk leven moeten hebben. Slijmzwammen bestaan uit een kruipende amoebeachtige massa die in dit bewegende stadium slijmerig aanvoelen en daar hun naam aan danken. De massa, het protoplasma, voedt zich met micro-organismen als bacteriŽn en schimmels. Op een bepaald moment komt het tot stilstand en verhardt de buitenste rand van de materie en produceert dan vruchtlichamen. Die zien we hier op de foto. De witte slijmzwam is het Gewoon ijsvingertje dat maar een kortstondig bestaan heeft. De rode is de Bloedweizwam of Gewone boompukkel. Wie meer over dit bijzondere verschijnsel wil lezen, vindt een duidelijk verhaal op de website:
http://www.br.fgov.be/PUBLIC/GENERAL/EDUCATION/EDUCATIONNL/infoblad_slijmzwammen.html

2 juni 2012

Alweer een Koninginnepage in het dagboek? Jazeker, deze prullenbakpage verdient een plekje hier. Wat was namelijk het geval. Ooit liet iemand van de Vlinderstichting mij weten dat de pop in een cocon is afgestorven als hij zwart en donker wordt. Dat was bij deze cocon het geval, ik zag het al maanden geleden. Omdat ik vorige zomer zoveel rupsen kreeg aangeleverd, werd het een beetje benauwd in het vlinderkastje en zette ik deze met een paar takjes en wat voer in een prullenbak. En ja hoor, op een dag hechtte hij zich vast aan de wand van de prullenbak, liet zijn rupsenvelletje van zich afglijden en verdween in een mooie groene cocon. Maar het ging dus niet goed, dacht ik. De prullenbak, die een half jaar in de tuinkast had gestaan, ging weer terug naar mijn werkkamer. Met stomme verbazing zag ik gistermorgen deze puntgave vlinder zitten. Ik heb hem snel buiten op een boeket wilde bloemen gezet waar hij urenlang bleef zitten want vlinders hebben zon nodig om te kunnen vliegen; bij 17˚ willen ze pas het luchtruim in. Toen 's middags even het zonnetje scheen, ging hij er vandoor. Waarmee ik maar zeggen wil: de natuur is veel sterker dan we denken en ook snappen we er niet alles van.

1 juni 2012

Anderhalve week trapte ik in het bos bijna op iets waarvan ik in een eerste opwelling dacht dat het een supervette regenworm was. Maar het was een jonge ringslang. Let maar eens op de verhouding tussen de schubjes die om de nog niet uitgekomen beukenblaadjes zaten en het slangetjes, hij is nog geen jaar oud. Toen ik me over hem heen boog, begon hij als een wilde te kronkelen, waarmee hij de indruk wilde wekken dat hij weliswaar klein was maar wel heel dapper en gevaarlijk!  Dat in het bos zoveel "troep" blijft liggen tegenwoordig, is behalve voor insecten ook voor de Ringslang (Natrix natrix) gunstig. Omgevallen bomen, rottende takkenstapels, oude konijnenholen en mestvaalten, daar legt het vrouwtje in de zomer haar tientallen eieren. In augustus/september komen die uit. Dit slangetje moet nog vele keren vervellen tijdens zijn groei. Als het een vrouwtjes is, kan het uiteindelijk ongeveer 1.40 m. worden. De mannetjes zijn een centimeter of 40 kleiner. Ik vond het weer een aardige ontmoetingen en ik krijg de indruk dat het hier goed gaat met deze slang die als "kwetsbaar" op de Rode lijst staat. Zomers krijgt elke tuinvijver bij de huizen die dichtbij het bos liggen, wel bezoek van de ongevaarlijke Ringslang.

31 mei 2012

Wat hier gebeurde, was buitengewoon grappig. In het bos wemelt het van de muizen. Dit betekent goed nieuws voor uilen en roofvogels. Maar ook voor vossen, marters en nog veel meer vijanden van de muis. Het is dan ook geen wonder dat muizen zeer alert zijn en dat je ze nauwelijks kunt fotograferen, tenzij je urenlang bij een holletje gaat liggen. Dat ze met vele zijn, kun je afleiden aan het geritsel in het droge bladerdek op de bosbodem. Als je toevallig in de goede richting kijkt, zie je soms iets heel snel voorbij schichten zonder dat je kunt zien wat het is. Op hun kleine voetjes kunnen muisjes verbazingwekkend snel rennen, het lijkt wel of ze vliegen in plaats van lopen. Een paar dagen geleden zag ik weer iets schichten en op de plek waar de beweging ophield, richtte ik mijn camera en drukte af. Wat er toen op het scherm van de camera verscheen, was tot mijn verbazing dit schattige veldmuisje dat doodstil zat te kijken wat deze vijand op twee benen ging doen. Dit was voor de grap een schot voor de boeg dat uiteindelijk  toch raak bleek te zijn!

30 mei 2012

De Boerenzwaluw (Hirundo rustica) is druk met de verzorging van de jongen. De eieren zijn uitgebroed en nu vliegen ze af en aan om de jonge zwaluwen vol te proppen met voedsel. Zwaluwen kunnen heel inventief zijn bij het bouwen van hun nesten en doen dat soms op de meest vreemde plekken maar meestal worden de nesten met modder, klei en strootjes gefabriceerd langs de dakconstructie van schuren e.d. zoals hier het geval is. Als de vogels behouden zijn teruggekeerd uit Afrika waar ze overwinterd hebben, nemen de mannetjes die zeer plaatstrouw zijn, hun nesten van het jaar daarvoor weer in. Vrouwtjes zijn minder kieskeurig wat dit betreft. Zwaluwen kunnen meerdere nesten voortbrengen en dat is geen overbodige luxe. Op hun lange trektocht naar Afrika (augustus/september) moeten ze veel bedreigingen trotseren als bergen, wateren, storm en regen. Tegen april volgt dezelfde tocht naar hun broedgebieden. Heel veel zwaluwen komen daarbij om. Men heeft door ringen kunnen vaststellen dat een zwaluw als het meezit vijf tot zeven jaren oud kan worden, wat gezien de trektochten een hele prestatie is!

29 mei 2012

Op de zonovergoten Tweede Pinksterdag heb ik de eerste Koninginnepage losgelaten. Het is elk jaar weer spannend of de poppen de winter goed zijn doorgekomen. Dit jaar had ik acht rupsen, allemaal afkomstig uit de diverse volkstuintjes. Na een oproep daartoe aan mijn medetuinders, kreeg ik ze in mijn bezit. Een exemplaar ging al dood voor hij verpoppen kon, die was misschien op een verkeerd moment van een stengel gehaald. De rest verpopte voorspoedig maar een van de resterende zeven ging dood in het popstadium. Omdat ik ze van de diverse tuinders kreeg, vond ik dat ze ook op de tuinen moesten worden losgelaten. Toevallig was een van de mannen aanwezig toen ik hem de splinternieuwe vlinder kwam laten zien en samen waren we er getuige van hoe het  prachtige insect  voor het eerst in haar of zijn  nieuwe leventje op de vleugels ging. Echt geweldig! Een tweede vlinder was de vleugels nog aan het oppompen en de resterende cocons zullen snel openbarsten. Wat een feest op ons volkstuincomplex!

28 mei 2012

Op heel veel plekken in het bos bevinden zich spechtennesten.  En een van veraf hoorbaar gebedel om voedsel. Omdat de bomen nu vol in blad staan, is het meestal onmogelijk om de nesten te zien zitten. Dit nest ontdekte ik pas de tweede keer dat ik eraan voorbij liep. Gelukkig waren de ouders druk met voedsel zoeken zodat ze me niet in de gaten hadden en er dus ook geen waarschuwende kreten klonken die de jongen maanden binnenshuis te blijven. Deze jonge specht staat al op uitvliegen en nieuwsgierig bekijkt hij vanuit de boom zijn toekomstige leefomgeving. Het gaat hier om de Grote bonte specht (Dendrocopos major). De vrouw heeft een zwarte kruin, de man heeft een rode nekvlek en alleen het jong heeft tijdelijk een mooie rode pet.
Maar eenmaal volwassen is hij goed herkenbaar aan de rode veren onder aan de buik. Het is lastig om zonder statief, toestel boven je hoofd, een hoog in de boom zittende specht te fotograferen. Het is dan ook geen perfecte foto geworden, maar ik vond het beest zo leuk!

27 mei 2012

Vanmorgen vroeg fotografeerde ik dit net ontloken klaproosje, de kreukels zitten er nog in! In het open veld bloeien ze al lang maar in het bos gaan ze nu pas open. Wel op open plekken waar genoeg licht en zon komt gedurende dagdelen. Rankende helmbloem vliegt nu ook de bodem uit, vooral reeŽn zijn er dol op. En het Walstro begint ook te bloeien. Dat is de waardplant voor het vlindertje dat ik twee dagen geleden liet zien. Het is zo verkwikkend in het bos, als menigeen nog op ťťn oor ligt. Uit de vele spechtennesten klonk aanhoudend gebedel: honger! De Zanglijster zong uit volle borst zijn repeteerliedje en de Havik was luidkeels aan het roepen. In het bosgedeelte waar jarenlang jonge Haviken werden grootgebracht, is het voor het tweede jaar stil. Opnieuw werd er hier niet gebroed, jammer! Een Havik kan tien tot wel vijftien jaar oud worden. Misschien is het stel dat hier een vaste broedplaats had er inmiddels niet meer.

