Natuurdagboek


Natuurdagboek 2007                             Winter 2010/2011                    Zomer 2013
Natuurdagboek 2008                             Lente 2011 
Natuurdagboek Winter 08/09               Zomer 2011
Natuurdagboek Lente 2009                  Herfst 2011
Natuurdagboek Zomer 2009                Winter 2011/2012
Natuurdagboek Herfst 2009                 Lente 2012
Natuurdagboek Winter 2009/2010      Zomer 2012
Natuurdagboek Lente 2010                  Herfst 2012
Natuurdagboek Zomer 2010                 Winter 2012/2013
Natuurdagboek Herfst 2010                 Lente 2013

 

 

Herfst 2013

 

Geen Winter  bij het aanklikken van deze website?
Leeg je browser of klik hier

19 december 2013

Gisteren in de namiddag maar eens even naar een plekje gereden in de buurt van Doesburg, ik de hoopte dat ik er een spectaculaire zonsondergang zou kunnen fotograferen. De middag leek heel geschikt maar de lucht had andere plannen. Heel kort was er die mooie kleur en lichtval die het eind van de dag inluidt, maar al snel kleurde de hemel grijs in plaats van oranje. Pech dus. Maar eigenlijk is het hier altijd genieten. Uitgerekend ging de grote zilverreiger die aan de kant van het water stond op de wieken voor ik de camera had gepakt. Jammer, wat dat zou wel mooi geweest zijn, zo'n opvliegende spierwitte vogel in beeld.

18 december 2013

Het Waaiertje (Schyzophyllum commune) is een heel algemeen zwammetje dat momenteel volop te vinden is op dode oude takken van loofbomen. Waarom het zo heet zie je meteen als je zo'n takje omdraait. De bovenkant van het waaiertje is een viltig wit, onaanzienlijk paddenstoeltje maar je moet het altijd onder de rok bekijken om te zien hoe mooi het is. Behalve op Antarctica wordt het op alle continenten gevonden. Bij intensief onderzoek bleek zelfs dat er gemiddeld 18 sporen van de zwam op een vierkante meter kunnen worden aangetroffen. Eigenlijk kun je het waaiertje het gehele jaar door wel vinden maar in deze periode van het jaar is het opvallend veel te zien. Als het langere tijd droog weer is, verschrompelt het tot het nauwelijks nog opvalt.

16 december 2013

Ik vond nog een bloeiende paardenbloem die echter de meeldraden maar binnenshuis hield; maar toch, half december! Sommigen denken dat dit heel bijzonder is: bloeiende planten in deze maand maar toch is dat niet zo. Ik herinner mij nog heel wat kerstdagen dat mijn ouders bij ons waren en ik met mijn vader, die de natuur zeer liefhad, samen het bos nog even indook. Mijn vader liep dan te mopperen over het weer dat nergens op leek, en zeker geen kerstweer was! Twee jaar geleden beleefden we nog zo'n halfzachte winter die in de eerste helft niet eens een uur vorst opleverde. Hierna kregen we wel een koudegolf en de vorige lange winter met alle sneeuw en kou ligt ons nog vers in het geheugen. Maar goed, de vogels hebben nog niets te klagen, het wild kan nog voedsel vinden en de watervogels hebben nog steeds open water. Dit jaar zullen we gaan beŽindigen zonder vorst, sneeuw en ijs. Ik heb er geen bezwaar tegen!

15 december 2013

In het bosgebied van Twickel dat deel uitmaakt van de Hof te Dieren, wordt regelmatig onderhoud gepleegd. Ook nu weer wordt er gesnoeid langs de lanen en in percelen geboomte. Dat valt te prijzen want goed onderhoud komt een bos ten goede. Maar wat hier al een paar jaar aan de gang is, oogt voor de wandelaar minder aangenaam en zal voor dieren een belemmerende werking hebben. Als hier gekapt wordt, gaat het bruikbare hout in de verkoop. Bosonderhoud is duur en zo komt er nog wat geld retour. Maar wat niet verhandelbaar is wordt of achteloos aan de kant gegooid of in lange versperringen neergelegd langs de paden. Hier waagt natuurlijk geen Ree haar slanke en ranke benen aan, voor de das lijkt het me ook geen lolletje maar volgens de beheerder springt het Edelhert er gewoon overheen en raust het zwijn er gewoon door. Vogels en kleine zoogdiertjes vinden dit natuurlijk fijne plekken maar de wandelaar ergert zich aan aan de stapels snoeihut die het bos haar natuurlijke aanzien ontnemen. Het is natuurlijk allemaal een kwestie van geld want ook de boseigenaars voelen de crisis in hun portemonnee.

13 december 2013

In de Duitse stad Emmerich zag ik een vogelfenomeen dat ik nog nooit eerder waargenomen had. Op diverse antennes op daken zaten een heleboel kraaien. Dat vond ik al opvallend want waar zie je nog tv-antennes op de huizen staan. Toen het duister begon te vallen, begonnen de kraaien rondjes te vliegen en het waren er zoveel dat het spectaculair was. Op de kade langs de Rijn zag ik hoe een schip voorbij voer en daarachter vloog een enorme zwerm kraaien vlak boven het water achter de boot aan. Uiteindelijk kozen de vogels een grote boom uit waarin ze massaal landden om te gaan slapen. Heel apart! Het blijkt dat hier in de buurt een vogelreservaat ligt dat in het kader van Natura 2000 deel uitmaakt van het vogelrichtlijngebied "unterer Niederrhein", waar ook vele duizenden Arctische ganzen overwinteren. De populatie ganzen in dit gebied wordt gezien als een levende noodzaak de overwinteringverblijven van deze vogels grensoverschrijdend met elkaar te verbinden.

12 december 2013

Grijzer dan de dag van gisteren kan het niet worden! Hier in het oosten van het land hing een zware grauwe deken van vocht over de aarde en op weg naar de grens met  Duitsland, waar wij moesten zijn, werd het er niet beter op. De hemel was daar net zo grauw als het water in de Rijn en de overkant van de rivier was niet te zien. Dit zijn van die typerende decemberdagen die je niet wilt zien, die je doen verlangen naar januari, wanneer het licht weer terugkomt. Opvallend is altijd dat bij zulke dichte mist de ganzen de weg blijken kwijt te raken. Voortdurend zijn ze in de lucht en lijken daar doelloos rond te vliegen nu ze geen markeringen en herkenningspunten meer op de aarde kunnen waarnemen. Om bij elkaar te kunnen blijven zijn ze almaar samen  in gesprek. Hetzelfde gebeurt straks weer bij de jaarwisseling, maar dan moeten ze ook nog tonnen giftige  chemicaliŽn inademen. Ik zal maar niet laten weten wat ik daar van vindt!

11 december 2013

Op het volkstuincomplex staat op het landje van een mijner tuinburen een plant in bloei. Het is een peulvrucht, zover ben ik wel, maar welke het is heb ik nog niet kunnen ontdekken. De plant staat er wat zielig bij, zeker na de storm, wind, regen en nachtvorst van vorige week maar hij gaat dapper door bloemen te produceren. En die bloemen zijn prachtig; tekening kleurcombinatie, eigenlijk zijn alle vlinderbloemigen mooi en alle hebben dezelfde bouw. De paarsgestreepte blaadjes heten vlag en de samengevouwen blaadjes heten kiel. Kijk je in de kiel, dan vindt je daar 10 meeldraden waarvan er 9 met elkaar vergroeid zijn. Het is een van de grootste families van bloeiende planten, met heel veel vertegenwoordigers. In de vrije natuur maar zeker ook in de moestuin. De huidige nachtvorsten zullen opnieuw de bloemen afstraffen voor hun optimisme.

10 december 2013

Bijna dagelijks hang ik met mijn hoofd buiten het raam aan de voorkant van ons huis om de roodgloeiende hemel te zien bij het opkomen van de zon en 's avonds doe ik het omgekeerde als de zon boven het bos weer met veel spektakel onder gaat. De zon komt natuurlijk niet op en gaat ook niet onder, het is de aarde die dagelijks wegdraait en weer terugdraait naar de zon. Ondertussen draait de aarde ook om haar eigen as. Zo leerden we dat op school en als we het vergeten zijn, horen we het wel van onze jongste kleinzoon die inmiddels 9 jaar jong is en dit soort dingen altijd weet. Zoals hij ook de oppervlakte of doorsnede van een cirkel weet uit te rekenen. Het is een heel slim ventje en wij houden ons graag dom om zijn verhalen aan te kunnen horen. Omdat de zonnestralen in deze tijd van het jaar zo'n lange weg moeten afleggen om ons te bereiken, worden ze onderweg "verstrooid en onderbroken door stofdeeltjes en waterdamp". Je hoeft dit helemaal niet te weten om te kunnen genieten van de mooie avond- of ochtendhemel. En afgaande op de stroom foto's bij het weerbericht op tv, wordt er door velen intens genoten!

9 december 2013

Een dag of vier geleden trof ik aan de onderkant van een Rhododendronblad dit tweetal teken aan. Bij een temperatuur van meer dan 7 graden zijn die nog steeds actief en op Tekenradar las ik dat er ook nog steeds meldingen zijn van tekenbeten. De vorige maand waren er 55% meer tekenbeten dan in dezelfde maand het jaar ervoor, zo meldt de website. Als het echt koud gaat worden en de vorst doorzet, gaan alle stadia van de teek in winterrust. In hun lichamen wordt een soort antivries aangemaakt, zoals dat ook bij veel andere insecten gebeurt, en die zorgt ervoor dat ze niet kunnen bevriezen. Ze overleven tussen het blad op de bosbodem, in tuinen en parken. In het bos worden de meeste tekenbeten opgelopen, met als tweede een bosrijk gebied. Oppassen dus. Wie toch gebeten wordt, kan de teek opsturen voor onderzoek en zo aan de weet komen of het beest al dan niet besmet was. Hoe dat moet is te lezen op de website tekenradar.

8 december 2013

Nu het weer flink nat is geworden buiten in de natuur, grijpen schimmels hun kansen. Hier hebben ze een aftandse paddenstoel gekoloniseerd. Ik vind dat altijd een mooi gezicht, die zachte, tere beharing die  een object weer een totaal ander aanzicht geeft. De beschimmelde boterhammen die vroeger uit de trommeltjes van de kinderen kwamen gingen nooit de vuilnisbak in zonder ze eerst uitvoerig te hebben bekeken. Hetzelfde voor de hondendrollen in het losloopgebied in het bos. Daarvoor moet je alleen even wachten tot passanten voorbij zijn, anders denken ze dat je niet goed snik bent als je vol adoratie over zo'n drol gebogen zit. Aan het uiteinde van de schimmeldraden zitten knopkleine sporendoosjes die voor de verspreiding van de schimmel moet zorgen. Eigenlijk is bijna alles in de natuur mooi, je moet er alleen oog voor hebben. Laat een tomaat maar eens een keer door schimmelen: prachtig!

