Natuurdagboek


Natuurdagboek 2007                             Winter 2010/2011
Natuurdagboek 2008                             Lente 2011 
Natuurdagboek Winter 08/09               Zomer 2011
Natuurdagboek Lente 2009                  Herfst 2011
Natuurdagboek Zomer 2009                Natuurdagboek Winter 2011/2012
Natuurdagboek Herfst 2009                 Natuurdagboek Lente 2012
Natuurdagboek Winter 2009/2010      Natuurdagboek Zomer 2012
Natuurdagboek Lente 2010                  Natuurdagboek Herfst 2012
Natuurdagboek Zomer 2010                 Natuurdagboek Winter 2012/2013
Natuurdagboek Herfst 2010                 Natuurdagboek Lente 2013

 

 

Zomer 2013
 

Blijft je pc deze pagina openen? Wis dan even de geschiedenis / het geheugen van je pc.
Weet je niet hoe dat moet: lees het dan via Google.

Het natuurdagboek gaat verder in Herfst.

 

22 september 2013

De Canadese gulden roede (Solidago canadensis) begint zo langzamerhand uit te bloeien. Wat een waardevolle plant is dat toch voor insecten. Hij zit vol met bijen, zweefvliegen, hommels en andere gasten die zich tegoed doen aan de nectar die blijkbaar overvloedig in de bloemen zit. Het is, wat men noemt, een invasieve soort; hij komt in ons land niet van nature voor maar werd ingevoerd als sierplant. Hij greep zijn kans, had het hier zeer naar de zin en verscheen en verschijnt op alle mogelijke plekken. In 1648 brachten kolonisten de plant al naar de botanische tuinen van Engeland vanwege hun medicinale eigenschappen. Vooral de werking  tegen ziekten van nieren en urinewegen is bekend. Deze gulden roede behoort tot de oudst ingevoerde planten vanuit Amerika naar Europa. Voorlopig kunnen de insecten er nog even mee vooruit, want wŗt een hoeveelheid bloempjes die zij aan zij in lange rijen op de bloemstengels zitten. Ik probeer ze wel eens uit de tuin te weren omdat ze zich nogal stevig uitbreiden, maar als ik dan in de herfst de bloei weer zie en al die insecten die zich eraan tegoed doen, dan is dat toch wel weer mooi! Veel mensen willen deze plant niet tin hun tuin omdat die zo hoog is en de takken ver laat overhangen bij regen. Daar hebben kwekers weer op ingehaakt door ze te verbouwen tot lage en compacte planten, zoals de "Little lemon".

21 september 2013

Ik hoorde een paniekerig gebrom en zag hoe een dikke kruisspin een Bij te pakken had. Snel naar binnen om met de filmcamera het tafereel vast te leggen. Razendsnel werd de arme Bij rondgedraaid en ondertussen verpakt in een lijkwade van spinseldraad. Voor de foto restte toen nog het slachtoffer dat inmiddels geen kik meer gaf. Een Kruisspin kan niet bijten maar heeft aan het eind van zijn kaken een soort harkachtig stuk waar de gifklieren inzitten. Daarmee spuit hij zijn prooi vol waarna die van binnen oplost en de spin de smurrie naar binnen kan zuigen. De draden die de diverse spinnen weven, zijn wondertjes van techniek. Er is geen materiaal op aarde dat even sterk en rekbaar is als dit en men is er nog nooit in geslaagd dit te maken, al wordt het overal ter wereld wel geprobeerd. Gebruikt wordt dit draad al wel heel lang. Polynesische vissers gebruikten het vroeger als visdraad. In de Tweede Wereldoorlog werd het draad van bepaalde wielwebspinnen gebruikt als kruisdraad in meetapparatuur, en de Amerikanen gebruikten de draad van de Zwarte weduwe in hun bomvizieren. En zo is er nog veel meer op te noemen. Als je in de herfst per ongeluk eens door de draden loopt, valt het meteen op hoe sterk het is. Als het wielweb teveel beschadigd is, wordt het in de vroege ochtend door de spin gerepareerd. Omdat een draad bestaat uit eiwitten, eet de spin de kapotte draden eerst op om ze later te recyclen wanneer hij het nodig heeft. Is het geen mirakel?

20 september 2013

Volgens Natuurbericht zitten de bloemknoppen van de Klimop nu vol rupsjes van het Boomblauwtje. Nu hebben wij een hele muur vol Klimop, en zagen we de hele zomer heel veel boomblauwtjes vliegen en zitten op het klimopblad maar ik kon toch geen rupsje ontdekken. Het zou natuurlijk kunnen dat ze op grotere hoogte zitten dan ik kan bekijken. In een flinke klimopstruik barst het van het leven. Allerlei diertjes vinden er een schuilplaats en in onze tuin slaapt er een grote groep mussen in. Voor het stil wordt, wordt er heel wat afgerommeld en afgekletst en van plekjes verwisseld, tot ze eindelijk de oogjes toe doen. Er is een Bij wiens leventje verbonden is met de plant: de Klimopbij. Die kun je alleen maar zien vliegen in de periode dat de Klimop bloeit. De bij verzamelt dan het stuifmeel uit de bloemen en spaart dat op in een holletje onder de grond. Het is bedoeld als voedsel voor de larven, iets anders eten die niet. Deze bij is nog maar pas bezig aan een opmars in ons land maar verder dan Brabant is hij nog niet gekomen. Wie er boven de rivieren een ziet, moet dat beslist melden op Waarneming.nl  Signalement: een bij met een lichtbruine bontcape op het borststuk en geelbruine behaarde bandjes op het achterlijf. Maak er zo mogelijk een foto van en stuur die mee. Het zou een mooie ontdekking zijn!

19 september 2013

Toen ik deze foto op mijn scherm zag, legde mijn hersenen meteen de link naar beelden die ik kort hiervoor op de tv zag van Syrische vluchtelingen die in Bulgaarse detentiekampen gevangen waren gezet en vanachter tralies wanhopig contact zochten met de buitenwereld. Wat een ramp speelt zich af in het leven van die mensen! Deze wants wordt Pyjamawants genoemd maar ook Gevangeniswants vanwege zijn gestreepte rug. De buikzijde is, alsof het zorgvuldig en smaakvol op elkaar is afgestemd, voorzien van een blokvormige tekening in dezelfde kleur. Het zijn schoonheden onder de wantsen. Ze zitten momenteel volop in mijn volkstuin en in het bijzonder in de bloeiende venkelplanten. De Pyjamawants (Gaphosoma lineatum) heeft een sterke voorkeur voor schermbloemigen maar ook op andere onkruidplanten zijn ze te vinden. De volwassen dieren overwinteren tussen de strooisellaag op de bodem. Felle en rode kleuren bij insecten duiden er meestal op dat predatoren ze beter met rust kunnen laten. Dat is ook zo bij deze wants, die schijnt vies te smaken. De jonge wantsen, nimfen genoemd, zijn grijsgroen.

18 september 2013

In de uiterwaard worden de hagen bedekt door een deken van hopbellen. Deze woekerplant kan zich enorm uitzaaien en dat is hier goed te zien. Wie eenmaal de fout begaat die mooie bellen in zijn of haar tuin te willen zien, wordt voor de rest van zijn tuinderleven gestraft want je raakt ze nooit meer kwijt. De wortels zijn ongelooflijk taai en werden daarom vroeger gebruikt bij de productie van stoffen. Onze inheemse Hop wordt niet gebruikt bij de vervaardiging van bier, zoals vaak gedacht wordt, want die is niet geschikt. Omdat hop wel een onmisbaar ingrediŽnt is, wordt de voor bier bedoelde Hop gehaald uit de US, TsjechiŽ,  Duitsland en Slowakije. Daar groeien soorten met verschillende aroma's en smaken. Deze worden gemengd waardoor het bier allerlei smaken krijgt. Alleen onbevruchte vrouwelijke bloemen zijn geschikt. Deze bevatten in rijpe vorm lupuline en dit gaat in het bier. Volgens een wet uit 1971 is het in BelgiŽ  verboden om mannelijke hopplanten te kweken op een afstand die minder dan 5 km verwijderd is van plantages waar vrouwelijke hop gekweekt wordt. In ons land verbouwt men geen Hop. De ranken van de plant zijn beresterk, rechtsdraaiend en kunnen tot tien meter hoog worden. Hop wordt ook gebruikt voor talloze toepassingen in de homeopathie. Mannelijke bloemen zijn maar klein en onopvallend maar de vrouwelijke vallen juist op door hun sierlijkheid. Je kunt ze in je kussen stoppen als je niet goed slaapt, de aromatische geuren schijnen slaapverwekkend te zijn.

17 september 2013

September lijkt wel steeds harder te hollen, we zijn alweer over de helft! Nu de bosbodem steeds meer doordrenkt raakt door het regenwater, grijpen de zwammen hun kans en schieten als paddenstoelen de aarde uit. Dat wil zeggen, hun vruchtlichamen. Bij een naaldboom vond ik een fors exemplaar van de Grote sponszwam (Sparassis crispa). Jammer dat hij niet goed tegen de regen kan en al snel lelijk wordt. De sponszwam vind je uitsluitend in het naaldbos, hij parasiteert op de wortels van deze soort bomen en dan nog het liefst op zanderige, leemrijke grond. Zelfs als de boom gekapt is, blijft het mycelium tussen de wortels nog een paar jaar zwammen produceren. De sponszwam is eetbaar maar gelukkig geven niet veel mensen zich over aan deze hobby van het zoeken naar eetbare paddenstoelen. Behalve onze immigranten uit de Oostbloklanden. Ik moet toegeven dat ik soms geÔrriteerd raak als ik zie hoe deze medebewoners soms met een arm vol Nevelzwammen of andere soorten naar huis lopen en ik aarzel altijd of ik wel de discussie hierover moet aangaan. Maar ook zijn er tegenwoordig websites die het eten van paddenstoelen promoten. Laat ze maar lekker staan, dan kunnen ook anderen er van profiteren. Eetbare paddenstoelen kun je ook in de winkel kopen......!

16 september 2013

Gistermorgen ging ik even naar de volkstuin om wat groenvoer op te halen. En zoals altijd maak ik dan even een rondje om te zien wat er nog kruipt en vliegt op de bloeiende planten. Deze Vlinderstruik had ik nogal laat in het voorjaar helemaal teruggesnoeid met de bedoeling hem uit te graven omdat hij op een verkeerde plek stond. Maar het is bij een voornemen gebleven en nu staat hij dankbaar weer in volle bloei en wordt druk bezocht door vlinders en andere insecten. Op zich is het best leuk om planten later in bloei te laten komen door ze sterk terug te snoeien of halverwege de zomer te kortwieken. Zo verleng je de bloeiperiode in je tuin. Tijdens mijn rondgang over mijn tuintje werd ik vergezeld door een 2Ĺ jaar oude dreumes van een andere tuinder, die al kon praten als Brugmans. Hij bleek dol op frambozen en was onverzadigbaar. Zo leuk, die kleine kindjes! Jammer dat de tijd dat we zelf peuters om ons heen hadden, voorbij is.

14 september 2013

Gisteren is de laatste rups van de Koninginnepage veranderd in een prachtige puntgave pop. Tot mijn schrik zag ik echter op de computer dat daar een kleine sluipwesp op zit en het is niet te hopen dat die haar verwoestende werk gedaan heeft door haar legboor in de pop te steken en eitjes te leggen. Dat wordt spannend in het voorjaar! Ik vind die vorm van parasitisme een van de naarste dingen in de natuur, het is zo ontzettend wreed. Soms zijn rupsen eigenwijs en weigeren zich vast te gorden aan de takjes die ik heb aangeboden maar kiezen ze zelf een plekje uit. Deze rups deed dat op het vaasje waar het groen van de voedselplant in zat. Ik ben altijd weer blij als de rupsen verpopt zijn want dat ontslaat me van de plicht telkens vers voer te gaan halen op mijn volkstuin. Volgend jaar een Dille- of Venkelplant in de tuin bij huis, zou eigenlijk wel handig zijn.

13 september 2013

Ik heb tot nu toe de neiging bedwongen me te beklagen over het weer, maar ik hou het niet langer vol. Wat een gigantisch verschil met een week geleden toen we met zomerkleding aan lekker buiten zaten, liepen of fietsten en sommigen zelfs klaagden over de hitte! Opeens is het volop herfst geworden en dat valt vies tegen. Als de zon maar even schijnt, komen toch de vlinders weer tevoorschijn. De Atalanta, Nummervlinder of Admiraal, zoals hij ook genoemd wordt, is er een van. Ik zie er zelfs meerdere in de tuin en allemaal op het fruit dat ik op een tafeltje heb neergelegd. Van Atalanta (Vanessa atalanta) is het bekend dat die zich graag tegoed doet aan rottend fruit. De vlinders die we nu zien vliegen zijn de nakomelingen van de trekkers die hier in het voorjaar naar toe kwamen. Een deel daarvan zal over een week of wat weer naar Zuid-Europa vliegen, een ander deel blijft hier en zal de winter niet overleven. Ik vind deze vlinder schitterend! Alsof een kunstenaar zijn uiterste best heeft gedaan de vleugels te versieren. Die stipjes op de onderste oranje banden, dan dat witte randje er nog langs en in het midden twee chique blauwe blokjes die als edelsteentjes op de vleugelpunt zijn geplakt. Gelukkig mag deze schoonheid vele maanden blijven leven, er zijn ook vlinders die dit maar een week of zes is toebedeeld. In ons land is Atalanta de bekendste trekvlinder en een zeer goede vlieger. Ik zou zeggen: geniet ervan zolang het nog kan want deze mooie vlinders houden de illusie dat het echt nog zomer is nog even in stand. Op dinsdag 5 november wordt een prachtige, veelvoudig bekroonde  film over de ongelooflijke trektocht van zo'n tere Atalanta vertoond in het Museon in Den Haag.

