Natuurdagboek


Natuurdagboek 2007                             Natuurdagboek Winter 2010/2011
Natuurdagboek 2008                             Natuurdagboek Lente 2011 
Natuurdagboek Winter 08/09               Natuurdagboek Zomer 2011
Natuurdagboek Lente 2009                  Natuurdagboek Herfst 2011
Natuurdagboek Zomer 2009                Natuurdagboek Winter 2011/2012
Natuurdagboek Herfst 2009                 Natuurdagboek Lente 2012
Natuurdagboek Winter 2009/2010      Natuurdagboek Zomer 2012
Natuurdagboek Lente 2010                  Natuurdagboek Herfst 2012
Natuurdagboek Zomer 2010                 Natuurdagboek Winter 2012/2013
Natuurdagboek Herfst 2010                  Natuurdagboek Zomer 2013

 

 

Lente 2013

 

21 juni 2013: zie je hier niets staan? Maak dan je browser leeg / wis de geschiedenis, het geheugen van je pc.  Klik anders in de lijst hierboven op: Natuurdagboek Zomer 2013.

20 juni 2013

Bij het huidige warme weer zijn de insecten super alert! Gisteren in het bos, waar het weldadig koel was onder de oude beuken, zag ik verschillende wintervlindersoorten maar ik slaagde er alleen maar in deze Kleine groenbandspanner (Colosliga pectinataria) te fotograferen. Het is bijna onvoorstelbaar hoe ze reageren op beweging; zelfs op twee of drie meter afstand hebben ze je al in de gaten en vliegen op, al beweeg je nog zo langzaam. Deze spanner is een klein nachtvlindertje dat heel snel verbleekt van kleur. Hoe verser hij is, des te groener en mooier. De Engelsen noemen hem the green carpet, grappige naam. Als hij in rust op een boomstam zit, is het net een klein monstertje. De waardplanten zijn Walstro en Bosbes en daarvan hebben wij hier genoeg. Het viel me op dat er aan de bosbesstruikjes geen besjes zitten. Terwijl toch dit voorjaar struiken en bomen overvloedig gebloeid hebben.

19 juni 2013

Tijdens het water geven op de volkstuin ontdekte ik een Kleine wespenbok (Clytus arietis), een heel mooi insect en moeilijk te fotograferen omdat het voortdurend in beweging is. De naam zegt het al: het is een boktor en hij lijkt op een wesp, zowel in uiterlijk als in gedrag. Mimicy wordt dit genoemd; het is een manier om predatoren om de tuin te leiden. De boktor is echter ongevaarlijk en voedt zich voornamelijk met stuifmeel van bloemen. De lucht wordt hier steeds donkerder en het gerommel van onweer komt steeds naderbij. Tijd om de pc te sluiten en af te koppelen.

18 juni 2013

Op de dijk langs de IJssel liep een schaap met een drieling. Ze waren van het ras Zwartbles en dat is een vrij zeldzame soort. Grappig gezicht was dat ze alle vier een witte punt aan hun staart hadden, dat behoort bij dit ras.  Nu heeft een schaap maar twee spenen dus hoe dat met deze drieling gegaan is, zou ik wel willen weten. Een lammetje van een drieling wordt naar een andere moeder verhuisd die nog een speen te vergeven heeft. Misschien zijn ze dus later weer samen gevoegd. Wat jammer toch dat dieren van die rare oormerken moeten dragen, dat moet trouwens nog knap pijnlijk zijn ook als die er in gejast worden. Maar zonder een dergelijk oormerk mag een schaap niet vervoerd of verhandeld worden. Zwartbles schapen zijn gezonde dieren, ze geven goed melk, groeien hard en lammeren voorspoedig. Meerlingen worden vaak geboren. Dit lam dat voor mij poseerde was heel vriendelijk en kwam even een aai halen. Dat doen ze meestal niet. Misschien was deze wel met de fles grootgebracht.

17 juni 2013

Vanuit Dieren heb je over de IJssel een prachtig uitzicht op de molen in Rha, een piepklein dorp met ongeveer 100 inwoners. Wat mij trof was de twee manieren van energieopwekking; een door de oude molen die dateert uit 1856 en de ander via zonnepanelen op het dak. Zo dicht bij elkaar en toch ruim meer dan anderhalve eeuw verschil qua ontwikkeling van techniek. Geweldig! De molen draaide sinds 1963 niet meer en slechts door de onvoorstelbare inzet van de huidige eigenaars en de inwoners van Rha kon deze beltkorenmolen "de Hoop" in 1995 na een ingrijpende restauratie weer in werking worden gesteld. Energie kan op veel manieren worden opgewekt maar er gaat niets boven zo'n prachtige romantische molen die je weer even terugbrengt naar de tijden van weleer. Het is een erfgoed dat het verdient in stand te worden gehouden. Gelukkig onderkent het Rijk dat ook door veel nog bestaande molens in te schrijven in het monumentenregister zodat ze bewaard blijven voor onze nazaten.

16 juni 2013

Dit vond ik niet leuk! Met enige afschuw zag ik hoe de jonge mussen in onze tuin gevoerd werden met net uitgeslopen Vuurjuffers. Ik zag aanvankelijk met genoegen hoe de mussen steeds richting vijver vlogen om water te drinken Tenminste, dat dacht ik. Tot ik in de gaten kreeg dat die vreemde lange sliertjes die in de snaveltjes van de musjes gepropt werden de splinternieuwe juffertjes waren, die opgediend werden aan het kroost. De een na de ander verdween in de snavels van de mussenkinders. En er zijn heel veel musjes aanwezig. Het viel me al wel op dat ik zo weinig juffers bij de vijver zag. Dit heb ik de mussen nooit eerder zien doen. Gelukkig worden jonge mussen maar heel kort met insecten gevoerd, ze gaan al snel over op zachte zaden. Een paar dagen geleden sprak ik een dame uit Den Haag die mij vertelde dat er in haar stad geen mus te zien was. Ik vermoed dat ze niet goed heeft opgelet want Den Haag is toch een heel groene stad met heel veel vogels. In deze buurt zitten er in elk geval heel veel, uit elke flinke klimop, dichte struik of haag hoor je voortdurend hun vrolijke gekwetter.

15 juni 2013

De slofjes beginnen uit de Duitse pijp (Aristolochia durior) te vallen. Zij zijn klein en zitten verscholen tussen het uitlopende blad van de klimplant. Zo op het oog zijn het inderdaad net babyslofjes maar als je goed kijkt, vooral naar de rechterbloem, is goed te zien waarom de plant zo heet. Kleine vliegjes worden aangelokt door de geur van de bloemen en als ze eenmaal naar binnen zijn gekropen en in de "ketel" zijn beland, worden ze vastgehouden door neerwaarts gerichte "haren" tot het stuifmeel is overgebracht op de stempels. Dan verwelken de haren en kunnen de vliegjes eruit om naar andere bloemen te gaan. De plant is een enorm sterke groeier, hij maakt per jaar stengels tot wel zes meter en wie snel een muur of hek wil laten begroeien, kan met deze plant goed uit de voeten. Het blad is groot en hartvormig en groeit dakpansgewijs over elkaar, heel decoratief. Het is merkwaardig dat je de plant zo weinig ziet. In ons land komt ook de wilde Aristolochia clematitis voor. Door hun ondergronds groeiende wortelstokken kunnen die wel over een lengte van tien meter groeien in bermen of bosranden. De bloemen zijn veel kleiner, lichtgeel van kleur en de plant wordt niet hoog. Hij is in ons land vrij zeldzaam.

13 juni 2013

Een wandeling door het bos vergt bij mij de nodige tijd omdat ik altijd veel aandacht besteedt aan mijn omgeving. Neuzen in het gebladerte, af en toe eens rondom een boomstam gaan. En zo vond ik deze vlinder. Praktisch onopvallend zat hij er tegenaan. Thuis begint dan het gezoek want ik wil weten wat voor beest het is. Het leek me dat dit een nachtvlinder moest zijn en dat klopte, maar welke dan precies, ik kon het niet vinden. Dan maar even terugvallen op de kennis van een vriendin die veel meer van insecten weet dan ik. En ja hoor, zij hielp me uit de brand: het is een Kroonvogeltje (Ptilodon capucina). Nooit van gehoord, en wat een poëtische naam voor zo'n bruin en onaanzienlijk gevalletje. En waarom heet het zo? Leeft het in de toppen van de bomen, en vliegt het als een vogeltje? En verwijst zijn Latijnse achternaam naar het bekende kopje koffie? De vlinder blijkt een lichtgekleurd "kroontje" op het borststuk te hebben. De koffie en het vliegen moeten we maar vergeten. Het blijkt een algemeen voorkomende vlinder van de bossen, struwelen, parken en tuinen. Ik had hem nog nooit gezien. De vlinder behoort tot de familie der Tandvlinders, herkenbaar aan het uitsteeksel of wel tandje op de rug. Ze kunnen geen voedsel tot zich nemen; zich voortplanten en daarna doodgaan is hun lot.

12 juni 2013

Dit is mijn vriendje Merelman. Hij zit aan mijn voeten en pikt wat van het eivoer op dat nog over is van de periode dat het zo koud bleef.  Hij gaf afgelopen winter al blijk van een grenzeloos vertrouwen in mij want hij ging nog geen meter opzij als ik in de vroege ochtend de voedertafel vulde. Hij had in onze Klimhortensia samen met zijn nieuwbakken vrouw een nest gebouwd en beurtelings het broeden voor zijn rekening gehouden. Dat was mooi om te zien, hij kwam dan aangevlogen, floot een riedeltje vanaf zijn vaste tak in de Prunus, waarmee zij verlof kreeg even de vleugels te strekken en hij zolang op de eitjes ging zitten. De wisselwerking tussen beide was volmaakt. Opeens vlogen beide vogels aan met voer; hoera het was gelukt. Gisteren hoorde ik voor het eerst een zacht geroep uit het nest komen en afgaande op het geluid, moest het gaan om een enkel jong. En precies het om voedsel bedelend geroep van het jong betekende ook zijn einde. Toen wij aan tafel zaten hoorde ik het jong schreeuwen en waren de merels in grote paniek. Wie het jong uit zijn nest sleurde heb ik niet kunnen zien, het zouden eksters of kauwen geweest kunnen zijn. Na een uur kwam er een einde aan de paniekroepen van de merels en keerde de rust weer terug. Ook het enige broedsel dat een nieuwe vogel voortbracht, ging verloren. Dit jaar geen jonge vogeltjes in onze tuin. Hoe prachtig is toch de natuur!

11 juni 2013

In het bos kwam ik langs een stuk waar Rhododendrons staan. Bij nadere inspectie zag ik alleen een hommel die de bloemen bezocht. Ik zou zo graag eens willen lezen op bijvoorbeeld de website Natuurbericht hoe het nu staat met de stand van zaken waar het de aanwezigheid van insecten betreft. Ik heb de indruk dat het nog steeds niets is vergeleken met andere jaren. Er is tenminste nauwelijks iets te ontdekken. Opvallend is ook dat er langs de bospaden nog maar zo weinig bloeit, het boterbloemgeel is de enige kleur die er hier en daar te zien is. Terwijl buiten het bos alles groeit en bloeit dat het een lieve lust is, gebeurt dat binnen het bos nog steeds niet. Ik zoek me wezenloos naar leuke kevertjes, nachtvlinders op boomstammen, rupsen op het boomblad maar ik slaag er bijna niet in iets in te vinden.

10 juni 2013

Als de klaprozen gaan bloeien is dat voor mij altijd verweven met een speciaal gevoel: nu is het zomer! Op 5 juni schreef ik over de grote kale stukken berm langs de paden die het waterschap langs de IJssel heeft aangelegd ten behoeve van de fietsers. Wat zou zo'n waterschap niet een grote rol kunnen spelen in het in stand houden van specifieke natuur als dijkflora! Maar dat blijkt niet het geval te zijn. Op mijn vraag hoe het kan dat boeren de bermen en hellingen langs de fietspaden afmaaien op het moment dat de flora in volle pracht te aanschouwen zou moeten zijn, kreeg ik als antwoord dat het waterschap de bermen verpacht aan de boeren die er aangrenzend hun gronden hebben. Het is gewoon weer een kwestie van geld. En dan te bedenken dat waterschappen instellingen zijn met heel veel geld in kas. Vergeleken met landen als België en Duitsland is de natuur langs onze wegen een treurige aangelegenheid. De meeste gemeenten doen niets om dergelijke natuur aantrekkelijk te maken en de waterschappen die veel grond beheren, dus ook niet. Op de website van de Rijksoverheid staat geschreven: sterke landbouw en levendige natuur zijn noodzakelijk voor duurzame groei en een gezonde economie. De bescherming van de natuur leg ik goed vast in een nieuwe wet. Aldus Sharon Dijksma, de huidige staatssecretaris van Economische Zaken. Zal ik nu dan maar weer mevrouw Dijksma eens benaderen? Waarom doen we dat eigenlijk niet met z'n allen?