7 december 2013

Laat ik nou toch nog een bloeiende paardenbloem vinden! In modern Nederlands zullen we hem een echte "diehard" noemen. Dat staat voor iemand die het tegen alle verwachtingen in lang volhoudt. Nu is een bloem wel geen iemand, maar ach, wie maalt erom. In de loop van deze week is het opeens aanzienlijk meer winters geworden en we kregen er weer een nieuw fenomeen bij: een storm die als Sinterklaasstorm de boeken in zal gaan. Natte sneeuw, regen en hagelbuien drukken ons met de neus op de feiten: de winter wordt officieel ingeluid op 21 december en dat is dus al over twee weken.

6 december 2013

Bij het ingaan van het bos stuit je momenteel meteen op een groot hek dat dwars over het pad is gezet. Voor de hondeneigenaars is dat jammer want hier liepen hun viervoeters lekker los te rennen en hadden leuke contacten met soortgenoten die ze hier dagelijks tegenkwamen. Er staat een bord bij met informatie voor de wandelaars: alle opslag van naaldhout en enkele beuken die er nu staan worden gekapt en daarvoor in de plaats komt een mooie beukenlaan. Dat zal vast een vooruitgang zijn want niets is droefgeestiger dan armetierig naaldhoutbos.  De bomen worden geplant met een afstand van 3,78 meter tot elkaar, een Rijnlandse roede. Een maat die de mensen van nu nauwelijks nog kennen maar die wel aansluit bij het oude bosgebied met een heel lange geschiedenis en nu in bezit is van Stichting Twickel. De stichting houdt domicilie in Delden (Ov) en daar zit blijkbaar iemand die uit de losse pols teksten schrijft voor de diverse  informatieborden. Zo staat er op het bord dat deze boslaan in etappes zal worden hervormd, hetgeen een periode van 50 - 100 jaren in beslag zal nemen. Dat zullen wij dus niet meer meemaken! De eerste 400 meters die nu onderhanden genomen worden nemen slechts twee weken in beslag.... Maar goed, het is te prijzen dat Twickel allerlei historische elementen in dit gebied weer terug brengt. En over een eeuw zal het hier ongetwijfeld prachtig zijn geworden.

4 december 2013

De berijpte blaadjes die na een vorstnacht in het gras liggen zijn weer andere kunstwerkjes van de natuur. De eerste rijp zet zich vast op de buitenkant van een blad omdat het daar de meeste houvast vindt. Het zijn de piepkleine druppeltjes waterdamp die overgaan in ijskristalletjes. In dit oostelijk deel van het land, hadden wij nog geen last/plezier van nevel. Hoe meer vocht er in de lucht zit wanneer het vriest, des te meer rijp er ontstaat, een van de mooiste natuurverschijnselen die we kennen. Wat niet is kan echter nog komen. Het is grappig om te zien hoe sommige bomen zich nu resoluut aan het jaargetijde overgeven. Na de eerste nacht met een paar graden vorst, dwarrelt hun blad in totale overgave resoluut naar de bodem: het valt niet meer te redden!

3 december 2013

Na de eerste serieuze nachtvorst in deze omgeving was het weer tijd om op zoek te gaan naar ijsveren. In ons oude beukenbos zijn die altijd te vinden. De temperatuur dient slechts een paar graden onder 0 te zijn om het proces op gang te brengen. De uit het hout stromende rottingsgassen bevriezen dan en zolang de temperatuur onder nul blijft, zijn dan de ijsveren te zien.  Doordat het alweer een poosje droog was, was het verschijnsel niet spectaculair en ik moest zoeken naar een wat groter exemplaar. In ons land is deze ijsvorm uitsluitend te zien op hout. In Zuid-Afrika komt iets dergelijks voor en dat vind ik nog mooier:

Hier komt het bevriezende vocht niet uit hout maar uit de stengels van planten. Het kan alleen gebeuren bij licht vriezend weer en wanneer de bodem niet te droog is, zodat de stengels het vocht nog hebben kunnen opzuigen.

Door het bevriezen van het vocht binnen in de stengels, gaan de cellen kapot, zetten zich uit en uiteindelijk breekt het bevroren plantensap door de stengels naar buiten. Op die manier kunnen de fraaiste vormen ontstaan. De wind buigt ze alle kanten op en als het windstil weer is kunnen zich weer andere vormen manifesteren. Een schitterend natuurverschijnsel! De beide laatste foto's zijn niet door mij gemaakt maar door Sophie uit Zuid-Afrika.

2 december 2013

De zondag begon zo stralend maar in de middag al trok ze haar naargeestige grijze sluier weer om zich heen. Ik was nog net op tijd om te zien hoe de stralen van de ondergaande zon  de aarde probeerden te beschijnen. Dat lukte alleen nog maar op de open plekken in het bos en het was zoals altijd van heel korte duur. Bij die situatie ontstaan er taferelen waar je een beetje mystiek van wordt; dan worden er kathedralen gebouwd tussen de bomen. Dat doet me dan weer denken aan wat mensen soms zien als ze verkeren op de scheidslijn tussen leven en dood en spreken over licht aan het eind van een tunnel, zo mooi, zo verwelkomend dat ze er graag naar toe willen. Gelukkig heb ik dat tot nu toe alleen nog maar van horen zeggen.

1 december 2013

Aan een houten hek zag ik deze vlinderpop en verbaasde mij over de prachtige camouflage. Een ander woord voor dit verschijnsel is "mimicri". Het is een fantastische manier om beschermd te worden tegen predatoren: de uiterlijke kleuren van het insect vallen zo weg tegen de achtergrond dat het als mogelijke prooi nauwelijks nog opvalt. Het is een stukje woordeloze taal, zoals bijvoorbeeld ook kleuren een taal spreken. Het knalgeel van de Jacobskruiskruidvlinderrups, het felle rood van bepaalde wantsen, het zijn waarschuwingen: eet mij niet want ik ben giftig of smaak heel vies. Op die manier wordt de overlevingskans groter en de voortplanting een groter succes. Op het hek bevond zich de pop van het Groot Koolwitje (Pieris brassicae) waarvan de rups zich in de herfst heeft vast gesponnen op een geschikte plek waar hij de winter kon doormaken. De rups spon een vluchtig netje als ondergrond en gordde zich vast met een sterk draadje. In april gaan de vlinders weer vliegen, dat is dan ook het moment voor het Groot koolwitje om uit te sluipen en de wereld in te vliegen. Afgelopen najaar vlogen ze "bij bosjes" door onze volkstuinen.

29 november 2013

In een bos zie je veel boomstammen die begroeid zijn met een dikke laag mos. Mos heeft veel vocht nodig dus zie het voornamelijk aan de kant waar de stam de meeste regen vangt. Het mos vormt weer een geheel eigen biotoop. Vaak groeien er allerlei soorten kabouterpaddestoeltjes op en die vind ik heel leuk. Insecten zitten er ook meestal in en in deze tijd van het jaar hangen er veel vleugeltjes van wintervlinders die het leven gelaten hebben. In het voorjaar gebruiken sommige vogels het mos voor de bekleding van hun nesten. De boom heeft er geen last van. Mossen hebben slechts heel dunne zuighaartjes waarmee ze zich op de stam vastzetten en ze dringen niet verder door dan de buitenste cellenlaag van het schorsweefsel. Het heeft wel wat, die aangeklede bomen in hun groene jassen.

28 november 2013

Wat zijn de dagen merkbaar snel aan het korten! Vooral als de zon het laat afweten en schuil gaat onder een dik en grijs wolkendek is het om vier uur 's middags al gedaan met de dag. Op 21 december is de dag het kortst en op 30 december blijft het 's ochtends het langst donker, dus we hebben nog even voor de boeg voordat we ons weer kunnen verheugen op het lengen der dagen. In deze tijd van het jaar komt de zon vaak spectaculair op om 's avonds weer met veel spektakel onder te gaan. Het is of de lucht in brand staat, echt prachtig! Het is een onvoorspelbaar schouwspel en afhankelijk van de wolkenlaag. De vliegtuigstrepen in de avondlucht blijven langer in stand naarmate de lucht vochtiger is; is de lucht droog dan waaien ze snel weer uiteen. Ze beginnen tien tot dertig meter achter het vliegtuig en kunnen afhankelijk van de luchtsituatie tientallen ton honderden kilometers blijven hangen. Maar het type vliegtuig is ook bepalend, er zijn ook luchtschepen die geen strepen veroorzaken.

26 november 2013

Dit weekend ben ik maar weer eens voorzichtig de vogels gaan voeren. Teveel voer ineens presenteren heeft weinig zin want ze moeten nog overschakelen en de voertafel nog ontdekken. Dus nu alleen nog maar maar wat havermout voor de roodborst en wat zonnepitten voor de meesjes. Ik zag ze de afgelopen dagen al druk zoeken langs de randen van de garage, de kozijnen, in de klimplanten; blijkbaar begint de resterende insectenvoorraad al wat te minderen. Vorig jaar om deze tijd lag er al een flink pak sneeuw, voor de vogels is het een zegen dat dit niet alweer het geval is. Laat nog maar even wegblijven, de winter duurt al lang genoeg. Deze pimpel keek nog even naar binnen voor hij met een pit in zijn snavel wegvloog. Alsof hij wilde zeggen: bedankt hoor!  Tot je dienst, lispelde ik onhoorbaar....

25 november 2013

Ik betrap me er regelmatig op dat ik weer loop te zoeken naar het allerkleinste grut op de bosbodem. Maar dat is ook zo ontzettend leuk! Nog steeds groeien daar allerlei piepkleine paddenstoeltjes. Ditmaal ging ik bewust op zoek naar zwammetjes die groeien op dennenappels of sparrenkegels en daarvoor moest ik zijn op een lekker vochtig en doorweekt stukje open bos. Tussen het natte mos vond ik er legio. Het is zo grappig dat zulke zwammetjes alleen maar willen groeien op de appels en kegels van naaldbomen. Hier piepen een paar Muizenoorzwammetjes (Baeospora myosura) uit een dennenappel.

24 november 2013

Langs het kanaal in mijn woonplaats stonden indertijd bloeiende bedrijven. De bekende fabriek Lepper waar fietszadels werden gemaakt, Vitatron, een fabriek waar geavanceerde pacemakers werden gefabriceerd en de grote vezelfabriek Albany Nordiska. Alweer vele jaren geleden ging de een na de ander weg en gebouwen en terreinen lagen er verwaarloosd bij. Projectontwikkelaars toonden nauwelijks interesse in de vrijgekomen bedrijfspercelen en wilde planten maakten dankbaar gebruik van de situatie en grepen hun kans zich er te vestigen. Je zou het bijna kunnen benoemen als "tijdelijke natuur", ware het niet dat de grond nooit officieel deze bestemming kreeg. Momenteel gaat er weer gebouwd worden langs het kanaal. Er komen bedrijven en als niet alle kavels verkocht worden, ook huizen. Voor de natuur is dit het moment dat de rust verstoord wordt. Grote bomen worden gerooid en de terreinen worden bouwrijp gemaakt. Over "tijdelijke natuur" gaat mijn laatste column, aanklikbaar vanaf de homepage.