26 mei 2012

Alleen door het bos dwalen, op een moment dat het dierentourisme nog niet op gang is gekomen, en een groep herten tegenkomen, is altijd weer een heerlijke belevenis! De herten gedragen zich dan heel rustig, bekijken je even en gaan rustig door met grazen. Ze zien er prachtig uit nu, kijk eens naar die weldoorvoede buik. Het gewei in nu praktisch volgroeid en het zachte vel er omheen zal in de komende weken gaan afsterven en jeuk veroorzaken waardoor de herten het af zullen schuren langs takken en boomstammen. Een poosje lopen ze dan met de flarden om hun oren maar daarna wordt het gewei weer een mooi sierraad. Tot het volgend voorjaar weer afvalt en er een nog groter gewei zal worden opgezet. Bij oude dieren zal het juist terug gaan lopen. Imposante dieren zijn het, de koningen van het bos!

25 mei 2012

Als dit geen mooie camouflage is! En afschrikwekkend voor vijanden vanwege zijn tekening. Net een klein monstertje uit een tekenfilm. Toch is het maar een algemeen voorkomende kleine vlinder met een spanwijdte van iets meer dan twee centimeter, die de naam Kleine groenbandspanner (Colostygia pectinataria) draagt.  In het Engels heet deze vlinder the Green carpet , een heel toepasselijke naam want de vlinder zit plat tegen de boomstammen en valt dan nauwelijks op. Ik zag er een heleboel in een bepaalde beukenlaan. De rups leeft voornamelijk op Walstro maar ook wel op Bosbes en die laatste is in dit bos genoeg aanwezig. Het is een zeer rusteloos vlindertje dat meteen opvliegt als je hem benadert. Als de vlinder vers is, zijn de kleuren een stuk feller, na de eerste levensdag worden ze al bleker. Hij vliegt tot in september, toch had ik hem nooit gezien. Zo blijft de natuur je altijd weer verrassen!

24 mei 2012

In het bos ben ik op zoek gegaan naar rupsen! Nou, dat viel tegen. Nog een week, dan zitten we alweer in juni. Maar kijk eens naar deze beukenbladeren: puntgaaf! Dat zie je nooit op dit tijdstip van het jaar. Ik verbaas mij er altijd over hoe snel het jonge uitgelopen blad aangevreten wordt door allerlei insecten, groot en klein. Verschillende bomen heb ik uitgebreid staat te bekijken, bijna geen rups te bekennen. Af en toe een piepklein rupsje van de Kleine, en ook heel weinig rupsen van de Grote wintervlinder. Als de rupsen van de kleine wintervlinder willen verpoppen, laten ze zich uit de bomen aan een spinseldraadje naar de bodem zakken. Ik zie ze niet. Het lijkt me dan ook dat veel vogels het dit keer zonder dit belangrijke eiwitrijke voedsel voor hun jongen hebben moeten doen. Het kan wellicht ook de dode meesjes in onze nestkasten verklaren.

23 mei 2012

Het is weer sight seeing tijd in het bos. Het wemelt er namelijk van de zwijnen die in grote groepen door het bos struinen. Moeders, tantes, jongen van het vorig jaar en een hťleboel biggetjes. Als stofzuigers gaan hun snuiten over de bodem om onder het blad naar beuken-nootjes te zoeken die na het overvloedige herfstseizoen nog steeds zijn blijven liggen. De oudere zwijnen letten nauwelijks op hun kroost en de biggen dwalen soms een heel eind van de groep af. Zoals deze jongeling. De rest was al overgestoken naar een andere plek toen dit beest nog rustig liep te snorkelen onder de bladlaag. Hij was akelig tam, en dat hoort niet zo te zijn. Een zwijn dat geen enkele vrees toont voor de mens, valt straks het eerst ten prooi aan de kogel als er weer gejaagd gaat worden. Enfin, ik ging bij hem op mijn hurken zitten om deze foto te maken. Als ik had gewild had ik de big kunnen aanraken. De verleiding was groot, maar ik heb het niet gedaan. In plaats daarvan heb ik hem maar snel weer terug gejaagd naar zijn familieleden.

22 mei 2012

Vlak na de ingang van het bos ligt een langwerpige kuil die vol water staat, als er tenminste geen langdurig droge periode is. Ik trof er een stel opgewonden jonge kinderen aan. Het bleek dat ze een slang gevangen hadden. Het onfortuinlijke beest was aan het jagen op kikkers en in de plas zaten er meerdere, dat zag ik toen ik op de terugweg nog een poosje blij de plas bleef staan kijken. De slang had net een kikker verzwolgen toen de kinderen hem vingen. In het nauw gedreven spuugde de Ringslang, want die was het, de kikker weer uit en maakte dat hij weg kwam zodra hij daartoe de kans kreeg. Het lijkt in deze buurt goed te gaan met de ringslangen. Meerdere mensen zagen hem vorige zomer in hun diverse tuinvijvers. Ook bij ons kwam hij poolshoogte nemen. Ik heb de jochies verteld dat het hier om een volkomen onschadelijk reptiel ging en verder heb ik maar niet "frikkerig" gedaan want de kinderen waren zeer opgewonden over dit avontuur. Het moment was er dus niet zo naar.

21 mei 2012

Ik bracht een bezoekje aan een hoogbejaarde buurtgenoot die kortgeleden zijn vrouw verloren heeft. Geconfronteerd met de harde werkelijkheid van het bestaan, was hij bezig zijn spullen uit te zoeken, en weg te doen wat overbodig was. Op een stapel lagen drie Verkade-albums van  Jac. P. Thijsse. Hij was blij dat ik er interesse in had en gaf ze mij mee zodat ze toch nog goed terecht komen. Ik moest aan dit album denken toen ik vandaag in de trein zat en vanuit Den Haag richting Utrecht reed. Het eerste stuk "natuurschoon" dat zich aan mijn ogen ontrolde was niet om over naar huis te schrijven. Maar ben je eenmaal Gouda gepasseerd, dan zie je tot je vreugde een paar kilometers weiland die zo uit een Verkade-album kunnen komen. Weilanden geel  van boter-bloemen, sloten omzoomd  door  schuimende kragen van Fluitekruid, bloeiende Gele lis en zelfs Koekoeksbloem. Het kan dus nog steeds in dit land. Zo jammer dat boeren hun weilanden door grote giergiften en streng maaien, veranderen in groene woestijnen waar geen weidevogel het naar z'n zin heeft en geen insect wat te vinden heeft. Eventjes maar was daar het visioen waarvan je hoopt dat het in het hele land weer zo zal worden. Ik vrees dat het een illusie is. In natuur-vriendelijk Den Haag is het momenteel aangenaam toeven met het vele groen en al die slootjes omzoomd door wilde bloemen en vol watervogels die er met hun jongen rondzwemmen.

20 mei 2012

Voordat wij vertokken, werden de mezen in beide nestkasten die in onze tuin hangen, volop gevoerd. Als raketten vlogen de kool- en pimpelmezen vanuit de nestkast de berkenbomen in en weer terug, blijkbaar was er volop te eten. Als ik langere tijd weg ben geweest, ga ik altijd meteen de tuin in om eerst te kijken hoe de boel er bij staat. Ik vond in het gras twee dode minuscule vogeltjes, zo mini dat het niet te zien was welke soort het betrof. Het was me al meteen opgevallen dat ik geen vogels meer af en aan zag vliegen en ik vreesde het ergste. En ja hoor, in de nestkasten lagen een paar dode vogeltjes, onderkoeld en verhongerd als gevolg van het slechte weer en de nachttemperatuur die tegen het vriespunt aanleunde. Ik heb al wel gemerkt dat er veel meer mensen zijn die hetzelfde gezien hebben. Jammer! Het was voor het eerst dat ik ontdekte dat mezen dode jongen uit het nest verwijderden. Niet uitgekomen eitjes blijven gewoon liggen, als ze tenminste niet door de vogels vertrapt worden.

19 mei 2012

In het noorden van het eiland, ontdekte ik hoog boven mijn hoofd deze bloemen. Ze hadden heel aparte zaaddozen en ik heb geen flauw idee welke soort dit is. Ik zou weken kunnen vullen met een dagelijks plaatje van de bijzondere, aparte, opvallende bloemen die ik op Madeira gezien heb, maar daar dient dit natuurdagboek niet voor. Agapanthus groeit er als onkruid, grote blauwe slangenkruidachtige bloemen kregen de naam "trots van Madeira" en de Strelitzia reginae, of zoals wij die noemen "Paradijsvogelbloem" kom je overal tegen. Muren en rotswanden vol Oost-Indische kers, wegen geflankeerd door Hortensia, bomen vol grote felgekleurde bloemen, maar vooral de kleine soorten die je moet zoeken of die zomaar voor je ogen verschijnen, zijn zo mooi. Wie al op Madeira was, weet waarover ik het heb. Wie er nooit geweest is, moet zeker proberen er een keer te komen. De natuur is er indrukwekkend, de vergezichten adembenemend, het weer verrukkelijk en de bloemenpracht een constante streling voor je ogen.

18 mei 2012

Dierenleed heb ik ook gezien op Madeira. Graatmagere koeien die langs de wegen en in de bergen rond zwierven en waarbij heupbeenderen en ribben door het vel staken. Aan de oormerken is te zien dat ze iemands eigendom zijn maar niemand schijnt er zich druk over te maken. De koeien hebben gewoon niet genoeg te eten, de struiken waarmee ze zich noodge-dwongen moeten voeden zijn kennelijk niet geschikt voor deze dieren. In een botanische tuin was ook een "papegaaientuin" aanwezig. Dit bleek een lange aaneenschakeling te zijn van kale, lege hokken waarin zich behalve een of twee zitstokken, exotische papegaaien bevonden. Verder niets waar de vogels zich mee konden bezighouden, zo treurig om die prachtige vogels op te sluiten in zulke gevangeniscellen. Want meer waren ze niet. En dan heb ik het nog niet over scharminke-lige honden (we zagen zelfs een verlaten puppie) die langs de autowegen lopen en idem katten waar niemand zich om bekommert. Ik vraag me vaak af hoe het komt dat bij mensen het gevoel van begaanheid met dieren compleet lijkt te ontbreken. Je ziet het vooral in zuidelijke en tropische landen maar ook in ons eigen land komt het voor natuurlijk. Weerloze dieren die je tot een erbarmelijk leven veroordeelt, ik kan daar zeer triest van worden. Begrijpen doe ik het ook niet. Vanmorgen las ik dat een man die zijn pup tegen de muur dood gooide een taakstraf krijgt die neerkomt op slechts 2Ĺ  werkdag. Zelfs ons rechtssysteem rammelt op dit punt.