9 juni 2013

Het klein maar fijn Muntvlindertje (Pyrausta aurata) zie ik ook weer vliegen in de tuin. Best aan de late kant, maar dat zal niemand verwonderen. Het is een nachtvlindertje, een micro, en het hoort thuis in de familie der Grasmotten. Sommige nachtvlinders zijn ook dagactief dus de naam is eigenlijk nogal verwarrend. De soortnaam die het beestje gekregen heeft, klopt ook al niet helemaal. Zo vliegt ons motje niet uitsluitend op Munt maar ook op allerlei andere planten als Marjolein, Kattenkruid en Veldsalie. Er zijn twee generaties, de tweede volgt in de nazomer en de rupsen die daaruit voorkomen overwinteren in een spinsel. Dan even iets anders: op 1 juni schreef ik op mijn verhalensite over vogels die langs de Egyptische kust  massaal worden gevangen in 700 km lengte aan netten. Wie dat wil kan een petitie tegen deze barbarij tekenen:
http://www.natuurbericht.be/?id=10685

7 juni 2013

Meidoorn is een echte insectenboom en behalve dat is hij in bloei een ware schoonheid. Ik heb er een staan op mijn volkstuin en als ik in de buurt van de boom bezig ben, hoor ik een gezoem van jewelste van allerlei bijen, hommels en zweefvliegen. De Meidoorn (Creategus) is een zeer waardevolle boom voor de natuur. In het uiterwaardenlandschap vormt hij prachtige hagen en menig vogel vindt er bescherming dankzij de fijne takkenstructuur en de scherpe doorns. Twee weken lang kunnen insecten genieten van de bloei, daarna wordt het volgende feest voorbereid: de bessen. Dan zijn de vogels aan de beurt. Shakespeare schijnt eens verklaard te hebben  "liever de tedere schaduw van een meidoorn, dan de pracht en praal van 's konings baldakijn" boven zich te hebben. In het Griekenland van de oudheid werden bruidsparen naar het met meidoornbloesem versierde altaar begeleid met brandende fakkels van meidoornhout. Hoe romantisch! En hoe jammer toch dat deze prachtige rituelen de een na de ander verdwenen zijn.

6 juni 2013

De hoge waterstand in de rivieren heeft altijd een enorme aantrekkingskracht op mensen. Ook bij het haventje van Dieren zitten talloze mensen in het gras, op de trappen of in hun auto's te kijken naar het spektakel. De IJssel lijkt wel een meer geworden, zo breed is hij geworden. Wij waren de laatste passagiers die met de veerpont werden overgezet en hierna werd hij uit de vaart genomen tot het water weer wat gezakt is. Met veel bewondering zag ik hoe de pontbaas tergend langzaam manoeuvreerde om de pont te kunnen aanleggen. Ik vind het al knap hoe bestuurders met vrachtwagens qua stuurkunst soms ware huzarenstukjes uitvoeren maar dit was ook iets waar je met ontzag naar keek. Ga er maar aan staan bij die sterke stroming van het water en dat centimeter voor centimeter aftasten tot hoever je met je pont kunt gaan.

Ook nog maar even een plaatje van het grasland onder water. De bloempjes van de Rode klaver slagen er niet meer in de hoofdjes boven water te houden. Het duurt wel weer even tot het water weg is en de modder is opgedroogd. Het is bijzonder te zien hoe het kwelwater zich bij deze hoge waterstand gedraagt. Door de druk van alle water in de rivier wordt het grondwater omhoog gedrukt en zie je opeens ongeveer honderd meter vanaf de IJssel overal plassen of nevengeulen ontstaan. Daar verzamelen zich meteen de watervogels, en de ooievaars lopen er te zoeken naar..... kikkers misschien? Het levert verrassende beelden op van een uiterwaard die er opeens heel anders uitziet. Bij dit mooie weer is het er goed toeven.

5 juni 2013

Er komen steeds meer mooie fietspaden voor liefhebbers. De mooiste liggen op de dijken langs de rivier. Links en rechts kleuren de bermen knalgeel van de boterbloemen en als je even afstapt zie je er van alles tussen staan. Fluitekruid, Smeerwortel, Rode klaver en hier en daar al een eerste klaproos staan te wuiven in de wind. De graslanden zijn bijna alle gemaaid maar gelukkig staan al die bloemen nog in de bermen volgen er nog veel meer. Slechts een enkele weidevogel was er te horen en voor de rest is het op zulke fietspaden altijd heerlijk stil. Op het traject lag daar opeens een stuk waar gemaaid was. In deze tijd? Als de natuur zo laat is en er nog zoveel moet gaan bloeien? Ik zag dat er trouwens op die paar honderd meter geen wilde plant te bekennen was, degene die zo enthousiast de berm aan het kaal maken was, deed dat vast niet voor de eerste keer, geen wilde plant krijgt hier een kans. Toch maar eens even het Waterschap raadplegen! Vroeger werden stukken graslanden gebruikt voor weidegang als ze dichtbij de boerderij lagen en als hooiland als ze ver weg lagen. Boeren hadden in die tijd uitsluitend de beschikking over mest van hun dieren en het was meestal te lastig die over grotere afstanden te vervoeren. Dus liet men die verder afgelegen graslanden zich ontwikkelen tot hooilanden die eenmaal per jaar in de nazomer gemaaid werden. Zo ontstonden de hooilanden waar Thijsse zo lyrisch over kon schrijven. Na de tweede wereldoorlog deed kunstmest zijn intrede en werden nieuwe snel groeiende grassoorten ontwikkeld. Meer opbrengst voor de boer, maar minder voor de natuur want de grassen zijn door de bemesting die al vroeg in het jaar begint, stevig in het voordeel en verdringen de ouderwetse rijke  groei van wilde planten.

4 juni 2013

Het kan niet op met dit rare natuurgedrag. Nu weer overstromingen in buiten- en binnenland. Natuurlijk is het hier niets vergeleken bij de landen ten zuiden van ons maar toch. Het komt maar zelden voor dat in deze tijd van het jaar de rivieren zo boordevol water staan dat ze buiten hun oevers treden. Deze foto nam ik gisteren van de IJssel bij Giesbeek. Sindsdien is het water in de rivier met twee centimeter per uur gestegen. Weldra lopen de buitendijkse delen van de uiterwaarden vol en dat brengt dood en verderf. Het vee kan er vandaan gehaald worden maar wat moeten de weidevogels met hun nesten en kuikens, de hazen met hun jongen, de mollen in de bodem. De graslanden die hooi moeten opleveren om het vee 's winters te voeren, zijn voorlopig niet meer te maaien. De prachtige flora in de waarden gaat ten onder en het duurt weer weken voor herstel optreedt. Wat een vreemde aaneenschakeling van ontwikkelingen in de natuur!

3 juni 2013

Het lentegroen heeft al hoog en breed plaats gemaakt voor het donkerder groen van de zomer. Ik ervaar een wandeling door het bos als bizar. Geen bedelende spechten in boomholtes, geen pas uitgevlogen roepende meesjes, geen alarmkreten van merels die hun nesten en jongen verdedigen, het is een stille lente! Ook kan ik nog steeds geen insecten vinden op het blad van de bomen of op zanderige paadjes; ik zag alleen mieren en een snel verdwijnende kleine tor. Dit zou de tijd van overvloed moeten zijn en dat dit niet zo is, maakt me ietwat chagrijnig als ik over de bospaden loop. Eerst die vervelend lange winter, nu een lente die maar deels lente is, zelfs de zonneschijn kan daar  niets aan veranderen. De bomen lijken het met mij eens, spookachtig piepen en kreunen ze, aldoor opgejaagd door de wind die maar niet van wijken weet.

2 juni 2013

Dit tafereel is iets waar sommige medetuinders ongeduldig naar uitkijken. Binnenkort breken de vakanties aan en het is nog maar de vraag of de aardbeienoogst dan binnen is gehaald. Dat wordt spannend want de bloesems beginnen nog maar net vrucht te zetten. In werkelijk alle opzichten is dit een zeer gedenkwaardig voorjaar met hitte in Lapland en flink wat sneeuw in de Pyreneeën. Op de volkstuinen is het ook een rare bedoening. De fruitbomen hebben rijkelijk gebloeid, vaste planten geven er kleur en fleur maar met de groenten wil het nog niet bepaald lukken. Peultjes zijn zowat het eerste dat je oogsten kunt maar de planten zijn maar enige tientallen centimeters hoog en de worteltjes niet meer dan piepkleine sprietjes. Tot nu toe is de bodem gewoon te koud voor ontkiemende zaden. Nu onze hoop maar weer vestigen op de weermensen die een belangrijke verbetering aankondigen. Tot het zover is blijf ik doorgaan met met met mijn strijd  tegen zevenblad en kweekgras. Die voeren een ondergrondse guerrillaoorlog die ik maar niet winnen kan. Ik troost me maar met het feit dat ik tenminste vooruitgang boek.

1 juni 2013

Bij het wieden van onkruid stuitte ik tot mijn verbazing op twee bloeitakjes van het Lelietje der Dalen. De kelkjes waren niet wit maar roze getint en op hun buitenkant zaten roze streepjes. Nog nooit gezien! En hoe kwamen die nu in onze tuin, ik had geen flauw idee. In werkelijkheid waren de kelkjes wat meer roze dan hier op de foto en ik ging op zoek naar informatie via internet. Wat moeten we tegenwoordig nog zonder hulp van het wereldwijde web! Ik las dat het hier moest gaan om een kweekvorm: Convallaria magalis "rosea". Wat is er nu mooier dan zo'n takje zuiver witte bloempjes; ze zien eruit alsof ze gemaakt zijn van porselein en zijn schitterend van vorm. Maar ook hier zijn veredelaars weer mee aan de slag gegaan met de bedoeling er geld aan te verdienen. Want altijd zijn er mensen die planten willen hebben die een ander niet heeft, die willen pronken met iets bijzonders waarmee ze een ander jaloers kunnen maken. Of overdrijf ik nu? Hoe dan ook, geef mij maar het pure en onnavolgbare Lelietje der dalen.

30 mei 2013

Er zijn maar weinig dieren waar ik een hekel aan heb, maar tot dat kleine groepje behoren zeker ook naaktslakken! Als je zo'n dier oppakt, kun je hem niet eens van je afwerpen vanwege de slijmerige plaklaag die aan het schepsel zit. Bovendien zijn het de vijanden van mijn volkstuin.  Wat ik niet begrijp is dat er mensen zijn die het lekker vinden om slakken te eten. En toch doen ze dat, ook onze gewone tuinslakken. En hoe die dan verwerkt moeten worden tot een maaltijd, brrrr. De bekende tv-kok Gordon Ramsey geeft ze wortels te eten nadat hij ze gevangen heeft en in een emmer bewaart. Zodra de slakken oranje poep uitscheiden, weet hij dat de gifstoffen uit de slakkendarmen verdwenen zijn. Je weet immers nooit wat die beesten allemaal eten aan giftige planten. Daarna worden de slakken door de kok afgespoeld en in de vriezer gelegd, waarna hij ze in een pan met warm water gooit. Maar veel liefhebbers kiezen voor de zogenaamde Spaanse methode: gooi de slakken in een pan met koud water en zet die op het vuur. Ze proberen natuurlijk uit de pan te klimmen maar dan duw je ze terug. Zodra het water kookt, gaat er een handvol zout bij, en na een minuut een flinke scheut azijn waarna het slijm uit de slakken loslaat. Nou ja, de behandeling gaat nog verder maar ik was al misselijk toen ik het tot zover gelezen had.  Bah, never nooit niet zal ik zo'n slijmjurk eten.....

29 mei 2013

Al afgelopen winter kwam er steeds een gehandicapte Houtduif op de voertafel eten. Een van beide poten bungelde maar wat onder zijn lijf en hij kon er nauwelijks op lopen. Vorige week was hij opeens weer terug; hij kwam af op het zaad dat ik had neergezet voor de mussen die er dankbaar gebruik van maakten. De duif liep almaar verlekkerd rondom de voederkooi om de zaadjes op te pikken die binnen zijn bereik lagen. Het was een zielig gezicht hoe hij op zijn ene poot vooruit wankelde en telkens zijn evenwicht verloor, zoals op de foto. Nu het weer aanzienlijk is opgeknapt voer ik niet meer en de duif heb ik ook niet meer gezien. De Houtduif (Columba palumbus) is de grootste van Europa. Doordat de ogen opzij in zijn kop staan, monoculair noemt men dat, kan de duif geen diepte zien maar wel heeft hij een zeer groot gezichtsveld. Dat onze zielepiet het nog altijd redt, verbaast mij hogelijk.

28 mei 2013

Als de Spaanse boshyacint (Hyacinthoides hispanica) bloeit, is het feest in de tuin. Je kunt er prachtig de lente mee verlengen want hij bloeit pas nu. De oorspronkelijke in het wild groeiende bollen werden indertijd ingevoerd door veredelaars en gekruist tot er meerdere hybriden op de markt kwamen en dit kan er best een van zijn. De stelen zijn sterk, de hangende kelkjes overvloedig, de kleur hartveroverend en het totaal wordt ongeveer 40 cm hoog. Verwilderen doet hij niet in onze tuin, in tegenstelling tot de bekende Bluebell die ik eens meebracht uit Guernsey. Daar kleuren ze de bossen in het voorjaar blauw en gedachtig het gedicht "Jantje zag eens pruimen hangen" leek het me leuk er een paar mee naar huis te brengen. Echt is altijd leuker dan namaak. Het mag eigenlijk niet maar hoe zouden al die prachtige uitheemse planten en bloembolletjes hier terecht komen! Veredelaars maken vaak botanische reizen naar verre landen, zij houden hun handen echt niet thuis en dit heb ik niet van mijzelf......

27 mei 2013

In een grote naaldboom aan de overkant van de weg zit een nest met jonge eksters. Meesjes worden gevoerd met rupsen, vlindertjes en ander klein grut en jonge eksters worden gevoerd met jonge zangvogeltjes. Daarom worden de eksters door velen gehaat. Een sperwer in onze tuin die een merel slaat, bekijken we met bewondering en als de ooievaar een kikker voert aan zijn jongen worden we daar niet koud of warm van. Onze mensenhersenen zijn zo geïndoctrineerd met van alles en nog wat dat we soms de weg een beetje kwijtraken. Ik vind de Ekster prachtig. Een buitengewoon slimme en intelligente vogel die in staat is op tactische wijze uit te vissen waar het voer te halen is. Natuurlijk zien we graag de vogels in onze tuin met succes hun jongen groot brengen maar je moet ook zo realistisch zijn te beseffen dat de eksters niet verantwoordelijk zijn voor het uitroeien van populaties. Bovendien kun je er best iets aan doen om die vogelnestjes bescherming te bieden. Nu wij geen kat meer hebben maar nog wel een zak vol kattenbrokjes, week ik die in wat water zodat ze zacht worden en zet het schaaltje op een hoog punt neer. De eksters zijn er dol op en laten de nesten met rust. Af en toe koop ik zelfs een goedkoop blik kattenvoer en offreer ze dat. Succes verzekerd. En als straks de jonge eksters zijn uitgevlogen moet je eens luisteren naar dat gekwek en dat gekwebbel dat ze continu doen. Echt, ze zijn zo leuk! En als het grut is uitgevlogen, laten de volwassen vogels alle nesten, eieren en jonge vogeltjes weer voor de rest van het jaar met rust want ze broeden maar eenmaal per jaar.