22 november 2013

Als je zou afgaan op de samenstelling van de uitwerpselen van dieren, zou je zonder kalender al zo ongeveer kunnen afleiden waar we ons in het jaar bevinden. Wandelaars die stonden toe te kijken hoe ik dit dierspoor stond te fotograferen, opperden dat het vast van een marter zou zijn. Die zijn in ons dorp in opkomst en onlangs moesten ze nog verwijderd worden uit de basisschool. Maar marterpoep is dit niet, eerder van een vos. Die deponeert vaak zijn drol op een verhoging, zoals deze boomstronk, maar doorgaans ziet die er anders uit, meer een worstje met een punt eraan. Als in de herfst de vos zijn buik rond eet aan de vruchten in het bos, is dat goed te merken want dan ziet zijn uitwerpsel eruit als op de foto. Een vriendin van mij weet steenmarters in haar tuin en ze heeft ze in het halfdonker ook gezien wanneer ze het bos uitkomen op zoek naar wat lekkers. Ze vindt dat zo geweldig dat ze de beesten voorziet van de etensresten die overblijven, tot pasta toe. De marters vinden dat jofel, ze lusten alles. En in de nacht hoort ze de dieren schreeuwen als ze aan het ruziŽn zijn. Misschien wordt ze op een nacht wel wakker door angstaanjagende geluiden op zolder, als de marters tegen de klimop omhoog zijn geklommen en haar zolder geannexeerd hebben. Want dat doen die rakkers regelmatig! En dan zijn de rapen gaar maar daar wil mijn vriendin maar even niet aan denken, ze valt finaal voor die mooie dieren.

21 november 2013

Op de stammen van de beukenbomen in het bos zijn opvallend veel sprinkhanen te zien. Het gaat om de Boomsprinkhaan die, zoals de naam al aangeeft, op en in bomen leeft.  De Boomsprinkhaan (Meconema thalassinum) behoort tot de sabelsprinkhanen en die naam ontlenen ze aan de legboor achterop het lichaam van de vrouwtjes. Het beestje heeft heel lange sprieten en is een vleeseter. Dat is voor een sprinkhaan bijzonder. Het voedsel bestaat uit allerlei piepkleine insecten op het blad van de bomen. Het vrouwtje is een zwijgzaam type, ze produceert zelf geen geluid. Het mannetje doet dat wel door met zijn achterpoot op een blad te trommelen en het vrouwtje kan dat vanaf een paar meter horen en moet dus zelf achter een man aan als ze zich wil voortplanten. Sprinkhanen zijn insecten met een onvolledige gedaanteverwisseling. Bij elke vervelling gaan ze meer op het volwassen exemplaar lijken. De eitjes worden door het vrouwtje afzonderlijk afgezet, maar ook vaak in een cocon in de grond. Dit is zo ongeveer de tijd dat het leven voor het volwassen insect voorbij is. Misschien zitten ze daarom wel stijf verkleumd en  in lijdzaamheid op de boomstammen hun eindje af te wachten.

20 november 2013

Nadat eerder een kanaal gegraven werd van Apeldoorn naar Hattem, werd tussen 1858 - 1895 een tweede stuk aangelegd dat van Apeldoorn naar Dieren voerde om aansluiting te maken met de IJssel. Het water in het kanaal kwam echter niet hoger dan 60 cm en dat was te weinig voor de beoogde scheepvaart. Men begon toen met het verleggen van beken en het aanleggen van sprengen en uiteindelijk werd het doel bereikt. Het hoogteverschil tussen kanaal en IJssel werd opgelost met een drietrapssluis, wat in die tijd een waar technisch hoogstandje was. In Dieren kwam ook nog een pompstation dat zo nodig water uit de IJssel het kanaal in kon pompen. Toen de Duitsers zich na de gevechten in de oorlog terugtrokken, bliezen ze alle bruggen over het kanaal op. De Dierense en Spankerense bevolking bouwde toen op 16 april 1945 over de de sluis een noodbrug waardoor de 1st Canadian Infantry Division en de Britse troepen van de 49th Polar Bear Division contact met elkaar konden maken. En zo konden Dieren en het naburige Spankeren op die dag worden bevrijd van de Duitse overheersing en zo werd ook de toegang tot de Veluwe open gelegd voor de geallieerde troepen en de bevrijding van de Veluwe. Om deze herinnering in leven te houden werd er een gedenkbord geplaatst bij de sluis.
 

Na de Tweede Wereldoorlog wilde men de capaciteit van het kanaal vergroten en werd er een grote betonnen sluis gebouwd die in eenmaal een hoogteverschil van 10 meter kon overwinnen. Het werd echter niks met de scheepvaart en in 1997 werd het kanaal overgedragen aan het toenmalige Waterschap Veluwe. Sindsdien is het kanaal een rustig water waarlangs rietkragen staan en de Karekiet zingt, zwanen en hoentjes broeden er, er groeit een mooie grote vegetatie van waterranonkel en onder de vaste bruggen die werden aangelegd, blijven 's winters nog lang wakken open voor het waterwild. Bij strenge vorst wordt het kanaal een stukje "Anton Pieck nostalgie" vanwege de vele mensen die er gaan schaatsen. Soms zelfs met "koek-en-zopie-kramen". Nu zijn er mensen die ervoor ijveren het kanaal weer bevaarbaar te maken voor de scheepvaart. Zij denken dat het iets toevoegt aan het dorp Dieren maar niet iedereen is er blij mee. Ook ik niet. De oude hangbruggen die er vroeger maken staan er nog wel  maar werken niet meer en zijn vervangen door vaste bruggen. Het kanaal zou moeten worden verdiept, en de broedende watervogels kunnen het wel vergeten als dit waarheid gaat worden. Hopelijk helpt de crisis mee dit plan te verhinderen. Er wordt al zoveel opgeofferd aan toeristen en geldelijke belangen; laat dit kanaal alsjeblieft wat het nu is geworden: een mooi en vredig stuk natuur!

18 november 2013

Voor de meeste paddenstoelen is het wel zo'n beetje afgelopen. Ik vond nog een plek waar de Kluifzwam (Helvella crispa) stond. De meeste waren alweer aan het vergaan maar tussen het verdorde blad ontdekte ik toch nog een mooi exemplaar. Een merkwaardige zwam die van een kalkrijke bodem en wat open begroeiing houdt. De merkwaardige steel draagt een al even vreemde hoed die uit verschillende lobben bestaat. De zwam is eetbaar maar je vindt er maar zo weinig van dat je de kans niet krijgt er een smakelijke maaltijd mee te bereiden. Gelukkig maar, op de bosbodem komen ze meer tot hun recht.

17 november 2013

Ik weet het, ik zie er niet uit. Ook is dit niet het beste en meest elegante portret dat van me gemaakt is, maar ik vind het zů lekker om in het water rond te ploeteren....  Steeds duik ik er weer opnieuw in. In deze tuin wordt nog niet gevoerd gelukkig, alleen žk krijg dagelijks wat havermout dus de concurrentie met andere vogels hoef ik gelukkig nog niet aan. Ze denken hier trouwens dat ik de jonge roodborst ben die deze zomer als jonkie continu door de tuin scharrelde. Maar wie zal het zeggen, misschien ben ik wel een noorderling die hier de winter komt doorbrengen. Laat ze maar raden, ik zeg niks! Ik hoop wel dat we nu eens geen strenge winter krijgen.

16 november 2013

Langs het pad waar ik het gisteren over had, stond een mooie royale vegetatie van Bosklaverzuring  (Oxalis acetocella), een soort die kenmerkend is voor oude bossen. Een eindje verderop groeiden in de herfst Kluifjeszwammen, ook al niet overal te zien. Bij het ruimte maken voor een breder fietspad werden complete bomen uit de grond getrokken en in de berm gegooid terwijl grote hoeveelheden grond door shovels verplaatst werden naar de linker en rechterkant. Daaronder verdween de Bosklaverzuring. Hoe jammer, ik wandelde er elk voorjaar meermaals langs om te genieten van die tere bloempjes. Het is zo jammer dat er tussen bosbeheerder en uitvoerder van dit soort  werkzaamheden op dit punt geen overleg is, of inventarisatie plaatsvindt.

15 november 2013

Het brede pad dat hier gecreŽerd is was voorheen een smal geasfalteerd fietspad dat aansloot op de Lange Juffer, een laan die van landgoed Hof te Dieren naar een jachthuis aan de Imbos (ANWB-paddestoel 350)  voerde. Vroeger sprak men van een slanke juffer, wij spreken tegenwoordig van slanke den. En een slanke juffer was een naaldboom die een lengte had van 4 - 8 meter en een diameter van 6 - 12 cm in de top. De Hof kent een lange geschiedenis en was onder meer eigendom van de Oranjes die ook toen al fervente jagers waren en er een jachtslot van maakten en zogenoemde koningswegen aanlegden waarlangs de jachtstoeten reden. Nu is het landgoed - zowel park als bosgebied - eigendom van de Stichting Twickel.

Van de andere kant gezien is hier goed te vast te stellen hoe het smalle fietspad een breed pad is geworden, verhard met grote betonnen platen. Ernaast loopt nu een onverhard zandpad dat keurig geŽgaliseerd is, in mijn ogen een jammerlijke vergissing. Hier liep namelijk een heel oude zogenaamde "holle weg" die nog stamde uit vervlogen tijden. Door de hoeven van paarden en schapen die er vanuit het dorp richting heide doorheen geleid werden, sleten dergelijke wegen steeds verder uit en kwamen ze op den duur lager en lager te liggen dan de omgeving. Schapen en paarden liepen er al lang niet meer maar voor de afwatering van regen zijn deze wegen nog steeds heel nuttig. Met het verdwijnen van deze historische weg is nu ook een stukje historisch cultuurlandschap verdwenen en dat vind ik betreurenswaardig!

14 november 2013

De IJssel ligt er weer zo prachtig bij! Een rivier met allure, altijd weer anders, steeds weer mooi en boeiend. Door alle regen is de rivier weer overstroomd en hier en daar lijkt het eerder een meer dan een rivier. Vanuit de doordrenkte bodem komt het water verderop omhoog in de uiterwaarden en vormt meerdere kleine nevengeulen waar ganzen en meeuwen met grote groepen bijeen zitten. Aan de kant van ons dorp neemt het water eveneens bezit van het land maar toen de eerste bewoners zich hier lang geleden vestigden, waren ze al zo slim om hogerop te gaan wonen. De prachtige oude huizen die later langs de oever gebouwd werden bieden een schitterend uitzicht op de altijd van uiterlijk wisselende rivier. Wat je noemt "a thousand dollar view". Daar ook de uiterwaarden vol lopen moeten hazen, konijnen en reeŽn een goed heenkomen zien te vinden willen ze niet jammerlijk verdrinken. Altijd is er wel drama in de natuur.

