Natuurdagboek

 

Winter  Lente  Zomer  Herfst
 2009/2010
 2010/2011

 2011/2012
 2012/2013

 
2013/2014
 
2014/2015
 
 2009
 2010
 2011
 2012
 2013

 2014
 2015
 
2016
2009
2010
2011
2012
2013
2014
2015
2016
 2009
 2010
 2011
 2012
 2013
 2014
 2015  

 

Denk je onjuistheden in deze dagboeknotities tegen te komen, meldt dit dan even via mijn mailadres tineke (apenstaartje) natuurfragmenten (punt) nl.
Bij voorbaat dank!

 

Winter 2015-2016

 

 

19 maart 2015

De zijkant van ons huis is begroeid met klimop. Het is soms wat lastig dat die tweemaal per jaar moet worden teruggesnoeid tot een aanvaardbare hoogte maar ik beleef er ook enorm veel plezier aan. Het hele jaar door is er wel iets leuks aan klimop te beleven. Legers insecten bezoeken de bloemen, vogels eten de bessen, het mooie vlindertje Boomblauwtje legt er haar eitjes en de mussen gebruiken de klimop als slaapplaats. Ze zitten tussen het blad, bovenop de nestkasten en de gelukkigen vinden er binnenin een slaapplaats. Broeden hebben ze er nog nooit gedaan maar ik ben er inmiddels van overtuigd geraakt dat dit komt doordat er niet heel dichtbij een boom staat vanwaar ze van en naar de nestkasten kunnen vliegen. Eigenlijk zou ik ze dus moeten verhuizen naar een plek op de muur die recht tegenover een grote Taxus staat.

Gisteren wilde ik de kasten vrij maken van takjes die de openingen dreigden te overgroeien en tot mijn afschuw zag ik deze vogel vastgeklemd zitten in een van de ingangen. Waarschijnlijk had hij de pech gehad dat zijn pootjes achterbleven terwijl zijn lijfje er al een eind uit was. Zo te zien had hij nog stevig geworsteld want hij zat ondersteboven in de opening. Een naar gezicht.

Toen ik de gemummificeerde vogel er uitgetrokken had zag ik pas dat het inderdaad een musje was. Een musje weegt toch al niet veel maar nu was het zo licht als een veertje geworden. Ik heb het vlieggat nog even nagemeten en inderdaad dat was groot genoeg: 33 mm. Een nare speling van de natuur dus. Iemand was zo vriendelijk mij een filmpje toe te sturen dat aantoont dat deze onfortuinlijke gang van zaken niet geheel ongewoon is: https://youtu.be/aXm3sFYkBsQ
Ik krijg er wel een wat andere kijk op nestkasjes door. Mussen en mezen kunnen uitstekend zelf een nest bouwen. Mussen zijn verwant aan de wevervogels en in bomen kunnen ze grote kogelvormige nesten bouwen. Bij mezen komen vrij liggende nesten nauwelijks voor, ze bouwen in allerlei holtes die ze maar kunnen vinden, dus ook in nestkasten. Mussen doet dat veelal onder de daken en eveneens in nestkasten. Met dus het risico dat er wel eens iets fout gaat. Maar waar die specifieke maten voor invlieggaten voor dienen? Die vinden ze elders toch ook niet?

18 maart 2015

Ik heb soms de neiging de Krokus wat stijfjes te vinden, met name de Boerenkrokus. Of deze er een nakomeling van is (hij stond naast de blauwe) weet ik niet maar zo'n maagdelijk witte bloem is toch wel heel mooi. En als de zon door de bloemblaadjes speelt....mmmm, prachtig!

De botanische krokusjes zijn toch wel eleganter; er bestaan inmiddels enorm veel soorten en de kruisingen gaan maar door. Wat een cadeautje was de dag van gisteren, de eerste echte voorjaarsdag met volop zon en zoemende bijen. De insecten hadden het razend druk nu de nectarkroeg eindelijk openging. Kijk eens naar de stuifmeelkorfjes op de pootjes van deze bij: ze zitten werkelijk boordenvol met stuifmeel. Het wordt naar het nest gebracht waar het zal dienen als voedsel voor de uitkomende bijenlarfjes.

De bloeiende winterhei mag zich ook verheugen in doorlopend bijenbezoek. Als na de winter de temperatuur er geschikt voor wordt, vliegen de bijen allereerst uit om hun darmen te legen. Daarna kan het echte werk beginnen.

Wat schuchter nog, maar het begin is er. Weldra zullen bermen en waterkanten geel zien van de kleurige voorjaarsbloempjes van het Speenkruid. Tijdens mijn werkzaamheden in de tuin zag ik ook nog twee Citroenvlinders vliegen maar ze waren me helaas te snel af.

16 maart 2015

Vanmorgen zag ik hoe een Sperwer een Sijs sloeg, een naar gezicht maar de sperwerman had ook honger, net als de sijs die van de voerplank gepakt werd. Het voedsel van een Sperwer (Accipiter nisus) bestaat voor 98% uit kleine zangvogeltjes, nou dan weet je wel dat deze vogel heel wat slachtoffers maakt in zijn leven. De kat is daar niets bij. Heeft de Sperwer jongen dan zijn de jongen van de zangvogels de klos. Als de roofvogel langs gekomen is, blijft het een hele tijd doodstil in de tuin, alles wat vliegt is gevlucht en heeft zich verstopt in het groen. Als een pijl uit een boog stort de predator uit de boom en voor het slachtoffer het in de gaten heeft, is de de stress zo groot geworden dat de prooi nauwelijks nog iets voelt of beseft.