26 mei 2013

Ze zitten weer volop in mijn volkstuin, allerlei leuke wantsen. Dit is de Kaneelwants (Corizus hyoscyami) die vaak wordt verwisseld met de Vuurwants. Op het oog lijkt die er wel op maar hun tekening is verschillend en ze behoren ook nog tot verschillende families. De Kaneelwants behoort tot de familie der glasvleugelen. Die heet zo vanwege een klein doorschijnend plekje in de harde delen van de voorvleugels. Maar daar is de Kaneelwants weer een uitzondering op want die heeft dergelijke stukjes die zwart zijn. De Vuurwants kan niet vliegen en de Kaneelwants weer wel. De Kaneelwants houdt zich op in zanderige streken en vooral in de duinen. Deze insecten houden er niet van begluurd te worden. In deze tijd van het jaar zijn ze druk aan het paren en in die situatie tref je ze dan ook het meest aan. Alsof ze zich generen, verdwijnen ze meteen uit je gezichtsveld door achter een blad te gaan zitten of desnoods door zich te laten vallen. Met hun steeksnuit zuigen deze wantsen het sap uit planten maar ze veroorzaken geen schade.

25 mei 2013

Jammer dat er zoveel regenbuien op het gewas neerdalen;  was dat niet zo dan zouden de geel gekleurde velden nog mooier bloeien dan ze al doen. Bijna iedereen verslijt ze voor koolzaadvelden maar dat klopt niet. Een jaar of wat geleden ontdekten onderzoekers van de Universiteit Leiden dat wat wij altijd Koolzaad genoemd hadden, in feite Raapzaad bleek te zijn. Nog erger: Koolzaad komt in ons land maar heel weinig voor en men veronderstelt dat deze plant zich niet makkelijk in ons land vestigt. Koolzaad wordt hoofdzakelijk gevonden op plekken waar het geteeld wordt of via overslaglocaties getransporteerd wordt. Je kunt heel makkelijk ontdekken om welke van de twee planten het gaat. Het Raapzaad heeft blaadjes die de stengel geheel omvatten. Als je eenmaal gekeken hebt, is het duidelijk. Het blad van Koolzaad heeft ook stengelomvattende bladeren maar slechts gedeeltelijk. Gebleken is dat Raapzaad goed kan kruisen met Koolzaad en dat daardoor hybriden ontstaan, dus het blijft toch wat ingewikkeld. Het Raapzaad in onze tuin staat er schitterend bij. Het moet in het vogelvoer hebben gezeten. Mooie frisse kleur, sterk vertakkende plant en daardoor lang bloeiend. Steeds komt er weer een nieuwe tros in bloei. Als het weer meewerkt, hebben ook insecten er weer zin in. Hier de bloeiwijze van Raapzaad met een van de vele graafbijen die op zoek is naar nectar.

24 mei 2013

Dat de mezenlegsels dit jaar veel kleiner waren als gevolg van het slechte weer, was al bekend. Maar het zat er ook dik in dat menig nest verloren zou gaan. De vorige dag gaat de geschiedenis in als koudste 23ste mei ooit. Nachttemperatuur dichtbij het vriespunt, daar zijn pasgeboren vogeltjes niet tegen bestand en in onze nestkast zijn ze dan ook doodgegaan. Ik vond ook al dat het voeren niet verliep zoals andere jaren dus misschien liet ook hun conditie te wensen over. Een paar dagen geleden had ik een snelle blik geworpen onder het dakje van de nestkast en zag daar twee sperrende snaveltjes van piepkleine jonkies. Maar zelfs die twee hebben de mezen niet in leven weten te houden. Het komt wel voor dat mezen hun dode jongen uit het nest gooien en dat hebben ze hier blijkbaar gedaan. Geen spoor meer van te vinden. Zelf had ik dat niet eerder zelf geconstateerd. Gistermiddag zag ik op een ooievaarsnest bij een vriendin nog één klein koppie boven het nest uitsteken. Ook daar zal het wel ellende zijn. Wat een barre, boze lente!

23 mei 2013

Op deze foto is goed de rozenstok te zien waaruit het gewei wordt opgebouwd. De herten zijn al druk aan het vegen om de bast eraf te krijgen. De hinden zijn nu hoogzwanger en sommige hebben al een kalf. Dat is iets dat de Gelderse gedeputeerde Van Dijk niets zegt. Hij laat zijn oren hangen naar het geklaag van de jagers en de boeren over het teveel aan herten en de schade die ze veroorzaken. Het is nog maar zes weken geleden dat de jacht op de herten werd beëindigd maar nu al geeft Van Dijk ontheffing en heeft jagers opdracht gegeven honderden herten af te schieten, zwanger of niet, kalveren of niet. Mensen hebben uitgemaakt dat er per hectare slechts twee herten mogen leven en op basis daarvan zou er op de Veluwe plaats zijn voor 200 dieren. Volgens tellingen lopen er echter ongeveer 800 stuks rond. Als daar geen plaats voor is, vraag je je af hoe het kan dat er zo vele leven. Het heeft te maken met overlast. Ze vreten aan de gewassen van de landbouwgronden, dat is waar. Maar herten kunnen geen bordjes lezen: verboden hier te grazen. Dus waar geen hekken om de landbouwgronden staan, volgen de dieren hun normale gedrag. Milieudefensie en de Vereniging het Edelhert hebben fel geprotesteerd tegen het afschieten in voortplantingstijd. Als fatsoenlijk jager zou je dit toch ook gewoon moeten weigeren!

22 mei 2013

Vroeger woonden er twee oude dames in onze straat. De een belde elk voorjaar op om te zeggen dat ze zo enorm genoot van de oude bloeiende Prunus in onze tuin. De ander begon al te mopperen zodra ze de knoppen zag zwellen: bah, zo meteen komt al die troep weer naar beneden! De Prunus is nu uitgebloeid en er is een enorme vracht aan zoete roze blaadjes op de aarde neder gedaald. Zo mooi, die roze oprit, de roze auto, die roze stoep. Maar nu is het een ergernis geworden want al die roze blaadjes zijn vieze frummels geworden, pakken zich samen tot roze klonten die onder je schoenen blijven zitten en mee liften naar binnen. Maar ja, dat hoort er ook bij. Erger vind ik het natte en akelig koude weer. Voortdurend zie ik meesjes tussen het natte gebladerte en de kleddernatte planten zoeken naar voer voor hun jongen. Dit wordt ongetwijfeld een heel treurig broedseizoen. Denk aan de ooievaars in hun grote open nesten,  aan alle vogelnestjes in bomen en struiken, en de weidevogels, het wordt allemaal koud en kletsnat. Denk aan het tekort aan voedsel voor de jongen, er is gewoon bij dit weer niet genoeg te vinden. En al die dappere vogeltjes die zo hun best doen voor hun jongen en zelf te lijden hebben onder het weer. Treurig hoor, en zo jammer! Om over al die teleurgestelde en humeurige mensen maar niet te spreken. We hebben dit jaar nog wel  zó lang moeten wachten op de lente......

21 mei 2013

Normaliter is een wild zwijn een stoer en robuust dier maar kijk eens hoe dit beest er uitziet! Er hoort in de winter een ruige dikke en donkere vacht omheen te zitten. Daaronder zit een warme ondervacht. In de lente gaat het zwijn ruien en krijgt hij een dunnere lichte vacht. Dit beest heeft niet eens meer overal een vacht zitten. Het lichaam is schonkig en vanwege de magere kippennek lijkt de kop nog langer dan anders. Het is een slachtoffer van de lange hongerwinter en hoewel we al richting juni gaan is het dier nog steeds niet in conditie en de ribben zijn te tellen. Ik kwam deze zeug tegen in het bos en zag hoe ze bleef staan en me met haar lichtbruine ogen hoopvol aankeek. Ik had twee sappige appels-voor-onderweg in mijn zak, kon de blik in die ogen niet weerstaan en ben uiteindelijk zonder die appels verder gegaan. De zeug stoof er op af als een hond op een verse kluif. Is het niet dieronterend dat zo'n stoer dier door honger gedreven de natuurlijke schuwheid aflegt en staat te bedelen als een hond? Als je je hond zou laten verhongeren, zou je meteen de dierenpolitie aan je deur krijgen maar de dieren in het bos mogen we ditzelfde lot met een gerust hart en een zwijgend geweten dwingend opleggen. Het is namelijk verdraaide handig dat op deze manier de zwijnenpopulatie een flinke tik krijgt en zonder moeite flink uitdunt. Scheelt weer een aantal tijdrovende jachtpartijen met bijbehorende kosten! Als de zwijnen over een aantal weken weer genoeg zijn aangekomen, gaan ze de mensen vanzelf weer mijden, dat is hun natuur. Jongen zal deze zeug voorlopig niet krijgen, dat kan haar lijf niet aan.

20 mei 2013

Monsanto is een enorm Amerikaans bedrijf dat producten voor de landbouw op de markt brengt. Denk daarbij aan bestrijdingsmiddelen en zaaigoed. Het is ook zeer actief op het gebied van het verwerven van octrooien voor genetisch gemodificeerde zaden van allerlei gewassen en schrikt er niet voor terug daarvoor biologische bedrijven in de arme landen op te kopen. Biopiraterij wordt dat genoemd. Het bedrijf staat al in negatieve belangstelling vanwege het middel Roundup, en vanwege het gif dat vermoedelijk oorzaak is voor de bijensterfte. Nu wordt er alarm geslagen over het feit dat Monsanto bezig is zoveel mogelijk macht te krijgen over welke zaden we mogen en moeten gebruiken voor het kweken van onze gewassen. Hierbij is de gehele voedselvoorziening in het geding, alsmede de zadenbiodiversiteit. De Europese Unie speelt het spel mee en wil nu in de toekomst verplicht stellen dat uitsluitend zaden mogen worden verkocht die het EU-merk dragen en oude gewassen mogen niet meer worden geteeld. Dit gaat de mensheid toch echt te ver en op 25 mei worden wereldwijd demonstaties gehouden in de vorm van een protestmars tegen Monsanto. Ook in Nederland vindt deze protestmars plaats en wel in Wageningen. Start is bij de Wageningen Universiteit om 14.00 uur. Wil je meer lezen over deze kwalijke ontwikkelingen google dan eens op de naam Monsanto en lees erover op de hieronder vermelde websites.

www.gentech.nl/info/octrooi
http://www.duurzaamnieuws.nl/bericht.html?id=97095

19 mei 2013

De lente is tot nu toe opvallend koud verlopen. Met nog bijna twee weken te gaan is het niet ondenkbaar dat de lente zelfs de koudste wordt in ruim 25 jaar. Aldus het KNMI. We zijn beland in de tweede helft van mei en nog altijd zijn er bomen die nog maar net uitlopen. Vanwege de koude zijn er in de winkels nauwelijks nog bloemkolen te koop, aldus de krant, en is de kou fnuikend voor de bloembollenteelt. Ik denk dat ook de broedende vogels er last van hebben. Opnieuw heb ik in het bos de bomen lopen afstruinen naar insecten. Geen rups gevonden, niet één, en ze zijn  toch het hoofdvoedsel voor de jonge meesjes. De kool- en pimpelmezen zijn sowieso al laat aan het broeden gegaan maar in ons eigen mezennestje is toch telkens activiteit te zien van in- en uitvliegende oudervogels. Maar zo weinig dat ik het ergste vrees. De koude heeft ook invloed op de terugkeer van trekvogels uit het zuiden. De boerenzwaluwen zijn nog lang niet allemaal in ons land aangekomen want in zowat heel Europa is het huilen met de pet op, wat het weer betreft. Enfin, vandaag wordt ons een mooie dag beloofd, ik zou zeggen: pluk hem! Op de foto een Smaragdlangsprietmot (Adela reaumura)

17 mei 2013

De herten in het bos zien er weer prachtig uit en trekken veel bekijks van wandelaars en fotografen die met eindeloos geduld en enorme lenzen staan te wachten tot de herten zich laten zien. De honger is gelukkig voorbij, dankzij de vele regen groeit het gras hard. De herten hebben nog bast om de geweitakken zitten. Als het gewei volledig volgroeid is, gaat dat eraf. Met vegen langs struiken en bomen wordt het er beetje bij beetje afgeschuurd. Gisteren heb ik de beuken en andere struiken en bomen eens aan een onderzoek onderworpen. Het viel me daarbij op dat er nauwelijks insecten op het blad te zien zijn en dat het blad daardoor puntgaaf is. Met spanning wacht ik op de gegevens over het broedseizoen, ik heb de indruk dat het daar niet zo geweldig mee gaat. Hopelijk vergis ik mij.

16 mei 2013

Een merel wordt wakker, geeft een schreeuw en begint meteen daarna te zingen. De wekker staat op 04.36 uur. Hij zingt nog een strofe, kijkt op zijn klok en ziet tot zijn schrik dat hij wel erg vroeg bezig is. Hij stopt het gezang en het wordt weer doodstil buiten. Negen minuten later laat in een naburig territorium een andere merel zich horen, misschien wel wakker geworden door de eerste. Het duurt niet lang of alle merels in de buurt barsten in gezang uit, de een zingt nog harder dan de ander. Het gezang houdt een uur aan. Om 5.15 uur laat ook een houtduif zich horen maar verder is alles merelzang wat de klok slaat. Er voegt zich ook nog een kraai bij maar de kleine vogels volgen pas als de merels hun snavels dichthouden. Vooral mussen zijn te horen, en een enkele mees. Het valt me op dat ik geen groenlingen, vinken of roodborsten gehoord heb. Zouden die een ochtendhumeur hebben? Of gunnen ze zich die lol van het zingen niet en zijn ze als goede plichtsgetrouwe vaders meteen op zoek gegaan naar voedsel voor hun nageslacht? Naast mij klinkt een donkerbruin geknor en ik geef een por om er een eind aan te maken. Ik draai me nog eens lekker om en hoop dat ik na die langdurige ochtendcantate nog een uiltje kan knappen.