13 november 2013

Zoiets is nou aardig om te vinden! Op deze foto lijkt het heel wat maar in werkelijkheid zijn die witte dingen zo klein als een speldenknop. Maar dan wel een zoals die van de spelden die gebruikt worden om verpakte herenoverhemden fraai te presenteren. Omdat ik zo vaak met mijn ogen naar de grond gericht rondwandel, viel mij ook dit verschijnsel op; het groeide op een rottende, totaal doorweekte beukenstam. Het  zijn de vruchtlichamen van een slijmzwam met de naam Fopdraadwatje (Trichia varia).  Fopdraadwatje, hoe krijgen ze het verzonnen! Het had dan ook letterlijk heel wat voeten in de aarde voor duidelijk werd dat dit de juiste naam was. Maar ja, er bestaan wel 1050 soorten van deze slijmzwam en vaak moet de microscoop er aan te pas komen. De levenscyclus van dergelijke organismen die myxomyceten genoemd worden,  bestaat uit twee stadia: het eerste waarin de slijmzwam zich voornamelijk voedt met groene algen, bacteriŽn en plantenresten. Het tweede waarin de slijmzwam zich voortplant. Als de vruchtlichamen rijp zijn, gaan ze open en kunnen de sporen zich verspreiden. Deze op zich staande groep die niets te maken heeft met paddenstoelen, zoals de naam zou vermoeden,  is door wetenschappers uit en te na bestudeerd. Het bleek daarbij dat slijmzwammen een vorm van intelligentie hebben. Zo blijken receptoren te bevatten die ze de weg wijst door een doolhof als aan het eind daarvan een voedselbron ligt. Wat een ingenieuze levensvorm toch weer. 

11 november 2013

Wat heerlijk is het als weer eens de zon schijnt in deze overwegend grauwe tijd van het jaar. Zo ook gisteren, dat wil zeggen in de morgen. Daar moet je dan meteen gebruik van maken. Er zit nog steeds aardig wat blad aan de bomen al verloopt een en ander gelijk de haren op het ouder wordende hoofd: ze worden steeds minder. Er vloog een Zwarte specht die heel wat te vertellen had. Onafgebroken vloog hij heen en weer door het bos, zat dan eens hier en dan weer daar. Als deze specht vliegt hoor je een aanhoudend krikrikri en als hij ergens geland is klinkt het melancholische kluuuu, kluuuu, kluuuu. Het is zo'n geheimzinnige vogel, je ziet hem als een zwarte schicht tussen de bomen vliegen maar je krijgt hem zelden voor de lens. De meeste foto's van deze vogel zie je dan ook bij de nestholte. Slechts tweemaal had ik hem te pakken in een open stuk bos. Vogels die ik fotografisch nog nooit te pakken kreeg zijn de Raven, en ik wil het zo graag! Ze vlogen gisteren zo laag over dat ik het zoeven van hun vleugels kon horen terwijl hun kenmerkende geluid hun komst al van verre aangekondigd had. Maar ook deze vogels kun je niet door de boomtoppen heen fotograferen. Jammer, maar dat ik ze hoor vind ik al geweldig en het feit dat ik ze bijna altijd hoor, geeft aan dat ze hier goed gedijen.

10 november 2013

"November heeft maar 30 dagen, maar dubbel wind en regenvlagen", las ik ergens en dat is zeker momenteel van toepassing. Op een kleddernatte bemoste boomstam zag ik deze fraaie wants zitten. Het is een van de grotere soorten: de Meidoornwants (Acanthosama haemorrhoidale). Deze wantsen hebben een zuigsnuit waarmee ze hun voedsel uit het blad van bomen en struiken halen. De Meidoornwants ontleent zijn naam aan het feit dat hij zich in de herfst gulzig overgeeft aan het sap van de rode vruchten van de Meidoorn. Deze wants is de grootste schildwants die in ons land voorkomt; hij kan 17 mm worden. Het volwassen insect overwintert tussen het schors van de stammen maar ook vaak in graspollen. Bij het huidige weer maakt hem dat laatste zeer vatbaar voor schimmelziekten. De jonge nakomeling van deze wants, de nimf, ziet er geheel anders uit, zowel van vorm als van kleur, die is egaal groen.

9 november 2013

Aan de weg langs een mooie boerderij in het buitengebied stond een oude respectabele eikenboom. Aan de voet zag ik een enorme Harslakzwam (Ganoderma resinaceum), een prachtexemplaar! Het is een parasiet die meestal voorkomt op beuken en Amerikaanse eik. Wanneer de vruchtlichamen verschijnen is er ondergronds al heel wat narigheid aan de gang. De schimmel tast wortels en stam aan en je ziet er niks van. Plotsklaps kan zo'n boom dan omvallen of breken door een stevige windvlaag.  Er kan heel wat tijd overheen gaan maar op een dag volgt het onvermijdelijke voor de oude boom.

7 november 2013

Overal in de weilanden en langs de rivier zie je ganzen rondscharrelen en het zijn er heel veel. De natuurliefhebber kan er mateloos van genieten maar de agrariŽrs balen van die beesten. De vogels trappen met hun platvoeten de bodem dicht, vreten wel een pond gras per dag en laten als dank voor het aangenaam verpozen karrenvrachten uitwerpselen achter. De ganzen die door al die vetbemeste graslanden naar ons land gelokt zijn om hier te overwinteren of permanent te blijven, zijn vanaf nu de klos. Aan de boeren werd vorig jaar in mijn provincie Gelderland 1,3 miljoen euro schadevergoeding uitgekeerd ter compensatie van het ongerief veroorzaakt door die vermaledijde vogels. Nederland heeft namelijk een internationale verantwoordelijkheid voor de opvang van trekvogels in de winter, maar die zit een stevige bestrijding van die ganzen danig in de weg, vinden belanghebbenden. Dus is een plan bedacht: we gaan de ganzen in de winter tolereren maar in de overige seizoenen bestrijden. Niet met dier- en natuurvriendelijke methodes, nee, hupsakee dood schieten en de pan in! Gedurende de komende vier jaren worden er hier jaarlijks met ingang van 2014, door voornamelijk jagers 34.000 ganzen uit de wereld geholpen. Dus gaan ze de zaak met het geweer regelen want vergassing met CO2, waardoor je er in ťťn keer veel meer tegelijk kunt doden, wordt door het publiek niet geapprecieerd. Dat kun je zien en dat is een naar gezicht. Tegen het afschieten protesteren maar weinigen. Er is nog even gedacht aan de Voedselbanken die het vlees zouden kunnen uitdelen maar daar is vanaf gezien want de jagers zouden de ganzen dan schoongemaakt moeten afleveren en daar zien ze niks in. Van onze provinciale gedeputeerde mogen de jagers daarom hun geschoten prooien verkopen aan de poelier. Leuk zakcentje dus voor de heren jagers. Die kunnen naar hartenlust hun hobby uitoefenen en houden er ook nog een leuke duit aan over!

5 november 2013

In het bos, in een lange beukenlaan zag ik deze herfst een Eikvaren (Polypodium vulgare) groeien. Het verbaasde me omdat in de omtrek nergens dergelijke varens staan. Of misschien wat dieper in het bos waar de wandelaar niet komt, maar als je weet hoe ingewikkeld een varen ontstaat, is het toch verbazingwekkend. Aan de onderkant van de Eikvaren bevindt zich een dubbele rij oranje sporenhoopjes. Als ze rijp worden, verkleuren ze naar zwart. Een varen kan zich op twee manieren voortplanten: door middel van de kruipende wortelstok, en door sporen. In elk sporenhoopje zitten ongeveer zestig sporen. Deze zijn zo licht dat de wind ze makkelijk verspreid. Komt een spore terecht op de juiste plek, dan kan er een zogenaamde voorkiem uit groeien. De plek moet de juiste vochtigheid hebben, een juiste hoeveelheid licht en samenstelling van de bodem en ook nog de juiste temperatuur; dus verhoudingsgewijs komt er maar van weinig sporen iets terecht. De voorkiem heeft heel dunne haarworteltjes om voor voldoende vocht te zorgen. Onder de voorkiem zitten twee piepkleine orgaantjes die in de een een eicel hebben en in de ander zaadcellen. Nu moet er weer voldoende vocht in de grond aanwezig zijn om mogelijk te maken dat de rijpe ei- en zaadcel naar elkaar toe kunnen bewegen. Als alles gelukt is, kan er een varen gaan groeien. Eerst verschijnen er kleine kiemblaadjes en pas na een jaar of drie echte bladeren. Toen ik dat allemaal voor het eerst hoorde, kreeg ik veel ontzag voor dit natuurwonder. En dat heb ik nog steeds, als ik "mijn" Eikvaren passeer, ga ik hem nooit achteloos voorbij.

4 november 2013

Wat een weer! Een mens wordt er zwaarmoedig van. Vanuit huis zie je de zwaar gevulde regenbuien vastberaden aan komen drijven en wat het vandaag wordt is nog even afwachten maar gisteren was het bar en boos. De ene onweersbui na de andere, de ene wolk na de andere die zijn regenvracht met kletterend geluid liet vallen, windstoten, bliksemflitsen en hagelbuien die de wereld om ons heen wit kleurden. Vogels vluchtten in paniek de coniferen in voordat zo'n gemene hagelsteen een eind aan hun leven kon maken. Gelukkig hier geen tornado al kwam die akelig dichtbij. Het is herfst en dat zullen we weten ook! Voor wie vandaag nog even een mooie virtuele herfstwandeling wil maken is dit met mooie muziek begeleide stemmige filmpje:
http://www.youtube.com/watch?v=5-UiZbJsL5E

2 november 2013

Eigenlijk is de kleur van de Amethistzwam (Laccaria amethystina) meer rodekoolachtig maar dat registreerde de camera anders. Dat deze paddenstoel tevens de betiteling "rodekoolzwam" kreeg is goed te begrijpen. Niet alleen de kleur doet aan het blad van deze groente denken, ook de onderkant lijkt op de nerven van rodekool. Dat wil zeggen, op deze foto. Toch ziet de onderkant van deze zwam er niet uit zoals het behoort. De Amethistzwam heeft dikke grove plaatjes. In alles kan wel eens iets een beetje verkeerd groeien en dat is hier ook gebeurd. Ik vind het erg mooie paddenstoeltjes, zoals ze met hun violette hoedjes boven het gevallen herfstblad staan. Het viel me wel op dat ze veel minder te zien waren en zijn dan andere jaren. In "mijn" bos, welteverstaan.