Het was weer een gure winderige dag maar sommige planten trekken zich er niet al te veel van aan. Het Fluitenkruid heeft al mooie grote versgroene pollen. Maar er is toch nog weinig te zien buiten, het Speenkruid bij voorbeeld, zag ik alleen maar langs een diep liggende sloot in bloei komen, dankzij de luwte daar.

De Aronskelk staat ook al flink in het blad maar als je er even tussen gluurt is er nog geen enkel begin van een bloemkelk te bespeuren. Ik zocht ook nog even naar het Groot hoefblad dat ik ergens weet te staan. In heel wat jaren zijn de bloemen op dit tijdstip van maart al te vinden maar nu kon ik geen spoor van een plant ontdekken.

Van mijn volkstuin, die begrensd wordt door een aantal grote eikenbomen weet ik hoe ergerlijk de ontkiemende vruchten van deze boom zijn. Heel geniepig boort zo'n eikel zijn wortel in de grond en als je er niet als de kippen bij bent, verankert die zich heel diep in de bodem. Je ziet nu hun omhulsels van de eikels open breken en daarbinnen zit het nieuwe boompje in aanleg. Verbazingwekkend hard voelt het aan, je kunt je bijna niet voorstellen dat dat daar binnenkort zo'n teer nieuw plantje uit groeit.

13 maart 2015

Op deze zonnige dagen valt er ook veel te genieten van de berkenboom. Velen klagen over deze soort want je hebt er het hele jaar door troep van, vooral van de enorme hoeveelheid zaden. Maar tegen de blauwe hemel steken zijn witte takken prachtig af en wordt het blauw doortekend met ragfijne takjes. Bovenin onze boom zitten altijd wel kauwtjes of eksters. De eksters rukken momenteel takjes los want ze zijn al begonnen aan de nestbouw.

Ik ging vandaag eens een kijkje nemen in mijn volkstuin, ik had het idee dat ik dit jaar aan de late kant was. Maar niets bleek minder waar, wat een dooie boel was het er nog steeds. Werkelijk geen enkel bloemetje te vinden, hoe ik ook zocht. Omdat de zon er zo behaaglijk scheen ben ik toch maar vast begonnen alle dode resten van de wilde bloemplanten te verwijderen. Het bloesemtakje uit de berm nam ik voor een foto maar even mee naar huis, het staat nu in een vaasje want ik wil zien welk blad er aan komt zodat ik het op naam kan brengen.

Op weg naar huis zag ik een enkele Paardenbloem in het gras, wat bloeiend Longkruid in een tuin en natuurlijk nog veel bolletjes: sneeuwklokjes, narcissen en krokussen all over! Hier en daar liep aan een struik heel voorzichtig wat blad uit. Misschien ligt het wel aan de nachtvorsten die er nog steeds zijn, maar het lijkt me nogal mager in de natuur. Ik keek nog eens in de maartmap van vorig jaar en zag dat ik op 19 april al bosanemonen en pinksterbloemen gefotografeerd had, en een paar dagen daarna lag er kikkerdril in de vijver. Hoewel kort geleden nog beweerd werd dat de natuur een maand voor lag op het normale schema, houdt ze zich nu weer even in, zo lijkt het wel. We zullen het zien, het kan maar zo veranderen.

De zaden van de Anemoon hebben de hele winter braaf gewacht, netjes in elkaar gevouwen. Maar nu willen ze vrij zijn, en uitzaaien, schitterende pluizen vormen ze nu ze uitwaaieren. Dat lijkt me aantrekkelijk voor nestelende vogeltjes. Helaas is er nog niet zoveel animo om te gaan nestelen. Ik kijk met spanning uit hoeveel nestkasten in onze tuin bezet zullen worden.

11 maart 2015

Het is opvallend hoe weinig de herten in mijn directe omgeving zich laten zien. Ze worden schuw doordat ze bejaagd worden; elk jaar wordt berekend hoeveel er moeten worden afgeschoten. Heel jammer voor de wandelaar die graag van deze fraaie dieren geniet. Meer commotie is er momenteel voor het afschieten van 2.200 damherten in het duingebied van Zuid-Kennemerland en veel mensen vinden dat een verschrikkelijke gang van zaken. Maar in ons overvolle landje woedt op alle fronten een strijd tegen dieren die hetzelfde grondgebied opeisen als wij mensen. Zelfs dieren die hier nadat ze verdwenen, worden geherintroduceerd vormen op een bepaald moment weer overlast, waarna afschot in beeld komt. Al heel lang is bekend wat nu in het Deelerwoud wordt bevestigd: laat de dieren met rust en er ontstaat een natuurlijk evenwicht. Dat kost wel veel jaren waarin je populaties met rust laat en daar heeft men in dit land meestal geen geduld voor, met alle nare gevolgen van dien. De aantal hinden in genoemd gebied dat bevrucht raakt tijdens de bronst, is aanmerkelijk kleiner dan in gebieden waar herten worden bejaagd.

Hoe hoger de zon weer boven ons staat, hoe korter de schaduwen worden. Maar voorlopig spelen de schaduwen van de beukenbomen nog een aardig spel op de bosbodem. Ook al is het er nog kaal, in het bos voel je toch het voorjaar naderen, zeker als de zon schijnt.