17 mei 2012

De subtropische Jacaranda (Jacaranda cuspidifolia) wordt wel eens de mooiste boom ter wereld genoemd. Hij heeft fijn varenachtig blad, maar bloeit op het kale hout in een onwaarschijnlijk mooie blauwe kleur. Vanwege zijn schoonheid werd hij in allerlei landen volop aangeplant.  In de hoofdstad van Madeira, Funchal, staan ze volop en als je zo'n laan vol bloeiende, breed uitgegroeide bomen voor het eerst ziet, benemen ze je bijna de adem, zo mooi. Overal waar het niet vriest, kan de Jacaranda groeien. In landen bij de Middellandse Zee zie je hem in deze tijd van het jaar vaak staan maar in Zuid-Amerikaanse landen groeit hij van nature overal. Pretoria in Zuid-Afrika wordt wel de Jacaranda City genoemd vanwege de vele aanwezige Jacaranda's. De blauwe kelkbloemen, die in trossen aan de boom groeien, vallen nu massaal op de grond en kleuren de bodem blauw wat ook alweer een heel apart gezicht is. De Jacaranda levert het kostbare en hoogwaardige palissanderhout.

16 mei 2012

Het weer nodigde gisteren niet bepaald uit om op pad te gaan en te fotograferen dus ga ik even verder met mijn belevenissen op Madeira. Bij een van de hotels waar wij verbleven, trof ik een halfwas poes aan waarbij drie jonge katjes liepen. Ik ontdekte later dat dit toch de moeder was van de kittens, veel te jong eigenlijk om al een nest te krijgen. Ze was broodmager en ik kon het niet nalaten een blik kattenvoer te gaan kopen om haar wat bij te voeren. De moederpoes en ik werden meteen goede vrienden en steeds kwam ze bij me zitten om even later weer naar haar kroost te gaan. Wat mij opviel was dat ze steeds korte kirrende geluidjes maakte, net als cheeta's doen die contact zoeken met hun jongen. Ik probeerde te ontdekken waar de katjes waren en kon ze maar niet vinden. Toen het bijna donker was, ontdekte ik ze: in een boom lagen ze tegen elkaar gerold te slapen. Ze waren nog maar heel klein, een week of zeven schat ik. Deze aan mensen gewende poes bleek de gewoontes te hebben van een wild dier, ik stond paf. Mijn levenlang heb ik katten gehad maar dit had ik nog nooit gezien. In de boom was het veilig dus daar verbleven ze gedurende de nacht, moederpoes incluis. Die hummels konden nog niet eens uit de boom klimmen maar lieten zich als jonge eendjes gewoon naar beneden vallen. Ze waren om om te vreten, zo leuk en lief! Helaas moesten wij verder en in plaats van blikvoer te krijgen moest de moederpoes toen weer hagedisjes gaan vangen.

15 mei 2012

Nadat iemand, die net terug was uit Madeira, mij eens vertelde dat hij de hele wereld had rondgezworven en dat dit het mooist eiland was dat hij in zijn leven gezien had, wilde ik er heen om het zelf te aanschouwen. Eindelijk is het er van gekomen en kan ik het beamen: ook ik heb nergens een mooier stuk natuur gezien. Indrukwekkend hoe natuurkrachten dit vulkanische eiland de zeebodem hebben uitgedreven, en ongelooflijk wat een rijke natuur daar is ontstaan op de vruchtbare lavagronden. Hagedissen zie je overal, als mieren rennen ze door de vegetatie, zitten op de stammen van palmbomen, op de hoge rotsen, als het maar lekker warm is. Als je stil gaat zitten, lopen ze gewoon over je heen. Nu, weer terug in het eigen land, is het erg wennen aan de lage temperatuur, ginder was het een en al zon en zo lekker warm! Echt genieten. Maar goed, we gaan weer vrolijk verder met het natuurdagboek en ook weer op zoek naar mooie dingen.

6 mei 2012

In een heideveldje in ons dorp, Slenk genaamd, groeit momenteel overvloedig de Stekelbrem (Genista anglica). En die geurt verrukkelijk, het is dan ook een waardevolle drachtplant voor bijen en hommels. Stekelbrem wordt ook wel eens Heidebrem of Kruipbrem genoemd. Heidebrem verwijst naar het feit dat dit struikje vaak met heide samen groeit. Kruipbrem zegt dat de takken deels horizontaal liggen. De heldergele bloemen zijn tot een centimeter lang en bloeien op takken van het vorige jaar. Er wordt over deze plant vermeld dat hij tot 15 graden vorst kan verdragen dus hebben we geluk dat hij de afgelopen winter zelfs meer dan 20 graden doorstaan heeft. De Stekelbrem is een Rode Lijstsoort die helaas zeer sterk is afgenomen. Als Stekelbrem is uitgebloeid, komt de Gewone brem (Cytisus scoparius)  in bloei. De laatste heeft geen doorns, de Stekelbrem meestal wel. Opvallend is dat de bloeistengels kleine ronde blaadjes hebben terwijl de niet-bloeiende stengels dunne spitse blaadjes dragen. De vlinder Heideblauwtje legt haar eitjes op Dop- en Struikheide en ook Stekelbrem. De rupsen van dit vlindertje overwinteren in de eischaal  terwijl zij al helemaal ontwikkeld zijn. Eerder nog dan Stekelbrem bloeit de Gaspeldoorn op de heidevelden. Voor de oppervlakkige waarnemer lijken ze allemaal op elkaar.

5 mei 2012

Vanmorgen zat er een prachtige vlinder op het vensterglas. Het was het mannetje van de Tauvlinder (Aglia tau) , een zeldzame soort die in de beukenbossen van de Veluwe nog het meest te vinden is.  De rups leeft voornamelijk op beuken. Hij zat vanmorgen op het raam van ons huis dat bijna aan de rand van de Veluwse bossen ligt en vanuit huis konden we hem dus uitvoerig bekijken. Ik herkende hem eerst niet omdat hij pas duidelijk te zien is als hij in rust beide vleugels heeft uitgespreid. De Tauvlinder behoort tot de familie Nachtpauwogen, op beide achtervleugels alsook op de voorvleugels zijn zogenaamde ogen te zien. Aan die ogen die soms wat aan pauwenveren doen denken (denk ook maar aan de Dagpauwoog) dankt de soort haar naam. Eenmaal eerder vond ik in het bos een parend koppel van deze vlinders. De vlinder meet 50 tot 64 mm en het mannetje heeft prachtige antennes. Hij vliegt in de ochtenduren kilometers door het bos op zoek naar een vrouwtje dat alleen in de nacht actief is. De vlinders vliegen tot juni. Dat was een bijzondere waarneming zo maar op de ruit en ik hoefde er niet eens voor op pad.

4 mei 2012

Tijdens onze wandeling kwamen mijn kleinzoon en ik langs deze boom. Op deze plek hebben tijdens de oorlog onderduikers gezeten, waar precies is niet goed meer te vinden. Maar het zou heel goed kunnen dat deze tekst door een van hen in de boom is gekerfd. Zo komen mijn kleinzoon en ik op de oorlog en alles valt meteen als een puzzel in elkaar. Vandaag gaan we de nationale driekleur halfstok vastmaken op de vlaggenstok en om zes uur vanavond mogen de jongens de vlag aan de gevel hangen. Vandaag stond in de krant dat verbazingwekkend veel jongeren het tegenwoordig nog altijd belangrijk vinden dat wij onze landgenoten herdenken die in de tweede wereldoorlog hun leven lieten om onze vrijheid te bevechten. Het is mooi kinderen daarin te betrekken, vrijheid is een goed dat steeds minder vanzelfsprekend wordt in de wereld waarin wij leven. De vijfde mei is een uitgelezen dag om daar nog eens bij stil te staan.

3 mei 2012

Hallo, ik ben Robin. Ik ben de kleinzoon van oma Tineke. Ik mag vandaag in omaas dagboek schrijven. Als ik hier logeer, gaan we altijd samen het bos in als het bijna donker wordt want dan komen de dieren tevoorschijn. We gaan dan op zoek naar herten. In mijn klas hebben de kinderen nog nooit een wild hert gezien maar die zijn er ook niet in Den Haag. Als je een dier ziet moet je heel langzaam bewegen. Je moet telkens een paar stappen doen en dan weer stil staan. Dan kun je steeds dichterbij komen.  Ik mocht een foto maken met de nieuwe camera van oma, daar kun je heel dicht bij mee komen. Het is een haas. Hazen wonen ook in het bos, net als herten. Groeten van Robin.

2 mei 2012

In de herfst zie je vaak hoe ooievaars zich verzamelen tot grote groepen die zich opmaken voor de trektocht naar Afrika teneinde daar te overwinteren. De boeren ginds zijn er blij mee omdat de uivers zich voeden met sprinkhanen die de oogst van de Afrikaners bedreigen. In het voorjaar komen de ooievaars weer terug en bezetten de nestpalen die ter verwelkoming in steeds meer weilanden staan. Overal zitten nu ooievaars op nesten en worden de eieren al bebroed. Het vrouwtje begint na het leggen van het eerste ei al te broeden. Als een ooievaar uit het ei komt, weegt hij slechts 60 gram. Is het een vrouwtje dan is ze na zes weken om en nabij 350 gram, is het een mannetje dat komt daar honderd gram bij. Als hun leven voorspoedig verloopt, kan een vogel wel dertig jaar oud worden. De gefotografeerde  ooievaars zijn nog niet aan nestelen toe en blijven gezellig bij elkaar. Pas als ze drie jaar oud zijn, komt voortplanting aan bod. Ik vind het altijd weer een mooi gezicht deze grote vogels, met een spanwijdte tot 170 centimeter, door de lucht te zien zweven of foeragerend in een grasland te zien.