1 november 2013

Bij ons in de tuin schittert al een week een winterbloeier: de Jasminum nudiflorem, beter bekend als Winterjasmijn. Overal staat hij vermeld als een plant die van december tot april bloeit. Op de websites van sommige kwekers staat zelfs te lezen dat hij nog fier doorbloeit als het "vriest dat het kraakt". Dat is natuurlijk onzin. Zolang het in de winter niet vriest, bloeit hij en als de vorst regeert houdt hij daar tijdelijk mee op. Dat deze plant al eind oktober in bloei staat lijkt me wel heel erg vroeg. En eigenlijk vind ik dat ook niet leuk aangezien er nog heel wat zomerbloeiers aanwezig zijn. De meeste hebben het seizoen al afgesloten maar er is nog van alles te vinden: onder andere rozen, klaver, goudsbloemen, sommige eenjarigen en  koekoeksbloemen, al zijn de laatste wat bleekjes van de kou. Dus de mooie Winterjasmijn had eigenlijk moeten wachten tot het moment waarop wij wat moedeloos en noodgedwongen het kleurloze winterseizoen zouden binnengaan en blij verrast zouden worden met al die optimistische felgele bloempjes.

31 oktober 2013

De Kardinaalsmuts (Euonymus) vind ik in deze tijd van het jaar een feestelijke blikvanger. In de plantsoenen staan ze als de vrolijke noot in een voor de rest treurig en kaal stukje groen. In de gemeente waar ik woon zijn als bezuinigingsmaatregel in bijna alle plantsoenen aardige struikjes en planten verwijderd en ingewisseld voor saaie groene vlaktes die in de zomer alleen aan de buitenkanten gemaaid worden in de ijdele hoop dat er ooit een wilde bloemenweide zal ontstaan. Veel bewoners gruwen van alle "onkruid", al dan niet verdord, maar  wie weet komen er in de verre toekomst nog eens betere tijden voor het groen. Maar goed, de kardinaal mocht blijven. De naam dankt hij aan de vorm van de vrucht die met een beetje fantasie op het hoofddeksel van een kardinaal lijkt. Als de doosvruchten rijp zijn barsten ze open en verschijnen er oranje zaden waar vogels dol op zijn. En dat is dan precies de bedoeling, want door die weer uit te poepen wordt het zaad verspreid. Op die manier heeft zich ook een kardinaalsmuts met vreemde, lichte hoedjes gevestigd in onze tuin. Geen geweldige kleur naar mijn smaak maar ik laat hem staan. Het is vast een van de vele gekweekte vormen die er tegenwoordig zijn. In ons land komt de struik ook in het wild voor: de Euonymus europaeus. De bloempjes van de kardinaal zijn onaanzienlijk maar dat wordt goedgemaakt in de herfst als veel in de natuur nog een keer samenkomt om te vlammen en de mens te bekoren met een explosie van kleuren. Voor de mens is de Kardinaalsmuts in alle delen giftig. Zonder dat we ons daarvan bewust zijn, is dat met heel veel planten het geval. Je zou er van schrikken hoeveel het er zijn.

30 oktober 2013

Het was dinsdagmorgen en ik wilde naar buiten. Alsof hij niet wilde toegeven dat hij zijn kruid verschoten had en de strijd over en uit, bleef de wind maar drammerig om het huis en door de bomen in de tuin waaien. Aldoor was binnen het geluid te horen van de bladmassa die woest heen en weer geslingerd werden. Gelukkig was het een stuk minder dan de dag ervoor toen de storm het land geselde. Ik heb een hekel aan storm en rukwinden, er gaat zoveel nodeloos kapot. Ik ging op pad om de schade in het bos op te nemen maar tot mijn verbazing was dat beperkt gebleven tot afgerukt groen van naaldbomen en afgebroken dunne takken van lofbomen. Ik zag niet ťťn omgevallen exemplaar, en dat terwijl de beuken nog voor het merendeel stevig in het blad zaten. Gelukkig was er ook verder niets aan de hand; de specht riep als gewoonlijk en de boomklevers hadden het hoogste woord. Vandaag schijnt de zon alsof er niets gebeurd is.

29 oktober 2013

Deze fraaie paddenstoel heb ik vorige week al gefotografeerd; het is de Parelamaniet (Amanita rubecens). Het is een algemene soort die door zijn bruine kleur niet zo opvalt op de bosbodem. In het stadium als op de foto is zijn hoed nog niet geheel uitgegroeid en dat maakt hem tot een echte kabouterpaddenstoel, vind ik. Met een beetje fantasie zie je er gewoon een kleine, pijprokende kabouter onder zitten. Tot de familie Amanita behoort ook de Vliegenzwam en de Panteramaniet. Maar er zijn er veel meer die tot deze soort behoren en veel ervan zijn giftig. Kortgeleden werd bekend dat een asielzoekergezin  ernstig ziek werd door het eten van de zeer giftige Groene knolamaniet. In sommige landen worden op grote schaal paddenstoelen verzameld en gegeten maar het blijft een hachelijke zaak omdat veel soorten op elkaar lijken. De Parelamaniet schijnt een favoriete behuizing te zijn voor maden maar daar heb ik maar niet naar gekeken. De gevaarlijke, zeer giftige  Panteramaniet verschilt van de Parelamaniet door de kleur van zijn wratachtige stukjes bovenop de hoed. Bij de Panteramaniet zijn die wit. Je mag er alleen maar naar kijken, maar aankomen niet!

28 oktober 2013

Ik ben de herfst.
Ik ben de regen.
Ik ben de storm.
Zoek mij maar op,
ik sta in alle gedichten.
Houd mij maar vast,
ik heb het koud en ik ben moe.
en nog zoveel bladeren aan de bomen,
nog zoveel bladeren overal.
                                                                  Toon Telligen

27 oktober 2013

In een oude laan die door ons dorp loopt staan esdoorns die er momenteel zeer fraai uitzien. Ze moeten weg! Ze moeten weg!!!!! Reden: hun wortels nemen teveel ruimte in en drukken de stoeptegels omhoog. Telkens als in dorp of stad bomen tot vol wasdom komen, moeten ze weg omdat wij mensen er niet mee weten te leven. Alles moet onder controle blijven en vooral netjes. Ooit was er een tijd dat er geen geasfalteerde straten waren maar ongeplaveide paden, ook in ons oude dorp. Hier was een eeuw geleden al een Buurtschap actief die hun watertanks door het dorp voort duwden om de droge stoffige wegen vochtig te maken zodat het zand niet zo stoof. Bomen konden groeien wat ze wilden, oud worden en na heel veel jaren doodgaan. Ik vind de wereld soms zo raar geworden en dingen als deze bomenkap kunnen mij mateloos irriteren. Als ik in die straat woonde en er zo'n schitterende boom voor mijn deur stond, zou ik mij er aan vast ketenen om te voorkomen dat de zaag er in gezet werd. Misschien ben ik niet meer van deze tijd....

26 oktober 2013

Het kan nog net, nu blad nog aan de bomen zit. De stormwind die binnenkort door de bossen gaat razen, zal ongetwijfeld een groot deel van het blad van de takken rukken maar ook op de grond kun je nog zoeken naar gallen. Er zijn heel veel soorten waarvan er nogal wat op de eik zitten. Dat is een boom die de hele zomer een enorme variatie aan gasten in zijn kroon verwelkomt.  Daaronder bevinden zich vliegen, mijten en galwespjes e.a. die de mooiste natuurverschijnselen kunnen veroorzaken. Ze prikken hun legboor in een blad of knop  en deponeren er een eitje in. Het blad reageert daarop door een gal te maken en in die gal zijn alle voorwaarden aanwezig om het larfje te laten groeien tot het volwassen is. Deze Eikennapgalletjes groeien onder het blad van de Zomereik en ze zijn altijd met vele. De galletjes worden veroorzaakt door een galwespje, de Neuroterus albipes, om precies te zijn. Dit is dus het tijdstip om op zoek te gaan naar de inktgal, de tepelgal, de satijnen knoopjesgal, de knoppergal enzovoort. In elke gal bevindt zich een microwereld op zich! Die valt met blad en al op de grond waar de natuur haar werk voortzet en de galwespjes, vliegjes, mijten en dergelijke volgende lente de kringloop weer kunnen voortzetten.

25 oktober 2013

Het komt maar weinig voor dat je een paddenstoel vindt die puntgaaf is. Allerlei dieren zijn er namelijk dol op, dassen en zwijnen, eekhoorns, muizen en vooral slakken. De zwammen hebben hun koppen nog niet boven het maaiveld uitgestoken of ze trekken vraatzuchtige individuen aan. De doorsnee wandelaar weet niet eens dat veel paddenstoelen een eigen geur hebben maar het is wel zo. Daarvan kun je gebruik maken bij het determineren van de soort. Proeven kan ook, of een stukje afbreken welke kleur het melksap in hoed of steel heeft, en of het vruchtvlees daardoor verkleurt. Ook moet je letten op de onderkant, of de steel van de zwam. Zijn er buisjes of plaatjes onder de hoed en hoe zijn de laatste gegroepeerd of zitten ze al dan niet vast aan de steel. Het zal daarom zijn dat het zwammenrijk een moeilijke materie vormt voor veel natuurliefhebbers, waaronder ikzelf. Gelukkig kun je altijd je licht opsteken bij mensen die er meer van weten.

Het kan natuurlijk ook heel goed zijn dat je zover niet wilt gaan en dat je gewoon wilt genieten van hetgeen je ziet. Een russula met sterk omgekrulde hoed, die daarmee haar beide kanten vertoont, kan heel fotogeniek zijn. En een boleet die er uitziet als een sandwich wekt niet alleen verbazing maar is ook grappig. Het heeft allemaal te maken met je eigen keuze en nieuwsgierigheid. De ene natuurliefhebber is de andere niet en dat is maar goed ook! Voorlopig ga ik nog wel even door met het tonen van mooie paddenstoelenfoto's want ik heb onderhand veel fraaie en bijzondere exemplaren gezien. En het is toch ook nog volop herfst?

24 oktober 2013

Tussen allerlei berichten in de Staatscourant stond te lezen dat de Faunabeheereenheid te
's Hertogenbosch ontheffing had gevraagd van de Flora- en Faunawet, inzake het afschieten van Spreeuwen en Vlaamse gaaien op de grond van de Wildbeheereenheid Midden Brabant. Gedeputeerde Staten van Noord Brabant hebben dit verzoek niet ingewilligd; blijkbaar zag men het nut van het doden niet in. Het wil niet zeggen dat daarmee de kous af is want tot half november kan er nog beroep tegen het besluit worden aangetekend. In mijn provincie zijn de bestuurders niet zo diervriendelijk en mag naast spreeuw en gaai zelfs de merel worden bestreden aangezien ze het lef hebben zich te voeden met de kersen uit de vele boomgaarden hier. Helaas hebben de spreeuwen die wij hier vroeger heel veel zagen, mijn bewoonde omgeving verlaten maar gaaien zie ik dagelijks in het bos. Ze heten tegenwoordig trouwens alleen nog maar Gaai, het Vlaamse is afgeschaft. Net zoals straks Piet beroofd wordt van het Zwarte. Niets blijft hetzelfde in deze onrustige en grillige wereld. De gaaien zijn momenteel druk bezig eikels te verzamelen en te verstoppen voor de winter. Op een begraafplaats zag ik deze week gaaien druk in de weer met de grote eikels van de Amerikaan. Het zijn lelijke schreeuwers, zo brutaal als de beul maar ik ben zeer op ze gesteld. Ik had ook nog nooit gehoord of gelezen over het doden van deze vogels. Dit is het land geworden van de ongekende mogelijkheden!

