Natuurdagboek

 

Winter  Lente  Zomer  Herfst
 2009/2010
 2010/2011

 2011/2012
 2012/2013

 
2013/2014
 
2014/2015
 2015/2016

 
 2009
 2010
 2011
 2012
 2013

 2014
 2015

 2016
 2017
2009
2010
2011
2012
2013
2014
2015
2016
 2009
 2010
 2011
 2012
 2013
 2014
 
2015  
 
2016

 

 

Denk je onjuistheden in deze dagboeknotities tegen te komen, meldt dit dan even via mijn mailadres tineke (apenstaartje) natuurfragmenten (punt) nl.
Bij voorbaat dank!

 

 

Winter 2016-2017

 

 

18 maart 2017                     (Vervolg op pagina Lente 2017)

Bij dit druilerige en winderige weer is het niet aanlokkelijk naar buiten te gaan. Daarom wat natuurverschijnselen die binnenshuis te vinden waren. Altijd zit er in ons toillet wel een kleine spin. Als je er dichtbij komt gaat die met het web trillen; daaraan ontleent hij ook de soortnaam Trilspin. Waar die kleintjes vandaan komen is niet duidelijk, waarschijnlijk via de luchtschacht. Zuig eens niet zo'n beestje meteen op met de stofzuiger maar neem eens de moeite te bekijken wat hij daar uitgspookt. De spin zoekt een goed verscholen plekje op, bij ons onder het fonteintje. Afgaande op de restantjes die onder zijn web op de vloer liggen, moet hij het nodige ongedierte weten te vangen dat daar  's nachts rondspookt. Prooien die te dichtbij komen overspant de spin met kleverige draden. Geen ontsnapping mogelijk. Hier heeft hij een zilvervisje gevangen, nadat hij dat had leeggezogen liet hij het huidje weer vallen. Het leefgebied van de Trilspin ligt in Zuid Europa, dat verklaart ook waarom het beestje zich in onze huizen ophoudt, buiten is het nu veel te koud. In de zomer plant het vrouwtje zich voort en legt ongeveer 50 eitjes die ze omhult met spinsel. Het spinnenpakketje houdt ze tussen haar kaken vast tot de spinnetjes uitkomen. Zover laat ik het in huis niet komen natuurlijk en jaag na een dag of wat  zo'n spin toch weg. Vies of eng? Welnee, gewoon een klein natuurfilmpje in het kleinste kamertje van je huis.

Uit een plantenstukje kweekte ik een tijd geleden een vetplant op. Eigenlijk houd ik niet van vetplanten, maar vooruit dan maar. Alleen al het feit dat ik hem gekregen had vond ik leuk. Regelmatig vallen er blaadjes af en daaraan beginnen meteen roze worteltjes te groeien die natuurlijk de grond in willen. Ook al lukt dat niet, ze blijven maar doorgaan. In de verte doet zo'n blad denken aan een klein zeediertje. Alleen de pootjes ontbreken... Een vetplant beschikt over het vermogen om in alle delen vocht op te slaan, daarom kan hij heel lang zonder water.

Nog een foto die ik maakte de dag voor ik het ziekenhuis in ging. Ook restanten van planten kunnen mooi en fotogeniek zijn. Een zaaddoosje, een oude verdorde zonnenbloem bijvoorbeeld. Er zitten nog zaden in die er niet zijn uitgehaald door de vogels. Vele zullen op de bodem terecht zijn gekomen en aankomende zomer weer een feest van gele bloemen brengen op de akker. De natuur is een eeuwige kringloop, alles verdwijnt en komt weer terug.

16 maart 2017

Nog even terug naar de wants die ik de 14e plaatste. Het blijkt toch niet een blindwants te zijn maar een grondwants, waarschijnlijk de Dennenkegelwants (Gastrodes grossipes) Deze soort is heel algemeen op de hogere zandgronden. De wants legt haar eitjes in in keurige rijen op de takken van  naaldbomen en de volwassen insecten voeden zich met zaden die op de grond gevallen zijn.

Tussen de versleten bladeren van het vorige seizoen zag ik opeens een primula bloeien die ik noot eerder in onze tuin gezien had. Daar staan wel veel planten van de gele Primula veris maar die zien er toch wat anders uit. Ik vind het altijd leuk om verrassingen tegen te komen op mijn lapje grond. Dit is er een van.

Een heggenmusje kwam even kijken of er nog iets eetbaars te vinden was op de tuintafel. Onopvallende maar aardige vogeltjes zijn dit. Heel bescheiden hippen ze als muisjes rond over de grond. Eerder hoorde ik ze uitbundig zingen maar nu is het stil, waarschijnlijk zijn de paartjes al gevormd. De Heggenmus is een echte schuinsmacheerder, dat wil zeggen in onze ogen. Het vrouwtje paart met meerdere mannen en die doen hetzelfde door te paren met meerdere vrouwtjes. Ze zijn echter wel zo consequent om al die relaties serieus te nemen en zo kunnen de vrouwen profiteren van meerdere mannetjes die haar helpen de jongen groot te brengen. Prachtig zijn hun barnsteenkleurige oogjes.

14 maart 2017

In de tuinvijver ontdekte ik een stel kikkers, vrouwtjes wel te verstaan. De Bruine kikker (Rana temporaria) trekt weer naar het water voor het jaarlijkse paarritueel. De mannetjes zijn blijkbaar nog niet zo in "the mood" want ik heb nog geen geknor gehoord. De trek komt pas goed op gang als de nachten wat zachter worden en er liefst een sappig regentje valt. Hopelijk hebben de dames genoeg geduld om nog even op ze te wachten.

Langs het tuinpad vond ik deze bol van de Camassia. Hij lag daar de hele winter, vertrapt en kapot en ik vergat hem op te ruimen. De bol blijkt nog genoeg levenskracht te hebben om ondanks de slechte behandeling uit te lopen. Maar veel verder dan dit komt hij niet meer. Bollen slaan voedsel op als je het blad er na de  bloei nog een tijdje aan laat zitten. In het voorjaar wat kalk en meestal komen ze dan weer mooi in bloei.

Weer in huis bleek er een piepkleine wants op mijn mouw te zitten. Hij rende almaar weg naar de onderkant om zich te verschuilen en toen heb ik hem maar in een glaasje gestopt om hem goed te bekijken. Het is er een uit de groep Blindwantsen. Een soort met wereldwijd heel veel verschillende, en in ons land al met een paar honderd soorten. De Blindwantsen vormen een onderorde van de grotere wantsen, ze hebben een steeksnuit en zuigen plantensappen. De groep dankt haar naam aan het ontbreken van puntoogjes, maar dat wil niet zeggen dat ze niet goed kunnen zien. Ze hebben langere antennes dan de zogenaamde grondwantsen.

12 maart 2017

De eerste rozenblaadjes laten zich zien en het is als een belofte die ons wijst op de enorme kracht in de natuur, het telkens weer voortbrengen van nieuw leven. Misschien kunnen wij op 15 maart iets terugdoen voor de natuur door zorgvuldig en weloverwogen onze stem uit te brengen. We kunnen kiezen tussen de AB-richting of voor de GK-richting. AB staat voor Asfalt en Beton (PVV, VVD en CDA) en GK staat voor Groene Kansen, gevormd door de resterende partijen. En ja, overal vind je wat van je gading maar mis je ook altijd wat. Het is maar net wat je belangrijk vindt. Voor mij is dat het doorgeven van een leefbare en gezonde aarde aan degenen die na ons komen. Ik vind dat wij mensen daartoe verplicht zijn. En wie zou dat toekomstige generaties nu misgunnen! Nederland bungelt als een- na-laatste onderaan de lijst van landen die zich het minst om het milieu bekommeren, met alle gevolgen van dien. Niet eerder liet ik mij hier politiek uit in mijn natuurdagboek, voor eenmaal maak ik daarop een uitzondering: er valt chti iets te kiezen.