1 mei 2012

Nog even en het paardenbloemengoud is uit de weilanden verdwenen. Maar ja, het is ook alweer mei. Insecten zijn dol op de vele lintbloempjes die samen de paardenbloem vormen. Als alle bloempjes door bijen, hommels en wespjes bevrucht zijn, verdorren ze en gaan zaad vormen. Binnenkort maakt het geel plaats voor wit van de miljarden zaden die gevormd zijn en aan elk privťparachuutje zweven de zaden door en over het land naar nieuwe plekjes die gekoloniseerd kunnen worden. De Paardenbloem is een buitengewoon succesvolle soort! Net trouwens als de Pinksterbloem die kort hiervoor het land lila kleurde. Ooit zette ik wat pinksterbloemen langs onze vijver en o, wat heb ik daar spijt van. Niet als ze bloeien en de Oranjetip er op neerdaalt maar wel als ik zie hoe hij steeds meer grond verovert en overal opkomt waar ik het niet wil. Bestrijden lijkt volkomen zinloos. Vanaf nu gaan we op weg naar de zomer. Alles doet zijn best en plant zich voort, groeit en bloeit tegen de klippen op, zelfs de dagen doen mee. Geniet ervan want dit is een een geweldig seizoen: kracht, kleur, verrassing en vooruitgang brengen deze maanden mee.

30 april 2012

Lammetjes hebben een hoog knuffelgehalte. Het linker lammetje heeft een grappig zwarte borst en daaraan is te zien dat hier een zwarte ram in het spel is. Tijdens een fietstocht kwamen wij langs deze plek, waar ook een ooi liep met twee pikzwarte lammeren. Een van de hummels had zich door een afrastering weten te wurmen en kon niet meer bij zijn moeder komen. Het beestje stond angstig te blaten en ging uiteindelijk moedeloos in het gras langs het gaas liggen. Daar moest ik mij natuurlijk weer mee bemoeien en ik ging op zoek naar iemand van de boerderij daar. Gelukkig trof ik de eigenaar die het kleine zwarte lam weer terugzette aan de goede kant waarna het meteen opgelucht naar z'n moeder holde. Voor het eerst in de wei en dan al zo'n angstig avontuur, dat was heel wat voor een jonkie van pas twee dagen oud.

29 april 2012

Lariks is een boomsoort die als een van de eerste in het voorjaar uitloopt. In bosjes van twintig tot dertig, soms we veertig naalden komt het groen tevoorschijn. Elk voorjaar kun je weer constateren hoe de nachtvorsten de naaldjes hebben aangetast. Ze verliezen hun groene kleur en worden bruin. Ook nu nog is de vorstschade goed te zien. De Lariks krijgt heel fraaie kegeltjes en misschien is het u wel eens opgevallen dat vooral aan dode takken de volwassen kegels zitten. De eerste jaren vormt Lariks geen bloei, dat begint pas als hij vier of vijf jaar is. Als de boom gaat bloeien zijn de takken waarop de kegels verschijnen al ten dode opgeschreven. De boom maakt nieuwe takken aan en de oude bloeitakken gaan dood. Het hout van de Lariks is van zeer goede kwaliteit, het is duurzaam en watervast, een reden waardoor het vroeger graag gebruikt werd om scheepsrompen te bouwen. Tegenwoordig wordt het hout verdrongen door kunststof materiaal.

28 april 2012

In de bossen van landgoed Middachten wordt het grofwild veel ruimte gegund zich terug te trekken in rustgebieden. Om de haverklap kom je bordjes tegen waarop staat dat de toegang verboden is omdat het wild er rust. Het verbaast mij daarbij wel dat de toegangspaden tot de rustgebieden altijd diepe sporen vertonen van wagens die er blijkbaar frequent inrijden. Ik kan het niet helpen dat ik dat met enige argwaan bezie! Waarom willen de beheerders zo graag die rustgebieden in, en waarom zo vaak? In de betreffende bossen staat ook menig hoogzit waar vanaf met name edelherten eenvoudig kunnen worden afgeschoten. Een fluitje van een cent als je pal in het vizier een ruime voederbak zet om de herten te lokken. Deze hoogzit is splinternieuw en staat een honderdtal  meters af van  een andere hoogzit. Tja, het is wel een adellijk  landgoed natuurlijk...!

27 april 2012

Kijk ze nou toch eens stappen samen! Een lust voor het oog, zo zijn deze vogels bedoeld maar wat hebben wij toch van ze gemaakt! Ze werden gedegradeerd tot eileg- en voortplanting-machines waardoor ze een erbarmelijk leven moesten gaan lijden. Met veel tamtam werd in kranten, televisie en andere media gemeld dat het voor Unilever een voorbij tijdperk was, de zielige plofkip. Vanaf volgend jaar zouden daar alleen nog maar kippen en kipproducten worden vervaardigd van kippen die een beter leven hadden gehad. Maar is dat wel zo? De kip die nu nog gebruikt wordt is een zielige vogel die in zes weken tijd wordt opgefokt van kuiken tot vette plofkip die door zijn eigen gewicht niet meer op de pootjes kan staan en daardoor in zijn eigen uitwerpselen ligt en wonden krijgt. Want deze kippen krijgen geen schone hokken omdat ze toch maar kort leven. Men noemt dat een mestronde. Na elke mestronde worden de hokken gekuist en kunnen dan weer opnieuw in gebruik genomen worden. De nieuwe Unoxkippen mogen slechts twee weken langer leven en worden in 8 weken vetgemest  tot een joekel van een beest waar een normale kip 20 weken voor nodig heeft. Want dan is een kuiken pas een echte kip geworden. Onbegrijpelijk dat deze kip een ster krijgt van de Dierenbescherming, want het is en blijft een beklagenswaardig dier. Ze hebben met z'n twintigen niet meer dan een vierkante meter leefruimte. Wel nu wat stro op de bodem en een overdekte uitloop. Het daglicht ervaren ze niet. Waarom dat niet meteen overschakelen op de biologische kip! Dan maar wat duurdere kipknakworstjes. Met de "beter leven" kippen van Unilever wordt ons gewoon een loer gedraaid!

26 april 2012

De mensen zijn niet de enigen die blij zijn dat het bos weer groen wordt! Tijdens mijn dagelijkse boswandeling zag ik opeens dat een edelhert naar me stond te gluren vanachter het groen. Je zou hem maar zo over het hoofd zien. Het gewei is nog in opbouw en omhuld met een zacht velletjes dat bast wordt genoemd. Het bevat heel veel bloedvaten die de bouwstoffen voor de groei van het gewei aanvoeren. Eind juni is het gewei klaar. Een bewonderenswaardig fenomeen want het is dan in vier maanden van niks naar een imposante hoofdtooi uitgegroeid. Dit beest heeft nog maar een bescheiden gewei want hij is nog jong en elk jaar komen er takken bij. Tijdens deze wandeling zag ik nog hoe een haas zich uit de voeten maakte bij het gekŤkker van de havik, zag ik twee reegeiten die meteen weg vluchtten en zag ik een bosuil laag tussen de bomen wegvliegen. Op het gebied van fotograferen was dit dus een "off day" maar desondanks heb ik zeer genoten van alle leven waarmee mijn ogen verwend werden.

25 april 2012

De grote gekweekte violen kunnen mij niet bekoren maar van de kleine wilde ben ik zeer gecharmeerd. Dit Bleeksporig bosviooltje kleurt momenteel de wat opener plekken in het bos en de hemelsblauwe kleur is echt prachtig. Het Look zonder look begint ook te bloeien, overal staat de Dovenetel te pronken, de planten van de Salomonszegel dragen al bloemetjes  en de eerste beukentakken hebben teergroene blaadjes uitgevouwen. Als is het nog zo nat of kil, het veranderende bos geeft een echt lentegevoel. De vogels zingen dat het een lieve lust is, het bos is weer helemaal tot leven gekomen. Elk jaar weer een hoogtepunt in mijn natuurbestaan.

24 april 2012

De laatste weken zie ik weer regelmatig mestkevers in het bos lopen. Wereldwijd zijn er duizenden soorten van deze kever en praktisch overal zijn ze te vinden. Dit is de Gewone of Paardenmestkever, zwart met een mooie blauwe metaalachtige weerschijn en een intens blauw gekleurde buik. Het mannetje is duidelijk kleiner dan het vrouwtje, wat op deze foto goed te zien is. Vooral in de hondenlosloopgebieden vol uitwerpselen, hebben de kevers het zeer naar hun zin, al is daar het nadeel dat ze massaal worden vertrapt. Betere plek is een woonplaats onder een andere vijg, vooral die van de Schotse hooglander is zeer gewild. Het voedsel ligt zo voor het grijpen en de mestkevers rollen er ballen van die ze onder de paardenvijg in een tunneltje opbergen als voedsel of om er eitjes te leggen. Dit laatste doet het vrouwtje dagelijks, tot drie stuks per dag. Het duurt vervolgens 1 tot 5 maanden voordat de larf een kever is geworden en het proces weer opnieuw begint. In het bos leeft nog een veelvoorkomende mestkever, de Bosmestkever. Deze is wat boller en heeft gladde dekschilden zonder groeven.