12 september 2013

Bramen waren er dit jaar veel, groot en sappig. Maar deze is niet lekker om zo te eten, het is de Dauwbraam. Hij stond in 2012 op de Rode Lijst maar wordt thans niet bedreigd en lijkt stabiel. De Dauwbraam wordt vaak een specifieke soort van de kalkrijke duinen genoemd maar feitelijk is het een plant die ook op allerlei andere plaatsen en grondsoorten groeit. Maar toch lang niet overal in Nederland. Onder andere hier in het oosten en langs de Veluwe komt hij niet zo heel veel voor. De braam maakt blauwe vruchten die mooi bedauwd zijn. Ze smaken zuurder dan de gewone wilde braam maar zijn wel veel sappiger en bevatten veel vitamine C. Goed te gebruiken in de jam bijvoorbeeld of voor sap. De wortels van de plant duiken wel tot meer dan een meter de bodem in en de ranken kunnen wel zeven meter lang worden, dus bezint eer ge begint hem aan te planten. Het blad is drietallig, dat van de gewone braam vijftallig en beide hebben twee steunblaadjes bij de stengel. Daaraan kun je goed het verschil zien. In zag hem in een uiterwaard van de IJssel waar er meerdere stonden.

11 september 2013

De natuur houdt uitverkoop en de overvloed is groot! Overal ziet het rood van de vruchten die aan meidoorn, lijsterbes, vlier, cotoneaster of rozen hangen. De zoogdieren in het bos kunnen gelukkig ook met de vruchten van eiken, beuken en kastanjes een fikse speklaag kweken die hen door de winter moet helpen. Dat was afgelopen winter wel anders toen de arme dieren liepen te creperen en niemand ze een helpende hand toestak. Ik vond het wreed in de toenmalige omstandigheden. Jammer dat de vogels niet hetzelfde kunnen doen als zwijnen en herten, zij kunnen zich ook wel rond en vol eten maar dat is maar voor korte duur. En ze kunnen er zeker geen seizoen op teren. Maar voorlopig en zo lang het duurt hebben ze geen klagen nu.

10 september 2013

In deze tijd van het jaar verkleurt de Rozengal van groen naar rood. Deze woekeringen die op allerlei rozen kunnen voorkomen worden veroorzaakt door een 4 mm klein galwespje. Het wespje dat luistert naar de naam Diplolepis rosea legt in mei eitjes in de stengel van de roos, vaak op de plaatsen waar de bladeren beginnen te ontspruiten. De roos reageert daarop met het maken van een woekering van weefsel: de gal. Hetzelfde zie je bij allerlei andere gallen die nu op veel boombladeren zitten. Die laatste zijn weer veroorzaakt door andere wespjes, mugjes, kevertjes of virussen en bacteriŽn. Maar onze rozengallen zien er niet glad, rond of spits uit maar zijn bezet met een heleboel takjesachtige uitsteekseltjes waartussen weer andere insecten kunnen leven. De gal zelf bestaat uit meerdere kamertjes die elk een larfje bevat. De larfjes kunnen daarbinnen voedsel en bescherming vinden tot ze zich verpoppen in het voorjaar en zich als wespje een weg naar buiten knagen. De 3 mm grote mannelijke wespjes zijn zeldzaam en dat komt doordat de Rozengalwesp zich in sommige streken uitsluitend ongeslachtelijk voortplant, dus zonder paring. Daardoor worden generaties met alleen vrouwtjes geboren maar als ze  paren komen er zowel mannelijke als vrouwelijke nakomelingen. De Rozengal wordt ook mosgal genoemd, slaapappelgal of bedeguaargal. De Engelsen noemen hem Robin's speldenkussen. De mooie gallen zijn het meest te zien op de Hondsroos.

9 september 2013

Fietsend langs een weiland in de uiterwaard zag ik vlak voor mijn neus wel tweehonderd kieviten vanuit het grasland opstijgen. Wat een spectaculair gezicht, al dat wit en zwart. Eer ik mijn camera had gepakt, waren ze alweer hoog in de lucht en te ver weg voor een mooie opname. Eigenlijk zie je hier niet zoveel kieviten, zeker niet vergeleken met vroeger. Maar als ze zich in augustus en september langzaam voorbereiden op de trek naar het zuiden, sta je verbaasd zulke grote groepen bij elkaar te zien. De vogels hebben een koudeprikkel nodig om daadwerkelijk op trek te gaan en deze foto maakte ik op de laatste fantastische zomerdag van dit jaar: 5 september. De weers- en temperatuurverandering die we daarna kregen, zou best eens een startsignaal kunnen zijn om op de wieken te gaan naar hun overwinteringgebied in Noord-Afrika. Jaarlijks gaat een deel van de kieviten niet mee op reis en overwintert in Nederland.

7 september 2013

Rond de 200 exemplaren van deze Oranje naaktslak heb ik deze zomer dwingend doch vriendelijk uit de tuin verwijderd. Het lijkt wel of ze massaal vanuit het bos de bewoonde wereld intrekken. Terwijl menig mens zich verheugt over het toenemend besef dat onze groene wereld bedreigd wordt door alle mogelijke gemene bestrijdingsmiddelen, overvloedig  en oneigenlijk gebruik van medicijnen en ga zo maar door, begint de chemiesector een offensief om ons bang te maken voor plagen  als slakken, indien wij doorgaan op onze biologische kruistochten en weigeren alles dat ons niet aanstaat in de natuur te verdelgen met chemische middelen. Staatssecretaris Mansveld heeft de Kamer laten weten dat zij het gebruik van gewasbestrijdingsmiddelen met glysofaat (mede verantwoordelijk geacht voor de bijensterfte) buiten de landbouw wil verbieden en zo het gebruik van deze middelen door particulieren wil bemoeilijken en terugdringen. Later volgt dan ook een verbod op gebruik in plantsoenen en op verhardingen. Gelukkig zullen de meeste burgers wel beseffen dat de chemiesector gewoon strijdt voor haar eigen portemonnee.

6 september 2013

Een eindje buiten mijn woonplaats ligt een mooi natuurgebiedje: het Soerense Broek. Het is voormalige weidegrond die door Natuurmonumenten omgevormd werd tot natuur. Inmiddels is daar een mooi biotoop ontstaan waar bijzondere planten en dieren in voorkomen. Het is wonderlijk hoe oude zaden van nu beschermde planten weer tot leven komen als de vruchtbare bovenlaag van de bodem verwijderd wordt en de grond weer voedselarm wordt. Helaas kun je er alleen verlekkerd naar kijken vanaf een afstand. NM heeft in de omgeving wel meer mooie gebiedjes waar een natuurliefhebber graag eens zou rondneuzen: de Tondense- en Empense heide. Maar ook hier mag je niet komen, doe je dat toch dan riskeer je een fikse boete. NM is nu bezig een aanzienlijke oppervlak aan weidegrond van een dertig centimeter diepe grondlaag te ontdoen. Het agrarisch gebied moet een uitbreiding gaan vormen van het Soerense Broek. Sloten in het gebied worden gedempt zodat het water niet meer wordt afgevoerd maar het gebied nat houdt zodat er ook hier een interessante flora en fauna kan ontwikkelen. Het zou alleen zo ontzettend jammer zijn als ook hier weer niemand anders mag komen dan beheerders en een handvol excursiemensen. We zullen het moeten afwachten.

5 september 2013

In het groen langs het bospad viel mij een opvallend wit pluisje op. Het oranje kwastje echter verraadde al snel wat het in werkelijkheid was: het achtergebleven vervellinghuidje van een Meriansborstel, de fraaie sterk behaarde gele rups van een nachtvlinder uit de familie van de spinneruilen. De rupsen zijn te zien tussen juli en oktober en in een loofbos op de zandgrond kom je ze dan vaak tegen. Net als andere rupsen moet ook de Meriansborstel een paar keer vervellen. Zo'n leeg huidje had ik nog niet eerder gevonden. De rups overwintert als pop in een zijdeachtige cocon, meestal gewoon op de bosbodem in de strooisellaag. In april komt daar een wat vreemde vlinder uit. Die lijkt op een uiltje, is wat saai van kleur, heeft een behaarde kop en idem poten die hij gestrekt voor zich houdt. De rups is het opvallende kind van deze wat kleurloze moeder.

4 september 2013

De bloeiende heide biedt weer een prachtig gezicht en lijkt niet te lijden te hebben gehad onder de lange koude winter en lente noch onder de aanhoudende droogte. Tenminste, voor zover dat met het oog waarneembaar is. Bij grote droogte produceren bloemen nauwelijks nectar en als dat nu het geval is, heeft dat weer gevolgen voor de productie van heidehoning. In elk geval zullen niet veel mensen daarbij stilstaan; menigeen gaat fietsend of wandelend door de paarse natuur. Het is een hele klus om heide in stand te houden, van nature zou de hei langzaam verdrongen moeten worden door gras en bomen. In Gelderland kregen diverse schaapskuddes van de Provincie subsidie om ze te behoeden voor opheffing. Want op de grote stille heide hoort de herder eenzaam rond te dwalen. Dat was zo en dat moet blijven, er gaat immers al zoveel verloren! Dus fijn dat ons Gelderse provinciebestuur dit nostalgische natuurtafereel op waarde weet te schatten. Voor wie "onze"  Posbank niet kent, hierbij een filmpje van het heidespektakel: http://www.youtube.com/watch?v=lKIupnOflt8  Op Youtube is er nog veel meer te vinden.

3 september 2013

De bladeren van sommige struiken en bomen drukken ons met de neus op de feiten: de herfst komt langzaam maar zeker dichterbij. Er is blad dat saai verkleurt maar er is ook blad dat spectaculair vlamt voor het ten onder gaat. Denk maar eens aan de knalrode esdoorns die over een week of wat staan te pronken. Als je eens een blad van de Plataan oppakt, zie je hoe mooi dat verkleurt en weer heel anders dan bijvoorbeeld dit druivenblad. Hier zie je hoe het proces van verkleuring zich in het blad afspeelt. Het vatenstelsel van een blad kun je een beetje vergelijken met dat van een mens, overal lopen "aderen" die het blad voorzien van voeding en vocht en ze voeren ook afvalstoffen af. De hoofd- en zijvertakkingen van bladeren worden nerven genoemd en de daaruit vertakkende kleine nerven heten aderen. Het bladmoes tussen het vatenstelsel wordt als eerste afgebroken en voor hergebruik opgeslagen in stam, takken en wortels. Als de sapstroom later in de herfst helemaal tot stilstand is gekomen, verliezen ook de nerven hun kleur. Als het bladgroen wordt afgebroken verdwijnt de camouflage die de echte kleuren onderdrukte. Die komen nu tevoorschijn en kunnen voor elk blad verschillend zijn afhankelijk van welke kleuren er in de bladeren zitten. De herfstkleuren worden intenser na een paar flinke nachtvorsten. Maar daar zullen we nog maar even niet aan denken, eerst nog genieten van de nazomerse dagen.

1 september 2013

En zo zijn we alweer beland in de maand september. Ik schrijf het met tegenzin, doe net of ik het niet in de gaten heb want ik wil er gewoon nog niet aan dat de zomermaanden voorbij zijn. En velen met mij, zo merk ik om me heen. Wat dit jaar opvalt is dat er op onze volkstuinen niet de gevreesde phytophthora uitbrak, de nare aardappel- en tomatenziekte. Vanwege die ziekte teel ik nooit tomaten maar in het voorjaar kreeg ik een paar plantjes van mijn tuinbuurman die ze had opgekweekt uit zaad dat hij uit Turkije meebracht. Nog nooit zulke fantastische tomaten gehad! Veel, groot, stevig en gaaf. Beiden hebben we de eerste tomaat van onze struik ter plekke opgegeten en de conclusie van mijn tuinbuur was: "mmm, weinig overtuigend, smaak matig maar niet slecht, had veel kruidiger mogen zijn, wel lekker veel". We zijn er aan gewend dat fruit uit de zuidelijke landen meestal heel smakelijk is maar in dit geval geven we de voorkeur aan onze eigen vaderlandse "Wasserbomben". In het Spaanse dorpje Bunūl vond afgelopen week het beroemde La Tomatina plaats. Vele duizenden toeristen komen daar op af om mee te doen of te zien hoe mensen elkaar met tomaten bekogelen. Tijdens zo'n feest vliegt er meer dan 100.000 kilo tomaat door de lucht en de gemeente verstrekt ze gratis. Wat een waanzin, wat een lol!

31 augustus 2013

Dat zoiets moois zo onaangenaam kan zijn, kun je je bijna niet voorstellen maar toch is het zo. Het is de Blauwe vleesvlieg, een echte viespeuk die bij warm weer je huis binnenvliegt en je aanrecht afschuimt op iets dat hij lekker vindt. En heb je een hond of kat dan zul je vast wel eens hebben meegemaakt dat zo'n vieze vlieg eitjes legde op het restantje voer en dat daaruit al heel snel maden kwamen, brrr. Sinds ik het eens zag heb ik daartegen meteen maatregelen getroffen. De vrouwtjes van deze vlieg zoeken kadavers of stukken vlees om hun eitjes op te leggen. De vliegen hebben een enorm goed ontwikkeld reukorgaan en kunnen rottend vlees al van kilometers ver ruiken. Ook zijn ze een plaag voor het vee, vooral als de dieren wondjes hebben. De vliegen kunnen ziektes overbrengen, virussen en bacteriŽn dus het is zaak ze buiten de deur te houden. Ze zijn smerig en ongewenst maar wel heel mooi! Ik fotografeerde deze toen hij op de rottende pruimen zat die ik buiten had neergezet in de hoop vlinders te lokken.