Het Longkruid (Pulmonaria officinalis) dat in bloei gekomen is staat dichtbij onze keukendeur zodat mij de eerste bloempjes nooit ontgaan. Het is een makkelijke plant die zowel in de schaduw als in de halfschaduw groeit. De bloemen doen wel wat denken aan sleutelbloemen, door bijen worden ze vaak bezocht. Juist vanwege de vroege bloei - en wie kijkt daar in het voorjaar niet naar uit - wordt het vaak in tuinen aangeplant.

Tja, en dan de crocussen. Wat moet je er nog van zeggen, geen soort die zichzelf zo uitbundig adverteert. Het is alsof zo'n dicht bijeengroeiende groep de bloemen uitspreidt als een uitnodiging je voorover te buigen en er in te kijken. Bijen krioelen er rond, geel van het stuifmeel. Dat gaat ook vandaag weer gebeuren nu het een zonnige dag belooft te worden.

10 maart 2017

Met spoed naar het ziekenhuis vervoerd te worden, anderhalf uur later al op de operatietafel liggen en zes dagen aan een infuus vol antibiotica gekluisterd zijn  is een nogal heftige gebeurtenis en doet je realiseren wat het leven eigenlijk is: een draadje dat het lang kan volhouden maar ook voortijdig kan knappen. Het is dan ook goed om weer thuis te zijn al zal het nog wat duren voor ik "de hort weer op kan". Al die tijd werden de vogels vergeten en die vonden niets meer op de voertafel. Mijn echtgenoot, die begreep hoe jammer ik dat vond, ging spoorslags op pad om nieuw strooivoer in huis te halen. Samen met wat meelwormen, zonnepitten en gepelde pinda's hadden mijn vogelvriendjes al snel door dat het weer goed was gekomen.

De Koolmees had geen enkele interesse in de meeelwormen. Nou ja, er zijn genoeg andere vogels die ze juist graag eten. Koolmees gaf de voorkeur aan zonnepitten. Morgen maar eens heel voorzichtig een rondje door de tuin maken om te zien wat ik daar aan voorjaarsboden kan ontdekken.

27 februari 2017

Wat heerlijk toch dat er zoveel vroege voorjaarsbolletjes zijn! Op beschutte plekjes bloeit nu de Buis- of safierhyacint  (Pushkinia libanotica) uitbundig. Het is verwant aan de Scilla. Een sterke winterharde bol die oorspronkelijk in Turkije en omstreken groeit. Leent zich prima voor verwildering en is zeer aan te bevelen voor wie aan het eind van de winter verlangend uitkijkt naar bloeiende gewassen.

Omdat ik ze elk jaar wel even fotografeer, kan ik nu zien dat deze crocussen in onze tuin een halve maand later bloeien dan vorig jaar. Ik heb trouwens de indruk dat alles wat later is. Het fijne van crocussen is dat ze ze trouw elk jaar weer te voorschijn komen. Er zijn ook heel veel botanische soorten verkrijgbaar dus je kunt er alle kanten mee op.

De Helleborussoorten komen ook weer in bloei. Ze zijn er tegenwoordig in de mooiste kleuren en tekeningen want ze zijn zeer populair bij de tuinliefhebber en daar spelen kwekers natuurlijk meteen op in. Telkens verschijnen er nieuwe variteiten.

De leukste vondst van vandaag was het eerste bloeiende wilde plantje op de volkstuin: de Akkerereprijs (Veronica agrestis). Zoals de naam al aangeeft, groeit het graag op akkers en  moestuinen, waar de grond voedselrijk is. Toen ik er naar stond te kijken hoorde ik de eerste keer in dit jaar de vinkenslag. Het volkstuincomplex waar ik een stukje grond huur, ligt omringd door bos dus aan vogels is er geen gebrek. Nu ik dit schrijf kletteren regen en hagel tegen de ruiten. Je moet deze dagen snel de momenten pakken voor ze weer voorbij zijn.

25 februari 2017

Elk jaar bereiken de verhalen over aanvallen door "agressieve zwijnen" weer de krantenpagina's. In deze tijd van het jaar worden de biggen geboren en de moeder doet precies wat ze moet doen: ze beschermt haar jongen tegen mogelijk gevaar. Tot nu toe zijn er al drie "aanvallen" geweest. Wie een hond heeft kan hem beter aangelijnd houden, zeker in het bos en ook als daar een losloopgebied is. De berichten komen momenteel uit de omgeving van Ede maar overal op de Veluwe loop je de kans een zeug met biggen tegen te komen. Keer om en loop rustig weg. Zelf heb ik in deze tijd een zg. "personal alarm" in mijn jaszak. Ik heb het nog nooit hoeven te gebruiken maar het lijkt mij dat het snerpende geluid van dit alarm het zwijn toch moet afschrikken. Zelf kun je ook een hoop kabaal maken, dat helpt ook. Probeer achter een dikke boomstam te gaan staan, zwijnen zijn heel kippig. Mensen worden eigenlijk nooit echt aangevallen, hooguit verjaagd. Het zijn de honden waarop de zeugen zich richten, die zien ze als een gevaar voor hun biggen.

De Boomklever (Sitta europaea) is een mooie vogel met zijn blauwgrijze rug en oranjebruine onderkant. Een groot deel van het jaar eet hij insecten, spinnen, zaden en noten maar in de winter schakelt hij moeiteloos over op allerlei voer dat op de tuintafels en voederplanken ligt, vooral pinda's hebben zijn voorkeur. Zelfs eikels en hazelnoten kan hij aan. Slim als hij is, klemt hij die in schorsspleten van een boomstam en hakt ze dan open. Ook met sparren- en dennenkegels doet hij dit.

De Boomklever  is een acrobatisch vogeltje. Net zo makkelijk als hij - steeds met kleine stukjes - langs een boomstam omhoog klimt, doet hij dat naar bedenen.  Het is de enige Europese vogel die dit kan.  Nu de lente weer komt hoor je zijn luide roep weer volop door het bos schallen. Mede vanwege zijn forse poten doet hij wel wat denken aan de specht maar hij is daaraan niet verwant. Wereldwijd bestaat er een grote groep boomklevers, dat is zijn familie.

Met een potje zoutloze pindakaas kun je allerlei soorten vogels lokken. De Grote bonte specht (Dendrocopos major) lust het ook graag. Goed is hier te zien hoe de specht haar staart gebruikt als steuntje. Dat is kenmerkend voor deze vogel. Het mannetje van "de grote bonte" heeft een rode nekvlek, het vrouwtje kreeg die niet toebedeeld.

Maar hun kinderen hebben tijdens het jeugdstadium altijd een mooie rode pet op.

23 februari 2017

Op deze stormachtige dag vol enthousiaste regenbuien kun je beter binnenshuis blijven. Ik ga tenminste niet op stap vandaag. Eerder in de week deed ik dat wel en zag steeds meer crocussen boven de grond staan maar de bloemen werden stijfjes dichtgehouden. Waarom zou je ook je stuifmeel en nectar verspillen als er geen insect langskomt dat er belangstelling voor heeft. Even wachten maar weer tot de zon gaat schijnen.

Winteraconieten en sneeuwklokjes bloeien gelijktijdig en op veel plaatsen in het land kun je ze op landgoederen e.d. massaal zien bloeien. Geweldig toch dat onze voorouders deze bolletjes mee naar hier namen vanuit hun oorspronkelijke leefgebied, tot in Syrie en Iran toe. Ze vielen voor die aardige bloeiers en wilden ze op hun eigen grond zetten, waarna de bolletjes zich verspreidden naar naburige gebieden, geholpen door de mieren die naarstig bezig waren de zaden te verslepen. Stinzen waren grote huizen van welgestelden, met leuke lappen grond er omheen. In sommige namen van huizen wordt het woord "state" nog gebruikt, een alternatief voor het woord stins.