23 april 2012

Sinds een week zie ik de Goudvinken niet meer. Er zal ongetwijfeld worden gebroed. Ze kwamen de laatste tijd dagelijks meermalen langs om zich tegoed te doen aan de zaden van de zonnebloem die ik maar weer had aangeboden nadat ik er eerder mee gestopt was. Deze vogels zijn altijd samen, ze vormen een paartje voor het leven. Ook al had manlief geen zin in een maaltijd, hij bleef trouw in de buurt als zijn vrouw ging zitten eten. Ik moest ze wel vanachter het raam fotograferen want het blijven schuwe vogels. Het is volop broedtijd nu en koolmeesjes struinen alles af naar voedsel. Soms zitten ze in de vensterbank te zoeken, tot grote frustratie van onze zwarte kater die er niet bij kan terwijl ze zo onder zijn neus zitten. Ook merels vliegen af en aan met regenwormen. Voor veel mensen begint de lente deels met mooi weer maar voor de vogels zijn de tijdstippen in het jaar veel belangrijker. Dat ze het daardoor niet altijd even makkelijk hebben, zal duidelijk zijn. Hopelijk vliegen er in deze buurt straks ook jonge goudvinkjes rond.

22 april 2012

De Rabarber in mijn volkstuin groeit als kool, om maar eens een toepasselijke woordspeling te gebruiken. Het is een plant met een geweldige groeikracht die als een van de eerste boven de grond komt. Al heel snel worden ook bloeiknoppen gevormd en nu zie ik al stengels die bloeien gaan. De honderden afzonderlijke bloempjes staan te trappelen om uit hun omhulsel te springen. Helaas moet ik daar een eind aan maken, hoewel ik over het algemeen zeer tolerant bent ten opzichte van alles dat leuke bloemen produceert. Of het nu om onkruid gaat of niet. Pas na de bloei wordt het in gevallen van onkruid meteen verwijderd. De bloemstelen van Rabarber kosten teveel kracht van de plant die beter ingezet kan worden voor de vorming van stevige bladstengels. De eerste stengels heb ik de plant al ontstolen en er een heerlijk dessert van gemaakt: 500 gram rabarber met aanhangend water en wat geraspte verse gember koken. Als dat klaar is, gaan er drie eetlepels balsamico-azijn bij en suiker naar smaak. Om je vingers bij af te likken!

21 april 2012

Regelmatig kom je in het bos ruiters tegen en die sta ik altijd met enige jaloezie na te kijken. Het lijkt me namelijk geweldig om, gezeten op een paardenrug, de natuur van bovenaf te bekijken. Altijd heb ik al een fascinatie voor deze dieren gehad maar ik ben nooit met ze in aanraking gekomen. Wel heb ik de zachte neus en lippen gevoeld als ik een klontje suiker voerde aan paarden in de wei die ik toevallig voorbij ging. Maar ik ken de taal niet van oren die rechtop staan of juist gaan liggen. Wat betekent het als een paard briesend op je af komt hollen, of wanneer hij je vorsend staat aan te kijken om dan ongeÔnteresseerd weer weg te lopen. Nou ja, ik stel me maar tevreden met korte ontmoetingen waarbij ik ze omkoop met een appeltje of een klontje in ruil voor een aai over hun neus. Vooral als een paard, dat een kuddedier is, gedoemd is om eenzaam en alleen in een weiland te staan. Ik heb wel eens briefjes opgeplakt voor de eigenaars om ze te laten weten dat dit een heel naar lot is voor deze dieren. Soms ben ik dus een activist, maar wel met het belang van het dier voor ogen.

20 april 2012

Het werd al donker toen ik gisteravond in het bos op deze zwijntjes stuitte. Wat me meteen opviel was dat ze zo ontzettend licht van kleur waren, dat lijkt zich elk jaar verder door te zetten. Er liepen ook zwijntjes bij met zwarte vlekken, een heel raar gezicht. Zeugen lopen graag samen en zo zie je dan enorme aantallen jonkies. Twintig stuks is geen uitzondering. De biggetjes zijn nog heel jong en worden nog gezoogd maar toch lopen ze net als hun moeders met de snuitjes als stofzuigers over de bosbodem om de beukenkiemen te eten. Ze gunnen zich niet eens de tijd om op te kijken en daardoor kun je aardig dichtbij komen, vooral als je je een beetje verschuilt achter een boomstam. Ieder jaar opnieuw wordt een groot aantal zwijnen afgeschoten en vooral vrouwtjes en jonge biggen zijn het doelwit. Hoe minder zeugen er over blijven des te minder hoeft er te worden geschoten, is het argument. Blijkbaar lukt dat allemaal niet zo, gezien de jaarlijkse slachtpartijen onder deze dieren. Zo te zien, hebben de biggetjes een heel zacht vachtje en ik zou ze zo graag even willen aaien om te ervaren hoe dat aanvoelt. Maar dat laten de moeders niet toe.

19 april 2012

Er is opvallend veel witte bloesem in deze tijd. Ook de inheemse Vogelkers (Prunus padus) begint weer uit te komen en verspreidt een heerlijke geur. Deze Vogelkers kan in een tuin een hoogte bereiken tot 10 meter  en een breedte van 6 meter. Dat wist in nog niet toen ik uit het bos (foei!) een stek mee naar huis nam en in onze tuin pootte. Toen ik de gegevens ergens las, heb ik er thuis maar niets over verteld. Ondertussen geniet ik elk jaar ik van de mooie bloemtrossen en de heerlijke geur die de bloemen verspreiden en die altijd veel insecten aantrekt. De struik in onze tuin bloeit nog niet, deze foto maakte ik in het buitengebied. Door het nare kille weer zijn insecten nog maar matig actief, dat moet maar eens snel veranderen. Het beruchte broertje is de Amerikaanse vogelkers die een paar eeuwen geleden uit Noord- en Midden-Amerika  geÔmporteerd werd om parken en landgoederen te verfraaien. Dat was geen goed idee want de Amerikaan breidde zich in een ras tempo uit, zodanig dat hij nu bestreden wordt en de naam "bospest" kreeg. Het verschil tussen beide kun je onder meer goed zien aan de bladvorm, de inheemse heeft afgeronde bladeren terwijl die van de Amerikaanse spitser toelopen.

18 april 2012

Ze lijken zo lief maar het zijn lang niet altijd aardige vogeltjes, onze roodborstjes. Net als mensen hekken en hagen om hun tuinen zetten om aan te geven dat hier hun territorium ligt, zo doet de roodborstman dat door te zingen en dan met name in het voorjaar. Het vervelende voor deze vogel  is dat man en vrouw er precies hetzelfde uitzien en zij ook nog hetzelfde liedje zingt. Als de roodborstvrouw dus een man zoekt ten behoeve van de voortplanting, moet ze heel wat moeite doen om hem te overtuigen dat ze uitsluitend goede bedoelingen heeft. Want als hij zich kwaad maakt kan hij niet alleen een soortgenoot uit zijn territorium jagen maar ook bevechten tot de dood er op volgt. Maar goed, aangezien ook bij hem de voortplanting in de genen zit, sluit hij uiteindelijk dan maar een kortdurend huwelijk waarin hij netjes zijn vaderlijke plichten vervult. Maar zodra de jongen zijn uitgevlogen en zelfstandig zijn, geeft hij er meteen de brui aan en gaat lekker verder met zijn solitaire leven. Geen gezeur aan de kop van een roodborstman! Op de foto staat onze tuinroodborst. Als ik aan het wroeten ben, is hij er als de kippen bij om met zijn kraaloogjes te kijken  of ik soms lekkere insectjes uit de bodem lospeuter met mijn harkje.

17 april 2012

In het bos is zoals elk jaar weer een enorme hoeveelheid hout geoogst. Het hout wordt verkocht en het bos brengt op die manier geld op dat nodig is voor onderhoud. Maar het boswerk gaat wel gepaard met een onvoorstelbare ravage. Het zware materieel, nodig voor het kappen en afvoeren van de stammen, rijdt de paden aan flarden zodat er diepe geulen in de bosbodem achterblijven. Er wordt vervolgens niets gedaan om de paden te egaliseren zodat de geulen vol water lopen na een fikse regenbui en voor wandelaars worden daardoor de paden slecht begaanbaar. Een andere ergernis is de troep die in het bos achterblijft nadat de stammen gestript zijn. Alles wordt her en der neergekwakt en het geheel biedt een deplorabele aanblik. Dood hout kan zeker een functie hebben voor het bos. Insecten kunnen er van profiteren, bosmuizen en winterkoninkjes vinden het heerlijk er tussen te scharrelen maar er ligt zoveel dat mensen zich er behoorlijk aan ergeren. Het is gewoon teveel wat wordt achtergelaten. Het zal ongetwijfeld een kwestie van geld zijn want ook boseigenaren moeten vanwege de economische malaise met minder geld zien rond te komen. Maar jammer is het wel, het is gewoon onplezierig, al dat groene afval.

16 april 2012

Naar aanleiding van een heftige reactie op mijn stukje "kauwenliefde" in het verhalendeel van deze website, voer ik deze gezellige vogels nog een keer ten tonele. De vogelaar uit het Westland, zoals hij zich noemt, zou graag zien dat ze bestreden werden. Hij is - helaas - niet de enige. Wie kent niet de verhalen uit de media over mensen die nesten van kraaiachtigen en roofvogels uitmoorden omdat ze het niet kunnen verdragen dat deze vogels zich in de broedtijd vergrijpen aan zangvogels. Hij stelt daarbij tevens dat kauwen geen natuurlijke vijanden hebben. Dat is niet waar, voor de Slechtvalk en Havik is de Kauw een favoriete prooi. En wat te denken van de mens! Voor de invoering van de Flora en Faunawet, was de Kauw vrij bejaagbaar en ook nu nog wordt hij hier en daar met verve bejaagd. Is het een wonder dat deze vogel zich ontwikkelde tot een opportunist?  Voortzetting in  het stuk "Uitgekauwd" op mijn verhalenblog.