Hier en daar kom je wel eens een boom tegen die door natuurlijk geweld van zijn wortels is losgerukt. Hoe dat in zijn werk gaat zie je hier, alle vezels van het hout uit elkaar gertrokken; ik vind het wel iets dramatisch hebben en tegelijk indrukwekkend. Een boom duw je immers maar niet zo omver, het geweld van de natuur heeft er geen enkele moeite mee.

9 maart 2015

Eindelijk belooft de temperatuur te gaan stijgen. Dan kunnen we ook de eerste insecten weer zien vliegen en die hebben grote behoefte aan nectar. Heideplanten zijn uit de mode maar de bekende soorten die als tuinplanten (nog steeds) aangeboden worden bij o.a. de bouwmarkten, zijn van grote waarde voor de eerste bijen, vlinders enzovoort. Ook al vind je ze niet mooi, er is in je tuin altijd wel een plekje te vinden waar je ze kunt planten als warm welkom aan de eerste insecten.

Nog een heel fijne soort is de geurende kamperfoelie Lonicera fragrantissima. Doorgaans bloeit die deze maand maar de natuur ligt inmiddels een maand voor op schema dus het kan zijn dat hij hier en daar al is uitgebloeid. Overweeg eens de struik in je tuin te planten, je neus zal verheerlijkt de zoete geur opsnuiven!

Voor wat later in het jaar zou je de Verbena bonariënsis kunnen zaaien. Insecten zijn er dol op en het is een heel leuke eenjarige plant die zichzelf ruimhartig uitzaait. Heel leuk in de border, de bloemen op de lange stelen. En mocht je teveel zaailingen hebben, dan is er altijd wel een liefhebber voor te vinden.

En vergeet vooral de Herfstaster niet, en de Buddlejasoorten (nu flink kort snoeien), je bewijst niet alleen de insecten er een dienst mee maar ook jezelf als je in de zomer en herfst genieten kunt van vlinders, zweefvliegen, bijen en andere leuke insecten. Nu planten of zaaien is straks de vruchten er van plukken.

7 maart 2015

Aangemoedigd door de zon en het heldere licht ging ik het bos weer in. Nog altijd liggen de paden in het Hof te Dieren er vanwege het vele kappen modderig en kapot gereden bij maar dat mag de pret even niet drukken. In de verte hoor ik voor het eerst dit jaar de Groene specht weer lachen, de boomklevers hebben een hoop praatjes en de Zwarte specht blijkt weer begonnen met zijn trommeloffensief. Alsof iemand met een pneumatische boor aan de gang is, wat een indrukwekkend geluid! De Raaf vliegt al roepend rond en de Buizerd heeft er ook weer zin in en maakt rondjes boven de bomen. Het valt niet mee zo'n vliegende vogel te fotograferen; een hedendaagse digitale camera heeft ergerniswekkend veel tijd nodig op op gang te komen en zijn lens uit te schuiven. Daar wacht geen vogel op en je mag dus blij zijn als thuis blijkt dat er niet alleen lege lucht, een vaag vogelsilhouet maar een herkenbaar beestje opstaat....

Op een rottend stukje stam dat in het mos ligt  zie ik dit Elfenbankje, mooi in zijn stadium van vergankelijkheid. Het delicate witte randje dat er langs zat wordt steeds breder.

Op de bosbodem zie je hoe het proces van afbraak steeds verder doorgaat. Het microleven in de bodem knaagt en vreet het weefsel op, gaatjes vallen, kleur verdwijnt en het blad breekt af. Al die blaadjes samen vormen een nieuwe aanvulling van het vruchtbare humus op de bodem.

Intussen is het nieuwe leven in aantocht. Op mijn pad kom ik slechts één Lariks tegen die de naaldjes uit de knoppen naar buiten stuwt. Heel langzaam maar ze worden steeds meer echte blaadjes. Want dat zijn het eigenlijk blaadjes in de vorm van naalden. Zo mooi, dat nieuwe frisse groen, en zo veelbelovend!

Dit vond ik de leukste vondst van vanmorgen. Ik stond te kijken bij een Beuk maar dat is een boom die nog lang niet in blad komt. Evenmin als de andere bomen in het bos, hun knoppen zitten nog potdicht. Voor het uitlopen van de knoppen is licht en warmte in de bodem nodig maar ook het hormoon absciscinezuur. Als de bodem opwarmt worden de wortels actief en drijven het water weer omhoog naar de takken waarna het proces van bladontplooiing kan plaatsvinden. Opeens ontdekte ik een knop die alle regels en voorschriften aan zijn of haar laars lapte en heel eigenwijs was begonnen haar blaadjes uit de knop te stuwen. De inhoud leek nog niet eens op blaadjes maar het begin was er. Het was de enige knop in de Beuk die dit deed. Grappig.

6 maart 2015

Al een hele tijd zit ik naar het scherm van mijn computer te turen maar in mijn fotomap kan ik niets leuks meer vinden om hier neer te zetten. Het wordt hoog tijd dat de winter ophoepelt en plaats maakt voor leukere dingen. Ik zal het ook vandaag moeten doen met het opvoeren van nog wat vogels in de tuin. Of wordt dat misschien teveel van het goede? Opeens zie ik deze koolmees zitten en hij drukt precies uit wat ik voel: wat in hemelsnaam valt er nog te beleven! Het is al aan het schemeren dus een goed plaatje zal het niet worden. Toch leg ik hem op mijn camera vast. Door zijn pootjes gezakt, de veertjes bol tegen de kou zit hij  maar wat in het rond te turen.