15 mei 2013

De Zwarte wegslak (Arion ater) heeft het bij dit weer reuze naar zijn zin; uit alle hoeken en gaten van het bos komen ze tevoorschijn. Eindelijk is de droogte voorbij en al die tijd hadden ze zich teruggetrokken onder een steen of iets dergelijks om te wachten op betere tijden met veel vocht. Een slak is een weekdier en weekdieren leven zowel in het water als op het land. Onze zwarte landbewoner produceert een slijmlaag als hij zich voortbeweegt; als hij zich in verticale richting verplaatst, maakt hij weer een ander soort slijm. Slakken zijn weliswaar tweeslachtig (hermafrodiet) en hebben zowel vrouwelijke als mannelijke geslachtsdelen maar om zich voort te planten hebben ze een partner nodig waarmee ze kunnen paren. En dan bevruchten de beide dieren elkaar. Driemaal per jaar kan zo'n slak een stuk of vijfhonderd doorschijnende eitjes leggen. Je vindt ze vaak in composthopen of bloempotten. Deze slakken zijn te zien van maart tot oktober, daarna kruipen ze weg om te overwinteren. De Zwarte wegslak komt voor in Noord-Europa en Noord-Amerika. Egels, mollen en allerlei andere zoogdiertjes lusten er wel pap van!

14 mei 2013

Wat is het nat buiten! Ik zie overal drijfnatte meesjes in de weer op zoek naar voedsel voor hun kroost. Bij ons in de tuin heeft Miep Pimpel op moederdag haar nageslacht uit de eitjes zien kruipen en Pa Pimpel vliegt zich het schompes om voer aan te dragen. Miep kan haar jongen nauwelijks alleen laten, het is zo koud en ze mogen niet teveel afkoelen natuurlijk, dus het grootste deel van de dag houdt ze de jonge vogeltjes met haar eigen lijfje warm. Dus Pa Pimpel is de klos. Ik heb trouwens de indruk dat er niet al te veel insecten zijn. Andere jaren zag ik de mezen aan de lopende band al voerend  in en uit vliegen maar nu zitten er behoorlijk grote tussenpozen in. Zijn andere jaren onze drie nestkasten gevuld, nu is er maar één gevuld. Vorige lente ging het her en der mis door gebrek aan voedsel, waardoor veel vogels in de nestjes doodgingen. Zou het deze lente weer fout gaan?

13 mei 2013

Het abominabele natuurbeleid van Henk Bleeker is helaas niet helemaal van de baan, ook al heeft hij een opvolgster gekregen die het heel wat beter doet! Bleeker heeft indertijd een wet er doorheen gejast die Staatsbosbeheer verplicht grond te verkopen om zodanig 100 miljoen euro in de staatskas te brengen. Daaronder zijn waardevolle natuurpareltjes die tot nu toe zorgvuldig beheerd zijn. Werd indertijd Staatsbosbeheer opgericht om te fungeren als hoeder van onze natuur, vandaag de dag moet het gaan dienen als geldopbrengend instituut. Hoe treurig! De Partij voor de Dieren heeft daartegen een daad gesteld: de actie "Groeiend Verzet", en wordt daarbij ondersteund door het tv-programma Vroege Vogels. Wat je ook vindt van de Partij voor de Dieren, dit is een mooie actie. Voor elke vijf euro die particulieren storten, kan een vierkante meter grond worden gekocht. Als het een groot succes zou worden, zouden op deze manier waardevolle stukken natuur kunnen worden gekocht van Staatsbosbeheer en die zullen worden overgedragen aan bestaande beheersorganisaties. Op die manier gaat er geen natuur verloren maar wordt die juist zeker gesteld. De veiling door Staatsbosbeheer gaat door tot 17 mei en tot die datum kunnen wij allen de initiatiefnemers meehelpen door het storten van geld. Van harte aanbevolen! Ga daarvoor naar de website van de Partij voor de Dieren en zie daar hoe het in zijn werk gaat. Mocht de actie mislukken dan krijg je je geld weer teruggestort. Als eerste wordt grond verkocht in Drenthe. Er schijnt zelfs een stuk bij te zijn met een dassenburcht erin. De Das is in ons land beschermd, de burcht inclusief dassen mag blijkbaar zomaar verkocht worden!

12 mei 2013

Het  Oranjetipje (Anthocharis cardamine) doet het goed dit jaar. Grappig hoe het elk jaar weer verschijnt op het moment dat de Pinksterbloemen al of bijna bloeien. Momenteel dartelen ze overal door tuinen en weilanden, op zoek naar een partner en vervolgens naar een geschikte plant om de eitjes af te zetten. Dat doet het vrouwtje bij voorkeur op Pinksterbloem en Look-zonder-look. Judaspenning kan ook nog in aanmerking komen. Langs de randen van de weilanden waar veel pinksterbloem bloeit, zoekt het vrouwtje heel secuur de planten uit. De bloemen van de Pinksterbloem moeten nog grotendeels in knop zijn. De ontwikkeling van de eitjes gaat snel en het vlinderlarfje moet uitkomen op het moment dat er vlak bij hem voedsel te vinden is. Dat voedsel vormen de zaden van de Pinksterbloem. De tijd die het eitje nodig heeft om uit te komen, loopt synchroon met de bloeiwijze van de Pinksterbloem. Heeft die zaad gezet, dan wordt het larfje geboren. De larf wordt een rups en die gaat na een poos verpoppen. De verpopping vindt plaats op een stevig takje dus worden de eitjes gelegd op bloemen aan de rand van het weiland zodat de rups niet te ver hoeft te kruipen om in het struweel te komen. Als de winter er overheen is gegaan komen de nieuwe vlinders in mei uit en begint alles weer opnieuw.

11 mei 2013

In onze loofbossen groeit en bloeit nu de Vogelkers. Je vindt hem op vochthoudende, rijke zand- en leemgrond. Van verre zie je de bloemtrossen al door de bomen en als je dichterbij komt, kun je de heerlijke geur van de bloemen opsnuiven. De botanische naam is Prunus padus. Later komen er bittere, op kleine kersen gelijkende vruchten aan die graag door vogels gegeten worden. Een andere Vogelkers die in ons land als ongewenst wordt beschouwd is de hier ooit ingevoerde Amerikaanse vogelkers. Men veronderstelde dat deze bomen/struiken zouden kunnen helpen bij het vasthouden van zandgronden maar ze bleken zo te woekeren dat deze Vogelkers al snel de naam "Bospest" kreeg. Waar in Amerika, waar de boom vandaan komt, zaailingen vanwege een bepaalde bodemschimmel niet veel kans krijgen om uit te groeien, gebeurt dat in ons land juist wel en breidt de soort zich enorm uit. Veel jaren geleden nam ik een keer een jong exemplaar van de Inheemse vogelkers mee naar huis, en bloeien doet hij elk jaar prachtig maar al heel snel wordt het blad aangetast door luizen. En na de bloei is er ook niet veel moois meer aan. Daarom staat hij in een grote container die ik naar een achterafplek in de tuin kan slepen maar hij heeft het daar niet naar zijn zin helaas. In bloei is het een van onze mooiste bomen!

10 mei 2013

Op een bospad dat diepe sporen vertoonde als gevolg van het kapwerk dat gedaan werd met zwaar materieel, zag ik tot mijn verbazing in een geul wat water staan waarin honderden kikkerlarfjes zwommen. Door de indroging hadden gedeelten van de geul nog maar hele kleine plekjes met water. Dankzij de leemlaag die onder het pad lag, stond hier nog wat water terwijl het elders in het bos gortdroog was. In de bosbodem die hoofdzakelijk zand bevat met plaatselijk meer of minder leem, zijn in het voorjaar altijd plassen waarin kikkers zich voortplanten. Dit jaar is dat door de aanhoudende droogte niet het geval en werd er ook geen dril afgezet. De kikker die deze eitjes weken geleden afzette, had mazzel dat haar kroost niet omkwam maar ter wereld kwam op misschien wel uitgerekend het beste bodemplekje van het bos. Maar de regen die hier inmiddels is gevallen heeft nauwelijks betekenis dus ik vrees het ergste voor het larvenspul. Daar komt nog bij dat in zo'n geul niets te eten is voor de kikkerlarfjes. Wat een verspilling!

9 mei 2013

Ik kan het niet laten, elk jaar moet ik gewoon even de Paardenbloem (Taraxanum officinale)opvoeren in mijn dagboek. Met recht, zou ik zeggen want het is wat je noemt een beauty! De Paardenbloem is een nuttige plant voor insecten, je ziet ze er altijd nectar zuigen.  Momenteel staan de weilanden er vol mee en hier en daar ook nog samen met de lila bloeiende Pinksterbloem. En iedereen die er langs fietst, vindt het prachtig. Maar o wee als de plant het lef heeft zich in een tuin te vestigen. Dan wordt hij bespoten met gif, wordt zijn wortel uitgetrokken of afgesneden want niemand wil de plant in zijn tuin. Wij mensen zijn een beetje verknipt geraakt, zo geïndoctrineerd door begrippen over mooi en lelijk, over gewenst en ongewenst, over wat mode is of hoort, dat we soms natuurlijke schoonheid niet meer kunnen waarderen als die verschijnt op een plek die in onze beleving niet is toegestaan. Daarom verdelgen we de madeliefjes, pinksterblommen en paardenbloemen uit onze gazons. En de fabrikanten van chemische troep zijn daar blij mee. Al die afzonderlijke lintbloempjes van  het gele onkruid, die samen de "bloem" vormen, worden straks opgevolgd door geribbelde dopvruchtjes. Daaraan groeit een ingenieus parachuutje dat de zaden stuk voor stuk op de wind kan vervoeren naar elders. Schitterend toch? De Paardenbloem, lid van de familie composieten, groeide oorspronkelijk in Centraal-Azië en heeft inmiddels de hele wereld gekoloniseerd. Behalve de tropen, daar voelt de Paardenbloem zich niet thuis. Eerlijk gezegd vind ik ook niet dat hij daar past.

8 mei 2013

Dit kevertje rende door de keuken en ik zette hem even op mijn hand om hem te fotograferen. Het is een loopkever die luistert naar de naam Poecilus versicolor, en die ik veel tegenkom in de tuin. Deze kever is klein van stuk maar een rover van jewelste. Hij jaagt op de spinnen en allerlei larven van andere kevers en is behalve 's winters het hele jaar actief. Het vrouwtje begint met eitjes leggen zodra er genoeg voedsel aanwezig is. Ze doet dat meerdere keren per jaar met telkens een pauze van een paar weken ertussen. Natuurmonumenten heeft eens onderzoek laten doen naar hoeveel van deze (en andere) kevers er doodgereden werden op de provinciale weg die door het Mantingerveld loopt, een inmiddels hersteld en aansluitend natuurgebied bij Hoogeveen dat sinds de ruilverkaveling verstoord en verdeeld was geraakt. Dergelijke wegen veroorzaken habitatverlies, onrust, uitstoot van schadelijke stoffen, en vormen voor allerlei kleine dieren een bijna onneembare barrière. Er komt heel wat kijken voor natuurherstel daadwerkelijk wordt aangepakt! Dankzij de grote natuurorganisaties in ons land gebeurt dit gelukkig wel.

7 mei 2013

Terwijl ik thuis zat uit te puffen van mijn arbeid in de volkstuin, viel mijn oog opeens op een piepkleine narcis. Van mijn "bollenvriendin" krijg ik in het najaar vaak geheimzinnige bolletjes uit de voorraad die zij weer, hebberig als zij op dit punt is, voor haar eigen tuin kocht. Omdat ik weet dat het dan om bijzondere soorten gaat, poot ik ze in potten om ze niet kwijt te raken. Vaak raken de kaartjes dan weg gedurende de winter en laat ik mij maar verrassen als er bloei komt. Ik vermoed dat het hier gaat om  miniatuurnarcis "golden bells".  De bloemen zijn maar anderhalve centimeter en bestaan bijna geheel uit de trompet. Er wordt met bloemen en bloembollen zoveel gedaan door kwekers, dat de oorsprong van de oorspronkelijke plant zelden nog  te achterhalen is. Wilde narcissen komen in Nederland ook voor maar zijn zeer zeldzaam. Ze groeien overvloedig in Noord-Afrika, China, Japan en op sommige plekken in Azië. In Europa zijn ze voornamelijk te vinden in Spanje en Portugal. In de mythologie komt de Narcis ook voor. Een ergerlijk ijdel jongmens, Narcissus genaamd, werd vanwege deze eigenschap door Aphrodite, de mooiste aller godinnen, gestraft door hem verliefd te laten worden op zijn eigen spiegelbeeld. Uiteindelijk verdronk hij toen hij almaar met zijn hoofd boven het water hing om zichzelf te kunnen zien. Vroeger, op school, moest ik eens een gedicht van William Wordsworth uit mijn hoofd leren en voordragen. Het ging over de Narcis en ik ken het nog steeds: I wanderd lonely as a cloud....