De Gele kornoelje (Cornus mas) is in mijn optiek een delicaat bloeiende struik. Klein maar o zo verfijnd. De bessen van deze soort zijn eetbaar, in tegenstelling tot die van de Rode kornoelje. De rode dankt zijn naam aan de rode takken, de gele aan de gele bloempjes. Zo simpel als wat! Ze beginnen deze tijd in bloei te komen en zijn dus een welkome voorjaarsbode. De besjes worden voornamelijk gebruikt om er een smakelijke jam van te maken. Het hout van de struik is heel hard en vroeger werden er daarom speren van gemaakt. Voor de bijen is dit een aantrekkelijke soort.

De Hazelaar (Corylus avellana)  is ook goed op gang gekomen dankzij de hoge temperatuur van de laatste week. De katjes hangen als vrolijke sliertjes aan de takken en vooral als de zon schijnt biedt dat een aangename aanblik. Het zijn de mannelijke bloemen die zo vrolijk wiegelen op de wind, de vrouwtjes zijn de kleine rode die heel dicht tegen de tak aanzitten. Soms zijn de katjes zo vroeg aan het stuifen dat ze niet synchroon lopen met de ontwikkeling van de vrouwelijke bloempjes. En helaas, dan krijg je geen hazelnoten.

20 februari 2017

Ondanks dat de hemel zo lek was als een mandje, ben ik toch maar even een rondje door het bos gaan maken. Er werd weer druk gekapt. Ditmaal niet om hout te oogsten voor de verkoop maar om het bos "te fatsoeneren". Op deze plek moesten twee volwassen bomen wijken om andere exemplaren meer ruimte te geven. Maar het is altijd ook jammer om te zien hoe kerngezonde bomen de klos zijn en roemloos ter aarde moeten storten.

Eigenlijk is de uitdrukking "kerngezond" uiterst merkwaardig. Een boom heeft wel kernhout maar dat is juist dood. Het is als een stevige paal middenin de stam, die de boom sterkte geeft. Vaak zie je bij omgezaagde of omgevallen bomen dat het binnenste van de boom hol is. Daar is het kernhout al vergaan. Het kernhout breidt zich langzaam uit, hoe ouder de boom wordt. Het lichte hout er omheen is het spinthout. Hier doorheen lopen de vaten waardoor het vocht dat door de wortels uit de grond gehaald wordt, omhoog getransporteerd wordt naar het blad. Tussen spinthout en buitenste bast zit ook nog een laagje dat het cambium heet. Deze cambiumlaag zorgt voor het dikker worden van de stam.

Sommige delen van "ons bos" dat eigendom is van Stichting Twickel, zien er werkelijk vreselijk uit. De bomen die er staan zijn miezerig en overal ligt het kaphout neergekwakt. Onze kleinzonen noemen een dergelijk deel "bos van dood en verderf". Geinspireerd door gremlings, trollen, wandelende bomen, tovenaars en andere buitenaardse, fascinerende figuren zijn de jongens dol op dit soort namen. Ze komen uit boeken en films als De ban van de Ring, Harry Potter en andere. Zeer aan te bevelen, ook voor volwassenen die nog altijd wat hebben met sprookjes en fantasie. De films zijn zo prachtig gemaakt dat velen ze vaker dan eens bekijken.

Sommige mensen krijgen toestemming de gevelde stammen in stukken te zagen voor gebruik in de open haard. Met grote bijlen staan ze zich in het zweet te werken om de stammen in handzame stukken te hakken. Hier is door aardige bosarbeiders wat voorwerk verricht. Zo's schijf hout heeft een enorm gewicht en is nauwelijks te tillen.

Heel af en toe wordt een mooie oude boom geringd. Het kan zijn dat daarin een boommarter woont of dat de boom om andere redenen waarde toevoegt aan het bos.

18 februari 2017

Als er weinig in het bos te zien is, en dat is momenteel het geval, ga je onwillekeurig naar andere dingen zoeken. Dan valt het bijvoorbeeld op hoeveel rare bulten er op boomstammen zitten. Gezonde bomen zijn over het algemeen heel goed in staat zich te verweren tegen ziekten en aantastingen. Maar soms is dit ook niet het geval.

Soms lukt dat niet. Dit is een beginnend gezwel op de stam van een Beuk. Het ziet er aanvankelijk uit als een merkwaardig ronde bult. Aangetaste bomen kunnen elkaar besmetten; vaak gebeurt dat via een beschadiging in de stam, maar dat hoeft niet altijd het geval te zijn. Het kan komen door infecterende insecten maar ook door schimmels- of bacterin. Gelukkig betekent dit niet het einde van de boom.

Die bulten zijn feitelijk kankergezwellen. Cellen die de "weg kwijtraken" en zich ongecontroleerd op een foute manier gaan vermeerderen. Waar kankergezwellen bij de mens vaak zeer ernstig zijn, is dat bij boomkanker niet zo. Je zou die boomtumoren misschien meer kunnen vergelijken met wratten die ook het gevolg zijn van een celwoekering. Vaak zie je op bomen gezwellen die uiteindelijk uit elkaar vallen.

Insecten kunnen ook een besmetting overbrengen. Dat is hier niet het geval. Het is bijna fascinerend te zien hoeveel bast- of schorsinsecten er in het hout van een boom leefden toen die nog gezond was. Pas als de schors er af is gegaan en de boom het loodje heeft gelegd, worden al die geheime gangen zichtbaar.

16 februari 2017

De Turkse tortels zijn al druk aan het paren maar bij het zaadhokje voor de mussen zag ik dit eenzame duifje. Zo te zien was hij hongerig en probeerde wat zaad naar binnen te werken.

Eerst vanaf de tafel, toen na wat gewurm vanaf het randje van het hokje maar het viel me wel op dat de vogel er zo vreemd bij zat.

Even later zag ik hoe hij zat te hijgen, zijn hele lijfje ging op en neer bij elke ademhaling en zijn veren stonden wijd uit, hetgeen er meestal op wijst dat een vogel ziek is. Zou hij ontsnapt zijn aan de sperwer die vandaag een kauwtje pakte in onze tuin? Of zou de duif ergens tegen een raam gevlogen zijn en het daarom benauwd hebben? Misschien was hij wel gewoon ziek geworden. Het is nooit leuk om te zien maar ook in de natuur behoort de dood uiteindelijk bij het leven. Ik hoop maar dat hij niet doodgaat in onze tuin.

14 februari 2017

Op deze heerlijke lenteachtige dag beginnen de vogels er ook weer in te geloven. Diverse malen zag ik koppeltjes pimpelmeesjes de nestkasten inspecteren. In de Thuja zat een merel zachtjes te zingen, die had het ook weer naar zijn zin. Net als ik. Als nu maar snel die sneeuwresten smelten heb ik niets meer te klagen!

13 februari 2017

Wat een heerlijke dag, en fijn om te wandelen. In  het bos is echter nog weinig te bespeuren van een naderende lente. De knoppen van de bomen zitten nog potdicht. Ik hoorde dat de eerste  zwijntjes alweer geboren zijn dus voortaan maar even het alarmapparaatje mee in de jaszak. Het is niet leuk als een defensieve moeder op je af komt rennen om je te verjagen. Je zou verwachten dat alle vogels meteen weer gaan fluiten op zo'n mooie dag maar dat was niet het geval. Er was geen specht, buizerd, raaf of boomklever te horen. Alleen de sijsjes waren volop aan het kwetteren in de naaldboombestanden. Wat die toch allemaal te vertellen hebben.....