15 april 2012

In het bos worden regelmatig speurtochten uitgezet. Een veel beter initiatief dan de manier waarop tegenwoordig veel kinderverjaardagen worden gevierd. Vierden wij die vroeger gewoon thuis met spelletjes en dergelijke, tegenwoordig is dat niet meer genoeg voor de verwende generatie. Mac Donald's is al jarenlang populair, leuk en lekker voor de kinderen en de ouders hoeven niet veel te doen. Pas hoorde ik tot mijn verbazing dat in speelgoedwinkels manden klaar staan waar de uitgenodigde kinderen het te kopen cadeautje kunnen uitkiezen uit hetgeen de jarige vast van tevoren heeft laten klaarleggen. Een leuke expeditie in het bos vind ik dan ook zeer te verkiezen. Ook volwassenen maken op deze manier gebruik van het bos en zo zag ik dat er op allerlei bomen opdrachten waren geprikt. Noem 12 verschillende automerken, wie sponsort de shirts van Vitesse en andere clubs, wie zijn de sportmensen op de foto's. Er hing ook een papier met de tekst: "als een haan aan de grens met zijn ene poot in BelgiŽ staat en met de andere poot in Nederland, waar komt dan het ei terecht? Ik zou de oplossingen wel eens willen zien. Ik zou voor deze doelgroep ook wel een speurtocht willen organiseren maar dan met heel andere vragen: "noem 12 verschillende boomsoorten" of  "wie betimmeren de bomen". Daar zouden de deelnemers dan hopelijk nog iets nuttigs van opsteken. Maar ach, over smaak valt niet te twisten.

14 april 2012

Gisteren vond ik bloeiende klaverzuring in het bos, een halve week geleden was er nog niets te zien. Dit natuurdagboek, waarvan sommigen mij verzekerden dat ik het hooguit twee jaren zou volhouden, is nu al aan het zesde jaar bezig en ik vind het nog altijd leuk. Het dwingt mij ook om regelmatig op stap te gaan want ik moet natuurlijk wel iets te vertellen hebben. Behalve dat het een leuke bezigheid is, wordt het dagboek zo langzamerhand ook mijn eigen fenologische  jaarkalender. Zo kon ik zien dat vorig jaar de eerste bloeiende klaverzuring al op 1 april door mij gevonden werd waar ik het nu pas op 13 april zag bloeien. Ik zei het al eerder: dat de natuur nog steeds twee weken op haar normale tempo vooruit loopt, is lang niet op alle punten waar. De Berken hebben inmiddels hun blad ontplooid en de Lariks tovert het bos langzaam groen maar aan de beuk en de eik is nog geen blaadje te zien. Dat hebben we nog voor de boeg gelukkig,

13 april 2012

Uitwerpselen van dieren zijn voor natuurliefhebbers ook nog wel eens interessant. Ook dit is weer een onderwerp waarover boeken geschreven zijn. Er is zelfs een "poepboek" dat over deze zaken gaat. In Nederland hebben veel mensen nog van die ouderwetse platbodems waar je je uitwerpselen goed kunt bekijken alvorens ze door te spoelen. Eigenlijk is dat ook veel beter dan de potten die meteen de grote boodschap op weg naar het riool sturen. Aan uitwerpselen kun je namelijk van alles zien en soms is dat heel nuttig. Ben je deskundig op het gebied van uitwerpselen van dieren, dan zie je al snel welk dier zijn poep heeft achtergelaten. Maar het kan ook anders: de kat verstopt zijn poep om geen geur achter te laten. De das graaft aan de grenzen van zijn territorium open putjes waarin hij zijn poep achterlaat, om juist aan te geven dat hij hier woont. De foto toont een vers uitwerpsel waaraan je kunt zien dat de voormalige eigenaar in elk geval geen kevers heeft gegeten want dan zouden er schildjes in zitten. Dat sierlijke puntje wijst in de richting van een marter die bij gebrek aan vlees veel regenwormen gegeten heeft. In dit bos worden wel eens Boommarters gezien. Mij is dat geluk slechts eenmaal ten deel gevallen, lang geleden alweer. Het zijn echt prachtige dieren.

12 april 2012

Ook de Gaai (Garrulus glandarius) profiteert nog steeds van de herfstvruchten die in het bos zijn blijven liggen. Telkens neemt hij een duik naar de bodem, pakt een eikel en vliegt ermee omhoog om hem op een tak een koppie kleiner te maken. Het is bijna niet te geloven maar gedurende een winter kan een gaai duizenden eikels verstoppen en heel wat bomen in een bos werden geplant door deze vogel. In het voorjaar, wanneer het aanbod groter is, gaat hij over op andere kost: rupsen, insecten, vruchten, maar ook eieren en jongen van kleine zangvogels. Dat vinden wij natuurlijk niet leuk, maar mensen eten ook de eieren van de kip en kalfjes die meteen na hun geboorte geroofd worden bij hun moeders. Zelf eet ik uit protest nooit kalfsvlees. Als de gaai opgewonden is, zet hij zijn kopveertjes overeind en dan ziet hij er heel grappig uit. Hoewel je dat niet zou vermoeden als je hem hoort krijsen, behoort hij tot de zangvogels.

11 april 2012

Waarom de ene bloem van de Bosanemoon (Anemone nemorosa) helemaal wit is en de andere een roze zweem op de achterkant van de bloemen heeft, heb ik nog nooit kunnen achterhalen. Een feit is wel dat het niets met de bodemsamenstelling te maken kan hebben aangezien ik deze beide bloemen op dezelfde plek fotografeerde. Bosanemonen vind je overwegend in oude bossen, in greppels en langs sloten. Ook in de tuin doen ze het uitstekend, vooral als ze met rust gelaten worden en zich ongestoord kunnen vermeerderen. De toevoeging "nemorosa" betekent bosrijk. De planten breiden zich namelijk maar heel langzaam uit en dat gebeurt meestal in oude bossen. Bij koud en regenachtig weer sluiten de bloemen en buigen ze naar de grond om hun stuifmeel te beschermen; de bosanemoon produceert geen honing. De plant is in alle delen giftig. Hij vermeerdert zich vooral door ondergrondse wortelstokken maar ook door middel van zaad. De dopvruchtjes, zoals die heten, zijn omhuld met een vettig laagje waar mieren dol op zijn. Die nemen ze dan ook mee naar hun nesten, men noemt dit een mierenbroodje.

10 april 2012

Ik ga nog maar even door met voeren; er ligt nog genoeg in de kast en de vogels vinden het wel fijn. De meesjes duiken nog dagelijks in de pindapot, het grootste voersucces van de afgelopen winter en voorjaar. De pot is bijna leeg en ze moeten er diep in kruipen, grappig gezicht. De mussen worden hier het jaar door gevoerd maar ik heb gemerkt dat ze het veel fijner vinden de zaden van de grond te pikken dan uit de voederhuisje. Het zit ze in het bloed, het scharrelen in de aarde en door alle asfalt op de wegen en door de bestrate tuinen die er steeds meer komen raken ze die mogelijkheid veelal kwijt. Zelfs veel boerenerven zijn tegenwoordig bestraat of geasfalteerd en op weinig plekken kunnen mussen nog hun stofbaden nemen. Eigenlijk zou je een stuk van je tuin aan de mussen moeten geven, lekker leeg geschoffeld en zanderig.

9 april 2012

Wat een plaagstoten deelt de natuur tegenwoordig ui. Net als je gewend bent geraakt aan het heerlijke zonnige lenteweer word je met een klap weer teruggemikt in de winter, zo lijkt het althans. Weer een ijslaagje op de vijver en opnieuw bevroren plantenblad. Jammer ook voor de mensen die van dit paasweekend een uitje wilden maken en nu onder hun winterdekbedden in tent of caravan 's nachts liggen te bibberen van de kou. De regen die er eindelijk valt is natuurlijk zeer weldadig voor land en plant. Buiten gaat alles onverstoorbaar door. De bosbodem is bezaaid met beukenkiemen. Nu zie je pas hoeveel beukennootjes er zijn blijven liggen, waaruit je weer kunt aflezen dat het afgelopen jaar een rijk mastseizoen leverde waar vogels en zoogdieren volop van profiteren konden. En zo heeft alles zijn keerzijde, zowel voor de mens als voor het dier.

8 april 2012

Voor de vrouwelijke kippenbevolking in ons land is dit een mooi paasfeest! Liever gezegd: het begin is er. Sinds dit jaar zijn de legbatterijen verboden. In die kippengevangenissen waren hennen gedoemd hun leven te slijten met z'n achttienen op een vierkante meter.  Er is niet veel fantasie voor nodig om je voor te kunnen stellen wat dit voor de vogels betekende. We zijn nog lang niet waar we wezen moeten al gaan steeds meer pluimveehouders over op scharrel-schuren. Tot halverwege het jaar krijgen degenen die de legbatterijen nog steeds gebruiken de tijd van Europa om ze af te bouwen maar of dat gebeuren zal, is maar de vraag. Polen bijvoorbeeld huisvest nog 90% van de kippen in een legbatterij. Bovendien zit de economie tegen en is er niet overal genoeg geld om de nieuwe maatregelen door te voeren. Voorlopig echter worden er dankzij het in de ban doen van de vermaledijde legbatterij 200 miljoen minder eieren gelegd in Europa. Minder productie betekent meer geld voor een ei. Dat betalen we met plezier!