6 mei 2013

Hondsdraf (Glechoma hederacea) is een nietig maar nuttig plantje. Veel mensen weten dat het sap uit het gekneusde blad helpt tegen de jeuk na een insectenbeet of aanraking van brandnetel. In de homeopathie wordt het veel toegepast tegen kwalen. Je hoeft het niet eens via een drankje binnen te krijgen voor hulp bij kleine kwaaltjes, je kunt het plantje ook naturel toepassen. Als je het eet, schijnt het slijmoplossend te werken en als je het in je oren stopt, schijnt het goed te werken tegen oorsuizen e.d. Of het waar is allemaal, ik kan het niet garanderen. Voor veel solitaire bijtjes zijn de bloempjes ware honingpotjes. De sterke geur van de bloemen is aantrekkelijk voor honden die er een beetje wild van worden. Daar zou de naam van de plant dan weer op gebaseerd zijn. Hondsdraf kun je het hele jaar zien maar vanaf april bloeit het tot de nazomer toe. Hoe meer zon de plant krijgt, hoe kleiner de blaadjes, waardoor de mooie blauwe bloemen goed opvallen. Er komen twee vormen van de plant voor: functioneel vrouwelijke planten en tweeslachtige exemplaren. (94% van alle planten is tweeslachtig). Op natte grond wil de plant niet bloeien maar voor de rest komt hij praktisch overal voor. In ons land behoort Hondsdraf zelfs tot de meest algemene epifieten op allerlei bomen, waar hij niet alleen langs de stammen omhoog groeit maar ook ontkiemt in spleten en holten van de stam. Al met al is deze nuttige snelle groeier een wilde plant met heel veel potentie.

5 mei 2013

Weer thuis na een bezoek aan het crematorium waar alwéér afscheid moest worden genomen van een dierbaar mens, zocht ik afleiding in de natuur. Overal uitlopend groen of blad dat zich al ontplooid had. Vlinders, pas uit de cocon waarin ze de lente hadden afgewacht om opnieuw geboren te worden. In het water twee pasgeboren grauwe gansjes, net begonnen aan hun leven dat wel zeventien jaren zou gaan kunnen duren. Als ze het halen tenminste, want in de natuur loert overal de dood. De zwijnen in het bos die de lange en pijnlijke hongerwinter overleefd hebben, zullen zich voorlopig niet kunnen voortplanten daar ze de grootste moeite hebben hun uitgemergelde lijven weer in conditie te krijgen.  Nieuw leven zal in de zwijnenpopulatie in deze lente niet te zien zijn. En zo liggen dood en leven vlak naast elkaar, onlosmakelijk met elkaar verbonden. En zo zal het altijd zijn, zolang de wereld zal bestaan. Vandaag is het Bevrijdingsdag. Zo jammer dat nog maar weinig mensen onze vrijheid willen gedenken met het uithangen van de nationale driekleur. Wie alle dood en verderf in deze wereld in ogenschouw neemt, kan toch niet anders dan immens blij zijn dat wij in een vrij land wonen?

3 mei 2013

Het gezinsleven van de ooievaars verloopt dit jaar niet naar wens, de lange winter eist zijn tol maar ook de langdurige droogte maakt dat voor de jonge vogels niet genoeg eten te vinden is in de weilanden. Lang niet alle nesten in onze omgeving zijn bezet. Hetzelfde lot zal ongetwijfeld de overige weidevogels treffen want door de droogte zijn er nog steeds maar heel weinig insecten te vinden. Als de boeren hun land ploegen stuift dat als ware het een woestijn, zo uitgedroogd is de bodem. Op de volkstuin is dat ook goed te merken. Je kunt wel van alles in de grond stoppen maar zonder een aantal fikse regenbuien komt daar niet echt veel van terecht nog. Aan de planten in de tuin kun je het ook merken, van veel planten vraag je je inmiddels af of ze er nog wel zijn.
Het bos begint langzaam groen te kleuren waarbij het opvallend is dat de ene beuk al in blad staat en de andere nog moet beginnen.

2 mei 2013

Toen we onze kater Max nog hadden, bewaarde ik na het borstelen zijn haar voor de vogels. Hoewel hij zwart was, was zijn ondervacht grijs en heel zacht. Dat deed ik dan in lege pinda- netjes en bewaarde die tot het voorjaar zodat de vogels dat haar in hun nesten konden verwerken. Max hebben we sinds eind januari helaas niet meer maar de dotten haar hingen nog steeds in de garage. Nu er volop genesteld wordt, heb ik het maar opgehangen aan een tak. Binnen een half uur was het netje leeg en was al het haar verdwenen in de nestkasten van Kool- en Pimpelmees. Het is een buitengewoon koddig gezicht om de vogels met die enorme snorren richting nestkast te zien vliegen. De jonge vogeltjes liggen straks in een lekker zacht nestje. Volgende keer maar zien dat ik een buurtkat in zijn lurven kan grijpen voor de oogst voor volgend jaar.

1 mei 2013

De Europese Unie heeft gisteren gestemd voor een deelverbod op de stof die ervan verdacht wordt de oorzaak te zijn van de bijensterfte: neonicotinoïden. De producenten hebben zich met hand en tand tegen verzet maar hun verzet heeft ze niet kunnen baten. Gedurende twee jaren mogen middelen met deze stof per 1 december niet meer worden gebruikt in toepassingen bij de teelt van koolzaad, zonnebloemen en maïs. Bestrijdingsmiddelen met het gif mogen wel worden toegepast op niet-bloeiende gewassen, zoals suikerbiet en bloeiende gewassen die niet aantrekkelijk zijn voor bijen. Ook wordt het gebruik toegestaan in periodes dat de bijen niet actief zijn. De tegenstanders van het verbod wijzen erop dat ook andere zaken ten grondslag liggen aan de bijensterfte, de varoamijt en schimmels zijn in deze berucht. Toch moet ergens een begin gemaakt worden tegen de wereldwijde alarmerende bijensterfte en over twee jaar zal blijken of het gif de belangrijkste oorzaak was. Het gif tast het zenuwstelsel van de bijen aan waardoor deze onder andere gedesoriënteerd raakten en niet terugkeren naar de bijenkast. Het is wel zaak volgens de Commissie dat ook bestrijdingsmiddelen die door particulieren worden gebruikt, uit de handel worden gehaald. Het schijnt dan enige tuincentra daartoe al zijn overgegaan. De petitie "stop de bijensterfte" die internationaal door een massa bezorgde burgers werd ondertekend heeft er vast en zeker toe bijgedragen dat  het verbod er is gekomen. Prachtige actie!

30 april 2013

Op deze historische dag voor vorst en vaderland volsta ik met een oranje trompet van een narcis. Mooi weer, de natuur eindelijk groen, een koning en een koningin, feesten en volksgedruis, de dag kan al niet meer stuk!

28 april 2013

Dit zijn de zaden van de Toverboom (Ricinus comunis). Ze zien er mooi getekend uit en lijken net beestjes. De bolronde zaden doen volgens sommigen denken op de gezwollen lichamen van teken (Ixodus ricinus). De Toverboom is een zeer snelle groeier, vandaar de naam. Hier kan hij in principe in een seizoen wel 4 meter halen maar in de Tropen haalt hij met gemak een hoogte van 20 meter. Deze zaden waren in de oudheid en nu nog steeds belangrijk voor allerlei toepassingen, zowel in de geneeskunst als in praktische middelen. De zaden werden gevonden in Egyptische graven van 5.000 jaren voor Chr. De zeer viskeuze olie in de zaden wordt o.a. gebruikt in remvloeistof voor motoren maar ook in wonderolie die verwerkt wordt in cosmetische middelen. Vroeger borstelden wij onze wimpers ermee in de hoop dat die fluweelzacht, dik en lang zouden worden. (Veel hielp het niet en daarna kwamen de kunstwimpers in beeld, wat overduidelijk te zien is bij Eva Jinek).  De binnenkant van de zaden bevat de giftige stof ricine, een van de meest dodelijke stoffen ter wereld. Obama kreeg het onlangs toegestuurd in een brief en via de punt van een paraplu die was voorzien van ricine werd jaren geleden een Bulgaarse dissident vermoord. Wie nergens bang voor is en normaal met de zaden omgaat, kan er een mooie plant mee opkweken die prachtig blad heeft en een opvallende rode bloeiwijze.

27 april 2013

Door park Sonsbeek liep een man met een Grijze roodstaart op zijn schouder. De vogel zat los en was duidelijk gewend aan deze situatie. Ik kon het niet nalaten de man aan te spreken. Hij vertelde dat zijn papegaai het heerlijk vond om mee naar buiten te mogen en dat hij de vogel overal mee naar toe nam. Op mijn vraag of de roodstaart nooit weg vloog, antwoordde de man dat dit alleen gebeurde als de papegaai bang werd maar dan kon hij hem snel weer terug krijgen. Ik had natuurlijk moeten vragen of de vogel geleewiekt was, dat zal wel het geval zijn geweest. Maar hoe het ook zij, deze papegaai had een heel wat beter leven dan familieleden die hun leven moeten slijten in een kooi en nooit het zonlicht zien of  wind tussen hun veren voelen waaien. Deze papegaaien zijn de soort die het meest in huis wordt gehouden. In het wild leven deze vogels in de bossen van Congo en Angola. Het schijnen heel intelligente vogels te zijn. Jammer dat deze vogels in gevangenschap gehouden worden en een familieleven wordt onthouden.

26 april 2013

De Mandarijneend (Aix galericulata) is een kleurige verschijning, rijk voorzien van prachtige veren. En als toegift kreeg hij een vlag mee. Dat zijn de oranje veren achterop die hij als een zeil rechtop kan zetten om te imponeren of een vrouwtje het hof te maken. Deze eenden broeden tot wel twintig meter  hoog in een boom in een holte of spechtennest en de favoriete biotoop is een plas water waar takken breed over het water hangen en - hoe merkwaardig - Rhododendron groeit. Speciale nestkasten worden ook geaccepteerd. Een dag nadat de jonge eendjes uit het ei zijn gekomen, springen ze als vederlichte pingpongballetjes naar beneden waar moeder ze staat op te wachten. De vrouwtjes zien er ook mooi uit, grijs met fijne lichte streepjes maar heel wat bescheidener uitgevoerd. Sommige vrouwtjes krijgen als ze oud worden wat van het uiterlijk van de man en worden dan ook wat kleurrijker. Gedurende de rui dragen de mannetjes een zogenaamd eclipskleed, ze lijken dan veel op de vrouwtjes. Omdat ze door de rui van van slagpennen even niet kunnen vliegen, is dit een prachtige tijdelijke camouflage. In de regio Arnhem is door iemand jarenlang onderzoek gedaan naar deze eenden en werden ze voorzien van een pootring. In de wijde omgeving bleken slechts 100 mandarijneenden te zijn. Een van de in 2005 geringde eenden werd drie jaar later teruggemeld uit Noorwegen: 1250 kilometer verderop. De mooie Mandarijneend is een exoot die halverwege de achttiende eeuw ontstapte op plekken waar hij als siereend gehouden werd. Daar hij zich maar heel bescheiden in het wild voortplant, vormt hij geen bedreiging van onze inheemse vogels. Het eendje komt van origine voor in het oosten van Siberië en Azië, deels is het daar inmiddels zeldzaam geworden.

25 april 2013

In deze tijd van het jaar wil ik altijd naar het park Sonsbeek in Arnhem. In die stad bracht ik mijn jeugd- en tienerjaren door en in Sonsbeek liggen veel herinneringen. Op mooie dagen gingen we met een stel vriendinnen op het gras langs de vijver en bij de waterval zitten, op zondagmiddagen gingen we er naar de theeschenkerij om met de jongens te dansen en te sjansen. Op 30 april stonden we met half Arnhem langs het park te kijken naar het jaarlijkse koninginnevuurwerk. Het is een fraai en behaaglijk park waar de stad zeer trots op kan zijn. Op zo'n mooie dag als gisteren zitten ouderen op bankjes, jonge moeders en jongelui op het gras en iedereen lijkt te genieten van de zon, het nieuwe tere groen en het waterleven in de grote vijver. Lag er een dergelijk park met zo'n vijver dicht bij ons huis, ik zou er niet weg te slaan zijn.

24 april 2013

Soms hoor ik dingen waarvan ik denk: moet dat nou echt? Neem het bericht over koolmezen die een zendertje om krijgen om erachter te komen hoe ze communiceren. En dan wordt dit gedrag vergeleken met mensen die communiceren op facebook en twitter. Een koolmees weegt ongeveer 17 gram; hoeveel zou dat zendertje wegen? Wat is het belang van dergelijke onderzoeken? Heeft het enige wetenschappelijke waarde of is het slechts een middel om de nieuwsgierigheid van mensen te bevredigen? En moet je dit soort dingen dan doen? Het nieuwste: mieren worden voorzien van gekleurde plakkers op hun ruggen en hun bewegingen op foto's vastgelegd. Op die manier wordt vastgelegd hoe de mieren zich gedragen. Overal zie je onderhand dieren met zenders of nummers om hun nek of poten. Ik vraag me werkelijk af of we zo langzamerhand met deze methodes niet een beetje op hol zijn geslagen!

23 april 2013

Bijna adembenemend hoe de natuur opeens in volle hevigheid los barst. Opeens zie je vol verbazing dat de Berk in blaadjes staat, dat de Kastanje aan het uitlopen is, de Meidoorn al helemaal groen is. Als nu de koude nachten nog verdwijnen, komen ook de insecten weer tot leven. Dit zijn de dagen in de natuur dat je je niet kunt veroorloven ze voorbij te laten gaan zonder je buiten te verwonderen over al dat moois. De tere kleuren van de bloesems, het frêle groen van uitlopend blad, om het gezang van de vogels niet te vergeten. De enige wens die ik nog heb is een flinke plens hemelvocht om de droge aarde te doordrenken want het is wel heel erg droog.