Even daarvoor ontdekte ik deze lijster. Hij zit verstopt  in de Taxus waar ik een stuk gaas in heb gepropt om katten weg te houden bij her voerhuisje dat er hangt. Uitgerekend kiest hij deze weinig fotogenieke plek maar vooruit, hij gaat ook maar op de foto.

Eindelijk zie ik de laatste dagen ook weer de Groenling. Alles lijkt deze winter anders dan gewoonlijk te verlopen. Groenlingen zien we hier in de winter volop maar dit keer zoeken ze pas nu de voerplank op. Ik kan me wel voorstellen dat sommigen hem verslijten voor een appelvink, hij is eigenlijk een miniatuuruitvoering daarvan, met zijn zware snavel.

Het vrouwtje Sijs laakt zien dat zij qua kleur veel minder bedeeld is dan haar man met zijn felgele pronkveren. Maar zo gaat dat vaak met vrouwtjes in de natuur. Hoe minder ze opvallen als ze binnenkort op het nest zitten, hoe beter dat is. Het vrouwtje bouwt haar nestje in een naaldboom, zo ver mogelijk op het uiteinde van de tak. Het broeden kan al in maart beginnen maar of dit nu ook het geval zal zijn betwijfel ik. Omstandigheden voor temperatuur en voedsel zijn nog niet zo best op dit moment. Maar als het weer gaat omslaan kan dat maar zo veranderen.

4 maart 2015

De zon wint steeds meer aan kracht en intensiteit en dat is weldadig. Je voelt gewoon dat je er meer energie door krijgt en dat geldt zeker voor mensen als ik die de winter vreselijk vinden en veel te lang. Je krijgt er zelfs zoveel energie van dat het huis weer eens extra onder handen genomen wordt. Straks als buiten weer zoveel te doen en te beleven is, heb ik daar niet veel animo meer voor. Dus wordt er in ons huis stevig opgeruimd, weggegooid, gestoft en gezeemd, ook op plekken als de zolder waar ik niet alle dagen meer geweest ben. En zo kom je heel wat slachtoffertjes van de voorbije winter tegen. Insecten die in huis kwamen en daar niet konden overleven. Opmerkelijk vond ik wel dat er geen enkel lieveheersbeestje bij was dit keer.

Dit vond ik wel mooi, een fraai gemummificeerde oorworm. Die moet meegekomen zijn in een overwinterende plant die op zolder gestald werd om binnenkort weer naar buiten te mogen. Dat alles binnen weer even geordend is, voelt goed. Straks mag ik weer volop "buiten spelen". Zouden er nog mensen zijn die, net als vroeger, een ouderwetse "grote schoonmaak" houden? Ik gruw als ik terugdenk aan de tijden van weleer, toen het hele huis werd uitgeruimd, gordijnen buiten gehangen werden, kasten leeggehaald, vloerkleden en dekens naar buiten gingen om geklopt te worden. Ik wist niet hoe snel ik weer weg moest komen, maar onze ouders waren vast wel veel netter op hun huis dan de tegenwoordige generatie. Ik weet niet of dat erg is.

2 maart 2016

Wat is er nou toch weer met Goudvink "Ringetje" gebeurd! Zijn hele achterkant zit in de kreukels, zijn veren wapperen als een poederdons in de wind en een deel van zijn staartveren is verdwenen. Eerder was er al een hap uit zijn veren aan de zijkant. Gelukkig lijkt hij heel tierig en hij kan ook nog steeds goed vliegen. Zou hij nu alwéér ternauwernood ontsnapt zijn aan een belager? Ze zeggen dat driemaal scheepsrecht is....!

De vogel lijkt er niet veel last van te hebben, hij gedraagt zich heel normaal. Het is wel een heel koddig gezicht, die pluim op zijn rug....

Vogels die niet zo vaak de mensenwereld bezoeken vinden het over het algemeen wat veiliger als ze op een open, overzichtelijke plek kunnen landen. Daarom is ons hangende voerplankje onder de rozenboog zo'n succes. Hier komt een Putter (Carduelis carduelis) langs, een vogel die we zeker niet alle dagen zien en ook niet eens alle jaren. Dus dit is een cadeautje. De Putter is een echte zaadeter. Toevallig heb ik afgelopen herfst een aantal planten van de Kaardenbol vanuit mijn volkstuin naar de tuin bij huis overgezet in de hoop puttertjes te lokken. Ik ben benieuwd.

De Putter heeft, behalve opvallende kleuren, ook mooi getekende veertjes en bijzondere pootjes. De tenen waarvan er twee naar voren wijzen en een naar achteren, zijn bijzonder geschikt om neer te strijken op verticale oppervlakten. Door een speciale pees aan te spannen krommen de tenen zich en kunnen zich zo om het dunste takje klemmen. De putter wordt ook wel Distelvink genoemd. Grappig is dat de Engelsen deze vogel Goldfinch noemen, die naam geven wij weer aan de eerste vogel in dit rijtje. Ze behoren alle tot de vinken.

1 maart 2016

Ergens in de loop van de evolutie moeten spechten en boomklevers hebben "bedacht" dat het veel handiger is om een dennenappel eerst vast te zetten in een boomspleet dan hem op de grond leeg te peuteren en de zaden er uit te halen. Hetzelfde doen ze met eikels en beukennoten. Van apen is het alom bekend dat ze gereedschappen gebruiken, net als van otters en heel veel vogelsoorten. De oudere dieren geven dat steeds weer door aan hun jongen.