30 augustus 2013

Terwijl iedereen bijna lyrisch is over de almaar aanhoudende zomer, zijn de tekenen in de natuur onmiskenbaar: de herfst nadert met rasse schreden. Je kunt het zien aan het blad van sommige bomen, merken aan de dagelijks vroeger invallende duisternis, de langer wordende schaduwen en het vochtig worden van de atmosfeer zodra de zon verdwenen is. Ook de echte herfstspinnen zijn er weer. Eigenlijk waren ze er al de hele zomer maar nu gaan de inmiddels volwassen vrouwtjes in hun wielwebben er alles aan doen om flink te groeien. Daartoe vangen ze de ene prooi na de andere en hun lijfjes worden steeds ronder. In de herfst legt de vrouwtjesspin haar eitjes in een groenblijvende struik, in een spinsel aan een hek of zelfs in een hoekje van de vensterbank. Het zijn er een paar honderd die samen worden verpakt in een goudkleurig spinnennestje dat een soort antivries bevat waardoor de eitjes de winter kunnen overleven. Aan het eind van de lente komen de spinnetjes uit en laten zich aan een draad die ze zelf spinnen, door de lucht meevoeren naar elders. Moeder spin is dan allang dood, zij stierf al in de herfst. Spinnen vervellen meerdere keren voor ze volwassen zijn. Ze maken meteen al webben maar die zijn een stuk groter als de spin volwassen is.

29 augustus 2013

Regelmatig komt het voor dat ik me afvraag waarom bepaalde planten niet ook in een tuin staan, in plaats van uitsluitend in moestuinen. Neem de naar anijs smakende Venkel (Foeniculum vulgare) waarvan hoofdzakelijk de knol gegeten wordt maar ook het groen als decoratie gebruikt wordt op de gerechten. Hij smaakt naar anijs en is heerlijk te combineren met allerlei andere ingrediŽnten. In een tuin zou hij niet misstaan, het fijne frisgroene blad is prachtig in een boeket bloemen, en als de plant wat ouder wordt vormt hij gele bloemschermen waar insecten dol op zijn. Allerlei bijen zie je er rondkruipen, en allerlei klein grut wat ik niet gedetermineerd heb, en op deze afbeelding is de Franse veldwesp te zien, een heel mooie soort. Als bonus zou je zomaar de Koninginnepage op bezoek kunnen krijgen, alleen dat al is reden Venkel in je border te planten.

28 augustus 2013

Wat een weelde deze zomer, de overweldigende opbrengst van frambozen! Het is de zomer, deze heerlijke zomer die ze doet groeien en rijpen. Na het zoveelste potje jam en het zoveelste licht alcoholisch drankje houd ik het voor gezien, stop potten en flessen ver weg en zet die heerlijk zoete vruchten verpakt in doosjes in de vriezer en zie te zijner tijd wel wat ik ermee ga doen. Ondertussen pluk ik handenvol tijdens het wieden op de volkstuin om zo op te eten. Als ik ooit stop met volkstuinieren gaan een zwarte bessen- en een frambozenstruik mee naar huis voor in de eigen tuin. Want in de zomer kan ik die niet meer missen.

27 augustus 2013

Het is wel jammer als blijkt dat de mooie blauwe vlindertjes bij het bekijken van de foto opeens alle blauw verloren hebben. Of zit het toch anders? Vlindervleugels zijn bedekt met een heleboel ragfijne chitineplaatjes of schubjes die dakpansgewijs over elkaar liggen en wel zodanig dat vocht en vuil er meteen af rolt. Zo'n schubje, hoe klein ook, bestaat uit twee laagjes die met elkaar verbonden zijn door een soort pilaartjes. De onderkant is vlak maar de bovenkant is voorzien van een groot aantal richeltjes. Via deze schubjesstructuur, samen met verschillende pigmenten, wordt het licht op de vleugels op allerlei manieren verstrooid. Afhankelijk van hoe het licht op de vleugels schijnt, worden de kleuren feller of juist minder zichtbaar. Doordat ik de vlinders van opzij fotografeerde, had ik gewoon pech en werd de blauwe kleur niet mooi zichtbaar. De kleuren en het kleurpatroon zijn voor de vlinders van groot belang, soortgenoten kunnen elkaar daardoor vinden en herkennen. Naar vlindervleugels wordt door wetenschappers veel onderzoek gedaan. De verfindustrie zoekt bijvoorbeeld uit of de nanostructuur op de vlindervleugels op een of andere wijze verwerkt kan worden in verven, cosmetica, kleding en dergelijke. De vlinders op de foto zijn Boomblauwtjes. Het vrouwtje, herkenbaar aan de donkere rand om de vleugels, zat hevig vleugelklappend het mannetje te verleiden dat ze gelokt had met haar feromonen.

26 augustus 2013

De eerste zonnebloem in mijn volkstuin. Het licht scheen er zo mooi doorheen dus fotografeerde ik hem aan zijn achterkant. Ik zaai ze nooit maar elk jaar verschijnen er wel een paar, dan weer hier en dan weer daar. Ik pluk ze ook nooit maar laat ze staan voor de vogels die er zaden uithalen zodra die gevormd zijn. De meesjes, de zwartkoppen, de groenlingen, ze zijn dol op de zaden. Vooral in de volkstuinen kun je goed waarnemen dat het seizoen ten einde loopt. Veel is er al uitgebloeid, veel is er al geoogst en nieuwe aardbeibedden zijn aangelegd. Er zijn ook weer plannen te maken nu bedden vrijkomen. Ik ga mijn volkstuin opnieuw indelen, minder chaotisch en met minder tolerantie. Want ik laat bijna alles staan wat spontaan opkomt en laat het eerst bloeien voor ik het verwijder. Maar ja, dan heeft het zich vaak ook al weer uitgezaaid....

25 augustus 2013

Bingo! Toch nog gevonden. Een paar dagen geleden heb ik de rupsen van de Koninginnepage in mijn volkstuin verzameld en ondergebracht in de vlinderkast die ik dit jaar maar eens stevig en voor meerjarig gebruik in elkaar geflanst heb. Ik miste een van de vijf stuks en hoe ik ook zocht, ik kon hem niet ontdekken. Zo'n  rups die klaar is om te verpoppen, gaat tot tien meter van de waardplant op zoek naar een takje waaraan hij zich kan vast gorden. Zoek dat plekje maar eens op! Vanmorgen ontdekte ik hem toch nog; hij zat nog steeds in de Venkel heel laag bij de grond. Nu hij in de vlinderkast zit, is hij veilig voor vogels of ander onheil. Nu maar weer wachten tot volgend jaar wanneer de vlinders omstreeks juni uitsluipen. Elk jaar is dat weer een belevenis. De Koninginnepage is een juweel onder de vlinders en diens geboorte is geweldig om te zien.

24 augustus 2013

Wat ligt daar nu op de bosbodem, het lijkt wel een vers broodje van de warme bakker. Het is het viltige jonge stadium van de Dennenvoetzwam (Phaeolus schweinitzii). Bij veel paddestoelen kun je al meteen zien wat het worden zal, maar niet bij alle. Als je niet weet wat een duivelsei is (het beginstadium van de Inktzwam) of hoe de vliegenzwam eerst een in een vlies gehuld bultje is, is het moeilijk om vast te stellen waar het om gaat. Zo ook met de Dennenvoetzwam. Hij begint als een viltig geheel maar in het volwassen stadium is hij een paddestoel die vanaf de massieve steel vaak dikke waaiervormige schotels ontwikkelt die bij het ouder worden bruin of zwart worden in het midden. Een merkwaardig verschijnsel bij de jonge zwam is guttatie, de afscheiding van barnsteenkleurige druppels. Dit is het uitzweten van een teveel aan vocht dat de paddestoel heeft opgezogen. De zwam is een parasiet en veroorzaakt stamvoetrot in de wortels hetgeen  desastreus is voor de boom. In de bewoonde wereld worden bomen die aangetast zijn door deze schimmel subiet gekapt want daar gaat veiligheid voor alles.

23 augustus 2013

Na een milde regenbui ben ik meteen de tuin ingedoken om naar de druppels te kijken. Daar ben ik namelijk dol op, hoe ze op blaadjes liggen, aan takjes hangen of als parels grashalmen bezetten. Hoe ze of bovenop een takje liggen, of er zijdelings aanhangen, of eronder. En hoe van alles erin weerspiegelt, echt mooi. Een fascinerend fenomeen al die druppeltjes en ik zocht eens even op internet of ik daar iets over kon vinden. Wikipedia: "een druppel is een kleine hoeveelheid vloeistof, zodanig dat die vloeistof nog net een bolvorm aanneemt als die vloeistof volledig omhuld is door een vrij oppervlak. De bolvorm ontstaat doordat de moleculen in de vloeistof elkaar aantrekken. Dit heet cohesie". O ja, vroeger geleerd op school. Laat nu op 5 juni jongsleden op Kennislink een prachtig relaas staan over onderzoek naar druppels!  Je blijkt er zelfs op te kunnen promoveren.  Zeer de moeite waard dit interessante verhaal eens te lezen:
http://www.kennislink.nl/publicaties/de-ene-druppel-is-de-andere-niet

22 augustus 2013

Er komt steeds meer aandacht voor vergeten groenten, soorten die je nu nauwelijks nog in de winkels ziet maar die meer en meer door hobbytuinders herontdekt worden. Wie eet er nog Aardpeer, Kardoen, Postelein, of Notaris- en Sterappel. Ze zijn allemaal vervangen door nieuwe rassen die er zo attractief mogelijk uitzien en vooral gaaf zijn, en dan ook nog vaak gehaald uit verre landen. Maar het tij lijkt te keren, overal kun je kookworkshops doen met oude groente- en fruitrassen en allerlei eetbare bloemen. De Aardbeispinazie is ook zo'n groente uit vervlogen tijden. De blaadjes werden stuk voor stuk geplukt en schijnen een nootachtige smaak te hebben. Als je na het zaaien de planten een maand of drie laat staan, verschijnen de rode vruchtjes die er aanlokkelijk uitzien maar naar niks smaken. Tegenwoordig wil de verwende klant spinazie die schoon is, waar geen onkruid tussen zit, of zaad. Maar wat is daar allemaal voor nodig tijdens het groeiproces! Back to basic is tegenwoordig in. Groentepakketten van de biologische boerderij, brood uit de natuurwinkel of fruit van je eigen landje. Vanavond ga ik bietjes halen op mijn volkstuin, wat een verschil met die rode knollen in het koelvak van de super. Zo vers uit de grond en een uur later op tafel: echt heerijk! Binnenkort mag ik ook weer mijn eigen peren plukken.

21 augustus 2013

Dit zaadpluisje dat zich op een uiterst bevallige wijze heeft vastgehaakt aan een takje, is op reis naar een plek waar het zich in de grond kan vestigen. Het is voorzien van een parachuutje  dat het ver door de lucht kan vervoeren. Tenminste, als het droog is want bij nat weer werkt het niet. Het is trouwens vastgesteld dat het meeste zaad verspreid wordt door het water. Het blijkt dat  maar liefst 22% van alle planten op aarde op de nominatie staat om uit te sterven. Dat is nogal wat. Het heeft niet alleen te maken met verlies van biotopen door menselijk toedoen maar ook door veranderingen in het klimaat, vulkaanuitbarstingen en branden. Op termijn zou dat zelfs gevolgen kunnen hebben voor de voedselproductie van de wereldbevolking. Daardoor kwamen in de jaren tachtig van de vorige eeuw mensen op het idee om een zaadbank op te richten teneinde zoveel mogelijk zaden te behoeden voor verlies. En zo kwam op Spitsbergen een wereldzaadkluis tot stand die gebouwd werd in de rotsen en onder het ijs. Niet alle zaden kunnen even lang bewaard blijven en zodra blijkt dat ze in kwaliteit achteruit gaan, worden ze ontdooid, geplant en kan er opnieuw zaad geoogst worden. Noorwegen, dat als politiek stabiel wordt beschouwd en niet op een breuklijn in de aarde ligt, is eigenaar van de zaadbank.