22 april 2013

Iemand vertelde mij dat er bij hen pas twee vinken tegen het raam vlogen. De een knapte na de klap weer op, de ander brak zijn nek en ging dood. Eerder al vlogen daar twee staartmezen zich tegen de ruit te pletter. Vogels zien in glanzende ruiten de weerschijn van lucht en bomen niet, met alle nare gevolgen van dien. Opvallend vaak vliegt ook bij ons een vogel tegen het raam en zo vaak als in dit jaar, gebeurde dat nooit eerder. Gelukkig is er nog niet een doodgegaan al zou de klap soms anders vermoeden. Onze ruit zit vol gekleurde sliertjes en zelfs hangt er een rode ballon om de vogels te waarschuwen en blijkbaar zien ze dat pas op het laatste moment. Fraai staat het natuurlijk niet maar dat kan mij niet schelen. Je zou het kunnen voorkomen door folie op de ruit te plakken. In het Duitse Zevengebergte ligt de 321 meter hoge Drachenfels. Daarop is een nieuw restaurant gebouwd met glas rondom. Voorwaarde was dat zich geen vogels tegen al dat glas dood zouden vliegen. Daartoe zijn de ramen voorzien van speciaal ontwikkeld Orniluxglas, hetgeen de bouwkosten met 800.000 euro verhoogde. Maar het belang van de vogels werd tot voorwaarde gemaakt. De glazen ruiten in onze bebouwingen zijn doodsoorzaak nummer 1 onder vogels, met stip. Een Belgische vogelopvang meldde dat zij in 7 jaar tijd maar liefst 6486 tegen het glas gevlogen vogels ter verzorging kregen aangeboden. En hoeveel zouden het er daarentegen niet gered hebben!  De diverse geluidschermen langs onze wegen zijn ook berucht om deze reden. Vogels en glas blijken een fatale combinatie. Foto: sijsje dat het redde.

20 april 2013

Zit je in alle vroegte aan tafel de krant te lezen, zie je opkijkend opeens een Appelvink (Coccothraustes coccotraustes) zitten. Snel pak je een camera die op tafel ligt en fotografeert de vogel. Dan blijkt dat het een opname van niks is geworden, vaag en zeer onscherp. Komt de stoere vogel na drie jaar eindelijk weer eens langs, gaat het fout. Die automatische compactcamera's stellen vaak scherp op hetgeen dat hun elektronische oog  als juist interpreteert en dat is dan net een takje of een blaadje dat je niet wilt zien. Soms ook stellen die dingen van veraf ook niet scherp op het juiste onderwerp. Dit gebeurde gisteren. Vanmorgen zag ik opeens de Appelvink vlak voor het raam op de voertafel zitten en lag de juiste camera voor het grijpen. Alleen was er veel weerschijn van voorwerpen in huis. Jammer, maar hij staat er verder mooi op. Wat een prachtvogel. Ik was juist van plan de tafel dit weekend maar eens op te ruimen. Maar ach, het blijft voorlopig geen weer om lekker buiten te zitten dus laat ik hem nog maar weer even staan in de hoop dat de Appelvink terugkomt.

19 april 2013

Bestuurd door krachten die ze niet begreep, begaf ze zich naar de vijver waar het luidkeelse geroep van een stel kerels te horen was. Ze schrok van wat haar daar te wachten stond. De kikkermannen doen niet aan de geringste vorm van hofmakerij, die grijpen alles wat beweegt, zelfs vissen, zo hevig worden ze gedreven door hun paringslust. Vrouw kikker kreeg het er benauwd van, soms werd ze gelijktijdig in haar kladden gegrepen door wel drie van die brute mannetjes. Snel maakt ze weer dat ze wegkwam en wist dat een stukje verder nog een klein vijvertje was. Daar vluchtte ze heen om te bekomen van de schrik. In het water daar, dat ook nog warmer was dan die grote koude plas ernaast, bleef ze rustig wachten tot er een galante ridder naar haar toe kwam. En dat gebeurde. Na de paring bleef de ridder nog even bij haar want hij had geleerd dat dit zo hoorde, maar na een uurtje of twee verliet hij haar. Zij vond het wel best. Anderhalve dag bleef ze vol bewondering hangen bij de enorme hoeveelheid eitjes die ze had geproduceerd. Ze snapte niet hoe ze het voor elkaar gekregen had om dit leger ter wereld te brengen. Wist zij veel van de hoed en de rand, en dat die berg dril pas ontstond nadat ze haar eitjes gelegd had. Ik vroeg me af of zo'n kikker er nou enig gevoel bij heeft, enige neiging tot zorg of zo. Zo'n dier is wel koudbloedig maar dat zegt ook niet alles. Zou iemand weten hoe dat zit?

18 april 2013

Het Peperboompje (Daphne mezereum)  is als het bloeit heel mooi en lief maar tegelijkertijd is het een giftig struikje. Een wolf in schaapskleren zo gezegd want de bloemen geuren ook nog verleidelijk naar vanille. Vooral de vuurrode bessen die in het najaar verschijnen zijn heel erg giftig, maar ook het sap van de bast is dat. Gelukkig zijn de bessen "niet te vreten", zo scherp dat niemand zich eraan zal vergrijpen. Het bijzondere aan dit struikje is dat de bloemen direct, in plukjes dicht opeen, op het hout groeien. Dat zie je niet veel. Na de bloei verschijnen de blaadjes. Dit is een  jong stekje dat nog niet overdadig bloeit. Het struikje, dat nog hoogstzelden maar in het wild wordt aangetroffen, groeit in de bossen en is dus niet bepaald een zonaanbidder. Op mijn volkstuin zal het weldra tussen de opgroeiende planten verdwijnen en krijgt dan schaduw genoeg. Een prachtig en fijn voorjaarsbloeiertje.

17 april 2013

Tot nu toe is de merel de enige die aan het nestelen is in onze tuin. Ze sleept af en aan met strootjes en takjes en vliegt daarmee in en uit de klimop recht tegenover de keukendeur zodat ik het proces mooi kan volgen. Wie het ook in de gaten hebben zijn de eksters. Opvallend is dat ik ze overdag zie rondstruinen en loeren naar plekken waar mogelijk nu of later wat te halen valt. Ze houden zich muisstil en stellen zich op een strategische plek op om de situatie te inventariseren. Het eerste merellegsel sneuvelde vorige week doordat het nest werd leeggeroofd. Het gebeurde op een middag en onder mijn ogen. Blijkbaar hebben ook de eksters veel honger want die hebben toch meer de gewoonte om in alle stilte in de vroege ochtend hun slag te slaan. Het blijft altijd een frustrerend tafereel te zien hoe die rovers de nesten van kleine vogeltjes plunderen.

16 april 2013

Terwijl je even niet kijkt, beginnen planten opeens te bloeien. Het lijkt wel of er met een toverstaf wordt rond gezwaaid. Mijn mini bollenveldje op de volkstuin wordt steeds mooier. Maar ook daarbuiten komt in reuze tempo van alles in bloei. Ik zag de Sleedoorn al in vol ornaat, de Voorjaarshelmbloem staat in bloei, overal zie je gele sterretjes van het Speenkruid en kleine witte van de Vogelmuur. Ik heb inmiddels al zoveel planten gefotografeerd dat ik een keuze moet gaan maken welke te plaatsen in dit dagboek. Wat een luxe na die saaie lange winter! Ik vind deze blauwe anemoon  (Anemome blanda) zo prachtig; helemaal mijn kleur. Wie wordt hier niet blij van...... De Anemoon wil graag in de zon staan, in mijn volkstuin heeft ze het zeer naar de zin.

15 april 2013

Onderweg naar mijn volkstuin even gestopt bij de imkers die druk doende waren met hun bijenkasten. Het is deze winter opvallend goed gegaan met de nijvere insecten. In de hele regio blijkt dat zo te zijn, hoorde ik. Pas als de buitentemperatuur 15 graden of hoger is, kunnen de imkers aan de slag met hun volken. Dit heet de voorjaarscontrole; dit jaar valt die veel later dan gewoonlijk. Na de winter, als de bijen voor het eerst weer op de vleugeltjes gaan, worden allereerst de darmen geleegd eer het reguliere bijenleventje weer kan worden opgevat. De koningin in de kast is begonnen met de voortplanting, zij moet heel veel eitjes leggen. Als er broed is, moeten de werksters zorgen dat dit op 35 graden blijft en dat is een hele inspanning voor de bijen die door het bewegen van hun vliegspieren (terwijl de vleugels stil blijven) warmte genereren. De werksters zijn feitelijk de slaven in het volk en doen het meeste werk. Imkeren is een prachtige hobby die verloren dreigt te gaan doordat er zo weinig jongeren geïnteresseerd zijn in deze bezigheid. Heel jammer want het is niet alleen een nuttige maar ook mooie bezigheid.

14 april 2013

Nee, dit is geen vergissing, geen boterbloem of iets dat daar op lijkt. Het is een Winteraconiet. Ik zag er gisteren een stuk of tien in een tuin staan. Ik heb nog nooit zo'n raar voorjaar meegemaakt. Sneeuwklokjes waren en zijn er ook al zo lang, ik ben blij dat ze nu eindelijk aan de terugtocht begonnen zijn; genoeg is genoeg!  Zo raar kan een mens reageren: verheugd zijn bij het ontdekken van de eerste sneeuwklokjes en dan weer blij zijn als ze uit het zicht verdwijnen. Maar ik schreef het al: dit is een bizar en verwarrend voorjaar. Zelfs de weersvoorspellers komen er niet uit. De hele week werd er halleluja geroepen over dit weekend maar de zon is 's ochtends niet te zien. Staan de tuinstoelen al buiten, de parasol van zolder gehaald? Vanmiddag begint volgens het KNMI in het zuiden van ons land de zon te schijnen. Hoever zou die komen vandaag? Maar troost voor de noorderlingen: vanavond zal alle bewolking verdwenen zijn! Na de middag is de zon dan toch gearriveerd in het midden van het land. Hoe heerlijk, hoe verkwikkend, genieten!

13 april 2013

Hoe verknipt de wereld tegenwoordig in elkaar zit, blijkt wel uit het volgende dat goed aansluit bij het onderwerp van gisteren. In februari en maart stelden de Partij voor de Dieren en D66 kamervragen over zeventig ezels die door  het departement van Landbouw, Veeteelt en Visserij op Sint Eustatius (Nederlandse gemeente in het Caribische gebied) uit het wild waren gevangen en opgeborgen achter een omheining, zonder water en voer. Door de aanhoudende droogte was daar voor de dieren niets te eten en ze stierven "bij bosjes".  De PvdD vroeg staatssecretaris Dijksma en minister Plaskerk (koninkrijksrelaties) of zij hier iets aan wilden doen om te voorkomen dat niet nog meer ezels zouden creperen dan nu al het geval was. Er is hierover toen overleg toen geweest. (Inmiddels hebben dierenorganisaties voor geld gezorgd waarmee voer voor de ezels gekocht kan worden). Vergelijk dit nu eens met de situatie in de Amsterdamse Waterleidingduinen waar damherten verhongeren en dood langs de hekken liggen die geplaatst zijn om een belangrijk deel van hun voormalige fourageergebied ontoegankelijk te maken vanwege vraatschade aan omliggende tuinen en bollenvelden, alsmede de verkeersveiligheid. Meer dan 100 damherten lieten al het leven. Tijdens mijn tour op het internet kwam ik ook nog een oud bericht tegen over een verzoek van de PvdD niet langer toe te staan dat de jacht op zwijnen werd verlengd terwijl er zoveel zwangere zeugen waren en al zoveel biggetjes geboren die hier de dupe van zouden worden. Antwoord van onze toenmalige vriend Bleeker: hij wist er alles van maar wilde er niets aan doen!

12 april 2013

De wandelaars in het bos weten verdraaid goed dat het bos geen kinderboerderij is, zoals de beheerder suggereert. Maar wel de Oostvaardersplassen in het klein, volgens sommigen. Zij zijn erg begaan met de wilde varkens die zeer lijden onder de heersende hongersnood. Alle biggen van het vorig jaar zijn inmiddels al dood en van de zwijnen die nog leven, haalt een aantal de zomer misschien niet eens meer. Het zijn gratenpakhuizen met kromme ruggen en lelijke vachten. Sommige kunnen nauwelijks nog een stap vooruit doen, die worden uit hun lijden verlost door de kogel. Maar op dat tijdstip zijn ze al ver heen. Honger doet pijn, organen vallen uit, spieren teren weg; het is een langdurig en treurig lijden. Alleen de allersterkste dieren zullen het overleven. Sommige mensen kunnen het niet aanzien en brengen stiekem aardappels, schillen, groenterestanten e.d. naar het bos in de veronderstelling dat ze de dieren daarmee helpen. Het zijn slechts minuscule druppels op de grote gloeiende plaat. Dat de zwijnen niet mogen worden bijgevoerd, wordt niet voorgeschreven door de flora- en faunawet, zoals op het pamflet staat. Het is niet anders dan een door mensen gemaakte keuze. Bijvoeren is wel verboden als het tot doel heeft de populatie te vergroten (ten gunste van de jacht bijvoorbeeld). In gevallen van zeer slechte weersomstandigheden of tijdelijk nijpend voedseltekort kan een ontheffing worden aangevraagd bij de Provincie. In de Oostvaardersplassen werd onder druk van het protesterende publiek uiteindelijk wèl voer verstrekt toen enorme aantallen dieren crepeerden van de honger. Maar het gevolg van bijvoeren is dat er weer veel jongen zullen komen in het voorjaar en dat daarvan een groot deel weer zou moeten worden afgeschoten om de beoogde populatiedoelen te bereiken. Dus wordt gekozen voor een "natuurlijk eliminatieproces in onze eigen wilde natuur". Hoe je dit ook bekijkt, het is en blijft een treurige aangelegenheid, en pijnlijk en hard voor de dieren!