De bosmuizen hebben er geen moeite mee de harde omhulsels van de hazelnoten kapot te knagen. Het grappige hier is dat ze blijkbaar de noten naar de rand van de stoep brachten om dat te doen. Na de overvloed van muizen vorig jaar, schijnen er deze keer heel wat minder te zijn. Er zijn zelfs al zeer vermagerde dode kerkuilen gevonden. Langs onze bosrand leven er kennelijk genoeg en als ze in het bos niets vinden, kunnen ze altijd hun heil nog zoeken in de aangrenzende tuinen, zoals hier het geval is.

 De hazelaars langs de straten in ons dorp hebben afgelopen zomer geen vruchten gedragen en de kauwtjes en roeken die op die vaste plekken de hele winter op de gevallen noten afkomen, zoeken deze winter tevergeefs. Maar hier en daar ging het toch goed, ook de hazelaar in bovengenoemde  tuin produceerde dus wel veel noten waar de muizen van konden profiteren. Het kan verkeren. Roeken zie je nooit in de tuinen.

28 februari 2016

In de weilanden langs de IJssel zaten vandaag enorm veel Grauwe ganzen. Een werkelijk prachtig gezicht hoe ze opvlogen in enorme zwermen om een stuk verder weer neer te dalen. Ik kon ze helaas slechts vanuit een rijdende auto fotograferen en dat levert natuurlijk matige beelden op. Het is maar goed dat het gras nog steeds zo doorgroeit, dat maakt de appel voor de boeren wat minder zuur. Die zien de vogels natuurlijk liever gaan dan komen voor ze nog even het hele grasland komen kaal vreten en plat trappen.

Het water staat nog steeds op het land en daardoor ontstaan er ondiepe geulen waar ook de meeuwen zich graag ophouden. Hoeveel muizen en mollen zullen er weer niet verdronken zijn door de wateroverlast.

Het water staat, hoewel het alweer aan het zakken is, nog behoorlijk hoog. Dat biedt elk jaar weer een imposant gezicht. De fietsers op de dijk hebben het wel geweten, de wind was er zo sterk dat je haren bijna van je hoofd waaiden. Dapper hoor om dan op je tweewieler te klimmen.

26 februari 2016

De Heggenmus (Prunella modularis) heb ik nog niet horen zingen. Hij wordt wel eens verwisseld met een mus maar het verschil is toch best groot. Een mus is veel forser van bouw, de tekening is anders, hij heeft een stompe snavel terwijl het heggenmusje een heel verfijnd vogeltje is. Je zou dus denken dat de heggenmus geen zaadeter is. Maar bij allerlei vogels wordt de maag aangepast aan het winterseizoen. De heggenmus eet ook zonnepitten, kleine stukjes pinda en zaden uit het gemengde strooivoer.

De Winterkoning (Troglodites troglodytes) beweegt zich als een muisje door het struweel, je kunt hem bijna niet pakken met de camera. Met schokkerige snelle bewegingen scharrelt hij tussen de bladerlaag of plantenresten, op zoek naar kleine insecten. Dat blijft toch het soort voer waar hij van afhankelijk is en daarom ook heeft hij het in de winter vaak zo moeilijk. Dit keer is de winter mild geweest voor dit leuke kleine vogeltje.

De Sijs (Carduelis spinus) zorgt momenteel voor een feestje in onze tuin. Het is zo leuk die mooie felgele vogels op de tuintafel te zien. Ze switchen heen en weer tussen de uit elkaar gehakte vetbollen en de zonnepitten. Het is ongelooflijk wat vogels kunnen doen met hun snavel en tong. Ik hoop dat ze nog even blijven!

24 februari 2016

Het is vaste prik: wil je nog even genieten van het fraaie weer, dan zul je er in de ochtend op uit moeten, ook vandaag weer. De zon wint al behoorlijk aan kracht en nergens kun je dat beter zien dan op de grens van zon en schaduw in het open veld. Heide, grassen en opschietende naaldboompjes zijn in de schaduw nog bedekt met rijp.

Maar de zon rukt op en als ze de rijp te lijf gaat, verdampt die onder je ogen en verdwijnt letterlijk als "sneeuw onder de zon". Een mooi gezicht om dat te zien gebeuren.

23 februari 2016

Alweer zo'n dag die niet weet wat hij wil; in de ochtend een belofte, wat later vallen de buien weer. Het is tekenend voor deze winter. Tussen de buien door het bos maar weer even in alhoewel dat geen pretje is hier. Nog steeds wordt er gekapt en met al die regen is het daar een vieze onvoorstelbare moddertroep. Je moet oppassen waar je loopt, de leem in de bodem maakt het er niet beter op. Langs de paden liggen de stammen van Grove den  die hier geveld werden.

Ah, een lichtpuntje in het saaie bos: ik ontwaar de piepkleine naaldpakketjes van de Lariks die de neusjes buiten de knop steken. Er staat slechts één boom die het er al op waagt, de rest ziet er nog volkomen levenloos uit. Ieder jaar verheug ik me mateloos op het uitlopen van de lariksen, ze zijn als eerste verantwoordelijk voor de prachtige voorjaarsmetamorfose van het bos.

En kijk toch eens, zowaar zitten daar al ook al twee miniatuurkegeltjes in wording. Vorig jaar heb ik er niet één kunnen vinden. Goed in de gaten houden de komende tijd, Lariks heeft de mooiste kegeltjes die aan onze diverse naaldbomen zitten. Als het nu maar niet weer streng gaat vriezen.....

Op de oude takken van de lariksen groeien mooie groene korstmossen. Heel dunne takjes met kleine groene schilderijtjes. O jee, het begint weer te plenzen, dikke boze regendruppels. Snel maar weer naar huis terug.