20 augustus 2013

Er was een tijger in de tuin en ik heb hem niet gezien! En nu zag ik tijdens wat tuinwerk zijn kroost. Een rups uit de familie Beervlinders. Deze zijn altijd bedekt met heel veel haren. Zo moeder, zo kinderen. Ik vond er twee en het waren nakomelingen van de Witte tijger, een kleine witte gespikkelde nachtvlinder met een witte bontmuts op.  Diens  tong is gereduceerd tot een onbeduidend gevalletje en de vlinder eet dan ook niet tijdens de korte tijd dat hij of zij een imago is. Ik heb ze in onze tuin nog nooit gezien  en waardplanten hebben wij ook niet staan, dacht ik tenminste. Weliswaar een enkele brandnetel, dovenetel of paardenbloem, maar verder niets. Tot ik las dat dit een rups is die zich bij uitzondering ook voedt met de bladen van de varens en die staan her en der in onze tuin. Ooit eens in onwetendheid aangeplant om ze nooit meer kwijt te raken. En zo blijft een mens dagelijks nieuwe dingen leren. De rups kan heel hard lopen en lijkt altijd grote haast te hebben op weg naar een geschikt plekje om te verpoppen. De Witte tijger is een nachtvlinder die overdag in rust vanwege zijn kleur zeer zichtbaar is voor predatoren. Zijn uiterlijk doet bijna denken aan een koningsmantel en je vraagt je af wat een nachtvlinder met zo'n spierwit gewaad doet.  http://www.flickr.com/photos/42956036@N03/8807719251/

19 augustus 2013

In het voorjaar kreeg ik van iemand een zaailing van de Roemeense paprika. Ik had daar nooit van gehoord en was benieuwd wat zich voor mijn ogen zou ontvouwen na verloop van tijd.  Het waren puntige, zoete paprika's. In Roemenie is de paprikateelt een belangrijke tak van tuinbouw, de vruchten worden in bijna elk gerecht verwerkt. Maar deze puntige paprika, die Ramiro wordt genoemd, wordt ook veel in andere zuidelijke landen geteeld. Ook in Nederland is de teelt van paprika's belangrijk maar veel mensen die met deze planten werken, blijken allergisch te worden voor het stuifmeel uit de bloemen. Door meer bijen in te zetten die het stuifmeel verzamelen, helpt dat enigszins de ontwikkeling van allergie tegen te gaan. Maar goed, eigenlijk had ik meer oog voor de zeer fraaie bloempjes die aan de vruchten vooraf gingen. Het gebeurt zo vaak dat de kleinste bloempjes juist buitengewoon mooi zijn. Je moet alleen de moeite nemen ze te bekijken en je te laten verrassen.  Een klein loepje in je zak is dan ook een onmisbaar attribuut tijdens een wandeling. Er gaat een wereld voor je open als je een korstmos bekijkt, of een klein vliegje e.d.

18 augustus 2013

Dat de Luzernevlinder in ons land zo massaal rondvliegt, is heel bijzonder en het gevolg van het weer in Europa dat van alle kanten dit jaar klopte. De vlinders hebben dit jaar alles mee. Op Vlindernet werd in 2008 geschreven: "elke keer als je een Luzernevlinder ziet, geeft dat een kick, je dag is weer goed". Maar toen al was de verwachting dat door de opwarming van het klimaat de vlinders steeds noordelijker zouden kunnen overleven en vervolgens ook weer steeds noordelijker zouden kunnen vliegen. De oranje luzernevlinder wordt meer gezien dan de gele. De eerste komt vanuit Zuid-Europa naar ons land en de tweede vliegt vanuit het oosten naar ons toe. Deze zomer is het ongelooflijk hoeveel er hier gezien worden. Ook ik had het geluk er een op foto te kunnen vastleggen, in een glimp zag ik dat het de Oranje luzernevlinder was. Hij zoekt hier nectar op een Afrikaantje en steekt de lange tong in elk van de vele afzonderlijke kelkjes die in de bloem zitten. Als de vlinder stil zit en de vleugels samenvouwt, is het niet steeds duidelijk om welke het gaat omdat de bepalende kleur op de bovenkant van de vleugels zit en deze vlinders zitten nooit te zonnen met de vleugels open, zoals andere soorten. Je kunt de soort dus uitsluitend vaststellen als je de vlinder ziet vliegen.  De oranje soort kan onze winter niet overleven, deze is niet bestand tegen vorst. De gele slaagt er wat beter in mits de winter mild is en niet te nat. Kenmerkend voor beide soorten is de "witte acht" op de achtervleugel. De ook veel geziene Citroenvlinder is duidelijk groter en de vleugels van de vlinder zijn puntiger.

17 augustus 2013

Als je altijd overal loop te speuren naar leuke dingetjes in de natuur, ga je een beetje lijden aan een soort "beroepsdeformatie" waardoor je soms dingen ziet die er eigenlijk niet zijn. Ik heb zelf altijd de neiging overal iets anders in te zien dan dat het feitelijk is. Dit bloempje van de Ananaskers vind ik net een wezentje met een rietje in z'n snuit. Het is de achterkant van een klein bloempje dat later een heerlijk besje voortbrengt. In de winkel zie je die wel eens rondom kerst in een groter formaat liggen; een oranje besje met een papierachtig vliesje. Maar dit is het kleinere zusje en heet Physalis pubescens. Bij deze soort rijpen de bessen veel eerder dan bij de grote en dat heeft een voordeel daar de P. peruviana  zoals de grote heet, vaak niet meer rijp wordt. Je kunt ze goed opkweken in een grote pot en de bessen een tijdje bewaren in hun vliesjes. Ze smaken een beetje naar ananas en zijn heerlijk fris. Het is familie van de bekende Lampionplant.

16 augustus 2013

In vruchtbare eiken- en beukenbossen, en ook op oude landgoederen, groeit vaak de Gevlekte aronskelk (Arum maculata) en deze draagt nu een bloeikolf vol knaloranje vruchten die je niet missen kunt op je wandeling. Ze zijn zeer giftig, net als de rest van de plant. De knol werd vroeger gebruikt in de huiswasserijen vanwege het vele zetmeel dat er in zat en dat gebruikt werd voor de vervaardiging van stijfsel. Maar voor de vrouwen die het gebruikten was het een ramp want hun handen werden er rood, ruw en pijnlijk van en ze kregen er blaren van. Maar ja, zoals altijd en overal was het geld hetgeen dat het zwaarst telde en de knollen van de aronskelken werden voor dit doel toch nog twee eeuwen gebruikt voor ze in de ban werden gedaan nadat er modernere middelen waren ter vervanging. Ik herinner mij nog wel dat wij thuis altijd een pakje Crackfree stijfsel in huis hadden waarmee de tafellakens werden gesteven. Maar tegenwoordig wordt het volgens mij nauwelijks nog gebruikt daar wij nu moderne stoffen hebben die kreukvrij zijn.

14 augustus 2013

Roodborstjes zijn ongelooflijk vrijmoedig, geen vogel nadert de mens zo dicht als dit leuke vogeltje. Ik was bezig een stukje border opnieuw in te richten toen deze jonge vogel kwam aanvliegen. Hij landde vlakbij me, keek me even aan met zijn kraaloogjes en begon toen te zoeken naar iets eetbaars. Knap dat zo'n vogel het menselijk gewroet in de aarde associeert met het bovengronds brengen van insecten. Hij was al aardig aan het ruien geweest maar toch zag je nog een deel van het jeugdkleed. De Roodborst hipte om mij heen, sprong op de leuning van een tuinstoel, bleef even zitten en vloog toen onverrichter zake weer weg; blijkbaar viel er niets te vinden. Dat was weer een leuk natuurmomentje; je zou willen dat alle vogels zo vertrouwelijk waren.

13 augustus 2013

Tot mijn grote vreugde heeft de Koninginnepage mijn uitnodiging aangenomen! Op mijn volkstuin had ik een drietal Venkelknollen laten staan in de hoop dat ik de vlinder ermee zou kunnen lokken. Nadat ik in mei 2011 elf van die prachtige vlinders had kunnen loslaten boven het tuincomplex waren er later in dat jaar geen rupsen te vinden. Ook vorige zomer leverde niets op. Het moet echt een mooie zomer zijn wil je ze hier zien. Tot nu toe heb ik er niet een gezien maar blijkens de aanwezigheid van deze jonge rupsen, zijn ze er de afgelopen weken dus wel geweest. Het warme en zonnige weer heeft daartoe flink bijgedragen en op diverse volkstuinen staat het vol met bloeiende planten.  De eitjes worden stuk voor stuk in het groen van een schermbloemige plant gelegd en na ongeveer anderhalve week komen de rupsjes eruit. Die lijken dan nog op een vogelpoepje, klein en onopvallend. In totaal verpoppen de rupsen viermaal en als ik zo het model van de rups bekijkt kan hij bij de volgende verpopping best al een mooie groene rups zijn met zwarte banden en oranje stippen. Dan moet ik hem goed in de gaten gaan houden want plusminus 30 dagen na zijn geboorte, wil de rups verpoppen. Als ik zie dat hij daartoe aanstalten maakt, neem ik hem mee naar huis om hem de winter door te helpen. Het lukt eigenlijk altijd en het is prachtig te zien hoe tegen de zomer de vlinders verschijnen. Ik ga alvast hun winterverblijf inrichten. Het rupsje op de foto is in werkelijkheid niet groter dan 12 millimeter.

12 augustus 2013

Hij kijkt alsof hij zich betrapt voelt, de jonge merel die de mooie frisrode vruchten van mijn Japanse wijnbes rooft. Ik ben echter zo blij dŗt er een merel in de tuin komt, dat ik hem alle bessen die er nog hangen van harte gun. Mijn portie heb ik al geoogst en die zit veilig opgeborgen in de vriezer om later ter versiering te dienen van een dessert of taart. Deze merel is nog heel jong, dat kun je ook zien aan zijn snavel waar de gele restantjes van het sperstadium nog aanwezig zijn. Dit jong is het enige uit een nest dat ergens in de buurt zat. Ik kan mij niet herinneren dat wij ooit een voorjaar en zomer beleefden zonder merels die een stel bedelende jongen in het kielzog had. We zien helemŠŠl geen volwassen merels in de tuin deze zomer. In het najaar verschenen er alarmerende berichten over een dodelijk virus in Duitsland waaraan merels bezweken en dat naar ons toe zou komen, maar je hoort of leest er niets meer over. Dus blijft het gissen waarom de merels bij ons schitteren door afwezigheid.

11 augustus 2013

Langs de rozenboog in onze tuin had ik behalve de Pronkboon ook een gekregen stek gezet van een pompoenplant. Daar kwamen deze week grote witte bloemen aan. Net crÍpepapier, heel mooi. Er moeten flesvormige pompoenen aankomen, ik ben benieuwd. Ik ben niet zo dol op al die pompoenen waar je in het najaar mee doodgegooid wordt, zoals dat heet, maar ik zie wel wat het wordt langs die plantenboog. Over insectenbezoek hebben de bloemen in elk geval niet te klagen en ik vind ze ook mooi. De pompoen is een familielid van de komkommer en de meloen. Het gebruik van de pompoen is al heel oud; eeuwen geleden werd het al elders in de wereld  aangewend als voedsel,  muziekinstrumenten en voor gebruiksartikelen als bijvoorbeeld een waterkruik. Bladen en pitten werden gebruikt tegen allerlei lichamelijke kwalen. Het woord meloen is afgeleid van het Latijnse woord pepon, dat zongerijpt betekent.

10 augustus 2013

Paddestoelen zijn het hele jaar door wel te vinden. Ik vond eerder al mooie boleten en nu weer dit aardige nestzwammetje. Het Gestreept nestzwammetje kende ik wel, het Bleke nestzwammetje (Cyathus olla) dat hier op de foto staat, had ik nooit eerder gezien, alhoewel het toch heel algemeen blijkt te zijn. Het grappige van deze zwammetjes is dat hun sporen verpakt zitten in een omhulsel dat op een eitje lijkt en dat ze liggen in een komvormig omhulsel dat eerder nog bedekt was door een vliesje maar waarin nu de sporenbolletjes open en bloot klaar liggen voor lancering. Een flinke regenbui spoelt ze naar buiten en op die manier worden de sporen verspreid. Meestal komen ze in een groot aantal voor in met rust gelaten humusrijke grond. Waaruit maar weer blijkt dat al dat nette geschoffel veel beter achterwege kan blijven.....! Ze zijn trouwens maar heel klein, deze bekertjes waren niet meer dan zeven millimeter breed.

9 augustus 2013

Vandaag nog even verder over de Groene stinkwants. Dit is de nimf die uit zijn te klein geworden skeletje kwam. Daar hij nu rode ogen heeft, kan worden vastgesteld dat hij voor de een na laatste keer verveld is. De volgende keer zal hij een volwassen stinkwants zijn die kan vliegen en zich voort kan planten. Deze wants vervelt vijf keer. In het derde stadium was hij eigenlijk op z'n mooist. Hij had een mooi rond lijfje dat zwart en fel groen gekleurd was, en op zijn rug waren de "bultjes" die hier ook te zien zijn, mooie zwarte rechthoekjes. Rondom de zijkant had hij een fraai patroon van zwarte blokjes. Als je het niet zou weten, zou je nooit vermoeden dat  het om hetzelfde insect zou gaan. Als de stinkwants volwassen is, is hij wat driehoekig van vorm, groen gekleurd met een donkere driehoek op zijn achterlijf die de vleugelpunten vormen. In de winter wordt de wants bruin en in het voorjaar verkleurt hij weer naar groen. Ook de eitjes zijn groen. Voorwaar een fascinerend beestje dat heel algemeen is en soms massaal voorkomt.

8 augustus 2013

Tijdens het groeiproces van insectenei tot volwassen imago vinden vaak - maar niet altijd - een of meerdere vervellingen plaats. Dat gebeurt op het moment dat het groeiende insect niet meer in zijn niet meegroeiende vel (uitwendig skelet) past. Per soort insect verschilt het aantal vervellingen en na de laatste is het insect pas klaar: het imago. In de diverse jeugdstadia spreken we van nimfen en onvolledige gedaanteverwisseling (een spin bv), het gaat in etappes. Een vlinder echter is eerst een rups, verpopt dan en wordt vlinder: volledige gedaanteverwisseling. Het is een geheel ander beestje geworden. Niet alleen insecten doen aan vervellen. Ik zag eens een prachtige foto van een vervellingshuidje van een watersalamander en ooit vond ik het afgedankte vel van een adder. Het achtergelaten jasje op de foto is dat van de Groene stinkwants (Palomena prasina) een wants die je veel ziet in tuinen. In de drie "pootjes" op het ronde deel zaten de twee voelsprieten van de wants en in het middelste zat de steeksnuit. De twee draadjes geven de plek aan waar de wants uit zijn oude omhulsel is gekropen. Wordt vervolgd, morgen zal ik laten zien welke wants er uit is gekropen.