23 oktober 2013

De Stekeltrilzwam (Pseudohydnum gelatinosum ). Ik had hem nog nooit gezien en dacht nog even dat dit de Stijfselzwam moest zijn. Maar de vorm klopte niet en met hulp van een paddenstoelenkenner kwam ik aan de juiste naam. Stekels zijn hier niet te zien, die zitten aan de onderkant. Deze zwam is nog zo vers dat ze nauwelijks zichtbaar zijn. Het schijnt dat die stekels door de paddenstoel gevormd worden om het sporenoppervlak aan de onderzijde te vergroten. Hoe ingenieus. Het is een zwam die verbonden is met sterk vermolmd naaldhout en hij staat op de Rode Lijst als kwetsbaar. Vanwege de kleur en omdat hij ietwat doorschijnend is, wordt deze zwam ook wel eens IJszwam genoemd. Net als het Judasoor verschrompelt hij bij droogte en wordt weer als nieuw als het flink geregend heeft. De stekelzwam is te zien van juli tot november. Het is altijd weer leuk iets te vinden dat je nog niet eerder tegen kwam.

22 oktober 2013

In Nat. Park Veluwezoom had ik een zwam gevonden die ik opnieuw wilde fotograferen omdat hij niet scherp genoeg was naar mijn zin. Precies op het pad dat ik in wilde gaan, liep deze Schotse hooglanderstier te grazen. Hoewel deze beesten bekend staan om hun niet-agressieve natuur voelde ik er niet veel voor om zo dicht langs hem heen te lopen, zo'n kolos weegt wel 800 kilo. Dus liep ik eerst maar een stukje door tot hij naderhand verdwenen bleek. Tenminste, dat dacht ik! Hij stond echter precies op de plek waar ik de foto wilde maken. Ik ben maar op een boomstronk gaan zitten wachten tot hij verdween, hetgeen nog een hele tijd duurde aangezien hij almaar grazend heen en weer liep te slenteren. Uiteindelijk verdween hij in een naaldbosje. Terwijl ik zijn staart nog zag zwaaien, sloop ik naar de bewuste stam en kon mijn foto eindelijk maken. Welke zwam het was? Dat laat ik morgen zien. Op de link hierbij is een bronstige stier te zien: http://www.natuurbeelden.nl/fragment/schotse-hooglanderstier

21 oktober 2013

Dagelijks komt deze Hoornaar in onze tuin, het is een koningin en ze meet wel vier centimeters. Het seizoen is de majesteit blijkbaar niet in de koude kleren gaan zitten want ze beweegt traag en vliegt niet weg als ik haar dicht benader, zoals in de zomer. Hoogstens neemt ze een dreighouding aan door zich wat op te richten en haar grote kop in mijn richting te wijzen. Ze was voedsel aan het peuren uit een verdroogd stuk fruit dus bood ik haar een pas geplukt appeltje aan wat ze dankbaar aanvaardde. Ik ben niet bang voor deze grote wespensoort al zien deze insecten er nog zo imponerend uit. Ze steken alleen als je ze in het nauw drijft en dan is hun steek flink pijnlijk. Gelukkig heb ik er nog nooit een gehad. Zodra de nachtvorsten komen opzetten is het gedaan met het nest van de hoornaar. Zo'n nest kan wel uit 4000 wespen bestaan. Alleen in de herfst worden daar vruchtbare mannetjes geboren, de darren. Die zorgen ervoor dat de koningin bevrucht wordt, waarna ze sterven. De koningin overwintert en begint in april een nieuw nest.

20 oktober 2013

De verkleuring van de boombladeren gaat razendsnel. Een paar dagen geleden fietste ik langs deze Esdoorn en besloot dat ik hier maar eens met de camera naar toe moest gaan. De combinatie van nog groen blad en het al verkleurde was prachtig om te zien. Toen begon het echter te stormen en te regenen en ik vroeg me af of het blad er nog aan zou zitten. Dat was het geval maar het was inmiddels allemaal rood geworden. In slechts twee dagen, ongelooflijk. Mensen zijn zo snel geneigd alleen voor zich uit te kijken en eigenlijk doe ik dat zelf ook vaak. Maar in de komende week is het  zeker de moeite waard de blik wat vaker omhoog te richten!

19 oktober 2013

In deze tijd van het jaar zijn er vooral voor opkomst van de zon veel mistige ochtenden. En daar worden veel mensen mistroostig van! De zon heeft nog maar weinig kracht en als ze al de gelegenheid krijgt te schijnen, kan ze het vocht niet meer doen verdampen. Hoe meer vocht in de lucht, hoe langer mist blijft hangen. De beste manier om met zo'n grauwe ochtend om te gaan is op pad te gaan, het liefst naar de heide. Daar wordt je betoverd door het landschap dat zich hult in een grijs gewaad. Vormen worden wazig en kleuren worden gedempt, waardoor er een heel speciale sfeer ontstaat waar je direct door wordt gegrepen, of je wilt of niet. Zo ontdek je dat zelfs de grauwste mistdag je humeur kan oppeppen en je als een tevreden mens weer naar huis gaat.

18 oktober 2013

Alweer lang geleden had elke gemeente eigen werknemers in dienst die het groen in stad en dorp onderhielden. Vaak waren dat mensen die daar plezier in hadden en ook verstand van hadden. Tegenwoordig is "uitbesteding" het toverwoord. Je kunt je eigen werknemers ontslaan en sluit contracten met bedrijven. Die contracten behelzen een werkschema waarin precies staat aangegeven hoe vaak en waar er gemaaid zal gaan worden. Of er nu gortdroge periodes zijn waarin geen grasspriet groeit, de maaimachine komt trouw langs. Afspraak is afspraak! De Provincie doet hetzelfde maar dan in het buitengebied. Zo zag ik vorige week hoe de bermen gemaaid werden terwijl er niks groeide; alle planten waren bij een vorige maaibeurt al om zeep gebracht. Zoals te zien is staat er geen boterbloem of brandnetel in het gras maar hier waren maar liefst twee van deze maaiers aan de gang; de voorste deed de ene kant en de machine die erachter reed nam de andere kant voor z'n rekening. Behalve dat dit natuurlijk de waanzin ten top was, begreep ik ook totaal niet waarom de laatste bloemen in een berm niet gewoon mogen blijven staan. Maar ja, daar moet je zeker voor gestudeerd hebben!

17 oktober 2013

De regen striemt de laatste bloemen
naar een roemloos einde
De finale van een zomer sterft weg
in een stilte van nevel
een eeuwenoude kringloop is weer rond

15 oktober 2013

De jagersvereniging verwacht heel veel zwijnen op de Veluwe vanwege de goede mast, vooral langs de Oost-Veluwezoom en dus moet er weer flink geschoten worden. Voor mij een verbazingwekkende mededeling want zoveel bosvruchten kan ik niet ontdekken. Het is dat ik af en toe nog ergens wroetsporen van wilde zwijnen zie, anders zou ik denken dat deze dieren er niet meer zijn in dit bos waar ze altijd overal liepen, zowel in de zomer als in de winter. In de eerste helft van dit jaar zijn er zoveel verhongerd dat het zo ongeveer een bijzonderheid is, als je er nog een ontdekt. Bij het zien van sporen vraag ik mij telkens weer af of de gang van zaken in de afgelopen winter en lente niet als schandalig moet worden bestempeld. Als iemand zijn hond laat creperen door hem voedsel te onthouden, komt de politie of de dierenbescherming in actie. In een bos mag je dieren doelbewust en weloverwogen laten verhongeren door voedselgebrek. Bosbeheerders verschuilen zich vaak achter de verordening in de flora- en faunawet dat bijvoeren verboden is maar verzuimen bewust erbij te vertellen dat er ontheffing van dit wetsartikel kan worden aangevraagd als het lijden voor de dieren ondraaglijk wordt. Je vraagt je af of daar nog enig gevoel bij komt als je besluit de natuur haar gang te laten gaan in extreme periodes. In genoemde periode was het voedselgebrek extreem en begon al in de herfst. Het duurde tot laat in het voorjaar. Onbegrijpelijk dat het publiek niet in opstand kwam, al gingen mensen wel stiekem met etenswaar het bos in om de dieren te helpen. Hoe het ook zij, dat er nauwelijks nog wild te zien is, maakt het bos een stuk onaantrekkelijker.

14 oktober 2013

Zo heel af en toe wandel ik wel eens over een van onze plaatselijke begraafplaatsen om te zien of de natuur daar nog iets voor mij in petto heeft. Afgelopen week deed ik dat ook en zag tot mijn verbazing een overweldigende hoeveelheid van de Vliegenzwam (Amanita muscari) staan. Over de hele plek verspreid stond het vol met rode parasolletjes, in volle glorie, al over het hoogtepunt of pas ontluikend. Verbazingwekkend was het niet want de begraafplaats stond vol met berkenbomen en beide leven in symbiose met elkaar. De paddenstoel groeit op de worteltopjes van de Berk en maakt zo dat die beter voedsel kunnen opnemen. De Berk op haar beurt voorziet de zwam van suikers. De naam Vliegenzwam wordt meteen duidelijk als je weet dat de hoed vroeger in melk geweekt werd waardoor de gifstoffen uit de zwam in de melk terecht kwamen. Vliegen die hierop afkwamen werden op die manier gedood. Voor mensen is de zwam niet echt gevaarlijk, al wordt het vaak gedacht. De stoffen erin werken op de neurotransmitters in het hoofd waardoor iemand kan gaan hallucineren. Toch is de paddenstoel wel schadelijk want die bevat ook het giftige muscarine, en dat kan de spieren en zenuwcellen in de war sturen. Kortom een fraaie en aansprekende paddenstoel die je maar beter niet kan nuttigen.

13 oktober 2013

Nu het weer zo herfstig is geworden zie je steeds minder insecten maar er zijn er nog steeds wel wat te vinden. In een Helenium vond ik deze piepkleine wants. De wantsenfamilie bestaat uit heel wat diertjes. Om er wat ordening in te brengen werden ze ingedeeld in soorten en ondersoorten. Schaatsenrijders en bootsmannetjes en waterschorpioenen behoren er ook toe. De levenswijze en de plekken waar wantsen leven zijn heel verschillend. Sommige zuigen aan planten en andere jagen weer op prooien die ze uitzuigen. Deze wants van maar een paar millimeters groot behoort tot de ondergroep Bindwantsen of Miridae. Ze vormen een heel grote groep en  leven op planten. Ik houd het op de Orthops kalmii. Hoe ze ook heten, ze zijn vaak heel mooi getekend.