22 februari 2016

De hele tijd keek ik al naar ze uit, al weet ik ook dat ze meestal pas aan het eind van de winter naar de bewoonde wereld trekken. Dan wordt het vinden van voer in het bos ook wat minder en in de tuinen bieden mensen vaak van alles aan. En daar zit dan opeens een Sijsje, aan zijn zwarte kop zie je dat het een mannetje is. Het blad aan de rozenstruik zit er nog altijd aan, alsof het geen winter is geweest, heel wonderlijk. Het leuke van deze vogeltjes is dat ze niet schuw zijn. Je kunt gewoon voorzichtig naar buiten lopen om ze van een kleine afstand te fotograferen. Helaas bleef het maar regenen vandaag dus heb ik nog niet veel pogingen gedaan.

Sijsjes eten voornamelijk de zaden van Berk en Els en regelmatig zie je ze dan ook hoog ik de boomtoppen rondscharrelen. Zonnepitten vallen goed in de smaak bij deze vogels die je het gehele jaar hier kunt zien, 's winters in grote rondtrekkende groepen als ook sijsjes van elders zich erbij voegen. Ze broeden niet in ons land maar in Midden- en Zuid-Europa alsook in Engeland en Ierland. Als ze eenmaal de geschikte voerplank gevonden hebben, kun je dagen, soms wekenlang van ze genieten.

De Boomklever hebben we dit jaar maar weinig gezien maar vanmorgen was hij er toch weer. Hoe zachter het weer en hoe langer de dagen, hoe meer hij zich weer laat horen in het bos.

Tot mijn vreugde was daar ook de Goudvink met de pootringetjes weer. Ik had hem een paar weken niet meer gezien maar nu kwam hij toch weer wat zonnepitten halen. Met andere soortgenoten zie ik hem nu ook vaak in de Krentenboom zitten. Want al kun je het nauwelijks zien, de knoppen in de krent zijn al aan het zwellen en daar zijn goudvinken dol op. Ik zie tot nu toe alleen vrijgezellen mannetjes. Best vreemd, het zijn vogels die hun partner trouw blijven en gedurende de winter zie ik altijd zowel de felgekleurde mannen als de onopvallende vrouwen..

21 februari 2016

Op deze kleddernatte zondag kan ik wel even mijn nieuwe aanwinst laten zien. Bij de bloemist bezweek ik voor deze vrolijke plant. Het is een orchidee en er zitten maar liefst 17 bloemstelen aan. Als dat geen rijkdom is!

De bloempjes zijn maar heel klein, een centimeter ongeveer, maar ze ruiken heel onaangenaam. Daar kwam ik pas achter toen de geurgolf  elke middag door de huiskamer dwarrelde. Gelukkig is de geur niet heel indringend, je moet nog goed kunnen ruiken om hem op te vangen.

De kleinbloemige soorten vind ik prachtig, de grote laat ik staan in de supermarkten waar ze bij vele op de plank staan. Naar mijn smaak zijn het lelijke planten, prachtige bloemen op een pierige bloemstengel en ze blijven zo ontzettend lang goed en onveranderd dat ze me op een gegeven moment doen denken aan levenloze nep. Dat is natuurlijk niet zo, het ligt aan mij. De planten die je in de winkel koopt zijn zonder uitzondering uitheemse soorten. Er wordt volop mee gekweekt en er komen er steeds meer op de markt.

Orchideeën komen in ons land ook in het wild voor, al gaat het niet zo goed met ze. Je vindt ze overwegend nog in beschermde natuurgebieden en er een vinden levert een geluksmoment op. Voor de meeste soorten althans. De Breedbladige wespenorchis is onze kleinste soort en tevens de enige soort die het uitstekend doet. Je kunt hem overal aantreffen, zelfs in  je eigen tuin waar hij zomaar kan verschijnen. De meeste mensen die hem niet kennen, herkennen hem evenmin en zien hem aan voor onkruid. Zo moest ik er een paar vanonder de handen  van mijn schoonzoon redden, hij ziet heel veel dat hij niet herkent al snel aan voor onkruid. Altijd eerst heel goed kijken, ook onkruid kan prachtig zijn, zo heb ik hem geleerd.

18 februari 2014

Toverhazelaar mag dan een magische naam hebben, al haar bloesem is verloren gegaan tijdens de stevige nachtvorsten van de voorbije dagen. Wat jammer eigenlijk, ze heeft dit voorjaar voor niets gebloeid, geen insect die door haar geur werd aangelokt, geen bloem werd bestoven. Dus maar weer wachten op nieuwe kansen volgend jaar.

De hele winter hebben we hier in het oosten de alles bedekkende rijp moeten missen. Een van de mooiste momenten van de winter die mij over het algemeen toch al niet erg kan bekoren. Wakker worden en een wit berijpte wereld zien, bomen, struiken, grassen, alles gehuld in een jas van witte ijsnaaldjes. Of 's avonds als de rijp nog steeds op de bomen zit en de lantaarns aangaan waardoor de wereld er opeens sprookjesachtig gaat uitzien. Jammer. Maar wie weet, het kan nog.

Deze week verloren wij een goede vriend. De dood sloeg genadeloos en snel toe terwijl hij door de natuur snelde en sneeuw zijn pad voor even wit had gekleurd. Met verbijstering stond ik wat later bij deze krokus te kijken, het leek bijna symbolisch, die bloem zo compleet overvallen door de vorst en geen tijd meer om er iets tegen te ondernemen. Geen tijd meer om de bloemblaadjes dicht te vouwen maar weerloos het geweld van de van de overvallende vorst ondergaan....
De mens, hij is als een bloem in het veld en verdwijnt zodra de wind hem verzengt.