7 augustus 2013

Is ie niet vrolijk, deze van regendruppels voorziene gladiool? Ze draagt de naam van mijn kleindochter: Evelien. Bij gladiolen stel je je over het algemeen iets anders voor dan een lieflijke, gloedvolle of spectaculaire bloem. Maar ze zijn er, en hoe! In violet, in lila, oranje, groen en met allerlei tekeningen. De botanische zijn luchtig en sierlijk en lijken in niets op de stijve harken die 's zomers meestal in de supermarkten verkocht worden. Er zijn er met delicate tekeningen en kleurige meeldraden, maar die zijn niet te koop vanwege het feit dat in de bloembollenwereld waar mannen de scepter zwaaien, deze "vrouwenbloemen" niet gewild zijn. Terwijl juist vrouwen voor deze nieuwe soorten vallen. Mijn vriendin die gladiolen veredelt, biedt ze a.s. weekend te koop aan de particulier. Elk jaar in augustus weer een feest, wanneer mensen met armenvol gladiolen naar huis gaan. Ik moest een persbericht hierover versturen en daar kwam onbedoeld, want automatisch, de naam van mijn website onder te staan. Die werd toen onder het persbericht afgedrukt: kijk ook op www.natuurfragmenten.nl  Nou ja, dan moet ik er maar even aandacht aan besteden. Evelien werd twee jaar geleden tijdens een verkiezing door het publiek verkozen als leukste en aansprekendste gladiool. Maar nee, hij is niet in de handel gekomen! Mŗnnen......!

6 augustus 2013

In de zandgronden van de Oost-Veluwezoom willen rozen niet goed groeien maar vaak wordt het door liefhebbers toch geprobeerd. Met kunst- en vliegwerk en vooral flink wat mest, krijgen de tuinders dan uiteindelijk wat ze willen. Ik heb dit voorjaar mijn zieltogende klimroos maar uit de grond gehaald en eenjarige klimmers gezaaid die nu de rozenboog omranken. Een daarvan is de Pronkboon, een snijboon. Hij maakt mooie oranjerode bloemen en het bleek de afgelopen dagen al snel dat de Citroenvlinders er enorm door werden aangetrokken. Op 3 augustus staat er een foto van deze vlinder in het dagboek. Momenteel schijnen er ook heel veel Luzernevlinders rond te vliegen, hetgeen heel bijzonder is want die zie je in ons land maar weinig. Ze zijn goed herkenbaar door de vlektekening op de vleugels. Bij de Citroenvlinder is dat een rondje, bij de Luzernevlinder is dat een acht, waarvan het bovenste rondje heel klein is. De vlinder is ook iets donkerder. Voorlopig vormen zich nog genoeg bloemen aan mijn Pronkboon om vlinders te lokken. En als dat voorbij is hangen er smakelijke verse snijbonen langs de rozenboog.

5 augustus 2013

Het is bijna ongelooflijk maar de naweeŽn van de winter zijn voor sommige organismen nog altijd voelbaar. Nu zijn de egels het die daar aandacht voor vragen. Zij bleken een flinke klap te hebben gekregen de afgelopen winter en het te koude voorjaar. De indruk bestaat dat er landelijk weinig egels zijn momenteel. Degenen die er nog wel zijn lijden door de droogte maar ook door de warmte honger en dorst. Regenwormen en slakken kruipen diep de bodem in en water is niet overal te vinden. De Zoogdiervereniging en diverse egelopvangcentra roepen mensen op om tenminste schotels met water in de tuin te zetten, en dan het liefst tussen de beplanting. In onze eigen tuin zien wij al jaren geen egels meer. Voorheen waren die een normaal verschijnsel,
 's avonds kon je aan de wiebelende planten zien dat er een rondliep en 's nachts werden we soms wakker van rollende lege potten van appelmoes of mayonaise die we per ongeluk buiten hadden laten staan en waar een egel mee bezig was. Jammer hoor, het waren leuke tuinbezoekers.

4 augustus 2013

Nou, omdat het toch vlindertelweekend is, ook nog maar het Boomblauwtje (Celastrina argiolus). Ze vliegen heel veel op dit moment en dat wil toch wat zeggen als je bedenkt dat dit vlindertje slechts een levensduur van veertien dagen beschoren is. Zoals de naam aangeeft, houdt het zich graag op in de buurt van bomen en struiken dus aan de bosranden, in de parken en grotere tuinen voelt deze vlinder zich prima thuis. Het vrouwtje verschilt van het mannetje doordat de eerste een brede zwarte band op de bovenvleugel heeft. Ze legt eitjes op de klimop, de vuilboom, de kardinaalmuts, hulst en nog veel meer. In de oude literatuur komen dan ook de namen vuilboomblauwtje, hulstblauwtje en klimopblauwtje voor. Zilverblauwtje is nog een naam die wel voor dit insect gebruikt wordt. Afgeleid van de zilvergrijze kleur van de ondervleugels die duidelijk zichtbaar is als de vlinder in rust is en de vleugels sluit. Als het een goed vlinderjaar is kunnen er drie generaties voorkomen. De laatste generatie overleeft de winter als pop. Het boomblauwtje is een sterke vlieger en maakt graag gebruik van de vlinderwegen in bossen, die tegenwoordig steeds vaker worden aangelegd: brede boomloze banen, een soort autobaan voor vlinders.

3 augustus 2013

Dit weekend staat in het teken van de nationale vlindertelling. Die wordt elk jaar gehouden en de waarnemingen van de mensen die mee tellen scheppen een duidelijk beeld van hoe het met de vaderlandse vlinderstand staat. De mooie Citroenvlinder (Conepteryx rhamni) heeft het bij de huidige warme temperaturen zeer naar de zin en is massaal te zien. Hier zit er een op de bloemen van de Pronkboon die blijkbaar veel te bieden heeft want ik zag er wel drie tegelijk op deze plant. Deze vlinders leven in verhouding tot veel andere soorten vrij lang. In juni/juli ontpoppen ze en nu zien we ze dus vliegen. Maar binnenkort gaan ze in zomerrust en verbergen zich tot het eind van de zomer op een verscholen plekje. Begin van de herfst vliegen ze dan weer rond tot de winter aanbreekt. Dan zoeken ze opnieuw een schuilplaats, in een boomholte, in een graspol of een stuikje, tot het vroege voorjaar weer begint.  Dan breekt ook de tijd van de voortplanting aan. De rupsen die uit de eitjes komen, verpoppen zich en na een week of drie vliegen nieuwe vlinders weer uit.  De Citroenvlinder is qua leeftijd de kampioen van de soorten die in ons land voorkomen. Voor info over de vlindertelling: www.vlindermee.nl

2 augustus 2013

Er zijn heel veel Gamma-uiltjes (Autographa gamma) te zien momenteel. Ze vliegen zowel
's nachts als overdag. Je herkent ze aan hun manier van vliegen meteen als nachtvlinder. De vlinder dankt haar naam aan de tekening op de voorvleugels die doet denken aan de Griekse letter "gamma".  Het is een zeer sterke trekvlinder die het graag hogerop zoekt en naar noordelijke oorden vliegt, of hoog in de bergen, waar hij vervolgens niet kan overwinteren. In onze tuin staat een forse pol van de donkerbladige Heuchera die al wekenlang lange stengels produceert met piepkleine bloempjes. Het is een onvoorstelbaar goede insectenplant; het wemelt er van de hommels, allerlei soorten. Maar ook de Gamma-uiltjes vliegen er "bij bosjes" rond.  Een zeer aanbevelenswaardige tuinplant met prachtig blad. De Gamma-uil vliegt tot november en als de omstandigheden goed zijn kunnen er drie generaties worden geproduceerd. De Gamma-uil kan in onze winters niet overleven maar dat doen de rupsen wel. Die liggen gedurende die episode  in een veilige cocon in de strooisellaag.

1 augustus 2013

In de tuin vond ik deze kleine larve van een bladwesp. Het is geen rups, al lijkt hij er wel op. Bladwespen krijgen larven die op rupsen lijken en het verschil met rupsen kun je goed vaststellen als je weet waar je op moet letten. Dat zijn de pootjes en als je het kunt zien de oogjes: In het midden van het lijf, achter de voorste borstpootjes, zit een aantal "buikpoten", ook wel buikschuivers genoemd. Rupsen hebben daar maximaal vijf paar van en bladwesplarven ofwel bastaardrupsen hebben er minimaal zes. Rupsen hebben zes oogjes aan elke kant en bastaardrupsen heeft maar een oog op zijn bolle kop. Nog een kenmerk is het aantal pootloze segmenten tussen borst- en buikpoten. Bij de bastaardrups is dat er maar een, bij de rupsen zijn het er twee. Dat wordt dus goed bestuderen. Mijn pogingen te achterhalen om welke bastaardrups het hier ging, hebben geen succes gehad. Ik vind wel dat hij er zo opgerold schattig uitziet: net een hartje! Bladwespen zijn die kleine wespachtige insecten, zonder slanke taille, die zeer beweeglijk zijn en zich bijna nerveus over een blad bewegen.

31 juli 2013

De Dauwnetel (Galeopsis speciosa) is een plant van de Rode Lijst geworden. Ooit een doodgewoon akkeronkruid van de kalkarme zandgrond, nu zelden nog te vinden. De tegenover elkaar staande bladeren en de bloemen die in zogenoemde schijnkransen groeien, lijken op Dovenetel maar die van de Dauwnetel zijn nog mooier vanwege de kleuren en ook groter. Op stengel en blad groeien haren die naar beneden gericht zijn, vermoedelijk worden daardoor slakken tegengehouden. De plant is eenjarig en bloeit van juni tot oktober. Hommels vliegen graag op deze fraaie verschijning. Dauwnetel is eenjarig; zaad is verkrijgbaar bij de Cruydthoeck en via diens website te bestellen. Misschien ga ik het wel proberen!

30 juli 2013

Onder de rupsen komen echte beauty's voor en vaak lijken die in niets op hun ouder. Deze rups van de Donsvlinder (Euproctis similis) bijvoorbeeld is spectaculair van kleur terwijl de vlinder wit is als sneeuw.  De waardplant van deze nachtvlinder is voornamelijk de Meidoorn en hoewel ik een mooie boom op mijn volkstuin heb staan, zag ik daar noch vlinder noch rups. Deze rups fotografeerde ik op een rozenblad. Zowel de rups als het imago zijn bedekt met haren en die van beide kunnen enorm irriteren. Het imago ziet eruit alsof het een bontjasje aan heeft. De vliegtijd van de vlinder loopt nu op z'n eind. Het volwassen insect eet niet meer en moet alleen nog maar een partner zien te vinden om zich voort te planten.  De Witvlakvlinder die er ook mooi bont uitziet, en de fraaie gele Meriansborstel behoren eveneens tot deze familie spinneruilen.

28 juli 2013

Na een ongekend heftig onweer vannacht, waarbij wel twintig minuten zonder onderbreking de bliksem te keer ging en zich tien cm regen in een lege tuinvaas stortte, is eindelijk de verzengende hitte verdwenen en is het verkwikkend koel buiten. Het is de laatste zondag van de maand juli en je merkt al goed hoe snel de zomer vordert. Afgelopen donderdagavond zat ik buiten en trof mij de stilte in de lucht die er opeens was: alsof door een toverstaf geraakt, waren alle gierzwaluwen verdwenen, van de ene dag op de andere, hoe wonderlijk. Alweer op weg naar hun overwinteringoorden. Als dat gebeurt, besef je pas goed dat de zomer langzaam maar zeker de eindfase ingaat. Het is alweer de tijd van de bessen aan allerlei struiken, het graan staat te rijpen op de akkers en de avonden worden korter en vochtig. De zomer heeft haar handtekening wel duidelijk neergezet; op allerlei planten zie ik zonnebrandschade en in deze mate heb ik dat nog niet vaak gezien. Het groot Springzaad (Impatiens noli-tangere) in de tuin heeft het dit keer niet volgehouden en is bezweken door de hitte van de zon, ook al kreeg de plant die maar een klein deel van de dag. Hoe dunner het blad, hoe minder goed een plant de brandende zon verdragen kan. Maar volgend jaar komt het mooie Groot springzaad gewoon weer terug!

27 juli 2013

Op deze zeldzame zomeravonden, waar we nu al een aardig tijdje van kunnen genieten, zie je bij het intreden van de duisternis heel veel nachtvlinders vliegen. En telkens herinner ik mij dan dat in de eerste jaren dat wij hier woonden, ik altijd tabaksplanten in de tuin had staan. En dat zijn enorme nachtvlindertrekkers.  Ik ga in mijn agenda schrijven dat ik ze volgend voorjaar weer eens moet zaaien. Nu vliegen ze o.a op de Kamperfoelie. Dit is de Breedbandhuismoeder (Noctua frimbiata) een soort uit de uiltjesfamilie.  Het mannetje (foto)  is donkerder van kleur dan het vrouwtje. Ze leven op kruidachtige planten.

26 juli 2013

De Heggenrank (Bryůnia crťonia) slingert zich in de uiterwaard enthousiast over, langs en door de planten en hagen. De Heggenrank is tweejarig en vormt vanuit een dikke ondergrondse knol meterslange stengels. Er zijn mannelijke en vrouwelijke planten; de mannelijke hebben grotere en wijder geopende bloemen. Bijen bezoeken de plant vanwege de vele nectar. Na de bloei verschijnen groene bessen die naar rood verkleuren. De Heggenrankboorvlieg legt zijn eitjes inde bessen en daar leven dan later de larven. Met name in Zuid-Limburg leeft op deze plant het Heggenranklieveheersbeestje: geelrood met elf stippeltjes. De Heggenrank wil groeien op warme en droge, vaak humusarme plekken die kalk en stikstof bevat.  De plant staat bekend als moeilijk uitroeibaar.