11 april 2013

In mijn volkstuin heb ik een piepklein bollenveldje. Twee dagen terug heb ik dat maar eens netjes schoongemaakt want er begint van allerlei leuks te bloeien. Bloeiende bolletjes zijn nu van groot belang voor de honingbijen want zo heel veel is er nog niet te vinden. Maar dat gaat snel veranderen. Ik zag de knopjes in de Vingerhelmbloem (Cordyalis solida) al flink groeien en Ribes en Forsythia zijn al bijna uit. Zondag noemde de vogelkenner Nico de Haan Europa nog "een koelkast zonder voedsel erin" waardoor de vogelwereld compleet op slot zat. Overal is honger op de weilanden en in de bossen had hij het nog nooit zo stil gehoord, en vogeltrek was er niet, aldus De Haan. Het lijkt snel te veranderen. Alle kepen zijn vertrokken, sijsjes zie ik nog volop bij de vijver en op de voertafel. Misschien zijn het  exemplaren die niet wegtrekken maar hier blijven. Merels halen prut uit de vijverplanten om hun nesten mee te bepleisteren en mezen tonen hernieuwde belangstelling voor de nestkasten. Maar of het tot broeden komt, is nog maar de vraag. Alles is op z'n kop gezet en in de war gestuurd door de laatste "winterweken". Om op de bij terug te komen, er is een splinternieuwe website gelanceerd: www.reddebijen.nl

10 april 2013

Dat was sterk! Twee uren nadat het eindelijk was begonnen te regenen, zaten er al een stel kikkers in de vijver. Je zou bijna denken dat die wanhopig onder de struiken hadden zitten wachten tot ze het water in mochten. Ook kikkers hebben zo hun gewoontes. De Bruine kikker, want hier hebben we het over, wordt pas actief als de temperatuur oploopt tot boven de zeven graden. Valt er tevens een zacht mals regenbuitje, dan is dat een ideale combinatie en zoeken ze het water op want het eerste punt op de kikkerkalender is de voortplanting. Ze zijn koudbloedig en hebben dezelfde temperatuur als de buitenlucht. Vriest het nog, dan vinden ze geen voedsel als wormen, slakken en allerlei kleine diertjes, want die zijn nog niet actief. Daaruit volgt alweer dat het zinloos is actief te worden. Bovendien kunnen ze dat niet als ze nog in een winterverstijving verkeren. Als je er even over nadenkt, is het allemaal heel logisch. De kikkers in het bos zullen geen waterplasjes vinden en zich dan ook niet voortplanten. Er moet wel een week lang regen vallen voordat de droge bosbodem zodanig doorweekt is dat er plassen komen te staan in kuilen en dergelijke. We zullen zien wat er van komt. Voorlopig hoeven ze nergens op te rekenen, bij wijze van spreken. Als tegen het weekend ook de nachttemperatuur weer wat oploopt, zullen we het gezellige geknor van de paarlustige kikkers weer horen vanuit ons bed. Daar kan ik heel  vergenoegd naar liggen luisteren, heerlijk lentegeluid dat donkerbruine geknor.

9 april 2013

Als je in de tuin aan het werk gaat, is het roodborstje er als de kippen bij. Zodra er een stukje grond geschoond is, duikt hij vanuit de struiken naar beneden in de hoop dat hij in de losgewoelde aarde wat eetbaars vindt: wormpjes, slakjes, duizendpoten of spinnen. Misschien is het ook wel een zij, beide geslachten zien er hetzelfde uit. Waarom vinden wij dit vogeltje toch zo aardig? Is dat vanwege zijn ronde vormen en grote glinsterende ogen? Feit is wel dat hij prachtig kan zingen, net als vrouw roodborst trouwens en dat is er niet niet zo vaak bij vogels. Meestal zingt de man het volste lied en doet de vrouw er min of meer het zwijgen toe. Niet bij de roodborsten, beide laten hetzelfde lieflijke en parelende liedje horen. Gewoonlijk zingen roodborsten het hele jaar door, met uitzondering van de zomermaanden waarin ze ruien. Toch heb ik ze deze winter niet gehoord, ze waren te druk met overleven, denk ik.

8 april 2013

We lijken wel niet goed snik, bromde mijn wederhelft toen we onze tuinstoelen op het gazon hadden gezet en lekker in de zon zaten. Hij bedoelde dat het op het terras veel beschutter was maar daar vlogen de kepen en sijsjes nog af en aan op en van de tuintafel waar ze al weken voer aantroffen. Hij is het gewend, het moeten wijken voor de menagerie rondom ons huis en stiekem vindt hij dat helemaal niet erg. Als onze kater die wij zeer missen, op de lekkerste tuinstoel lag te knorren, gingen wij ernaast zitten en wie Max op schoot had, hoefde geen koffie in te schenken. Meestal was ik dat. Als een winterkoning het in zijn bol gehaald had een nest te bouwen vlak naast het zonnescherm, kon dat helaas even niet naar beneden. Ach, zei ik tegen hem, ik heb net de meerdaagse verwachting van het KNMI gezien en die belooft echt nog geen serieuze verbetering hoor. We hebben nu de hele winter de vogels er doorheen geholpen, dan moeten we nu standvastig zijn! Hij mopperde iets dat ik veinsde niet te verstaan en liet zich meelokken naar deze tere frisgroene blaadjes van de uitlopende kamperfoelie. Een soort die ik ik eens gestekt heb toen ik hem in een plantsoen zag staan. Hij bloeit boordevol kleine roze bloemen die later ook weer kleine oranje besjes opleveren. Hij had me wel door natuurlijk, maar vond ze ook mooi

7 april 2013

De Behaarde rode bosmier (Formica rufa) heeft het ook door: het wordt nu echt lente en er staat een hoop werk te wachten. Als lava stromen de nijvere diertjes uit de hoop omhoog want hun nest dat gedurende de winter behoorlijk in elkaar gezakt was, moet weer worden opgebouwd. Ze maken er opnieuw een forse koepel bovenop met behulp van sparren- en dennennaaldjes die stuk voor stuk worden aangesleept. De hoop kan wel een meter hoog worden en zit tot twee meter onder de grond, vaak bij een oude boomstronk maar dat hoeft niet altijd. Een nest kan wel tot een miljoen mieren bevatten. Deze mieren steken niet maar hebben een klier die o.a. mierenzuur bevat. Bij verdediging spuiten ze dat bijtende spul op hun vijand. Houd je hand er maar eens vlak boven, dan kun je het voelen. Een mierennest is beschermd door flora- en faunawet. Gedurende de winter verkeren de mieren in een soort winterverstijving maar zodra de zonnewarmte naar binnen dringt, komen ze tot leven en weten ze meteen wat ze te doen staat.

6 april 2013

Toen ik vanmorgen de deur open deed om de vogels te voeren, hoorde ik weer het bekende en aangename gekwetter van Sijsjes. Er zaten er weer een heleboel hoog in de Prunus met elkaar te converseren. Opeens zijn ze weer terug. Nu zijn sijsjes echte zwervers, ze struinen de omgeving af en zijn dan weer hier, dan weer daar. Maar even leek het erop dat ze echt waren  vertrokken naar hun broedgebieden in Noord- en Oost-Europa. Zou het de venijnige wind zijn die ze nog steeds tegenhoudt, is het de kou hier die hen in de war brengt of is het de overvloedig gedekte tafel die ze hier vinden. Ik weet het niet. Ik schreef er ook over in mijn laatste column op het verhalendeel van mijn website. Feit is wel dat ik ze hier nog nooit zo lang gezien heb. Vanmorgen zaten er elf stuks tegelijk op de tuintafel. Deze winter heb ik voorgoed mijn hart aan ze verloren en telkens denk ik: wat zou ik graag zo'n hummeltje even in mijn handen willen houden. Foto: man sijs. Heel mal: hij houdt een zonnepit in zijn pootje vast.

5 april 2013

Menigeen zal met blijdschap de narcissen verwelkomen die opeens in tuinen en perken verschijnen. Het vrolijke geel geeft de stemming meteen een "boost" zodat dat in onnavolgbaar Engels heet. Het gaat nu echt gebeuren: de lente staat voor de deur. Borstel vast hond en kat en bewaar de plukken voor de vogels. Stop ze in het zakje van een vetbol en hang ze ergens op, het is reuze leuk te zien hoe snel het haar meegenomen wordt door kool- en pimpelmezen. Helaas wordt er voorlopig nog geen regen verwacht maar als het broodnodige hemelwater uiteindelijk de uitgedroogde grond weer zal doordrenken, zal de groei weer op gang komen. Wat hebben we er lang op moeten wachten dit jaar! Laat nu maar snel de nog altijd bloeiende sneeuwklokjes verdwijnen want die maken er met hun lange bloeitijd een potje van dit jaar.

4 april 2013

In de tuin zie ik al een paar weken een zielepiet van een Houtduif. Hij mist een stuk van zijn poot en kan er nauwelijks op lopen. Bij elke stap probeert hij de pijn te vermijden door de poot niet op de grond te zetten, of maar heel licht. Het helpt niet, hij waggelt, wiebelt, verliest bijna zijn evenwicht, zo zielig! Ook deze duif heeft honger en door zijn kwetsuur gaat het voedsel zoeken heel moeilijk. Daarom strijk ik de hand over mijn hart en sta hem toe op de voertafel te landen en zijn buik vol te eten. Andere houtduiven verjaag ik van de tafel; zij hebben hun eigen plek: in de regengoot. Daar is het nog steeds een komen en gaan van vogels: gewone vinken, kepen, heel veel groenlingen, mussen en Turkse tortels. Soms krijg ik er genoeg van elke morgen de hele vogelmeute van voer te voorzien, er lijkt geen eind aan te komen. Maar ja, wie A zegt, moet ook  B zeggen dus ga ik door tot ze zich zelf kunnen redden met spinnetjes, luizen, eitjes en rupsen. Nog even, dan zitten die volop aan,in en tussen het blad van de bomen.

3 april 2013

Als een boom een tak kwijtraakt, is het zaak de wond snel te dichten om te voorkomen dat virussen, vraatinsecten en ziektes toegang krijgen tot het kernhout. Het eerste dat de boom daarom doet is de wond beschermen door die met een stevige rand af te grendelen. Daarna wordt er nieuw weefsel gemaakt dat van buiten naar binnen groeit om het binnenste deel van de wond af te dekken. Wondcallusvorming, wordt dat genoemd.  Dit proces vindt echter alleen plaats tijdens het groeiseizoen. Daarom is het voor een boom een slechte zaak als in de herfst of winter takken afbreken. Bij deze wondheling is het niet helemaal gelukt de ellende buiten te houden en is er een rottingsproces ontstaan. Ook zijn er al gaatjes van vraatinsecten te zien. Meestal is dat het begin van verzwakking van de boom. Betreft het belangrijke publieke bomen die men graag in stand wil houden, dan kan een wond worden bedekt met een in Duitsland ontwikkeld tape dat bestaat uit composteerbare bestanddelen. Daarmee worden uitstekende resultaten behaald. In een gewoon bos moeten bomen het zelf zien te rooien.

2 april 2013

Stel je voor: het is Pasen, je kijkt naar buiten en ziet een haas uit je lavendelperkje huppelen. Je gelooft toch je ogen niet, zo lijkt me. Dan ga je de tuin in om te kijken wat die haas daar eigenlijk deed. Je adem stokt in je keel, de adrenaline giert door je lijf want wat zie je in de verse laag compost liggen: vier pasgeboren haasjes! Het overkwam een Brabantse lezer van dit natuurdagboek en ik vond het geweldig dat ik er deelgenoot van werd gemaakt. Jonge haasjes zijn heel kwetsbaar, ze vallen vaak ten prooi aan kraaien, honden, katten en vossen. Daarom gaan ze na hun geboorte al snel uiteen en komen alleen kort na zonsondergang op een vast moment weer even samen om gevoed te worden. Hun moeder komt de jonge haasjes gedurende een paar minuten laten drinken. Haar melk is buiengewoon voedzaam, daarom hoeft ze slechts eenmaal per etmaal langs te komen. Een hazenvrouw is vruchtbaar met uitzondering van oktober, november en december. Terwijl ze zwanger is, kan ze alweer gedekt  en bevrucht worden en heeft dan jongen van diverse leeftijden in haar buik. Gedurende het jaar werpt ze vier keer, de worpen zijn niet heel groot, jaarlijks worden er ongeveer 13 jongen geboren. Dat lijkt heel veel maar van al die haasjes blijven er maar een paar in leven. De haas maakt geen hol, zoals een konijn, maar slechts een ondiep kuiltje. De jonge haasjes zijn al helemaal kant en klaar en zelfstandig als ze ter wereld komen. Wat een barre binnenkomst in deze winterse wereld! En wat slim van die hazenmoeder een beschutte tuin te uit te zoeken nu er nog nergens dekking in het weiland is doordat er nog geen enkele groei is vanwege de kou en de droogte. Als ze een week oud zijn, beginnen de haasjes al wat gras te eten. Laat het alsjeblieft snel lente worden!

1 april 2013

Het wordt zo langzamerhand wel bizar: het ene kouderecord sneuvelt na het andere en terwijl een deel van Nederland onder een laagje sneeuw lag, ging de zomertijd in. Ook hier was het wit en iemand deed voor de grap een kaart bij ons in de bus met de tekst: prettige kerstdagen. Sinds een dag of vijf zie ik twee zanglijsters door de tuin hippen. Nou ja, het is meer springen. Op hun lange bleke poten verplaatsen ze zich alsof ze wieltjes onder zich hebben, zo snel. Ze zijn op zoek naar slakken die liggen te overwinteren tussen het afgevallen blad dat in de borders ligt. Ik heb me beheerst, die eerste mooie maartweek, en alles laten liggen met de wetenschap in mijn achterhoofd dat maart zijn staart vaak stevig roert. Ik heb onderhand wel de neiging om in de middag, wanneer de bovenste grondlaag weer ontdooid is, een gietertje water uit te sproeien. En met pijn in mijn hart denk ik aan de aardbeiplanten op de volkstuin, die veel beter kou kunnen doorstaan dan die geselende droogte. Voor de lijsters heb ik een appel neergelegd maar die zal wel ten prooi vallen aan de vele merels die hier rondhangen. 't Is niet anders, wie het eerst komt, het eerst maalt.