Op sommige plekken tussen de bomen liggen nog onaangetaste stukjes sneeuwdek. Dat vind ik altijd mooi om te zien, dat ongerepte, die glinsterende kristallen en de kleur die ontstaat door de weerkaatsing van de lucht die vandaag intens blauw is.

Een stralend blauwe lucht maakt dat je er een goed gevoel door krijgt. Het is opwekkend en behaaglijk. Hoe die blauwe kleur aan de hemel ontstaat is een nogal ingewikkeld verhaal om hier even in een paar woorden uit te leggen. Zoek het maar eens op via het internet.

In de nacht van zaterdag op zondag viel in onze omgeving een dik pak sneeuw. Als sneeuw net gevallen is en de vlokken de een na de ander blijven neerdalen, kun je goed zien hoeveel lucht er tussen zit. Daarom is sneeuw zo'n uitstekende isolerende laag voor planten en bodem. Ik vond de sneeuw op deze dennentak lijken op een pijlstaartrups.

11 februari 2017

En opnieuw is de wereld om ons heen wit geworden. Sneeuwklokjes in de sneeuw. Vooral in de ochtend mooi, als de sneeuw voorzien is van een patroon van vogelpootjes die er trippelden.

Een dag eerder: een roodborstje doet zich te goed aan de meelwormen die in dit schaaltje liggen. Het blijft maar vreemd, die afwezigheid van vogels. De winter is inmiddels over de helft, er moet volgens mij iets aan de hand zijn dat wij  nog niet begrijpen. In de winter is er ook altijd een natuurlijke sterfte onder de vogels, misschien draagt die er wel toe bij dat het maar doorgaat met die vogelafwezigheid. Ooit zal het duidelijk worden, denk ik. Dit is een onnatuurlijk verschijnsel.

Er zijn ook in de winter zwammen te vinden, bijvoorbeeld de elfenbankjes. Vorst en sneeuw kan ze niet deren.

Aan het einde van de middag zijn de takken van de bomen weer kaal, de sneeuw weggesmolten. Voorlopig strijdt de dag tegen de nacht, afwisselend dooi en vorst. Mag er ook wat zon bijkomen? Dat zou heerlijk zijn....

8 februari 2017

Gezusterlijk staan twee sneeuwklokjes dicht tegen elkaar aan, en ook nog keurig in  het gelid. Ik vind het een grappig gezicht.

Er is weer een koppeltje Turkse tortel dat de hele dag door in de tuin te zien is en de magen vult met het strooizaad. Raar toch dat je zo'n stel zoveel leuker vindt dat een paar houtduiven. Maar eerlijk gezegd zijn ze ook wel heel innemend, elegant gebouwd en altijd zo lief tegen elkaar. Behalve hun geluid, daar hebben veel  mensen een hekel aan, merk ik wel eens.

Dit gebeurt ook: vogels die door de Sperwer geslagen worden, zoals deze Roodborst, of liever gezegd hetgeen dat er nog van over is. De harde werkelijkheid in de natuur. Niet leuk natuurlijk maar velen van ons eten ook vogels, en dan nog niet eens uit noodzaak.

6 februari 2017

In deze tijd van het jaar worden er jonge haasjes geboren, niet in een hol maar gewoon in de open lucht. Veel van de jonge dieren sterven in de eerste tijd van hun leven door slechte weersomstandigheden of doordat ze ten prooi vallen aan predatoren. De beeldschone diertjes zijn al helemaal kant en klaar bij hun geboorte. Ze blijven een paar dagen in het nest, al kun je dat nauwelijks zo noemen, en verspreiden zich dan. Dat maakt hun overlevingskans wat groter dan wanneer ze bijeen zouden blijven zitten.

Moeder haas is altijd in de buurt maar laat zich niet zien. Op een vaste tijd en slechts eenmaal per dag, komt ze naar de plek terug waar haar jongen geboren werden, maakt een voor de haasjes herkenbaar geluid waarop de jongen snel naar haar toekomen. Ze drinken dan gedurende een paar minuten bij hun moeder heel energierijke melk en meteen daarna verdwijnt de moeder weer. Mensen denken soms dat zo'n jong haasje hulpbehoevend is en nemen het mee. Laat het echter alsjeblieft achter want het alleen-zijn van jonge haasjes is zoals moeder natuur het juist bedoeld heeft.

4 februari 2017

Op sommige schaduwplekken ligt nog altijd wat sneeuw en het ijs op de vijvers is bij lange na nog niet gesmolten maar het nieuwe leven is onmiskenbaar aan het ontwikkelen. De Hemelsleutel (Sedum telephium) heeft zijn nieuwe bladstengels al boven de aarde geduwd, het zijn net kleine kooltjes.

Wie wordt er niet blij van de eerste sneeuwklokjes! En wie krijgt niet de neiging om meteen in de tuin weer aan de slag te gaan en alle restanten van de voorbije seizoenen op te ruimen? Terwijl dat eigenlijk zo jammer is want het is nog lang niet de tijd om de bodem te ontdoen van alle blad, alle dode stengels, de bedekkende laag van verdord blad. In dorre stengels zitten vaak beestjes, tussen het blad kunnen allerlei insectjes, coconnetjes, eitjes zitten; het is niet voor niets dat we de merels daar zo vaak aan het werk zien. Maar we zitten nog pas op de helft van de winter, met nog zeven weken te gaan voor het lente wordt. En dan nog maar volgens de kalender! Wie herinnert zich niet het koude natte voorjaar van 2016 waardoor er zoveel vogelbroedsels verloren gingen. Gewoon even geduld hebben en volsta maar met het blootleggen van de plekken waar de sneeuwklokken staan. Want die willen we natuurlijk wel zien.

Net als de sneeuwklokjes zijn ook de winterakonietjes er vroeg bij. Beide dragen een naam die past bij het seizoen. De Winterakoniet (Eranthis) behoort tot de zogenaamde stinzenplanten. Hoe lieflijk ook, het totale bolgewasje is sterk giftig voor mensen. Ik geloof niet dat veel mensen ze daarom zullen mijden.....

In de tuin vind ik aldoor lege slakkenhuizen en inbraaksporen wijzen naar de zanglijster die ik hier dagelijks zie rondscharrelen. Ik verwijder tegenwoordig wel de grote oranje naaktslakken (maar ook de kleine) die steeds met meer verschijnen maar de gewone huisjesslakken laat ik met rust. Ze doen niet zoveel kwaad want ze voeden zich voornamelijk met dode plantenresten. En als ik dan merk dat de lijsters daar profijt van hebben, weet ik dat ik op dat punt tenminste goed bezig was.

2 februari 2017

Zeer tegen mijn zin ben ik toch te pakken genomen door het griepvirus. Juist nu het buiten mild is en ik er zo graag op uit wil. Helaas, hoestend en proestend breng ik mijn dagen door in huis, te gammel om iets te doen. Maar vanuit mijn stoel kijk ik uit op de mussen die de een na de ander komen eten van de trosgierst. Ze landen op een dunne wiebelstengel en gaan dan de zaadjes te lijf. Gierst, zo dacht ik,  is een uitstekend en natuurlijk voedsel voor vogels, en ze zijn er ook dol op. Maar nu las ik op een website (adviespraktijkvoorvogels) dat gierst helemaal niet gezond is voor zaadetende vogels, net zo min als andere zaden, omdat ze een onvolwaardig voedsel vormen dat de nodige essentile ingredinten mist. Trosgierst behoort tot de grassen en in de natuur eten vogels de zaden van wilde planten pas op het moment dat die rijp zijn. Trosgierst wordt in verre landen als Indonesi en China  verbouwd en geoogst op een moment dat dit nog niet het geval is, waardoor het zaad nog minder gezond wordt. Ik zal het dus maar niet meer kopen!