25 juli 2013

Het land zucht en steunt onder de hitte en in huis is het niet meer koel te krijgen. "Dat is nou net het leuke van het weer", zei een vriendin tegen mij, "bijna alles zijn we tegenwoordig de baas maar het weer doet precies wat het wil en daar kunnen we geen grein aan veranderen". Zo is het maar net!  De meeste insecten bevalt het prima, dit zomertje. Wie de moeite neemt eens in de bermen te kijken bij de schermbloemige planten, ziet hoe het momenteel wemelt van de Rode weekschildkevers (Rhagonycha vulva) en die zijn volop aan het paren. Deze kever wordt ook wel Soldaatje genoemd, hij is zeer algemeen en te vinden in de wilde beplanting rondom graslanden en andere grazige plekken.

24 juli 2013

Bij het heersende warme weer zie je opeens veel meer insecten dan tot nu toe. Rondom nectar producerende bloemen zoemt het van allerlei bijen. Hier op de Lavendel. Als het langdurig droog is, gaan bloemen steeds minder nectar produceren dus alleen daarom is het al heerlijk dat er weer een paar stevige regenbuien zijn gevallen. Planten nemen de temperatuur aan van de omgeving; die is nu zeer hoog. Ze houden hun waterhuishouding op peil door meer of minder vocht te verdampen. Hoe dunner het blad is hoe groter het probleem bij stevige hitte: bij de dunbladige planten zie je het eerst dat ze slap worden en gaan hangen. Op die manier beschermen ze zich om niet dood te gaan. Soms verbrandt het blad zelfs, dat zie je nu hier en daar aan struiken. Maar eigenlijk gaat het om een ingewikkeld samenspel van diverse factoren en niet alleen om temperatuur en vocht.  Hoe het ook zij, de aarde schreeuwt om water; Hazelaar en Berk laten blaadjes vallen alsof het herfst is. Als je als boom het blad niet kunt verzorgen, kun je het beter laten vallen. Vogels krijgen ook meer behoefte aan water bij deze tropische temperatuur en wie waterbakken in de tuin heeft staan, kan deze het beste een paar keer daags vernieuwen om de temperatuur voor de vogels aangenaam te houden.

22 juli 2013

Vandaag wordt het weer zo heet dat de dag niet uitnodigt op stap te gaan. Daarom een plaatje van vorige week. Fietsen over de vele paden die langs de IJssel lopen is een groot genoegen, vooral als je langs stukken komt waar de wilde beplanting mag blijven groeien, en dat is lang niet overal zo. Hoe lieflijk het landschap ook is, steeds kom je wel een bouwwerk tegen dat het zicht min of meer verstoort., zoals hier waar de aloude betonfabriek De Meteoor bij de Steeg een visuele verstoring vormt. Terwijl ik daar stond te kijken, hoorde ik een vogel die ik nooit gezien had maar waarvan ik het geluid meteen herkende: de Kwartelkoning. Omdat ik het bijna niet kon geloven dat dit waar was, ben ik thuis gaan zoeken op internet en ontdekte dat deze Rode Lijstvogel hier inderdaad voorkwam. Langs deze rivier is zelfs eind vorige eeuw een beschermingsproject voor de vogel opgezet, en met succes. Ik zag hem ook een paar keer opvliegen vanuit de wilde begroeiing maar kreeg hem niet op de foto helaas. De kwartelkoning maakt slechts bij uitzondering overdag geluid, en alleen als hij een nest heeft. En daar de nestperiode in deze tijd van het jaar valt, heb ik inderdaad het onmiskenbare geluid van de kwartelkoning gehoord. Leuk!

21 juli 2013

In de uiterwaard hangen de Meidoorns vol grijze webben van de Spinselmot (Hyponomeuta padellus) maar vergeleken bij andere jaren wel een stuk minder. De nesten zitten boordevol lege en volle cocons en de pas ontpopte vlinders kruipen over mijn handen, camera en kleren. Dat wordt anders als ze wat ouder zijn want dan zijn ze snel weg als je ze benadert. Deze motten, want dat zijn het feitelijk, kunnen een ware plaag vormen en bomen, zelfs objecten, totaal bedekken met hun dichte spinselwebben. Foto's daarvan halen wel eens de krant of televisie. Het taaie grijze spinsel is een uitstekende bescherming voor de eitjes en rupsen die er in leven. Mijn appelboom op de volkstuin is ook elk jaar de klos en  ik heb er altijd heel wat werk aan de kleverige spinseltroep met de hand van de takken te halen. Dit jaar was dat snel gebeurd want zoveel zat er niet in de boom. De Spinselmot wordt ook wel Stippelmot genoemd. De rupsen leven van bladeren van diverse bomen. Deze herstellen weer prima na de rupseninvasie.

20 juli 2013

Hoe fraai de kleinste insecten er uit kunnen zien laat dit Zwart-witte knoopvlekje (Eucosma campoliliana) zien; een heel klein motje met een spanwijdte van 13-18 millimeter. Het leeft op Jacobskruiskruid en Schaduwkruiskruid. Dergelijke motjes zijn zo klein dat je slechts op een foto ziet hoe mooi ze er uitzien. Dat is het leuke van digitale fotografie, het heeft heel wat toegevoegd aan de natuurbeleving. Het is een nachtvlindertje uit de familie van de bladrollers. Aan bomen, planten en struiken zie je soms (bruine) opgerolde en dicht gesponnen blaadjes hangen. Dit zijn de huisjes van de rupsen van deze familie bladrollers. In sommige gevallen kunnen ze zo massaal voorkomen dat de struik of plant eronder lijdt. In o.a. appels- of perenbomen komt dat wel voor. De rupsjes komen van tijd tot tijd naar buiten om te eten van blad, knop  of vrucht, afhankelijk van de soort. Het motje op de foto vliegt van juni tot augustus.

19 juli 2013

Een Haas kun je regelmatig tegenkomen in het bos en ze zijn wel aan wandelaars gewend wat je kunt afleiden uit de rustige manier waarop ze langzaam hobbelend weglopen. Drie keer per jaar krijgt de moer jongen, in totaal gemiddeld elf tot dertien jongen die in vier weken al helemaal zelfstandig zijn. Erg warm is de band niet tussen moeder en kinders, slechts eenmaal per dag komt de moer een paar minuten bij haar kroost om ze te voeden met heel voedzame melk. Van al die haasjes blijven er uiteindelijk maar gemiddeld drie in leven. Hazen staan er om bekend dat ze al heel vroeg in het jaar jongen krijgen, januari en februari is heel normaal. Toch gaat het met de haasjes die dan geboren worden, meestal niet goed. Hazen mogen bejaagd worden tussen half oktober en eind december en dan worden er heel wat buitgemaakt. Daarnaast vallen er vele ten prooi aan stropers die ze met lichtbakken (illegaal) lokken en schieten. Over de jacht op hazen en andere dieren, is altijd veel te doen. Lees hierover bij interesse mijn column op de verhalensite: aanklikbaar via de homepage.

18 juli 2013

Wat is dit heerlijk: 's ochtends om acht uur al in de tuin zitten, de inloopkat op schoot die zich behaaglijk ingerold heeft voor een tukje, gierzwaluwen die langs de blauwe hemel scheren, het gras nog nat van de dauw. Aan de bewegingen en vleugelslagen kun je zien dat de zwaluwen hun ontbijt bij elkaar aan het scharrelen zijn. Ooit zag ik in een documentaire hoe David Attenborough zich in een ballon omhoog liet voeren om te meten hoeveel insecten zich hoog in de lucht bevonden. Toch kun je nog steeds zien dat de lange winter en de akelig kille lente en voorzomer effecten hebben op de planten. Deze geranium die ik binnen door de winter hielp omdat ik de bloempjes zo mooi vond, begint nu pas te bloeien. De Kattenstaart die jaar in jaar uit langs de vijver stond, is verdwenen en op mijn volkstuin, waar ik alle  zich uitgezaaide Dille liet staan voor de vlinders, schittert die deze zomer door afwezigheid. Slechts een paar miezerige stengeltjes staan er nu her en der bijna te bloeien. De Nicandra die in deze tijd een meter hoog hoort te zijn en vol grote hemelsblauwe bloemen behoort te zitten, is nu pas vijftien cm hoog. Voor mij mag het duren, de zomer. Ook al wordt dit volgens voorspellingen de droogste julimaand ooit en moet ik de potplanten tweemaal per dag begieten. Want zaaien en stekken is iets dat ik gewoon niet kan nalaten. De kleine oranje ananaskersjes in de pot beginnen al zachtjes oranje te kleuren.

17 juli 2013

Als een Haagwinde (Convolvulus sepium) zich in je tuin vestigt, ben je mooi in de aap gelogeerd! Het verraderlijke van deze plant zit hem in de wortels die zich in een wirwar door je tuingrond slingeren en enorm woekeren. Dus uittrekken van de plant is geen optie, hij blijft gewoon aanwezig. Net als het vermaledijde Zevenblad, vormt elk kleinste wortelstokje weer een nieuwe plant. Deze planten kun je het beste bestrijden door de stengels stelselmatig en meteen uit de grond te trekken; wie weet geven ze het dan ooit een keer op. Je leest wel eens dat dit de beste methode is. Maar mooi is hij zeker als hij bloeit met spierwitte bloemen die ook wel pispotjes genoemd worden, maar dat wit porseleinen attribuut is onderhand een souvenir uit de oudheid. Een insect zit hier lekker te snoepen van het stuifmeel in de bloem.  De plant geeft bij de teelt van cultuurgewassen veel problemen, tegenwoordig komt hij ook voor op vochtige maÔsakkers.

Akkerwinde (Convolvulus arvensis)  is het zusje van de Haagwinde. Het is een vaste of overblijvende plant. De stengels winden zich linksom, tegen de klokrichting in om andere planten of hekwerken, maar veel minder hoog dan de Haagwinde. Ook deze stuurt zijn wortels diep de bodem in en laat ze stevig woekeren. Het is de enige manier waarop de Akkerwinde zich voortplant, want met zaad lukt het niet in ons land. Soms maakt de Akkerwinde ůůk witte bloemen maar ze zijn veel kleiner  dan die van de Haagwinde en het blad van beide planten verschilt ook van elkaar. Op zowel Akker- als Haagwinde kun je af en toe de rupsen van de fraaie Windepijlstaart vinden. De volwassen vlinder bezoekt de bloemen vanwege de nectar. De Windepijlstaart vliegt bij goede omstandigheden vanuit Afrika naar ons land maar komt hoogst zelden de winter door doordat hij niet tegen de vorst bestand is. Beide soorten zijn een ramp in je tuin en een sierraad in de vrije natuur.

16 juli 2013

Met deze Gevlekte orchis (Dactilorhyza maculata) besluit ik de Achterhoekserie foto's. Ik dacht zelf dat het de Tengere heideorchis was maar omdat ik niet zeker was, heb ik hem ter beoordeling voorgelegd op Waarneming. Waarschijnlijk is het  de gevlekte, een overblijvende plant. Suf natuurlijk dat ik niet  de hele plant gefotografeerd heb want het blad zegt ook veel over de soort. Het gebeurt niet alle dagen dat ik een vrij zeldzame orchidee tegenkom, en dan maak ik zo'n flutfoto!  Maar dit overkomt me vast geen tweede keer! Morgen weer terug naar het meer "gewone" dat evenwel net zo boeiend kan zijn.

15 juli 2013

Over het algemeen zijn er tot nu toe nog maar weinig vlinders te zien. Je hoort het van allerlei mensen die hetzelfde constateren. Dit is de Eikenpage (Favonius quercus) een vrij kleine vlinder met een spanwijdte van rond de drie centimeters. Niet zo vaak te zien omdat hij leeft in de toppen van de eikenbomen; slechts af en toe daalt hij af naar lagere takken en dan kun je hem als je geluk hebt zien zitten. De onderkant van de vleugels is kenmerkend : grijs. De bovenkant van de achtervleugel is bij het mannetjes blauwpaars en bij het vrouwtje bruin met een blauw veldje op de voorvleugel. Er is ook een Bruine eikenpage en die herken je aan de bruine onderkant.  Net achter het oranje vlekje op de achtervleugel zit een heel klein uitsteekseltje, vandaar dat de vlinder gerekend wordt tot de pagevlinders. Het gaat niet geweldig met deze soort en helaas is hij nog maar schaars te zien. Daarom vond ik het erg leuk hem te vinden. Bloemen laten deze vlinders voor wat ze zijn, boven in de eikenbomen voeden ze zich met zogenoemde honingdauw die bladluizen uitscheiden.