16 februari 2014

Schimmels en bacteriën lossen delen en resten van planten op en maken de bodem vruchtbaar. Zou dit niet gebeuren dan zou er na verloop van vele jaren een heel dik pakket op de bodem ontstaan dat ook steeds hoger zou worden. Schimmels, en dat zijn paddenstoelen of zwammen zoals we ze ook noemen, doen flink hun best wat dit betreft. Dit zijn Elfenbankjes.

Het Elfenbankje is een soort die je het hele jaar zien kunt. Zolang het niet vriest, groeit het onverstoorbaar door. Waar planten en bomen licht nodig hebben voor hun ontwikkeling, gaan schimmels in het donker aan het werk. Hun zwamdraden zitten of in de bodem, of in hout, dode of levende stammen, op van alles en nog wat. Wat wij bovengronds zien, de paddenstoelen, zijn de vruchten van de onzichtbare schimmeldraden, uitsluitend bedoeld om ervoor te zorgen dat er een continue opruiming van het verterende hout en dergelijke kan blijven bestaan.

Het Elfenbankje (Trametus versicolor) is een soort die groeit vanuit een beginpunt en vervolgens steeds meer waaiervormige deelhoeden vormt. Je kunt ze in allerlei verschillende kleuren vinden, soms groen geworden door de algen en mossen die zich er op vestigen. Altijd hebben ze een witte buitenrand.

Elfenbankjes kunnen uitgroeien tot prachtige bouwwerken, geef ze een stronk of dood stuk hout en ze nemen die helemaal over. Ze zijn zo mooi en toch zijn er paddenstoelenboeken waar ze niet eens in vermeld worden. Ze verdienen een beter lot!

14 februari 2016

Om de serie van gisteren te completeren: vanmorgen stonden de krokussen in de sneeuw. Van koning winter krijgen de bloemen nog een paar keer een flinke draai om de oren, hopelijk is dat weer snel voorbij.

Het is echt genieten, al die mussen die de hele dag door al kwetterend komen eten. Zakken zaad gaan er in een sneltreinvaart doorheen, net als de uit elkaar gestampte vetbollen. Niet aan te slepen zijn die, ze vallen zeer in de smaak bij alle vogels, roodborst, mezen, merels enzovoort.

Gisteren bedacht ik me te laat dat het een uitgelezen ochtend was om ijshaar te fotograferen. Het dode hout in het bos was kleddernat en de lichte nachtvorst maakte dat tot een uitstekende combinatie. Komt de temperatuur weer boven nul graden dan is het snel gedaan met het mooie natuurverschijnsel. Maar in de middag ging ik toch even het bos in en kwam daar onverwachts iets tegen dat ik nooit eerder gezien had. IJshaar ken ik van dood beukenhout waarvan de schors verdwenen is, maar wat ik hier zag was een interessante variant.

Op een plek lag een dikke gevelde beukenboom waarvan de grote stam nog geheel in tact was. De schors zat er nog omheen maar vertoonde hier en daar wel scheuren. En daar was het gebeurd. Tussen en onder die gescheurde schors was ijshaar ontstaan. Overal zaten witte strepen, zo leek het. Omdat de verteringsgassen in het hout bijna geen kant opkonden, zat het ijshaar als het ware gevangen in de scheuren. Heel apart om te zien. 

IJshaar zoals ik het al vaak gefotografeerd heb. Het is nog niet eens zo lang geleden dat je dit natuurfenomeen maar zelden zag. Tegenwoordig komt het meerdere malen in een winter voorbij. Ik herinner me nog als de dag van gisteren dat ik er met open mond naar stond te kijken toen ik het jaren geleden voor het eerst aanschouwde. Tegenwoordig zie je het in elke winter en vaak ook meerdere keren. Dat heeft te maken met het feit dat de winters tegenwoordig veel natter zijn geworden en minder koud. IJshaar ontstaat immers alleen maar bij vochtige omstandigheden en heel lichte vorst. Je vindt het alleen in oude loofbossen met veel beuken. Op eik zag ik het nooit.

13 februari 2016

Al een tijd staan de krokussen in de tuin in bloei maar ze hadden het niet op al die regen die er viel. Dus hielden ze de bloemblaadjes zorgvuldig gesloten.

Maar eindelijk kwam er een zonnige dag, eerder deze week, en ging de winkel open. Stuifmeel in de aanbieding en wachten op insectenbezoek voor de bevruchting. Helaas, dit laatste gebeurde niet, er is nog weinig beweging in de insectenwereld.

Maar toen kwam de nachtvorst en vanmorgen zagen de krokussen er zo uit, bedekt met rijp. Ook toen de vorst weer uit de lucht was bleven de kelken dicht. Voorlopig maar even niet open! De ene plant kan beter tegen vorst dan de andere. Ze worden beschadigd als de vorst de celwanden van het planten- en bloemenweefsel kapot maakt. Het vocht in de celwanden bevriest dan en de scherpe vorstkristallen vernielen blad en bloem. Dat lijkt hier nog niet het geval gelukkig.

Ook een net uitlopende bloem van de Anemoon stond er nogal aangeslagen bij. Maar ook dat ging goed. Gelukkig maar, al is het afwachten hoe het met al die overmoedige bloeiers verder gaat. Het weer kan nog steeds van alles gaan doen.