31 januari 2017

Sinds twee dagen hoor ik de Heggenmus (Prunella modularis) zingen. Dat is best vroeg maar n moet toch de eerste zijn en nu het weer zachter wordt, laten de hormonen zich voelen, aangestuurd door het lengen van de dagen. Mannetjes laten horen dat ze een biotoop claimen en moeten daarin ook een vrouwtje zien te lokken. En als je er zo onopvallend uitziet, moet je snel beginnen natuurlijk. Mevrouw Heggenmus neemt het niet zo nauw met de huwelijkstrouw. Als ze haar jawoord gegeven heeft gaat ze rustig aan de scharrel met nog meer mannetjes. Maar de eerste die ze had uitgekozen heeft dat haarscherp in de gaten en pikt met zijn snavel het sperma van de indringer uit haar cloaca en stopt het zijne er gewoon weer in door opnieuw met haar te paren. De mensen die de prachtige natuurfilms maken die wij tegenwoordig veel op tv zien, hebben al filmend kunnen vaststellen  dat al die minnaars van het vrouwtje meehielpen met het voeren van de jongen. Dus dat onopvallende vogeltje is een heel uitgekookte dame!

29 januari 2017

Onderweg had ik een klein takje van de Hazelaar mee naar huis genomen. De mannelijke katjes zaten nog potdicht maar hier en daar was al wel het vrouwelijke bloempje te zien. Ik zette het takje in een vaasje en al snel begonnen de katjes te stuiven. De vrouwelijke bloempjes zitten in een klein knopje, dicht tegen de takken aan. Stijlen en stampertjes steken er bovenuit als ze bloeien. Op deze foto zijn die wat bleek, maar dat komt omdat ze binnenshuis staan. Voor een goede oogst van de noten is het zaak dat het stuifmeel verspreid wordt zodra het vrouwelijke bloempje bloeit. De Hazelaar is meestal de eerste struik die zo vroeg in het jaar al bloeit. Omdat er geen insecten zijn die voor de bevruchting zorgen, moet de wind dat doen. Een struik of boom waar zowel vrouwelijke als mannelijke bloemen in groeien noemen we eenhuizig.

In de tuin gaan nu, met een onderbreking tijdens de koude twee weken, de piepkleine rozerode clematisjes weer verder met bloeien. Altijd weer een heerlijk gezicht  te ontdekken dat het leven in de tuin langzaam maar zeker weer terugkeert.

Hoewel het tuinvogel-telweekend was, heb ik er niet aan meegedaan. Eerlijk gezegd vind ik het een beetje onzin. Je zit een half uur lang te turven en hoe weet je dat je niet tien keer dezelfde mees of mus telt? Aldoor werd er verteld dat het aan het slechte voorjaar, en aan de overvloed van voedsel ligt dat er landelijk zo weinig vogels op de voerplanken te zien zijn. Maar niet overal zijn beukenbossen vol nootjes en ook niet alle vogels eten die. Een nieuw argument hoorde ik vanmorgen op de radio: er zijn dit jaar ook opvallend weinig vogels uit het hoge noorden en oosten, die hier de winter komen doorbrengen. Dat lijkt me een plausibele reden. Omdat ik gevarieerd voer, valt het hier nog best mee met het vogelbezoek maar het gaat maar om een paar soorten. Zelfs de Boomklever heb ik dit jaar nog niet gesignaleerd in de tuin.

27 januari 2017

Het is 10.00 uur in de ochtend, het zal weldra gedaan zijn met deze sneeuwlaag want ons wordt een temperatuur van zes graden boven nul beloofd voor de middag. Nu ligt er nog een witte deken over de tuin, de vijver heeft een ijslaag en het wak is nog maar voor een heel klein rondje open. Het grootste deel van ons land schijnt al een week lang vrij van de witte overlast te zijn, nu wij nog, de mensen die wonen in een strook tussen de Veluwezoom en de Achterhoek.

Zelfs nu de vorst de bessen van de Gelderse roos wat zoeter gemaakt heeft, worden ze door de vogels versmaad. Jammer dat hier geen kramsvogels langskwamen, ze zijn de enige vogels die ze lusten, al zag ik wel een lijster met een bes in zijn snavel.

24 januari 2017

Op weg naar het kanaal kwam ik gisteren langs deze weg. Over een paar weken ziet het daar blauw en geel van de crocussen. Je kunt het je nu bijna niet voorstellen maar onder de sneeuw rust een enorme potentie aan nieuwe natuur. In de afgelopen dagen kon je bij het weernieuws op tv mooi zien hoe  satellieten de sneeuwlaag zichtbaar maken die over dit deel van het land bleef liggen. Maar nu gaat die toch echt verdwijnen en daar zijn weinigen rouwig om want het fraais is er wel af en de resten op de stoepen akelig glad.

Het Apeldoorn-Dierens kanaal loopt van Hattem naar Dieren en het wordt gevoed door de vele sprengen die zich in dit gebied bevinden. Er zijn mensen die het kanaal - waar al heel lang geen scheepvaart meer is - weer bevaarbaar willen maken. Anderen moeten daar niet aan denken en willen het behouden zoals het nu is: een natuurlijke en vredige waterloop met  oude ophaalbruggen en mooie brugwachtershuizen. Helaas werden sommige oude bruggen al vervangen door vaste. Over het fietspad langs het kanaal gaan vooral in de zomer heel wat fietsbanden over het asfalt. Op het water zie je de futen en in het riet hoor je de karekieten. In de winter wordt er door jong en oud geschaatst maar nu is het ijs aan het wegdooien, en de voorpret is alweer verdwenen. Maar de winter duurt nog wel even, dus wie weet...!

23 januari 2017

Vanmorgen hoorde ik op de radio vertellen dat in de schaapskudde van de Loonse en Drunense heide de eerste lammetjes geboren waren. Dit is een kudde die 's winters op stal wordt gezet zodat de jonge dieren in gunstige omstandigheden ter wereld kunnen komen. In de natuur komt het niet voor dat in dit ongunstige jaargetijde jonge dieren geboren worden. Het is te koud en er is geen voedsel. Er zijn zelfs dieren die de geboorte van hun nakomelingen kunnen regelen. Bijvoorbeeld bij het reewild. De bronsttijd van de reen ligt tussen half juli en half augustus. Als daaruit een bevruchting ontstaat, komt de kiem wel in de baarmoeder terecht maar wordt daar ingekapseld en er is dan maandenlang geen ontwikkeling. Pas in december gaat het embryo groeien en kan het reekalfje in de zomer geboren worden. Mooier kan het toch niet? In de schaapskudde wordt de geboorte van jonge lammeren gepland zodat die in april meteen mee de heide op kunnen met hun moeders. Wilde eend en Nijlgans maken er soms een potje van door in zachte winters al eieren uit te broeden. De levenskansen voor deze pullen zijn niet groot.

Een foto van 10 jaar geleden die bij mij de nodige nostalgische gevoelens oproept. Lammetjes worden soms verstoten door hun moeder en moeten dan met de fles worden grootgebracht. Onze kleinzoon, die een weekje bij ons logeerde, was niet bij dit jonge diertje weg te slaan en wilde er elke dag heen om het te voeren en te knuffelen. Zo schattig!

22 januari 2017

Op plekken waar de zon de aarde kan bereiken smelt overdag de sneeuw. Hl langzaam want de temperatuur komt nauwelijks boven de nul graden. Maar de bosbes steekt alweer boven de sneeuw uit en als je goed kijkt zie je dat het rondom de planten, altijd een beetje warmer is.