14 juli 2013

Dat er kikkers zijn die in bomen leven, weten de meeste mensen niet maar in ons land is dat de Boomkikker, een kabouter van maar een paar centimeter groot. Hij is er speciaal voor gemaakt, zijn pootjes zijn voorzien van zuignapjes waarmee hij zich vasthoudt op bladen en takken van bomen en struiken waarbij vooral de door zon beschenen braampercelen favoriet zijn. Daarbij kan hij ook zijn kleur aanpassen van groen naar bruin, afhankelijk van de omgeving waar hij zich ophoudt. In Nederland zijn ze nog te vinden in het zuiden van het land en er ligt een bolwerk in de Achterhoek waar er nogal wat voorkomen. Ik vroeg tenminste aan iemand of hij mij kon vertellen waar ik kans had de boomkikker te vinden, waarop hij antwoordde: "o, die zitten hier overal hoor, ook bij waar ik woon, ik zie ze zelfs wel eens zitten op onze regenpijp". Daar valt je mond dan bijna bij open, wat een luxe! Toen het met deze kleine kikkersoort zo slecht ging dat de populatie met 80% achteruit ging en het een van de meest bedreigde amfibieŽn werd, zijn er in de Achterhoek gebieden speciaal voor dit kikkertje ingericht. En met groot succes. De kikker komt alleen in de paartijd op de grond. In het voorjaar produceren ze met z'n allen bij het invallen van de schemer massale kwaakconcerten. Dat zou ik nog wel eens willen horen, lijkt me geweldig!

13 juli 2013

Teer guichelheil (Anagallis tenella): zeg het hardop en proef de naam op je tong, laat hem echoŽn  in je oren. Het klinkt als een toverspreuk en daar doet de naam van dit zeer zeldzame plantje ook aan denken. Het bloeit overvloedig in het gebied waar ook de Moeraswespenorchis bloeit. Ooit dacht men dat het geestesziekte, depressie en melancholie kon doen genezen, helaas bleek dit een illusie. Al toen ik een kind was, spraken mij de meest kleine bloempjes aan omdat die vaak zo mooi zijn en prachtig getekend. Deze bloemetjes van het guichelheil zijn 0,6 tot 1 cm groot. In ons land vind je ook Rood guichelheil, dat is een piepklein en algemeen onkruid dat evenwel door haar kleur meteen opvalt. Blauw guichelheil wordt nog maar zelden in ons land gevonden. Ik zag het bloeien op een Grieks eiland en ging er natuurlijk meteen plat voor!

12 juli 2013

In een natuurterrein in de Achterhoek Gld. bloeit de Moeraswespenorchis (Epipactis palustris) en ik vond het fantastisch hem daar te zien.  De orchidee staat als kwetsbaar op de Rode Lijst. In dit deel van Nederland is deze orchidee zeer zeldzaam. De wortelstok maakt uitlopers en daarop winterknoppen, dus meestal zie je er meerdere bij elkaar en dat was ook hier het geval. Zodra een bij de bloem bezoekt en landt op de witte uitnodigende "landingsbaan" klapt het bovendeel van de bloem naar beneden en moet het insect zich door het stuifmeel wringen om weer naar buiten te komen, waarna hij een andere bloem kan bevruchten. De bloemen worden bezocht door hommels, bijen en solitaire groefbijtjes. Mooie beelden hiervan staan op: http://www.drachtplanten.nl/PLD.Fotos/E/Epipactis/a.Epipactis.htm#oppokpopok

11 juli 2013

De Processierupsen zijn dit jaar minder te zien dan voorgaande jaren. Ze kwamen ook later tot ontwikkeling. Op een boom waarop ze zaten en ook al gesignaleerd waren, leek het onduidelijk of er al  actie ondernomen was. Er zaten er een stel bijeen in een nest en er kroop er een wat lager rond en er zaten nog twee rupsen nota bene onder de band die om de boom was geknoopt om hem herkenbaar te maken. In een naburige gemeente dichtbij de onze worden de rupsen en hun nesten dit jaar niet bestreden vanwege de kosten die dit meebrengt. Bezuiniging slaat ook hier toe. Van de haren die de rupsen loslaten kunnen mensen stevig last hebben. Niet alleen op hun huid maar ook in hun longen. De nesten met of zonder rupsen worden het vaakst verbrand of opgezogen met speciale zuigers. Het gebeurt vaak dat dit hierna nog een tweede keer moet gebeuren omdat er een stel rupsen aan de zuigbeurt ontkomen is. Omdat het nogal duur is een bedrijf in te schakelen, zijn er nu doe het zelfpakketten die via internet besteld kunnen worden en waarmee je zelf aan de slag kunt. De vraag is of je daaraan zou moeten beginnen! In sommige gemeenten wordt in het voorjaar preventief gespoten met een biologisch middel.

10 juli 2013

Dit mooie beestje is de nymf van de Grauwe veldwants (Rhaphigaster nebulosa) en deze wants is in ons land  een zeldzame verschijning. Daarom staat hij ook op de Rode Lijst van beschermde diersoorten. Tot nu zijn er pas 48 stuks aangemeld op de website Waarneming, en bijna alle werden gevonden in Brabant en Limburg. Meer naar het noorden wordt hij maar zelden gezien. De wants leeft op Elzen en voor het afzetten van de eitjes heeft hij het liefst de Venkel als plant. Daarop legt vrouw veldwants een stuk of 40 eitjes. Om zichzelf te beschermen tegen vijanden kan hij een vieze stinkende stof afscheiden uit klieren die op de rug zitten. De wants komt voor in bossen, struwelen en dergelijke. Wantsen maken verschillende stadia door voor ze volwassen zijn. Jonge wantsen, die nymf genoemd worden, maken vijf stadia van ontwikkeling door. Deze veldwants verkeert in het vijfde stadium. Vaak lijken de nymfen qua tekening in niets op de volgroeide insecten en ook deze zal er straks wat anders uitzien. Wantsen hebben zeer smalle naaldvormige kaken waarmee ze planten of andere insecten uitzuigen. Ze worden daarom snaveldragers genoemd. Schadelijk zijn ze nauwelijks daar ze niet massaal voorkomen.
Correctie: de nymf is gedetermineerd als die van de Roodpootschildwants. Minder bijzonder dus maar evengoed een mooie verschijning.

9 juli 2013

Van de vele klaversoorten is de Basterdklaver (Trifolium hybridum) misschien wel de mooiste.  De plant, ooit een belangrijk voedselgewas voor het vee, produceert een bloem die eerst wit is, dan naar roze verkleurt en eindigt als bruin. Omdat hij van onderuit begint te bloeien, zie je vaak deze drie kleuren tegelijk  in de bloem. De naam betekent niet dat deze klaver een bastaardvorm van andere is. Net als het Jacobskruiskruid is ook deze Basterdklaver giftig voor met name paarden, met dat verschil dat bij de eerste het gif zich opstapelt in de lever. Paarden die daar gevoelig voor zijn, kunnen door het in aanraking komen met basterdklaver lelijke reacties op hun neus krijgen, huidirritaties met blaarvorming wat ijkt op verbranding. Dezelfde irritatie die een mens kan oplopen door het aanraken van Berenklauw of Ruit waarbij het plantensap vrij komt. Ook de benen van het paard kunnen deze verschijnselen hebben. Boterbloem kan eveneens dergelijke "brandwonden" bij paarden veroorzaken. Zo zie je maar weer dat ook in de natuur niet alles koek en ei is!

8 juli 2013

Rupsen van de Sint-Jacobsvlinder (Tyria jacobaeae) leven op het Jacobskruiskruid. Hun tekening van geel en zwart geeft andere dieren aan dat ze giftig zijn. Ze slaan de giftige stof  uit het Jacobskruiskruid op in hun lichamen. Het kruid is de enige plant waar deze soort op leeft.

Deze schitterende vlinder komt uit de verpopte rups tevoorschijn. Ook in de vlinder wordt het opgeslagen gif weer doorgegeven, vandaar hun felle waarschuwingskleuren. Hier zijn uitsluitend de voorste vleugels te zien; het was nog ochtendfris en de vlinders waren nog niet actief. De achtervleugels, die tijdens het vliegen zichtbaar worden,  zijn effen rood met een zwart buitenrandje. Het is een echte schoonheid en het gaat aardig goed met deze dagactieve nachtvlinder. Hier en elders is al vaak betoogd dat het misdadig is het voor de natuur zo waardevolle Jacobskruiskruid zo fanatiek te bestrijden en daarmee het leven van deze mooie vlinders, maar ook van heel veel andere soorten die  van deze plant afhankelijk zijn, onmogelijk te maken. Op plekken waar het kan, moeten deze planten gewoon worden toegelaten en gelukkig zijn er nog plaatsen in het land waar dat gebeurt. En daar kun je dan genieten van het prachtige schouwspel dat al die rupsen en vlinders bieden. Paardenliefhebbers die het felst voor bestrijding zijn, en weten dat het kruiskruid door hun dieren uitsluitend gegeten wordt in het hooi, waar het onherkenbaar is geworden voor de paarden, kunnen deze kennis ook gebruiken om hun dieren veilig te stellen. De wil om goed met dit gegeven om te gaan, lijkt soms helaas ver weg.

7 juni 2013

Weer eens met met vriendin en natuurmaatje een dagje wezen struinen! Zij woont op een plek met om haar heen heel veel mooie wilde natuurterreintjes en daar gingen we op zoek naar leuke insecten want die zijn daar veel te vinden. Op een van die plekken groeide royaal de Zwarte toorts (Verbascum nigrum). Het is de enige in zijn soort die vast is doordat ze voor de winter winterknoppen maakt onderaan de bloemstengels. De bloemen worden bezocht door bijen maar die vinden er alleen stuifmeel omdat er nauwelijks nectar wordt afgescheiden.  Het zaad van toortsen is enorm kiemkrachtig, zelfs na honderden jaren kan het ontkiemen als het daartoe in de gelegenheid wordt gesteld door bijvoorbeeld grondbewerking. In een gram zaad zijn ooit eens meer dan achtduizend zaden geteld. Groeiplaatsen zijn o.a. bermen, braakliggende terreinen, akkers en grasland. Wat het "nigrum" in de naam betekent, weet ik helaas niet. Als iemand het mij zou kunnen vertellen, zou ik het graag vernemen. Toortsen behoren tot de Helmkruidfamilie.

6 juni 2013

Jonge kikkertjes en padjes zijn zo onderhand klaar het water te verlaten en de wijde wereld in te trekken. Nou ja, wijde wereld...., zover is hun actieradius nu ook weer niet. Het tijdstip waarop ze het land opgaan, hangt voor een deel af van de temperatuur die het water heeft waarin ze zich ontwikkelen. Een plas die in de zon ligt, doet ze sneller groot worden dan wanneer ze in een beschaduwde koude vijver of ander water zitten. Toevallig had ik vanmorgen bij het uitscheppen van wieren een kikkertje in mijn schepnet, er waren nog geen pootjes te bekennen. Over het algemeen duurt de ontwikkeling van eitje naar miniatuurkikkertje een maand of drie. Ons kleine padje hier is klaar voor het grote avontuur en sprong onlangs parmantig het bospad over.

5 juli 2013

Is dit niet mooi? Het zijn de bloemen van wat later peultjes worden. Zo zijn ook de bloemen van de Pronkboon mooi: knalrood. Ik heb de pronkbonen ditmaal tegen de rozenboog in onze tuin laten groeien want als die klimmer volop bloeit is dat een geweldig gezicht. En als bonus kun je natuurlijk de snijbonen plukken. Maar de vlinderbloemige peul vind ik de mooiste. Vlinderbloemigen vormen een van de grootste plantenfamilies op aarde. De vrucht is altijd een peul, zoals bonen, maar ook in allerlei andere vormen.  Ik krijg nogal eens opmerkingen te horen als: "jemig, heb je nog altijd die volkstuin, waar heb je zin in!". Of: het zou mijn hobby niet zijn, al die kroppen sla en manden vol boontjes die je in de buurt moet zien te slijten". Maar zo is het niet. Bij mij op de tuin staan geen rijen prei, kolen of slakroppen, maar van alles een heel klein beetje. Voor de rest staan er veel fruitstuiken en bloemplanten. Vaak loop ik in de vroeg ochtend als er een lekker temperatuurtje heerst, genietend door mijn volkstuintje en speur naar leuke insecten, pluk en eet een aardbei of wat frambozen en geniet van de mooie bloei van allerlei planten en groenten. Ook al voel ik mij door het werken op de tuin vaak geradbraakt, als ik weer naar huis ga is dat ook met een tevreden en voldaan gevoel. Thuis wacht mij gastvrij de eigen tuin.

4 juli 2013

Deze Grauwe vliegenvanger heeft nog twee van de drie kuikens over. De derde ligt dood naast het nest. De dode vogel is pas kortgeleden dood gegaan, zo kon ik zien aan het verenkleed nadat ik de foto op de pc stevig had opgeblazen. Heel veel vogels hebben dit jaar een problematisch broedseizoen achter de rug. Het viel me wel op dat er door de vliegenvangers maar mondjesmaat gevoerd werd en dat zag ik eerder bij de nesten van kool- en pimpelmezen. Ook alle merelnesten in onze eigen tuin zijn mislukt. Hopelijk vliegen de twee jonge vogels binnenkort voorspoedig uit. De Grauwe vliegenvanger is geen standvogel in ons land. Hij vliegt naar naar Zuid-Afrika om er te overwinteren en weer terug naar ons land om daar te broeden. De vogels arriveren hier in de eerste helft van mei en pas in de maand daarna, wanneer de vogels op krachten zijn gekomen na hun lange reis, begint het broeden. Dit alles mooi afgestemd op de aanwezigheid van voldoende insecten die als voedsel dienen. Het vrouwtje broedt slechts 13 dagen en de jongen worden ook maar 13 dagen gevoerd, waarbij pa maar af en toe wat helpt. Vliegenvangers stellen nogal wat eisen aan hun biotoop, in elk geval moeten er veel bomen rondom zijn en een vrij uitzicht vanaf de plek waar het nestje wordt gebouwd en natuurlijk veel schuilgelegenheid.