11 oktober 2013

Deze grijze en druilerige dag van vandaag lijkt in niets meer op die van gisteren toen in het oostelijk deel van ons land een groot deel van de dag de zon zo heerlijk scheen. Het was weer om op de fiets te stappen en nog eens langs de rivier te fietsen. Ten noorden van Doesburg ligt een afgesneden IJsselarm, die ook wel het "dode stuk" genoemd wordt. In de zomer is het daar een drukte van jewelste door campinggasten met boten en surfplanken. Nu was het er doodstil, geen mens te bekennen op de hele dijk, en dat is een weldadige belevenis. Schitterende wolkenluchten, spiegelglad water waarin duizenden roepende ganzen. De vogels die aan de walkant zaten vluchtten meteen het water in bij het zien van de naderende fietser; ze moeten niets hebben van mensen en geef ze eens ongelijk.

Vanuit  zuidelijke richting kwamen enorme vluchten ganzen aangezeild om zich te voegen bij de massa die al op het water zat. Zoiets gaat gepaard met een enorm kabaal uit roepende ganzenkelen. Alsof ze elkaar verwelkomden en enthousiast begroetten, geen moment was het stil. Ik vind dat altijd een sensationele gewaarwording, alsof je midden in een natuurfilm staat. Je blijft er maar naar staan te kijken, je blijft er maar naar staan te luisteren, heerlijke momenten! Op zo'n kleine foto blijft helaas niets van over van deze geweldige natuurbeleving.

10 oktober 2013

In ons land komen verschillende nestzwammetjes voor. Ze vormen een aparte groep binnen de buikzwamfamilie. Buikzwammen zijn bijvoorbeeld stuifzwammen, aardsterren en  aardappelbovisten; zakvormige paddenstoelen met sporen binnenin het vruchtlichaam. Als de sporen rijp zijn, scheurt de zwam en kan de regen haar werk doen. Valt die op de zwam dan worden de sporen door de druk naar buiten gedreven. Als je in een stuifzwam knijpt, kun je mooi zien hoe dan werkt. Ik vond in mijn volkstuin het Bleek nestzwammetje (Cyathus olla) toen ik worteltjes wilde rooien. Die deden het dit jaar geweldig dankzij een royale gift compost, en daar houden deze paddenstoeltjes wel van. Ik blijf het uiterst wonderlijke verschijnselen vinden. De sporen worden gevormd binnen in het piepkleine bekertje/nestje dat in het begin hermetisch is afgesloten. Tegen de tijd dat de sporen rijp zijn, gaat het dunne vliesachtige dekseltje kapot en worden de "eitjes" zichtbaar. Het zwammetje krijgt nu een kelkachtig uiterlijk, wat je op deze foto eigenlijk niet heel duidelijk kunt zien. Het is hooguit een centimeter hoog. In dit kelkje  zitten stuk voor stuk heel kleine sporenpakketjes met een draadje vast maar valt er een druppel op dan scheurt het draadje los en worden de eitjes uit het kelkje geschoten en verspreiden zich ook de sporen. Wonderlijk toch, nietig maar indrukwekkend. De worteltjes laat ik nog maar even staan......

9 oktober 2013

Langs akkers zie je vaak heel veel klaver staan, rode en witte. Je herkent de plant aan de lichte V in de puntige blaadjes. Rode klaver (trifolium pratense) wordt veel gebruikt als groenbemester omdat de wortelknolletjes stikstof uit de lucht aan zich binden en dat veranderen in voedingszouten. Per hectare grond kan ingezaaide Rode klaver op die manier 350 kg stikstof uit de lucht halen en dat is heel veel als je het vergelijkt met Witte klaver die niet verder komt dan 150 kg op hetzelfde stuk grond. Omdat de boer hierdoor niet zelf stikstof aan de grond hoeft toe te voegen, bespaart hij per hectare jaarlijks rond de vijfhonderd euro. Geen wonder dus dat Rode klaver veel wordt ingezaaid en je de uitgezaaide exemplaren zo veel langs de akker ziet staan. Het wordt in september ingezaaid en in het voorjaar weer omgeploegd. Niet alleen op akkers wordt dat gedaan, ook graslanden worden beter door het inzaaien van deze planten. Rode klaver is trouwens niet altijd rood, maar vaker roze en zelfs wit. Het zijn heel belangrijke voedselplanten voor bijen, die de bloemen daarom ook wel "bee bread"  noemen. De echte Witte klaver (Trifolium repens) wordt als groenbemester nauwelijks nog gebruikt. Het heeft kruipende stengels en is een algemeen onkruid in wat vochtige voedselrijke graslanden en bermen.

8 oktober 2013

Nu het korten van de dagen en de lage temperaturen weer hun invloed op de bomen gaan krijgen, gaan deze in winterrust. Blad is niet meer nodig en wordt afgeworpen. Maar eerst wordt het nuttige en overheersende bladgroen er nog even uitgehaald en teruggetrokken in stam en takken voor hergebruik in de komende lente. Daardoor komen de oorspronkelijke kleuren van het blad weer tevoorschijn, al is het maar voor kort. Het zorgt ervoor dat de natuur nog even kan vlammen! Blad van de Amerikaanse eik is spectaculair maar ook dat van de Esdoorn. In ons dorp is een weg die over de gehele lengte is beplant met esdoorns die zich groot en breed over de weg buigen. Ook die hebben al een begin gemaakt met de bladverkleuring. Nog even en het is een feest er onderdoor te rijden.

7 oktober 2013

Gistermiddag heb ik een poosje zitten kijken naar de vlinders die op wat rottend fruit op de tuintafel zaten. Veel zijn het er niet meer: een Gehakkelde aurelia, twee Atalanta's en een Bont zandoogje. Ze kregen gezelschap van een Hoornaar die ook wel zin had in wat zoets. De vlinders klapperden voortdurend met de vleugels om de vliegen te verjagen die er ook zaten. Op een bepaald moment begon de Hoornaar te jagen op een van de vlinders die hem echter te snel af was en zich er bovendien weinig van aantrok. Het leukst was te zien hoe het kleine Bonte zandoogje de grotere vlinders de baas was en ze telkens verjoeg van het fruit en zelfs achtervolgde. Zo zie je maar weer dat je niet eens groot hoeft te zijn om een strijd te winnen! Met de laatste vlinders zal het wel snel gedaan zijn als we de weerprofeten mogen geloven die voor halverwege de week aanzienlijk lagere temperaturen voorspellen.

6 oktober 2013

Terwijl ik door onze straat fietste zag ik over een afstand van ongeveer 150 meter drie dode padden. Twee waren er platgereden tegen het asfalt en de derde zat doodstil aan de kant van de weg en ik stapte af om hem daar weg te halen. Toen ik hem oppakte voelde ik dat zijn huid kurkdroog was en zijn hartje niet meer klopte. Ik begreep er niets van. In de lente, als de padden op trek naar het water gaan, komt het vaak voor dat ze worden platgereden. Een pad loopt een paar meter en blijft dan weer even stil zitten waardoor ze vaak de dood vinden onder autobanden. In oktober zoeken de padden een plek om te overwinteren. Die hadden deze padden best kunnen vinden in tuinen en de bosrand, dus waarom ze zich op het asfalt bevonden is me een raadsel. Deze pad, die ik voor de foto even op het gras gezet heb, had geen uiterlijke verwondingen maar waarschijnlijk heeft hij toch een flinke tik gekregen van een auto. "Hij"  was trouwens een flink exemplaar dus ging het om een wijfje. De mannetjes zijn aanzienlijk kleiner.

4 oktober 2013

Al drie dagen is het weer rustig in de lucht. De laatste dagen van september was het een en al gans dat luid gakkend langs de blauwe hemel vloog. Het waren kolganzen, de wintergasten die vanuit het noorden van Rusland naar ons land vliegen om er de winter door te trekken. Ginder zijn de overlevingskansen nihil en in ons land liggen heel veel sappige, overbemeste graslanden. De ganzen komen samen met hun partners, ze zijn elkaar trouw tot de dood. De jongen die deze zomer werden geboren en grootgebracht in het hoge noorden, hebben ze meegenomen. Als ik de ganzen weer hoor in deze tijd van het jaar, moet ik gewoon naar buiten om ze te zien en te horen. Ik vind het zulke fantastische vogels. Het in V-vorm vliegen heeft tot doel dat je minder tegenwind voelt, de voorste is dus de klos. Maar de vogels wisselen elkaar netjes af en de leider van het stel wordt door continue gegak voortdurend aangemoedigd het nog even vol te houden. Het genieten van deze vogels gaat helaas ook gepaard met een gevoel van schaamte en treurnis omdat je weet dat er heel veel van deze ganzen worden afgeschoten of verstikt in een container waarin ze worden samengedreven en vergast. Duizenden en duizenden ganzen. Lees verder in mijn column op de verhalensite: aan te klikken via de homepage.

3 oktober 2013

Waar in het bos de paardenpaden liggen, vind je de Bosmestkever (Geotropus stercorosus) die in de bossen leeft in overvloed. Ze behoren tot de familie Geotrupidae die hun eieren in mest afzetten. Dankzij hun uitstekende reukvermogen vinden ze al heel snel de uitwerpselen van paarden. Het is ongelooflijk als je het ziet: van alle kanten komen ze aangelopen en in heel korte tijd krioelt het ervan in en om de mestvlaai. Ik zag pas hoe een paard zich ontlast had op een geasfalteerd pad door het bos. Ze worden er gelegd ten behoeve van fietsers zodat die niet onderuit gaan in kuilen of over wortels, maar ook vanwege autoverkeer dat op een bepaalde plek moet kunnen komen. Om de mesthopen heen zag het blauw van de platgereden kevers, het was een heel naar gezicht. De mestkevers planten zich voort tussen de mest. De Bosmestkever graaft onder zo'n hoop een gang van plusminus dertig cm, vult die met mest en legt daartussen eitjes die pas na ruim een jaar nieuwe kevers opleveren. De larven leven van de mest die vol waardevolle stoffen zit. Ook de volwassen kever voedt zich met mest, hij overleeft de winter. Het is inmiddels al zes jaren geleden dat Alterra een onderzoek deed naar de zogenoemde mestfauna. Onderzocht werd in welke mate mestkevers nuttig waren in verband met de instandhouding van de stoffenkringlopen en de bodemvruchtbaarheid. Ook werd er een analyse gemaakt van de bedreigingen bij de huidige landbouwpraktijken als onder meer mestinjectering en geen of late weidegang van koeien. De uitkomsten waren natuurlijk niet gunstig en er werden richtlijnen opgesteld voor een beter en gezonder beleid en een duurzamer landbouwbeleid. Wat er van terecht is gekomen weet ik niet. Ik vraag me af of het veel is!