In de tuin piepen de sneeuwklokjes met hun knoppen boven het sneeuwdek uit. Een belofte voor de toekomst: er wordt weer gewerkt aan het voorjaar. Dit zijn prachtige winterse dagen zoals we die graag hebben. Het zonlicht dringt de zwaarte van de grauwe winterdagen even weg en de helderheid van de dagen verlicht het gemoed.

19 januari 2017

De zon gaat onder boven de Veluwezoom en met rijp op de bomen is dat wel een heel mooi tafereel. Het lengen van de dagen gaat maar heel erg langzaam en toch is het merkbaar. Pas na 5 januari begint het een beetje op te vallen. Vanaf dan worden de dagen geleidelijk een halve minuut langer. Rond de 16e januari is dat  een minuut geworden. Elke dag een beetje sneller, tot we op 21 juni weer de maximale daglengte hebben.

Vuurwolkjes drijven boven de bossen, heel even maar mogen ze de show stelen waarna ze al snel weer verbleken en opgaan in de vallende duisternis. De zon houdt het voor gezien.

18 januari 2017

Mijn wens werd vervuld: tot voor in de middag werden we omringd door bomen vol rijp. Wat is dat toch een magnifiek spektakel. Behalve op de straat ligt er nog steeds een harde bevroren laag sneeuw en dat merk je aan de vogels die naar de tuinen trekken. Ook de meeuwen zoeken de menselijke bewoning op want ze weten dat daar gevoerd wordt. Altijd zit wel ergens een meeuw op de uitkijk en zodra ze merken dat er op een plek iets te snaaien valt, komen ze massaal aanvliegen. Zoals in onze tuin waar ze in een mum van tijd de uitgestrooide broodblokjes opschrokten. Deze Kokmeeuw heeft alweer een koptelefoontje op. Teken dat het voorjaar nadert.

Nu er ijs op het water ligt en een bevroren sneeuwlaag op het land, is open water een plek waar  veel vogels komen drinken. Vanmorgen zat deze Koperwiek (Turdus iliacus) bij de vijver, hij verschilt van de zanglijster door de tekening op zijn kop en zijn koperkleurige vleugelvlek.

De Zanglijster scharrelt zijn kostje bijeen in onze tuin. Nu de vorst de bessen van de Gelderse roos gezoet heeft, zie ik hem regelmatig van de vruchten eten.

Meneer Groenling (Chloris chloris) wilde niet stil zitten en daardoor steekt zijn staart buiten de foto. Maar kijk eens naar zijn verenpak. Mosgroen met geel. Als de zon op zijn lijfje schijnt is hij een vliegend juweeltje. Deze vogel eet voornamelijk zaden, te zien aan zijn zware snavel.

Het is niet echt nodig om allerlei duur vogelvoer aan te schaffen. Veel vogels zijn blij met havermout. Roodborst, heggenmusje, lijsters, mussen, tweemaal per dag strooi ik wat voor ze op de grond. Als je het een beetje in de gaten houdt, kun je constateren dat de meeste vogels het liefst van de grond eten. In stukjes gesneden boterhammen worden eveneens gewaardeerd door allerlei soorten.

17 januari 2017

Toen gistermorgen wat stuifsneeuw omlaag viel en een dun randje over de bomen legde, was het weer even heel mooi buiten. Het was van korte duur maar lang genoeg om ervan te kunnen genieten.

Het is een kwestie van behoedzaam lopen aangezien de sneeuwlaag hard bevroren is en je elk moment kunt uitglijden. Vooral op een langzaam hellend pad als dit, waar ongetwijfeld veel sleende kinderen overheen zijn gegleden. De autobanden van de boswachtersjeep maken het nog een stukje erger. Wel een mooi gezicht.

De harde wind die in het weekend waaide heeft in deze omgeving heel wat takken doen breken. De natte sneeuwlaag was voor veel bomen te zwaar. Beukentakken die afbraken liggen hier met besneeuwde lege zaaddozen. Een fraai versiersel op de bosbodem.

15 januari 2017

In huis trof ik een Groene gaasvlieg (Chrysoperla carnea) aan. Eigenlijk gebeurt dat elke winter wel, het is een insect dat graag binnenshuis overwintert. Het kan lange tijd zonder eten, zolang het maar verblijft in een ruimte die koel genoeg is. Tegen de tijd dat de gaasvlieg gaat overwinteren verkleurt hij naar bruin en na de winter wordt hij weer groen. Toen ik wat rond snuffelde op het internet las ik tot mijn verbazing dat deze diertjes soms massaal in huis gezien worden. De website Naturetoday had het zelfs over "kolonisatie".  Ik heb er nog nooit meer dan n tegelijk gezien. Zijn er lezers die ervaring hebben met een "cluster" van gaasvliegen in huis? Ik zou het graag vernemen. De gaasvlieg is geen echte vlieg maar behoort tot de orde van de netvleugeligen.

De ovale eitjes van de gaasvlieg worden een voor een gelegd en staan op een heel dun steeltje. Zo wordt het eitje onttrokken aan het blikveld van bladluizen die het erop voorzien hebben. Het vrouwtje kan 300-400 eitjes leggen, en dat uit zo'n klein lijfje! De larve van de gaasvlieg begint zijn leventje in een bedekking van allerlei kleine rommeltjes die hij om zich heen bouwt: de cocon. Dat vergroot de kans om veilig op te groeien.

De larve is een geducht rover en eet voornamelijk bladluizen. Hij maakt drie vervellingen door en is dan ongeveer een centimeter lang. Het volwassen insect voedt zich met hongingdauw, nectar en stuifmeel. De larve eet wel tot 50 bladluizen per dag, geen wonder dus dat ze in de fruitteelt worden ingezet als opruimers van ongewenste luizen.

13 januari 2017

Om middernacht heb ik lang naar buiten staan te kijken hoe dikke sneeuwvlokken omlaag dwarrelden op de wereld. Straten, planten en bomen waren al helemaal bedekt met sneeuw en het zag er sprookjesachtig uit in het licht van de lantaarnpalen. Vanuit mijn bed heb ik nog een poos de ogen open gehouden omdat de lucht er zo intrigerend uitzag. In plaats van het normale donker was het nu licht, je kon de bomen in de tuin zien en zelfs dat er een dikke laag sneeuw op de takken lag. Dat vreemde licht ontstaat door de weerkaatsing tussen de witte sneeuw en de wolken. Onaards mooi wordt het dan buiten. Toen ik wakker werd dooide het alweer behoorlijk en alleen op de bodem lag nog een smeltende sneeuwlaag.

De vogels hebben het natuurlijk moeilijk als er een sneeuwlaag is gevallen. Des te belangrijker is het om meteen na het opstaan de vogels te helpen met voer. Dus ging er eerst een handje insectenvoer hier en daar onder struiken, werd het voerderschaaltje met zonnepitten van sneeuw ontdaan en opnieuw gevuld, waar mezen, vinken en groenlingen meteen op afkwamen.

Gisteravond had ik nog snel een provisorisch voerplekje gemaakt van een oud houten kratje. Wat slierten van de klimop moesten de sneeuw tegenhouden en dat was goed gelukt. De vogels konden dus al eerder dan ik opstond aan de maaltijd gaan.

12 januari 2017

Op het internet zag ik een filmpje over een musje dat met de pootjes vastgevroren zat op een metalen buis en dat door een natuurvriend met zijn adem weer werd losgemaakt. Ik vond dat heel opmerkelijk aangezien vogels de temperatuur in hun poten kunnen regelen zodat die altijd warmer zijn dan de ondergrond waarop ze zitten. Af en toe komt vastvriezen wl voor bij watervogels die te lang op het ijs blijven staan. Dat proberen ze te voorkomen door met hun buik op het ijs te gaan liggen.