31 maart 2013

Met Pasen aten wij vroeger eieren uit een met lieve gele nepkuikentjes versierde rieten mandje. Waarom het er zoveel moesten zijn begreep ik toen nooit, en later nog veel minder toen eieren als ongewenste cholesterolbommen werden bestempeld. Pasen betekende in die tijd voor katholieken het einde van de vastentijd. En omdat de dagen al een tijdje aan het lengen waren, waren de kippen weer begonnen met het leggen van eieren. Die moesten uiteindelijk een keer worden genuttigd en daarom werden ze gepromoveerd tot paasei waarmee je je tijdens het ontbijt volpropte. In de tijd van nu zijn de meeste kippen gedegradeerd tot betreurenswaardige handelsproducten en beginnen steeds meer mensen daar een aversie tegen te krijgen. Onlangs maakte een tv-programma ophef over het feit dat in de pluimvee-industrie eieren worden uitgebroed in een grote donkere kast en dat die kast pas wordt geopend als men zeker weet dat alle kuikens geboren zijn. Dat een aantal kuikens soms al een paar dagen dagen oud is, kan de kuikenfokker niks schelen. Zo'n kuiken is immers maar een ding dat best dagen zonder eten en drinken kan. Als zo'n beestje het overleeft krijgt het zijn eerste voer pas in de stal waar hij in een paar weken mag opgroeien tot een gedrocht dat de naam kip niet meer verdient. Maar er is al iets op gevonden: men doet onderzoek naar een methode om de ongeboren kuikens al voor hun geboorte te gaan voeren door ze nog  in de eischaal  te injecteren met voedsel. Er moet nog wel even gekeken worden naar de kosten want geld is alles waar het om draait in de pluimvee-industrie. Straks hebben we dus niet alleen plofkippen maar  komen kuikentjes uit plofeieren!

30 maart 2013

In het bos krijgen oude en verzwakte bomen soms de kans hun levensproces op natuurlijke wijze af te ronden. Dat is mooi om te volgen. Je ziet hoe steeds meer organismen zich van de stam meester maken en langzaam maar zeker wordt hij afgebroken. Heel veel jaren gaan er overheen voor de boom uiteindelijk in vermolmde stukjes uiteen valt. De Tonderzwam zie je niet op een gezonde boom maar verschijnt hij, dan weet je dat de ondergang is ingezet. Op oude bomen die mogen blijven staan, komen steeds meer tonderzwammen tevoorschijn. Op beukenbomen komt het heel vaak voor. Van boven tot onder zit zo'n stam dan onder de paddestoelen. De tonderzwammen kunnen nog lang blijven zitten en vallen er soms gewoon af. Ze zijn keihard en je kunt ze als trofee mee naar huis nemen, als je dat leuk vindt.

29 maart 2013

Langs het Apeldoorns kanaal staat een boom waarvan de takken stevig zijn gekortwiekt. Tussen de bovenste twee "armen" wordt een groot nest vastgehouden waarop een broedende ooievaar. De vogel zou me niet zijn opgevallen als ik hem of haar niet had zien landen op het nest. De tijd dat ooievaars op de eieren zitten, bedraagt ruim een maand. Na het uitkomen van de eieren blijven de jonge vogels nog ongeveer twee maanden in het nest. Het weer is daarbij altijd de bepalende factor voor het succes en het uitvliegen van de jongen. Vorig jaar juni gingen er veel jonge ooievaars dood door koude en regen. Om afkoelen van de eieren te voorkomen, moeten de vogels veel en langdurig op het nest zitten. Ondertussen moet er ook gegeten worden natuurlijk. Maar de sloten zijn bedekt met ijs, visjes kikkers en insecten zijn nog nergens te vinden. Muizen zullen zich in de kale weilanden ook niet niet veel ophouden. Dat wordt dus afzien voor de optimistische ooievaars. Bomen zijn de oorspronkelijke plaatsen waarin nesten gebouwd werden. Kunstnesten op palen zijn meer en meer gewaardeerde alternatieven geworden.
Gisteren om 14.10 uur liet de voor mij eerste Tjiftjaf vanuit de berkenboom horen dat hij weer was gearriveerd uit het Middellandse zeegebied. Wat een prestatie! De tjiftjafs zijn laat dit jaar als gevolg van de kou en eenmaal hier is het bibberen en hongeren geblazen.

28 maart 2013

Op een heel beschut plekje naast een muur zag ik dit bloeiende Longkruid (Pulmonaria). Het is zo heerlijk om weer eens een bloeiend plantje te zien. Het speenkruid heeft piepkleine blaadjes maar wil nog even niet verder, de Gele lis staat tien centimeter boven het water maar snel gaat het nog niet in de plantenwereld. Het is aanhoudend te koud, te droog en er staat een uitdrogende wind. Het gaat nog spannend worden wat dit allemaal voor gevolgen zal hebben voor de natuur. Hebben de gevoelige planten het overleefd? Hoe gaat het met de nesteldrang van vogels? Geraakt hun biologische klok nu van slag? Er zijn al veel meldingen van vogels die op trek waren maar weer terugkeren naar hun warmere overwinteringgebieden omdat het voor hen hier nog niet te doen is. Wat een verspilling van energie. Arme vogels!

27 maart 2013

Naar de knoppen gaan is niet zo gunstig. Aan de knoppen zitten is al een stuk beter. Maar in deze tijd knoppen zíen is als balsem voor de ziel die het zwaar te moede is door deze lange winter. Ik ontdekte ze door mijn ogen ten hemel te richten in het bos omdat ik een Zwarte specht hoorde. Waar de knoppen het meeste licht vangen, groeien ze het snelst. Dit zijn de knoppen van de Beuk. Ogenschijnlijk is deze nog in volle winterrust maar een blik naar de wolken leert beter. Het is ontzettend droog in de natuur. Vorst en langdurige schrale wind hebben alles uitgedroogd "tot op het bot". Help vooral de vogels door een bak water neer te zetten. Mochten ze er in willen badderen dan is dat geen enkel probleem, het water glijdt zo van hun veren af.

26 maart 2013

Alweer vogels in het dagboek? Jazeker en wel hierom. Het is spannend en leuk om goed in de gaten te houden wat er gebeurt in de vogelwereld. Vanmorgen bleken alle Kepen gevlogen! gisteren zaten ze nog met vele op de voerplekken en vandaag niet één meer te zien. En dat niet alleen, de samenstelling van de vogelbevolking is de laatste twee dagen drastisch aan het veranderen. Ook sijsjes zijn er nog maar mondjesmaat en opvallend is dat er opeens meer koolmezen te zien zijn. Ik lees hieruit af dat het in het hoge noorden langzaam maar zeker lente begint te worden. Het is er zo koud geweest dat de vogeltrek naar de broedgebieden tot stilstand kwam maar de temperaturen kruipen omhoog. Instinctief voelen de vogels in hun lijfjes dat het tijd wordt om naar hun broedgebieden te trekken en zich aan de voortplanting over te geven. Ik wens ze een goede reis want tijdens de lange trektochten vallen er heel veel obstakels te overwinnen.

25 maart 2013

Voor de derde dag op rij heeft zich deze voor mij nieuwe vogelsoort gevoegd bij het illustere gezelschap dat hier al verblijft: een Rietgors vr. (Emberiza schoeniclus). Tussen de mussen viel ze mij meteen op vanwege de witte streepjes die aan weerzijde van de snavel omlaag lopen. Tot nu toe kreeg ik haar nog niet naar mijn zin voor de lens, ik wilde mevrouw graag van voren. Maar wellicht komt dat nog. Het is de honger die deze vogel naar onze tuin langs de bosrand drijft want dit is nu niet echt haar territorium. Zoals de naam al aangeeft heeft de Rietgors graag een plek met een watertje, maar heel erg kieskeurig zijn deze vogels niet. Er is nog geen winter geweest waarin er zo ontzettend veel voer per dag doorheen ging. Verdeeld over de dag drie pollepels zonnebloempitten en twee pollepels gemengde zaden. Drie fijngemaakte vetbollen, driemaal een handvol gestampte pinda's en tweemaal een schaaltje universeelvoer. Dit laatste strooi ik ook tussen de dikke takken van klimop en klimhortensia. Vanmorgen zag ik zowaar een paartje winterkoninkjes. Al weken niet meer gezien. Maar ook een paartje Gaaien, Goudvinken en Roodborsten. Het is zo ontzettend belangrijk om de komende weken nog door te gaan met voeren. Het broedseizoen komt nu echt dichtbij en dan moeten de vogels topprestaties leveren.

24 maart 2013

Op een open maar beschutte plek vond ik opeens heel veel Groot hoefblad (Petasites hybridus). Ook de levenscyclus van planten wordt gestuurd door hormonen en het is nu tijd. Helaas zijn er vanwege de kou geen insecten die de bloemen bezoeken. Na de bloei verschijnen grote imposante bladeren die met een beetje fantasie als hoefvorming kunnen worden gezien. Vandaar de naam. De hele plant bevat een stof die desastreus is voor de lever. Daarom werd het gebruik ervan in gezondheidsmiddelen verboden door de Warenwet Kruidenpreparaten. Toch zit het wel in homeopathische middelen; hoe kan dat? Men gaat ervan uit dat homeopathische middelen dermate verdund zijn dat ze niet helpen en ook geen kwaad kunnen. Maar kijk: onderzoek heeft uitgewezen dat Groot hoefblad wel degelijk werkt tegen migraine. Volgens mij is er veel dat de oude kruidendokters en medicijnmannen wel van planten wisten en wij niet. Jammer dat sceptische figuren op fanantieke wijze zo'n hetze voeren tegen de  homeopathie. Als het toch volgens hen niet helpt, laat het dan aan degenen over die er wel baat bij zeggen te hebben.

23 maart 2013

Terwijl de felle koude wind zo hard waaide dat ik het bos vanuit mijn bed "hoorde", begon om vier minuten voor zes de merel enthousiast zijn lied te zingen. Hij deed wat hij voelde, kou of geen kou. Sinds enkele dagen hebben we weer kepen in de tuin en het worden er steeds meer. De honger in de natuur moet wel steeds groter zijn want alleen als er schaarste heerst komen de schuwe kepen naar de bewoonde wereld. Nogal wat mensen verslijten ze voor vinken maar ze zien er echt heel anders uit. Dit is een vrouwtje, de mannen krijgen tegen het voorjaar zwarte kopveertjes. Kopveertjes van de keep staan een beetje af waardoor het net lijkt of ze een wat driehoekige kop hebben. De man is in het geheel een stuk feller gekleurd dan het vrouwtje en achterop de nek hebben beide een fraai patroon van zwarte en witte banen. Ik voel me vaak bevoorrecht dat ik zo dicht bij het bos woon en zoveel vogelsoorten op de voertafel krijgt. Regelmatig zitten mus, sijs, vink, groenling, mees en nu ook keep samen te eten in mijn gehalveerde regenpijp. Ik heb laatste een paar planten van de Kaardebol verhuisd van mijn volkstuin naar hier want ik wil ook zo graag de Putters weer zien. Zowaar zag ik er vorige maand een paar bij de vijver drinken. Net lang genoeg om ze vast te leggen op film.

22 maart 2013

Door de harde wind werd de sneeuw tegen de stammetjes van de bomen gewaaid en aan één kant blijft die daar gewoon zitten, wat een apart gezicht is. De zon die dagelijks een min of meer geslaagde strijd levert met de temperatuur, doet de sneeuw wegsmelten, behalve aan de noordzijde die daardoor net even onder het vriespunt blijft. Ik keek gisteravond eens in mijn weerboekje waar allerlei wetenswaardige verschijnselen door de jaren heen werden genoteerd. Maart 1988: sombere maand met zeer veel regenen  24 zonuren te weinig. 1986: na barre kou en ijslaag van 50 cm alle kikkers dood. (gelukkig nooit meer gebeurd na het inzetten van een luchtpompje) Maart 2004: kou, veel sneeuw, nachtvorsten. Maart 2008: koudste Pasen in 40 jaar. Bevroren bloesems, overal sneeuwpak. Maart 2013 koudste sinds 25 jaar. Waarmee wordt aangetoond dat het met deze grillige maand alle kanten op kan.

21 maart 2013

Terwijl een jaar geleden op deze datum de bosanemonen rijkelijk bloeiden, stonden gisteren de sneeuwklokjes te bibberen in de kou. Ze deden hun naam eer aan met die smeltende vlokken op hun bloempjes. Toch ontwikkelt de natuur zich wel, zij het langzaam. Ik ontdekte het eerste hemelsblauwe bloempje in het Longkruid. Nu de winter maar niet van wijken weet, lijkt er in de sneeuwklokjes wel een stilstand te zijn opgetreden. Je zou verwachten dat aan die wekenlange bloei wel eens een eind zou komen. Zouden ze in eerdere jaren ook wel eens zo'n lange bloeiperiode gehad hebben? Tja, de natuur is grillig, soms is dat leuk en soms ook weer niet. In het leven heb je niets te vertellen, dat geldt ook voor de natuur. Afwachten dus maar.

20  maart 2013

Vandaag, om 12.02 uur begint de astronomische lente. Dag en nacht zijn nu even lang. Het is maar een datum op de kalender en maart roert zijn staart. Daar zijn we wel achter. De natuur wil graag aan de slag, dat zie je aan de bottende knoppen aan bomen en struiken. Maar het is nog koud en in de nacht vriest het. De insecten houden het vanwege de lage temperaturen nog even voor gezien maar de meeuwen hebben al zwarte kopveertjes. De plantengroei loopt 1 à 2 weken achter maar de bakken met voorjaarsplanten puilen de winkels uit. De pimpels die een tijdje zeer geïnteresseerd waren in de nestkast in onze tuin, gaven er de brui aan en wachten op betere tijden. Net als ik, dat laatste welteverstaan.

 

naar boven