2 oktober 2013

Tijdens mijn wandeling waarover ik gisteren schreef kwam ik ook in een gebied waar veel Amerikaanse eiken hun blad al voortvarend aan het loslaten waren. De bodem lag ermee bezaaid. Tot mijn verbazing vond ik er geen eikels, maar dan ook niet een! Ook hier weer dezelfde situatie als bij de beuken. Elders in het bos vond ik  hier en daar wel eikels, maar ook nu slechts mondjesmaat. De Amerikaanse eiken langs ons volkstuincomplex hebben er ook maar weinig.  Is dit een voorbode van een nieuwe hongerwinter voor het wild in de bossen of is het een plaatselijk verschijnsel? Bomen die op de arme zandgronden moeten groeien hebben het sowieso al moeilijk. Maar bij weinig regenval kunnen hun wortels nauwelijks bij het laagstaande grondwater komen, dus deze factoren zullen zeker meewegen. Op rijkere en vooral nattere gronden kan de toestand maar zo tegengesteld zijn. Zo bleken vijftien km verderop in het open landschap wel veel eikels te vallen, met name van de Amerikaanse eik. Ik ben heel benieuwd wat er op dit punt nog duidelijk gaat worden deze herfst, want dit is pas het begin natuurlijk. Maar hier aan de oost Veluwezoom lijkt het niet gunstig.

1 oktober 2013

Nou, dat viel tegen! Tijdens een lange boswandeling kwam ik door verschillende terreinen en kreeg daar geen beste indruk van de beukenmast. Op sommige plekken stonden een paar beukenbomen die normale vruchten lieten vallen maar over het geheel genomen was het droevig gesteld. Lege napjes in overvloed en nootjes die leeg waren of een minuscuul vruchtje bevatten. Onder sommige beuken lag helemaal niets. Aan het voorjaar kan het niet liggen. De beuken kwamen vanwege de aanhoudende koude pas laat in bloei en hadden toen nauwelijks nog te lijden van nachtvorsten. Misschien was het dus de droogte van afgelopen zomer die de groei van de vruchten deed stagneren. In de laatste winter die tot ver in het voorjaar duurde, zijn er als gevolg van hongersnood zoveel zwijnen gecrepeerd dat je ze bijna niet meer ziet in het bos. Normaal zou zijn nu zeugen met halfwas biggen te zien rondlopen. De zeugen die het voorjaar haalden, waren in een dermate deplorabele staat dat ze geen of nauwelijks jongen konden produceren. Beukennoten zijn belangrijk voer voor de zwijnen, ze helpen een vetlaag op te bouwen waarop de zwijnen 's winters kunnen teren.

30 september 2013

De Reuzenzwam (Meripilus giganteus) is een fotogenieke paddenstoel. Dit is een bescheiden exemplaar vergeleken bij de enorme formaten overal in het bos. Vooral als er meerdere bij elkaar groeien kunnen ze een groot oppervlak vormen. Je vindt ze aan de voet of op de wortels van loofbomen, waarbij de beuken favoriet zijn. Bomen waarbij deze zwam groeit, zijn minstens tachtig jaar oud. Het gaat hier om een parasitaire zwam die de wortels van de boom infecteert nadat daar een beschadiging is opgetreden. Deze schimmelinfectie doet haar werk jarenlang zonder dat het in de gaten loopt maar langzaam gaat de boom in conditie achteruit, hetgeen je bijvoorbeeld kunt zien doordat de kroon dunner wordt. Als de vruchtlichamen van de zwam zichtbaar worden, zoals hier op de foto, is de infectie al in een ver stadium en is de boom ten dode opgeschreven. Wordt de boom gekapt, dan zijn de fraaie zwammen nog jarenlang te zien op de restanten die overblijven in de bosbodem.

29 september 2013

Hoewel afgelopen vrijdag- en zaterdagmorgen in alle vroegte een witte vorstlaag op het dak van de garage lag, vliegen de vlinders nog volop rond, al lopen ze wel op hun laatste benen. Deze Kleine Vos (Aglais urticae) zat zich op te warmen op de muur van het huis waar de zon de stenen inmiddels wat had opgewarmd. Als het nog kouder wordt zal hij een plekje zoeken om te overwinteren. Dat kan een schuur zijn maar ook een beschut plekje in de vrije natuur. Ook Gehakkelde aurelia's vliegen nog volop rond, ook deze volgt het gedrag van de Kleine vos.  Het Koolwitje en het Bont zandoogje zijn ook nog veel te zien. Voor deze fladderaars zal het binnenkort afgelopen zijn, ze kunnen de koude niet overleven. Maar hun voortbestaan is verzekerd in rupsen en poppen die dat wel kunnen. Best bijzonder dat er zo'n verschil in overleving is tussen deze tere insecten.

27 september 2013

De eikels vallen alweer op de bosbodem. Deze zijn van de inheemse Zomereik (Quercus robur). Of het  inderdaad een goed mastjaar zal worden, zoals de natuurvorsers in het voorjaar lieten weten, moet nog blijken als de boom haar vruchten heeft laten vallen. Ik wens het in elk geval de dieren die ervan leven van harte toe want na de laatste horrorwinter hebben ze dat wel verdiend. Een goed mastjaar komt maar eens in de zoveel jaren voor. Het is niet altijd een kwestie van veel of weinig productie. Het kan ook zo zijn dat de boom in aanleg veel vruchten wil gaan produceren maar dat dit wordt tegengehouden door late strenge nachtvorsten of een flinke  rupsenplaag. De Zomereik verschilt van de Wintereik door de lange stelen waaraan de eikels hangen. De laatste draagt eikels die dicht op de takken zitten. Het blad van de Zomereik is kort gesteeld, dat van de Wintereik heeft weer langere bladstelen. De Zomereik voelt zich prima thuis op de zandgronden in het oosten van ons land. De boom levert uitstekend hout, men noemt dat het Europees hardhout. Bij ons thuis en in het huis van mijn grootouders stonden hardhouten meubelen. Niet kapot te krijgen! Nu zijn ze uit de mode want veel mensen van tegenwoordig willen graag af en toe van interieur wisselen en dan kun je beter naar een woonboulevard gaan.

26 september 2013

De Meidoorn in mijn volkstuin laat nu alle besjes vallen want ook voor deze boom loopt het groeiseizoen op zijn eind. Soms zou ik hem wel kwijt willen omdat de takken die ik moet afsnoeien om de boom in toom te houden, vol gemene stekels zitten. Het is niet voor niets dat deze bomen vroeger heel veel werden aangeplant als veekering en erfafscheiding want er is geen doorkomen aan. Voor vogels is het daarentegen weer een veilige plek om een nest te bouwen of om te slapen. Als in mei de boom bloeit, is het een komen en gaan van insecten en ziet hij er schitterend uit. Nu zijn de lijster en de merel weer aan de beurt om de bessen te eten en wat op de grond valt wordt weer genuttigd door de muizen. Ach ja, leven en laten leven dus laat ik hem gewoon staan en hang er straks een nestkastje in voor een klein vogeltje.

25 september 2013

De slijmzwammen of Myxomyceten  vormen een merkwaardige verschijningsvorm in het bos. Ten eerste zijn er meerdere soorten van en soms alleen door microscopisch onderzoek op naam te brengen, en ten tweede zijn het ingewikkelde levensvormen. Uit sporen ontstaat het microscopisch kleine beginstadium van de slijmzwam. Bij verdergaande ontwikkeling wordt het een horizontaal of verticaal voortbewegend stadium dat zich kan verplaatsen en een soort kruipspoor - als dat van een slak - achterlaat. Dit plasmodium voedt zich met schimmels en bacteriŽn. Tenslotte wordt het geheel een vast stadium waarin de sporen zich ontwikkelen en  ze zich kunnen voortplanten. De slijmzwam op deze foto heet Rossig buikkussen (Tubifera ferruginosa). Ze groeien, vaak in kleine groepjes,  op dood hout van loof- en naaldbomen. Heel lang heeft men zich over deze groep het hoofd gebroken: waren het nu paddenstoelen of planten? Het bleek een unieke en aparte levensvorm.

24 september 2013

Nu het tijd is om mijn appels te oogsten moet ik wel goed rekening houden met de Hoornaar (Vespa crabro) die zijn zinnen heeft gezet op de beschadigde vruchten die ook in de boom hangen. Vergelijk het formaat van dit beest maar eens met de vliegen die erbij zitten! Op zich is de Hoornaar geen agressieve soort maar krijg je een steek, dan is die wel behoorlijk hevig en ernstiger dan die van de gewone wesp. Het zijn ontzagwekkende en prachtige beesten en je kunt best dichtbij komen om ze te fotograferen als je je maar rustig gedraagt. Met hun krachtige kaken duiken ze in de appels om zich vol te eten. Op het Chinese eiland Hainan groeit een orchidee die het alarmferomoon van bijen imiteert om hoornaars te lokken. De bloem is namelijk geheel aangepast voor bestuiving door hoornaars. En die alarmferomoon, waar het insect op afkomt, wordt weer verspreid door de bijen die door de hoornaars gevangen worden als voedsel voor hun larven. Wonderbaarlijk toch allemaal! tot de jaren 90 was de Hoornaar in ons land een zeldzame verschijning. Door het opwarmende klimaat voelt het insect zich hier steeds meer thuis en wordt dus algemener. Je hoeft ze niet eens te zien om te weten dat ze in de buurt zijn, je hoort het al aan het enorme gezoem als ze vliegen. En als er een op je landt, hou je dan heel stil, doe ik ook!

23 september 2013

I

Als de lente begint denk ik nooit: jeetje, alwťťr voorjaar! Ik word er juist blij van en opgetogen en kijk vol verlangen uit naar wat er weer gaat komen. Wordt het echter herfst, dan denk ik ieder jaar: sjonge, alwťťr herfst! En hoe vaak heb ik die inmiddels al niet zien komen en gaan. De herfst komt in mijn beleving altijd veel sneller dan het voorjaar waar ik eindeloos op moet wachten. Maar ja, de herfst is het seizoen van afbraak, van teloorgang, van mist en grijze dagen. Natuurlijk, de zon laat zich ook zien van tijd tot tijd. Maar altijd van korte duur want de zon staat nu te ver bij ons vandaan om een hele dag te schijnen. Als het lente wordt, hoeft een mens niets met zichzelf te doen, het gaat vanzelf, het bloed gaat weer sneller stromen, het gevoel van welbevinden wordt groter. Lentekriebels krijgen we dan. Maar heeft iemand ooit gehoord van herfstkriebels? In de komende seizoenen moeten wij zelfs de herfst- en winterblues bevechten door lampen met kunstmatig daglicht voor onze neuzen te zetten. Voor de komende seizoenen moeten wij onszelf prepareren. Omschakeling, is het woord dat bij dit seizoen hoort. Gelukkig zijn er toch ook mensen die zich juist verheugen op de herfst en ook op de winter, die niet eens houden van dat overdadige dat lente en zomer hen opdringt. Gelukkig maar dat we allemaal verschillend zijn, anders zou het een sombere wereld zijn. De seizoensoptimisten houden ons in evenwicht!

 

naar boven