Ik verbaas me erover dat er deze maand nauwelijks iets in de natuur te vinden is dat de moeite van het fotograferen waard is. Vorig jaar plaatste ik op 10 januari deze bloeiende crocus. Ook gele crocussen waren hier en daar al te vinden.

Een vroegbloeiende Rhododendron. Ik nam de foto op 14 januari van het vorig jaar. Helaas valt er momenteel niets, maar dan ook niets te melden. Het is gewoon wachten tot er weer iets leuks gebeurt buiten. Wat een ontzettend saai seizoen ditmaal!

9 januari 2017

Enthousiast liet een vriendinnetje weten dat ze wel 14 koperwieken in haar hulst had zitten. Ik was jaloers! Mijn achterbuurman heeft ook een hulststruik in zijn tuin, boordenvol bessen die nu allemaal weg zijn. Zouden de koperwieken hier langs zijn gekomen en heb ik ze helaas gemist? Die kans is groot want de bessen van de hulst zijn zeer in trek bij deze lijsterachtigen.

De Koperwiek (Turdus iliacus) broedt in de naaldbossen van Scandinavie. Ze verlaten hun broedgebied tussen september en mei en zijn dan massaal in ons land te vinden, vooral waar ze bessen kunnen aantreffen. De trek vindt hoofdzakelijk 's nachts plaats en dan kun je hun hoge roepjes horen want ze houden aldoor contact met elkaar. Het zijn echte groepsdieren. In een enkele dag kunnen de vogels je hulst leeg eten. Het zij ze gegund, daar zijn die bessen toch ook voor bedoeld.

Een soort die nog wel eens wordt aangezien voor een Koperwiek is de Kramsvogel (Turdus pilaris). Deze behoort tot dezelfde familie van lijsterachtigen maar is een slag groter, mist echter de rode vlek op de vleugeloksel en ook de witte oogstreep van de Koperwiek. Alle lijstersoorten zijn dol op appels, dat zie je ook wel aan de merels die ze in no time leeg eten.

7 januari 2017

Veel sneeuw is hier niet gevallen dus als het gaat dooien zal het ook snel weer verdwenen zijn. Nu het bos ingaan blijkt geen risicoloze actie te zijn. De sneeuw is hard en uitglijden is zo gebeurd. Dit wordt dus geen lange wandeling vandaag.

Het stelt veel wandelaars teleur, herten worden nog maar weinig gezien in dit bosgedeelte. Hoe dat komt, is iedereen een raadsel. Ik vraag me wel eens af of het komt doordat er zo ontzettend veel takkentroep blijft liggen na het kappen. Toch de boswachter er eens naar vragen als ik hem weer een keer zie rijden op een van zijn contrletochten. Als je er dan toch een tegenkomt, is dat echt genieten, elke keer weer.

Omdat de vogels het tijdens sneeuw en ijzel moeilijk hebben, voel ik het als mijn plicht om ze meteen na het opstaan te voorzien van voedsel. Ik begin wat brood heel klein te snijden, mussen en merels zijn daar blij mee.

Havermout is een goedkope manier om vogels een plezier te doen. Merel en roodborst eten het graag. Je moet altijd zorgen dat er geen voer blijft liggen aan het eind van de dag want daarmee zou je ratten kunnen aantrekken. Ik voer in de vroege ochtend en halverwege de middag, en dan net genoeg dat het op is als het donker invalt. Voor de winterkoning strooi ik wat insectenvoer over de taxusheg en tussen de klimop. Als het echt heel winters wordt, koop ik bij uitzondering een zak gedroogde meelwormen voor ze. Die kleine vogeltjes gaan er het eerst aan als voedsel schaars wordt.

Een appeltje voor de merel kan er ook nog wel vanaf. Het is in een ommezien verdwenen, net als de rozijnen die ze in de ochtend opgediend krijgen. Water vinden de vogels altijd in het wak dat ik met behulp van een eenvoudig pompje open houd. Op deze manier kun je ontzettend genieten van het vogelleven. En wie wil dat nou niet?

6 januari 2014

Elke zonnige vorstdag moet je zien te pakken en al helemaal als die van korte duur zal zijn. De rijp op de velden is prachtig om te zien. Ik hoopte er ook een Zilverreiger aan te treffen maar helaas gebeurde dat niet. Ze zijn wel steeds vaker te zien.

Langs heggen en bosranden groeit volop de Gelderse roos (Viburnum opulus), een struik met een merkwaardige naam want het is geen roos en is er ook niet aan verwant. Momenteel hangen ze boordenvol rode bessen die de vorst uitstekend doorstaan. Ze smaken bitter dus de vogels negeren ze, al zien ze er nog zo mooi helderrood, glanzend en verlokkend uit. Maar nu we een stevige nachtvorst achter de rug hebben is het bittere er uit verdwenen en wat zoetig geworden.

In het bos zijn schitterende ijsveren te zien. Mooi groot groeien ze op het rottende vochtige beukenhout dat op de bodem ligt.

\

De wind heeft hun veren alle kanten op gewaaid.

Hier ligt een grote massa die blijkbaar wat meer wind gevangen heeft en veranderd is in een warrige pruik. Zodra de temperatuur boven de nul graden komt, smelten ze weg. Zijn ze eenmaal verschenen en blijft het vriezen, dan kunnen ze heel lang in stand blijven, al drogen ze wel langzaam uit en raken de veren afgestompt. Maar vandaag is het nog even genieten van dit winterse fenomeen.

4 januari 2014

Na een ingewikkelde internetstoring kan ik nu weer via een noodverbinding online. Zonder verbinding met de buitenwereld stel je opeens vast hoe afhankelijk we toch van die voorzieningen zijn geworden. Het is geen dag om naar buiten te gaan maar daar staat wel de Toverhazelaar (Hammamelis molis) in bloei.  De bloemen moeten het voor hun bestuiving hebben van de wind en dat is maar goed ook want insecten zijn er nu niet.

Hoe dit seizoen er momenteel anders uitziet dan in vorige jaren blijkt wel als ik in mijn fotomappen kijk die keurig gerangschikt zijn op maand en jaar. Wat er bijvoorbeeld vorig jaar niet allemaal bloeide: Gele toorts, Robertskruid, Iberis, Slangenkruid, volop rozen, de eerste crocussen, nog in de knop maar toch! Nu kan ik in de tuin alleen maar een centimeter blad zien van een Sneeuwklok die boven de grond komt.

Ik mis ook de vogels waar ik 's winters zoveel plezier aan beleef. Nog altijd laten de soorten die andere jaren regelmatig op de voertafel verschijnen, het afweten. Geen boomklevers, sijsjes, goudvinken, maar uitsluitend veel mussen, merels, meesjes en duiven. Het spijt me dat ik zo weinig te bieden heb in dit natuurdagboek en ik vind het ook niet leuk. Ik zie op het internet de mooiste foto's voorbij komen van ruige rijp. Ook dat misten we hier. Helaas, het is niet anders. het is gewoon afwachten wat de winter nog voor ons in petto heeft, en dat kan van alles zijn.

1 januari 2017

Moge in het komend jaar de natuur floreren, de mensheid tot bezinning komen en in ons persoonlijk leven tevredenheid de boventoon voeren. Dat is wat ik mijn lezers toewens!