7 april 2012

Er zijn maar weinig hogere dieren met een zo hoog ontwikkeld sociaal- en familieleven als kauwen, schreef Konrad Lorenz in zijn boekje "Ik sprak met viervoeters, vogels en vissen"  uit 1957.  Lorenz ontving in 1974 de Nobelprijs voor ethologie, gedragsleer dieren. Het was voor het eerst dat ik las over deze uiterst boeiende vogels en meteen viel ik voor ze en dat is altijd zo gebleven. Boven ons huis vlogen de kauwen gisteren met vele rond en maakten een hoop lawaai. Er was duidelijk iets aan de hand met een soortgenoot en als zoiets gebeurt, komen de kauwen er meteen op af om alarm te slaan of om te helpen. Er lag een dode kauw op het asfalt van de straat, gepakt door een voorbij rijdende auto. Het was net gebeurd en de vogel was nog warm. Daar sta je dan met zo'n dier in je handen, het lijfje helemaal slap, de zilveren oogjes voorgoed gesloten en nooit zal er meer een geliefde in zijn grijze kopveertjes krauwen. Kauwen zijn monogaam en sluiten een huwelijk voor het leven. En tot de dood hen scheidt, blijven ze elkaar liefkozen en beminnen. Respectvol heb ik hem meegenomen terwijl de kauwen in de lucht het konden zien. Hij vond een plekje in onze tuin en na verloop van tijd keerde de rust weer terug.

6 april 2012

Het piepkleine bollenveldje op mijn volkstuin wordt steeds mooier. De crocussen zijn nu uitgebloeid en allerlei leuke bolletjes komen er voor in de plaats. Er staan nu onder andere anemoontjes in bloei. Violetblauw, lichtblauw en wit. Ik vind ze allemaal even leuk maar de witte is zo puur en smetteloos dat die mijn voorkeur wint. Binnenkort zaai ik er een wilde plantenmengsel in en ook wat Phacelia. De ervaring leert dat uit zulke zaadmengsels lang niet alles opkomt maar hopelijk is er genoeg om de bijen en hommels te plezieren. Dit is uiteindelijk het jaar van de bij; om die reden heb ik mijn medetuinders via ons volkstuinblad gevraagd om ook een strook met een bloemenmengsel in te zaaien. Nota bene hebben wij imkers als tuinburen, een mooier combinatie is dus niet denkbaar. Ik hoop dat velen zullen meedoen, behalve plezierig voor de foeragerende bijen zou dat ook een prachtige aanblik van ons volkstuincomplex opleveren.

5 april 2012

Een vriendin van mij heeft vele jaren geleden het flinke stuk grond om haar huis omgetoverd tot een waar vogelparadijs. En dan levert haar de mooiste taferelen op die ze, net als ik, enthousiast fotografeert. Telkens vind ik in de mailbox haar berichten die vergezeld gaan van het fraais dat ze weer heeft kunnen kieken. Zoals deze week de putters die in de vijver kwamen baden. Er zitten nestjes van de staartmees in haar houtwal, de winterkoning nestelt onder haar zonnescherm, de fitis neemt zonnebaden op het rieten dak, jonge spechten hangen aan de voederbakken enzovoort. Behalve de puttertjes was er ook een foto bij de mail deze week van een holenduif. Nog nooit gezien, wat een prachtige vogel met die smaragdgroene nekveren. Ik gun haar dit moois van harte natuurlijk maar zit ondertussen wel groen uitgeslagen de foto's op het scherm te bekijken!

4 april 2012

In onze vijver zitten weer veel jonge watersalamanders die vorig jaar geboren zijn. Nu het water weer op temperatuur begint te komen, wordt ook het kleine salamandertje weer actief. Hij ademt door de kieuwen die op deze foto goed te zien zijn en de uiteindelijke vorm die hij zal krijgen is al een beetje zichtbaar. Nu hij weer verder gaat groeien, moet hij elke week vervellen want de huid groeit bij amfibieŽn niet mee. Zo'n afgeworpen huidje is zo dun dat het in een ommezien in het water is vergaan. Vaak ook eet de salamander het op, recycling van waardevolle stoffen. Als hij volgroeid is en het land op gaat, vindt een spectaculaire verandering plaats. De salamander krijgt dan een droge stugge huid, zijn ademhaling verandert naar longademing en zijn kieuwen zijn verdwenen. Zijn ogen passen zich aan voor het leven op het land waar hij verder moet kunnen kijken dan zijn neus lang is. Een klein wondertje, dit waterwezentje. De volwassen Kleine watersalamander (Lissotriton vulgaris) en ook de larven zijn door de wet beschermd. Het is zinloos om te proberen ze over te brengen in je vijver want ze houden niet van een vreemde omgeving. Het schijnt dat ze hun eigen vijver herkennen aan de geur van de algen.

3 april 2012

Hoe is het mogelijk! In onze vijver was nog niets van paardriften te bespeuren gedurende de afgelopen tijd. Ik had er wel een bruine kikker gezien maar die maakte geen geluid dus dacht ik dat het een vrouwkikker moest zijn. Later klonk er toch af en toe een klein knorretje: toch een man, maar die had blijkbaar niet veel animo. Zaterdagavond echter, toen het koud was en nachtvorst in de steigers stond, hoorde ik een druk geknor in het water, alsof er ik weet niet hoeveel kikkers naar de vijver waren gekomen. En ja hoor, de volgende ochtend lagen er drie klompen dril. Alsof de kikvorsen gedacht hadden it's now or never!  In het bos achter ons huis, waar jaarlijks in waterplassen en -plasjes massaal gepaard wordt, ligt nu geen druppel water meer dankzij de droogte en nergens is dril te zien. Bij de vrouwtjeskikker die niet tijdig het water kan bereiken om te paren, volgt reabsorptie: de eitjes in haar buik worden afgebroken en weer opgenomen in het lichaam. Er zijn meer dieren die in verband met ongunstige omstandigheden dit verschijnsel kennen. De paddentrek was al eerder tot stilstand gekomen en met de kikkers is het al niet anders. Maar dankzij de vele tuinvijvers zullen ook dit jaar toch weer nieuwe kikkertjes komen.

2 april 2012

Ook dit is natuur: schimmel die groeit op een tomaat! Dit soort schimmelvorming vind ik best mooi en ik kan in bewondering staan kijken bij een hondendrol langs een bospad die in vochtige weersomstandigheden voorzien werd van een schitterende schimmelpruik waarvan de schimmeldraden soms wel zeven of meer centimeters kunnen zijn. Eigenlijk vond ik het altijd al een fraai iets. Zo had ik, toen ik nog maar net op de middelbare school zat, mijn boterhammen te lang in een doosje laten zitten; het zag er indrukwekkend uit. Wij behandelden in die klas ook het onderwerp woordkennis. En toen in het rijtje op het schoolbord werd gevraagd naar een omschrijving van het woord "schimmel", opperde iemand meteen dat dit woord van toepassing was op het witte paard van Sinterklaas. Waarop ik in mijn schooltas dook, mijn broodtrommel eruit viste en de beschimmelde inhoud triomfantelijk ten toon spreidde. Walging en afschuw was mijn lot en de onderwijzer maande mij de inhoud onmiddellijk weg te gooien want die was uitgesproken smerig, vond hij. Ik dacht er anders over, ik vond het mooi, dat grijze vachtje met al die draadjes waar bovenop zwarte puntjes groeiden: de sporen. Een kwestie van bekijken dus!

1 april 2012

Vandaag is het 1 april en we zijn meteen al voor de gek gehouden. Hoe mooi het weer de afgelopen tijd ook was, hoe heerlijk die zon, hoe mild de temperaturen, nog steeds zijn er nawinterse plaagstootjes mogelijk. De Vrouwenmantel in de tuin was weer bedekt met ijskristalletjes maar de bloesem aan de Krentenboom is onbeschadigd gelukkig. Die staat op uitbarsten, ik zou zeggen: hou nog even de kelkjes dicht! Vorige week zag ik hoe enige van de volkstuinders vol overmoed bezig waren kwetsbare jonge slaplantjes te poten, en bietjes die nog niet meer dan kiemblaadjes hadden. Maar april doet wat hij wil en dat is een oude wijsheid. Deze wijsheid gedachtig bedwing ik nog maar even mijn neiging om ook te gaan planten.

31 maart 2012

De bloei van de Sleedoorn (Prunus spinoza) zal niemand ontgaan. Overal kom je hem tegen, gehuld in een wit waas van heel kleine bloesem. Langs velden en akkers staat hij vaak aangeplant als haag en dat is momenteel een schitterend gezicht. De Duitsers noemen hem Schwarzdorn, de kleur zwart slaat op het hout en dorn op de tot harde stekels uitgegroeide takjes die ergens onderweg de voortgang in het ontwikkelingsproces wisten te stoppen zodat het nooit echte takjes werden. Een ander proces dan bijvoorbeeld de doorns aan een rozentak. Hier en daar zijn nog de pruimpjes te zien. Deze maken een zeer trage ontwikkeling door en zijn pas rijp tegen het eind van de zomer. De blauwe pruimpjes zijn niet meteen te eten, ze zitten propvol looizuur en smaken onaangenaam wrang. Ze worden verwerkt in likeuren en wijnen, en allerlei jamsoorten die vanwege de smaak gecombineerd worden met andere vruchten. Het schijnt dat de vruchten hun wrange smaak kwijtraken als ze een nacht in de diepvries worden gelegd. Voor vogels is de Sleedoorn vanwege de doornen een favoriete plek voor het bouwen van een nest.

30 maart 2012

Vorige week al zag ik hier en daar een bloeiende plant van de Pinksterbloem (Cardamine pratensis). We zijn nu een week later maar veel is er nog niet bijgekomen. Ik keek eens in mijn fotoarchief en zag dat vorig jaar de eerste door mij gefotografeerde Pinksterblom de datum van vijf  maart had. Er wordt wel bericht dat de planten en heesters nu twee weken eerder bloeien dan vorig jaar maar dat blijkt dus niet geheel waar te zijn. Het hangt er ook helemaal vanaf op welke plek planten staan. Een plantje Speenkruid zal in een zonnige en warme greppel natuurlijk veel eerder bloeien dan een exemplaar dat in het open veld zonder enige beschutting staat. Nu het opeens weer zo'n stuk kouder is geworden, is dat maar goed ook. Pinksterbloemen worden bezocht door de Oranjetip en deze vlinder heb ik nog niet zien vliegen, het is daar ook wel erg vroeg voor, al zijn de vlinders in de afgelopen week behoorlijk actief geweest.