3 juli 2013

Stel je voor dat de actie voor de "rijke weide" succes zou hebben en dat wij weer taferelen als hierboven zouden zien. Daarvoor zou wel een cultuuromslag in denken en doen moeten plaatsvinden. Voorlopig is het nog niet zover. Wat hier te zien is, is een van de tuinen op ons volkstuincomplex. Rapunzelklokjes, Klaprozen en Margriet, bloemen die ooit in de natuur algemeen waren. Opvallend is wel dat dit soort beplantingen alleen in tuinen van vrouwen voorkomen. De mannen geven de voorkeur aan aardappels en groenten. Door teveel intensieve landbouw en teveel koeien die gefokt worden op steeds meer melkproductie, zijn de bloemrijke graslanden in ons land verdwenen. Vogelbescherming is een actie begonnen om het tij te keren. Of het helpen zal, ik kan het me nauwelijks voorstellen.

2 juli 2013

De beukenbomen beloven een prima mastjaar! Je kon al zien aan de vele bloesems die de bosbodem bedekten dat de oogst overvloedig zou zijn. Hetzelfde geldt voor de eikels. En dat is een goed bericht voor de zwijnen die een verschrikkelijke winter en voorjaar achter de rug hebben. Ik heb nog nergens gelezen hoeveel dieren er naar schatting door honger zijn omgekomen maar het moeten er zeer vele zijn. Inmiddels hebben enkele zeugen het gepresteerd om ondanks alles jongen te krijgen. Af en toe zijn tenminste biggen te zien. Maar het is niets in vergelijk met normale jaren als het voor wandelaars en natuurliefhebbers een feest is al die zwijnenfamilies in het bos te zien rondlopen, en een zorg voor de jagers die voorzien dat ze weer veel dieren moeten gaan afschieten. Dat is precies hetgene dat zo wringt in het natuurbeheer.

1 juli 2013

Afgelopen weekend was ik met mijn tuinclub op de jaarlijkse tuinreis. Ditmaal in Drenthe. De mooiste tuinen vinden wij altijd die, die het meest natuurlijk zijn en waarin je meteen een gevoel van welbehagen krijgt. Die stonden gelukkig op het programma dat onze tuincommissie had samengesteld. Natuurlijk heb ik ook lopen speuren naar leuke insecten maar die waren toch niet zoveel te vinden. Wel in grote en kleine vijvers overvloedig de kleine groene herrieschoppers waar niet iedereen vanwege hun luide gekwaak dol op is. Ik vind het prachtig en wilde dat ze ook hier in onze vijver zouden verschijnen. Al zou dat vast weer problemen met de omwonenden opleveren. Dit is wat een Groene kikker het liefst doet: op een lelieblad in een klein plasje water lekker zitten suffen en van tijd tot tijd de kwaakblazen laten werken waarna alle kikkers meteen willen meedoen. De Groene kikker kan net als de bruine zeer variŽren in kleur en tekening en zelfs wat lijken op de bruine. Maar het verschil tussen beide is makkelijk vast te stellen: de bruine, die ook groen kan zijn,  heeft een onmiskenbare bruine driehoek achter zijn kop die de groene nooit heeft.

28 juni 2013

Wat doe je als je een berg zand wilt afgraven en je ziet dat er zwaluwen rondvliegen en er nestholtes in zitten? Je kunt stoppen omdat je weet dat de flora- en faunawet voorschrijft dat je de vogels in de broedtijd met rust moet laten, of je kunt net doen of je gek bent, wetende dat je werkzaamheden anders stil komen te liggen en dat dit nadelig is voor je portemonnee. Een aannemer in Ede koos voor de tweede optie maar had niet verwacht dat zijn handelwijze zoveel commotie teweeg zou brengen en dat hij de milieupolitie op zijn dak zou krijgen. Naar het schijnt zijn zo honderden jonge oeverzwaluwen in hun nesten omgekomen. Een identiek geval speelde zich deze week af in mijn woonplaats waar een woningcorporatie van een aantal huizen de schoorstenen wilde slopen en vervangen. Natķķrlijk zagen ze dat een aantal kauwen in grote paniek begonnen rond te vliegen, net zo goed als dat omwonenden dat zagen. De werkzaamheden werden zelfs niet eens stil gelegd toen de aannemer erop attent gemaakt werd. Daarvoor was meer nodig en intussen vlogen de radeloze kauwen wanhopig in het rond en gingen de nesten verloren in het sloopgeweld. Wat een mentaliteit,

27 juni 2013

Wie in een bosrijke omgeving woont en berken in de buurt heeft, zal het vast opvallen dat er momenteel heel veel mooie microvlindertjes te zien zijn die enorme sprieten op hun kop hebben. Het gaat hier om de mot met de ondubbelzinnige naam Geelbandlangsprietmot (Nemophora degeerella). Met vele tegelijk zie je ze nu dansen, waarbij ze zich uitsluitend horizontaal bewegen en dan op een bladrand of -punt gaan zitten. In die enorme sprieten bevinden zich een heleboel geurreceptoren waarmee ze vrouwtjes kunnen opsporen. De vrouwtjes moeten het doen met sprieten die slechts zo klein zijn als hun lichaam. De eitjes worden afgezet op Adderwortel, Gewone margriet en Berk, waarbij de laatste natuurlijk de meeste overleving biedt.

26 juni 2013

Voor het eerst zitten er peertjes aan mijn boompje dat al drie jaren op de volkstuin staat. Dankzij de regen! In droge tijden wil de peer het niet goed doen op de zandgrond hier. Op het blad is nog net een oranje plekje te zien: perenroest. Op diverse bladeren zit het, een oranje plekje met een donker vlekje in het midden. Dat is opzienbarend als je weet hoe die schimmel op de perenboom komt. De schimmel kan alleen overleven in het blad van de perenboom maar dat valt er in de herfst af en dan is het gedaan met de schimmel. Hoe blijft deze schimmel dan toch in leven: de waardplant of beter gezegd de winterwaardplant is de Jeneverbes, een conifeer. Deze is de boosdoener want na de winter vormt de schimmel hierop sporen en die minuscule sporen kunnen door de wind tot een halve kilometer ver verspreid worden. En zo komt hij op de peer terecht. De besmetting moet dus elk jaar opnieuw plaatsvinden. Voor de perenboom is dit een heel ongunstige situatie want als de schimmel verder woekert kan de boom eraan bezwijken. Om de schimmel te bestrijden, zou ik vijf keer per jaar met gif moeten spuiten maar dat is natuurlijk geen optie. Wat nu wel moet gebeuren is het snel verwijderen van alle blaadjes waarop de schimmel zit en die vernietigen. Voorlopig hoop ik dat de peren goed zullen doorgroeien en dat ik ze aan het eind van de zomer kan oogsten. Ik ben er dol op!

25 juni 2013

Waarschuwing: de kattenhaters moeten dit maar even overslaan!  Ik heb een probleem. Sinds april woont aan de overkant een jong stel mensen met drie katten en een daarvan is Bengel. Bengel is een nog jong beest en hij heeft zijn oog op mij laten vallen. Om de een of andere reden vallen katten op mij, vraag me niet waarom maar ik heb het al heel vaak ervaren. Na het doodgaan van onze beminde kater in februari, besloot ik  dat hij de laatste was geweest. Het commentaar was niet van de lucht: mam, dat hou je niet vol! Oma, jij zonder kat, dat lukt je nooit! Nou, dat zou ik ze bewijzen. En nu is daar Bengel die elke morgen in alle vroegte al voor de keukendeur staat te mauwen: hij wil naar binnen. Als ik de deur niet open doe gaat hij op de tuintafel smekend zitten roepen en staren, ondertussen  kopjes gevend tegen het raam. Niet kijken, denk ik dan maar regelmatig bezwijk ik ervoor. Het is duidelijk dat hij dit huis verkiest boven het huis met de andere katten, hij wil het rijk alleen hebben. Het is een knuffelkous en vlijt zich tegen mij aan als ik op de bank zit te lezen. Hij is snel als Dino uit de Flintstonesfilm: gaat de deur open dan roetsjt hij naar binnen voor je hem kunt tegenhouden. Al een paar maal ben ik langs geweest bij zijn bazen maar die maken zich er niet druk over. Loods ik hem 's avonds naar zijn eigen tuin, dan is hij als de bliksem zo snel weer terug in de onze als ik weer naar huis loop. Bengel is nu een inloopkat geworden. Hij is een vleier, een flirt, een charmeur. Maar blijven mag hij niet want ik wil geen andere kat meer. Hij heeft nu gewoon twee huizen, de opportunist!

24 juni 2013

Het viel me op dat de kikkerlarfjes in de vijver nog zo ontzettend klein zijn. Het water dat lange tijd erg koud bleef, en de vele regen die in de vijver viel, zouden best eens de oorzaak kunnen zijn. Kikkerlarfjes voeden zich eerst met algen die ze in het water en op de waterplanten vinden. Maar op zeker moment hebben ze dierlijk voedsel nodig. Dat kunnen bijvoorbeeld insecten zijn die in het water gevallen zijn. Behalve dat de amfibieŽn in wording nog piepklein waren, zag ik er ook maar heel weinig. Ik besloot ze een handje te helpen door een rauw balletje gehakt te pletten en op een ondiep plekje in de vijver neer te leggen. De donderkopjes vlogen er als het ware op af en toen bleken er opeens toch heel veel in het water te zitten. In elk geval hebben ze hun buikjes rond gegeten en over een week zal ik het bijvoeren nog eens herhalen. Waarom zouden die diertjes eigenlijk "donderkopje" heten? Deze naam wordt ook gegeven aan een bepaald type kleine wolkjes die als een ketting een paar duizend kilometer hoog in de lucht hangen. Als deze wolkjes - castellani genoemd -  in de ochtend aan de hemel te zien zijn, kun je er zeker van zijn dat later op de dag onweer volgt. Ze schijnen een betrouwbaar weerbericht te zijn. Ik kan me niet voorstellen dat er tussen de kikkerlarfjes en de onweerswolkjes een verband zou bestaan.

23 juni 2013

In het voorjaar komen in mijn volkstuin vergeten wortels op, die gaan nu bijna bloeien. Ze zijn ontsnapt aan mijn plukgrage vingers of met afgebroken wortel in de grond achter gebleven. Omdat alles zo laat is en er ook geen Dille staat die zich andere jaren voorspoedig uitzaait, laat ik dus de wortels staan waar ze opkomen in de hoop dat ze nog van nut kunnen zijn voor insecten, vooral vlinders. De Koninginnepage bijvoorbeeld. Vorig jaar waren er geen rupsen en dit jaar geen vlinders. Tot nu toe tenminste. Van een vriendin die in het midden van het land woont, hoor ik dat zij allerlei mooie vlinders ziet, hier aan de Veluwezoom schitteren ze door afwezigheid. Maar ja, neem het weer in aanmerking en je kunt je er niet over verbazen. In de hele wereld lijken er vreemde dingen aan de hand. Neem als voorbeeld de ongekende watersnoden in onder meer  Europa, India en Canada die momenteel rampen veroorzaken. Dat het klimaat verandert is volgens mij onmiskenbaar; dit kan geen toeval meer zijn.

22 juni 2013

Ziezo, we zijn weer even verlost van die vieze grote vliegen die bij warm weer zeer actief zijn en enthousiast naar binnen stuiven op zoek naar iets eetbaars. Het lijkt wel of ze weten waar de keukendeur zit want zodra je hem opent, schieten ze al langs je heen. En ze zijn smerig, zitten buiten op dierlijke uitwerpselen, leggen eitjes op het voer van kat of hond, en poepen in de vensterbanken. Bah! De warme dagen van afgelopen week heb ik mij verbaasd over hoeveel het er waren. Om de haverklap kon je een tik tegen het raam horen als ze in volle vaart van buiten naar binnen wilden vliegen en niet wisten wat een glazen ruit hen opleverde. Nadat ze tegen de ruit geknald waren, vielen ze al dan niet ondersteboven op de tuintafel en bleven daar een poosje uitgeteld zitten of liggen. Een mens zou meteen een hersenschudding oplopen maar de vliegen herstellen al snel weer en leven hun leventje gewoon verder. Het is wel een mal gezicht ze zo knocked out te zien zitten in allerlei rare houdingen. Ik betrapte me erop dat ik geen medelijden met ze had; onhygiŽnische beesten! Tot de herfst blijven ze ons lastig vallen.

21 juni 2013

Op de avond voor de zomer begon, maakte het weer een einde aan een drietal zomerse dagen! Bliksem, donder en enorme hoosbuien die in korte tijd een enorme waterplens over de aarde stortten. Het regenwater werd meteen gulzig door de bodem opgeslurpt want die was werkelijk gortdroog. Toen het hemelgeweld voorbij was, moest ik natuurlijk even het bos in. Het rook er verrukkelijk, de merels en lijsters zongen hun kelen schor en de warme aarde bleek meteen over te gaan tot het verdampen van het vele vocht. Dat leverde een herfstig beeld op, alsof er een dikke mist hing tussen de bomen. In feite was de kringloop in volle gang en werd het water weer opgestuwd naar boven om nieuwe wolken te maken. Heerlijke omstandigheden ook voor de teken, let dus goed op na een wandeling en controleer jezelf. Het zijn niet altijd volwassen teken maar vaak de nimfen die je nauwelijks ziet maar die hun aanwezigheid kenbaar maken door een vervelende jeuk. Binnen 24 uur uit je huid verwijderd, is er niets aan de hand. De minuscule teekjes in je vel nuttigen daar hun eerste bloedmaaltijd en zijn nog niet besmet. Weet je niet zeker hoe lang het nare beest er al zat, plak het dan op een stukje papier en stuur hem op voor onderzoek. Hoe dat moet, is te lezen op www.tekenradar.nl

 

 

naar boven