Vanmorgen om 06.00 uur hoorde ik een groep ganzen nog gakkend in de donkere lucht rondvliegen. Bekend is dat vuurwerk een ramp voor vogels is en dat ze in paniek massaal gaan rondvliegen. Moet je je dat voorstellen: er gaat zoveel chemische troep de lucht in dat dit op een andere dag een milieudelict genoemd zou worden. Die vogels vliegen boven ons terwijl rook en die verstikkende gassen hun kelen bijna dichtschroeien. Wat zou dit alles doen met de gevoelige oren van allerlei dieren, wie weet hoeveel slachtoffers er onder de dieren vallen. Ik denk ook bij vuurwerk aan de mensen die de oorlog ontvlucht zijn en vol trauma's dit verschrikkelijke lawaai moeten aanhoren, alle angsten herbelevend. Net als onze soldaten die getraumatiseerd thuis zijn gekomen en dit evenmin kunnen verdragen. Opnieuw raakten mensen vannacht hun ogen kwijt, werden hulpverleners belaagd, andermans eigendommen vernield. Moeten we dit nu echt in stand houden als een "waardevol nationaal erfgoed" ? In slechts een half uur vele miljoenen verknallen met alle bijbehorende maatschappelijke ellende?  Ik vind het ook moreel een verwerpelijk iets want hoeveel levens zouden er niet kunnen worden gered met die 68 miljoen die nu op een zinloze manier op een avond verknald wordt. Ik ben een fel tegenstander van het publieke vuurwerk! Mijns inziens past dit niet meer in deze tijd.

30 december 2012

Er zijn tot nu toe, ondanks de milde winterweken, opvallend veel nachtvorsten. Ik kan het niet nalaten de berijpte plantenresten vast te leggen want ze zijn zo prachtig als vochtigheid en vriestemperatuur hun samenspel verenigd hebben in witte kristalversieringen. De fragiele kanten randjes langs de klimopbladeren, of de kegels van de lariks, echt een lust voor het oog.

Als je toch morgen appelflappen gaat bakken (en die zijn toch het lekkerst) blijft er misschien wel een appeltje voor de merel of de lijster over. Voor deze vogels is zo'n vrucht een echte traktatie.......

29 december 2016

De langste dag viel alweer een week geleden en nog onmerkbaar kruipt het licht weer terug in de dagen. Nu de zon zo ver bij ons vandaan staat, strekken haar zonne-armen zich langer uit om ons te bereiken. Zo krijg je heel lange schaduwbeelden. Vooral de boomstammen lijken eindeloos. Ik ben er maar eens naast gaan staan en heb mezelf als schaduwbeeld vereeuwigd.

Hoewel de tuin zich nog steeds niet mag verheugen in massaal bezoek van vogels komt de Roodborst als trouwe gast aldoor langs. Ook de Winterkoning zie ik nog dagelijks zijn kostje bij elkaar scharrelen. Zo heeft het zachte najaar voordelen en spaart het veel vogellevens. Wordt het dit jaar een kwakkelwinter of krijgen we vorst en sneeuw? Het is maar goed dat we het niet weten. Voorlopig weten de vogels zich nog goed te redden, al is het rampzalig te lezen hoeveel watervogels er sterven als gevolg van de vogelgriep.

Een jaar geleden kocht ik een pot met kleinbloemige orchideen. Gewoonlijk vind ik orchideen niet attractief maar dat betreft dan de soorten die je volop in tuincentra en supermarkten te koop ziet staan. De bloemen aan de kale stelen blijven zo lang aanwezig dat ze je doen denken aan "nep". En uitgebloeid zijn ze helemaal vreselijk. Maar deze kleine soort heeft heel veel smal blad en ik liet de pot rustig op de vensterbank staan en gaf af en toe wat water. Mijn beloning is een nieuwe bloei; ik geniet volop van al die stelen vol vrolijke bloemen  Deze mag blijven.

27 december 2016

Het blijkt weer te mooi om waar te zijn. Op de Veluwe ligt een stuk bos waar Natuurmonumenten experimenteerde met de hertenstand. In dit Deelerwoud werden 15 jaar geen dam- en edelherten meer afgeschoten en het gevolg daarvan was dat de stand op bevredigende wijze door deze natuurlijke gang van zaken in balans gehouden werd, al kwamen er wel veel meer herten bij.

Het doel was om edel- en damherten plus reen zoveel mogelijk op een natuurlijke manier te laten leven. Zelfregulering dus. Daar worden natuurliefhebbers natuurlijk heel blij van.

Echter, meteen al werd al besloten dat "in de schil rondom het Deelerwoud" teveel dieren liepen en er veel aanrijdingen met wild plaatsvonden. Schade aan de land- en bosbouw werd ook een groot probleem. Om deze reden werden in deze schil de populaties edel- en damherten  al  intensief gereguleerd door het geweer.

Terwijl de populaties edelherten in het Deelerwoud zich stabiliseerden gebeurde dit helaas niet bij de damherten. Daardoor zijn deze dieren de klos: 400 stuks zullen worden afgeschoten in de bufferzones rondom het Deelerwoud, die daartoe ook vergroot zullen worden. In de komende tijd zal daarvoor een plan van aanpak worden gemaakt. Intussen zal er op intitiatief van de Partij voor de Dieren op 29 december bij wijze van protest een stille tocht door het Deelerwoud gemaakt worden. Wie mee wil, moet maar even kijken op de website van de partij. Het was een mooi sprookje, helaas een met rafelranden. Foto: Willie Doorn-Meijne.

25 december 2016

Het is moeilijk, vind ik, om dit jaar juiste woorden te vinden om de kerstkaart te beschrijven, gezien wat zich allemaal op de wereld afspeelt. Zoveel lijden, zoveel verdriet, zoveel mensen op de vlucht, het grijpt je aan. Misschien is het wel goed om dan even terug te kruipen in de schulp van het eigen bestaan, even voor vandaag de ogen te sluiten voor dat alles en vredig samen te zijn met familie, vrienden, jezelf of iemand die dat ook nodig heeft. Dat wens ik mijn lezers toe!

23 december 2016

De laatste tijd wordt me regelmatig gevraagd waarom de vogels van de voerplanken wegblijven. Dat schijnt te maken te hebben met het zachte weer in combinatie met het feit dat er deze herfst een enorme vracht aan beukennoten is gevallen. Dat de pindanetjes onaangeroerd blijven is geen wonder. Tegen mijn gewoonte in had ik er een in de tuin gehangen maar die heb ik weggehaald. En dan zie je ook meteen waarom de vogels ze links laten hangen , door het vochtige weer ontstaat er schimmel tussen de noten. Pindanetjes zijn ondingen bij deze weersomstandigheden. Probeer het maar uit: haal de noten uit de netjes, hak ze fijn en dan zul je zien dat ze met graagte gegeten worden.

Hetzelfde geldt voor vetbollen, daar is ook geen belangstelling voor. Maar wel als je ze uit elkaar hakt, dan eten allerlei vogels, groot en klein, eten ze op. Naar het strooivoer wordt nu ook niet meer omgekeken. Het zwelt op en loopt uit bij dit vochtige weer.

Al twee weken fulmineert schrijver-columnist Romke van de Kaa in een  landelijke krant tegen de potten "vogelpindakaas". Volgens Van der Kaa wordt in de goedkope varianten zelfs talg gestopt. Ik heb het een poosje uitgeprobeerd en deze vogelpindakaas opgehangen naast de echte pindakaas. Het resultaat is wel duidelijk: de vogelpindakaas is na enkele weken nog steeds niet leeg maar de  zoutloze (!) consumentensoort is niet aan te slepen. Na een week is de pot leeg.

22 december 2016

Een open veldje midden in het bos lag gistermorgen, de eerste dag van de hefst,  geheel berijpt te pronken.  De grashalmen bogen neer onder het gewicht. Zoals altijd bij vorst, ruikt het buiten zo lekker fris en dan voelt goed aan als je er met een verstopt, verkouden hoofd loopt.

Al snel ontdooide alles en drupte de rijp uit de bomen. Wat wil je ook, met een temperatuur die gaat stijgen naar boven de tien graden. Een teleurstelling voor mensen die dromen van een witte kerst!

 

naar boven