29 maart 2012

Hier is met verstand van zaken gehandeld, en dat zie je niet vaak waar het knotwilgen betreft. De Knotwilg is de favoriete broedplaats van de Steenuilen. Mits de bomen oud zijn en een grote, deels vermolmde knot hebben. Een dergelijke wilg dient om de paar jaar te worden ontdaan van takken om niet uit elkaar te scheuren. Overal in de winter zie je onthoofde knotwilgen waar alle uitgegroeide takken zijn afgezaagd. Zelfs door natuurverenigingen worden de bomen kaal geschoren tijdens speciale dagen. Goed bedoeld maar ondeskundig. Dat heeft dan tot gevolg dat eventueel aanwezige uiltjes in een klap beroofd zijn van hun beschutting. Gedeeltelijk knotten is daarom veel beter, en dat is hier gedaan. Steenuiltjes hebben in deze tijd al paartjes gevormd en bewonen ook al de nestplekken. gebroed wordt er pas later.

28 maart 2012

Alles in de natuur is geordend, ook al lijkt het er soms op dat er van alles zomaar gebeurt: de ene keer komt de lente vroeg, de andere keer te laat, lijkt het herfst in de winter en ga zo maar door. Tenminste, in onze menselijke optiek. Toch verschijnen de planten in een vaste volgorde. Heel voorzichtig laat de winter weten dat het niet zo heel lang meer zal duren voor de lente arriveert: het tere wit van de sneeuwklokjes. Dan wordt ons duidelijk gemaakt dat die lente al een heel stuk dichterbij is gekomen: geel en blauw van aconieten, narcissen, longkruid. Maar nu het bijna april is, geeft het seizoen zich over aan pure prilheid. Iedereen heeft nu opgemerkt dat de dagen lengen, de zon warmer wordt en de natuur zich daaraan aanpast. Dus zijn nu de bloesems aan de beurt. En hoe! De ene boom en struik na de andere tovert een overvloed aan bloemen te voorschijn. Bijna volgen ook de bomen.

27 maart 2012

Ik kon mijn geluk niet op toen gisteren na een zeer lange afwezigheid de prachtige Goudvink weer in de tuin verscheen. Met een vrouwtje nota bene. Ik heb deze vogels zo gemist de afgelopen twee jaren. Met hun dikke oranje verenpakje zien ze er uit als welgedane heertjes. En al die pracht gaat gepaard met een juist daarom vertederend primitieve zang. Het geluid lijkt helemaal nergens op maar als ik het hoor, wordt mijn blik meteen naar buiten getrokken. Zo'n uitbundig aangekleed ventje heeft het ook niet nodig om met een imponerend lied zijn territorium aan te geven, alles en iedereen heeft hem meteen in de gaten. In onze tuin is een heggenmusje bezig een nest te bouwen in de klimop en een pimpelpaartje heeft een nestkast geannexeerd. He, heerlijk, lente!

26 maart 2012

Nu zijn de heesters en de bomen aan de beurt om te bloesemen. Langs de wegen zie je meer en meer struiken versierd worden met bloemetjes aan de meestal nog kale takken. Nogal wat mensen schijnen daar een kick van de krijgen en halen meteen de zomergarderobe van zolder. Zo zag ik gisteren een drietal meisjes op het station dicht tegen elkaar staan in hun blote bloesjes, bibberend in de ochtendkou. En in Amsterdam signaleerde ik de eerste mannen die het nodig vonden de korte broeken weer aan te trekken. Later op de dag verschenen de jonge vrouwen op de terrasjes, gestoken in kledij die maar weinig om het lijf hadden. Het lijkt wel of Nederland op hol slaat zodra de zon weer gaat schijnen in het voorjaar. Het kan natuurlijk ook zijn dat ze zo geleden hebben onder winterdepressies dat ze die zo snel mogelijk achter zich willen laten. Lang geleden waren wij in IndonesiŽ en in ons gezelschap verkeerde iemand die Maleis sprak. Hij vertaalde voor ons wat op de markten gniffelend door de locale, prachtig bruin getinte  bevolking werd opgemerkt:  "moet je ze nou toch zien, het zijn net roze varkens....! Daar moet ik in deze vroege lentetijd stiekem nog wel eens aan denken als ik dat bloot nu al  rondom mij zie. Wij zijn gewoon jaloers op al die mooie bruine velletjes van onze mede-aardbewoners!

25 maart 2012

Als je deze gele sterretjes al fietsend voorbij gaat, denk je al snel dat het om de gele bloemetjes van het Speenkruid gaat. Hier staat echter de Weidegeelster (Gagea pratensis) , een vrij zeldzaam bolgewasje dat niet overal in het land voorkomt. Maar wel o.a. in Gelderland, en hier stond het niet ver van de IJssel in het weiland. Het is een plantje dat niet houdt van grond die nooit bewerkt wordt. Het verdwijnt zelfs als er niet een of andere vorm van beheer van de bodem is. Het gedijt zelfs bij een bodem die geverticuteerd en bemest wordt. Er stonden er een heleboel bij elkaar, wat een prachtige vondst! Ik kreeg een tip over de groeplek van een plantenexpert.

24 maart 2012

Een van de aangenaamste geluiden in het vroege voorjaar vind ik dat van de hommelkoningin. Zacht brommend zoeft ze voorbij, neerstrijkend op elke bloem op zoek naar voedsel. De hele winter heeft ze onder de grond gezeten en allereerst moet ze op krachten komen. Je ziet haar nu fourageren op allerlei bolletjes en vroegbloeiende planten. Als ze sterk genoeg is geworden begint ze aan haar nest dat in de grond wordt gemaakt. Wordt een holletje geschikt bevonden, dan maakt ze van wat nestmateriaal een propje en bouwt daarop een soort urntje van was dat ze vult met nectar dat ze uit bloemen peurt. Deze nectar gebruikt ze als voorraadkamer waaruit ze kan putten om eigen energie op te wekken. Ze moet haar broed namelijk warm houden en doet dat door met haar vleugels heel snel te trillen zodat het nest op 30 graden blijft. Hommels zijn ongevaarlijk en je hoeft er niet bang voor te zijn. Verdelgen is echt niet nodig, ze zijn uitermate belangrijk voor de bestuiving van allerlei bloemen. Vliegt er een het huis binnen, pak haar dan op met behulp van een handdoek of iets dergelijks en breng haar voorzichtig weer naar buiten.

23 maart 2012

Bij een grote plas trof ik deze paddendame aan. Ze vond het prima zich te laten fotograferen maar stond niet toe dat ik haar even in haar prachtige gouden ogen keek! Misschien was ze wel boos, ik had met mijn komst een amoureus onderonsje verstoord. Haar vriendje maakte zich net klaar om zich op haar rug te klemmen, schrok kennelijk van mijn komst en verdween met een paar hupjes in de vegetatie. Ach, ze vinden elkaar wel weer. Op weg naar mijn volkstuin zag ik alweer een aantal platgereden kikkers op het asfalt liggen. Dat vind ik toch zo akelig. Het gebeurt elk jaar op precies hetzelfde stukje route. In onze vijver wil het nog niet zo lukken. Er zit nog steeds een enkel vrouwtje geduldig te wachten tot er een stel kereltjes langs komt. Ik wil zo graag weer telkens even wakker worden 's nachts en het donkere geknor van het bruiloftsfeest horen. Het is wel heel erg droog, als het nou eens zachtjes ging regenen, kwam er misschien schot in.

22 maart 2012

Wat een heerlijke ontdekking: de eerste bosanemonen van het jaar! Op een heel beschut plekje, in een walletje langs een sloot, stonden de witte sterretjes in het gras te stralen. Het zijn zulke mooie bloemetjes. Thijsse, de grote natuurvorser uit de vorige eeuw, schreef over "bosch-anemoontjes" en hij noemt het bloeien ervan het glanspunt van de vroege lente. Ik ben het daar helemaal mee eens. Binnenkort ga ik kijken op een van de landgoederen hier in de omgeving, om te genieten van de vele duizenden bosanemonen die het bos daar omtoveren tot een groot feest! Vaak is de achterkant van de bloemen roze gekleurd. De bosanemoon is in haar eenvoud al zo mooi dat je niet begrijpt waarom zij in cultuur is gebracht en er nu planten voor de tuin te koop zijn die dubbele bloemen geven. Less is more, zeggen de Engelsen, en zo is het maar net!

21 maart 2012

De lente is officieel begonnen! Niet dat maart zich daar iets van aantrekt, maar dat de ontwikkelingen in de natuur goed op gang zijn gekomen, kunnen we met eigen ogen zien. Het eerste kikkerdril is in sommige vijvers al aangetroffen, de knoppen van allerlei struiken zijn al stevig aan het uitbotten, de vogels zingen dat het een lieve lust is en allerlei vogels hebben al aanstalten gemaakt een nestkast te betrekken of zijn aan een zelfgemaakte babykamer begonnen. De kool- en pimpelmeesjes zijn er altijd als de kippen bij als ik de netjes met uitgeborsteld haar van onze kat aanbiedt. Met snaveltjes vol duiken ze in de nestkast om het bedje te spreiden voor de eitjes die straks gelegd zullen worden. Feitelijk is de lente gisteren al begonnen. De komende decennia zal dit zowat elk jaar het geval zijn. Hoe dit allemaal zo berekend wordt is te zien op de website van het KNMI dat hier een uitgebreid verhaal over heeft. http://www.knmi.nl/cms/content/22141/astronomische_lente_begonnen

 

 

 

 

naar boven