12 februari 2016

Een bloembol is een wondertje op zich. Dit bolletje van een sneeuwklokje was in de herfst bovengronds geraakt, er zitten geen worteltjes aan maar desondanks loopt het uit en tovert zelfs een bloem tevoorschijn. Als je een ui doorsnijdt zie je meteen hoe een bol in elkaar zit. Bij een bloembol is dat hetzelfde. Helemaal binnenin zit al de bloem in aanleg en die is omhuld door een heleboel "rokken" waarin het voedsel ligt opgeslagen waardoor de bol zich zonder contact met de aarde kan ontwikkelen. Toch doet hij het in de aarde beter en zal de bloemsteel zich verder ontwikkelen dan hier.

Dat de lente in aantocht is hoor je aan de Koolmees. Elk jaar is het waarnemen van de eerste voorjaarsroepjes weer een verademing: bijna is de winter weer voorbij! De hormonen razen weer door hun lijfjes, het lichaam moet weer aangepast worden voor de tijd die komt. Het zal je maar gebeuren dat je ieder jaar tweemaal je hormoonhuishouding moet aanpassen! Er zijn zoveel dingen die dieren doen waar wij niet aan kunnen tippen. De Goudvink hoorde ik vandaag ook zijn aandoenlijke liedje zingen. Liet hij eerder een eentonig geluidje horen, nu doet hij er een paar kreuntjes bij. Zo mooi zijn en dan zo'n klungelig liedje, dat is niet goed geregeld hoor. http://www.vogelgeluid.nl/goudvink

De vogels willen nog steeds graag gevoerd worden, er is immers nog niets te vinden in de natuur. Aan het eind van de winter is de nood juist het grootst en daarom is het goed door te gaan met voeren tot de eerste blaadjes aan de bomen zitten en er weer insecten verschijnen. De bodem van de pindakaaspot is in zicht, alles is tot de laatste kruimel opgegeten. Snel maar weer een nieuwe pot met dit favoriete prutje halen. Zoutloze variant met stukjes noot.

11 februari 2016

Eindelijk weer eens een aardig zonnige dag dus meteen maar weer eens het bos in. Maar een echt genoegen kun je dat niet noemen. Het broedseizoen begint binnen een paar weken en zoals elk jaar bedacht de beheerder dat er nog snel een grote hoeveelheid bomen gekapt konden worden. Ditmaal op het perceel waar de herten graag foerageren en liggen te rusten om te herkauwen. Wandelaars genieten daar enorm van omdat je de dieren goed kunt bekijken als ze hier zijn. Het perceel ligt vooraan in het bos, je loopt er zo tegenaan.

In Hof te Dieren blijft na het kappen van bomen alles wat niet verkocht kan worden veelal gewoon liggen. Een kwestie van geld, opruimen kost arbeidskrachten en machines. Wandelaars vinden het vreselijk, het bos wordt er heel onaantrekkelijk door. Gelukkig kunnen we altijd nog doorsteken naar Middachten of Hagenau. Het blijft echter jammer dat we hier de herten voorlopig niet meer zullen zien en hun levenscyclus kunnen waarnemen. Het afwerpen van geweien, het opzetten van een nieuw en het afschuren van de bast daarvan. Helaas!

Natuurlijk kunnen de dieren uitwijken naar andere delen van het bos. Aan hun voetsporen kun je ook wel zien dat ze dat doen.

9 februari 2016

Een mens wordt wel eens gedeprimeerd door wat er aan informatie tot hem komt. Zo'n dag als vandaag: recent werden om en nabij de 300 kalveren doodgespoten omdat ze te licht waren en er geen plaats was ze ergens onder te brengen (lees verder pagina Bij het Seizoen). Een ander bericht meldt dat ons land een zeer belangrijke spil is in de "niets ontziende, illegale handel in bedreigde diersoorten". En alsof dat nog niet genoeg is wordt er ook nog meegedeeld dat Provinciale Staten van Noord-Holland het besluit bekrachtigen om in de Amsterdamse Waterleiding een paar duizend damherten af te schieten. De lucht is weer grijs en grauw, de regen gutst naar beneden en ik weet even niets anders te melden.

Inmiddels is de dag al een eind opgeschoten en daar gaat de bel..... Voor de deur staat de nieuwe  poezenmoeder van Bengel die een lekker bakseltje komt brengen. Dat geeft de dag opeens toch nog een zonnig kantje. Op de verpakking is een print geplakt met een foto van de kat die ik best vaak mis. Het gespin, het geknuffel, de kopjes; maar ik weet ook dat Bengel het in zijn nieuwe huis ongelooflijk naar zijn zin heeft. Daar ben ik blij om! De angst voor de grote wilde hond in zijn vorige huis is hij al lang vergeten, hij had niet beter terecht kunnen komen.

Buiten in de boom zit er nòg een vreselijk te balen (zou dat woord nog bestaan?) van de regen die maar niet van wijken weet. Wat is dat grijs toch een nare kleur!

7 februari 2015

Ik ben dol op sneeuwklokjes! Hoezeer ik ook de eenvoud van een plant of bloem waardeer omdat die vaak mooier is dan de doorgekweekte soorten, toch prefereer ik  in dit geval het dubbele sneeuwklokje waarvan er ook in onze tuin staan. Ze vermenigvuldigen zich minder uitbundig dan de gewone soort Galanthus nivalis. De dubbele dragen de toevoeging flore pleno. Sneeuwklokjes hebben een bedrieglijke kleur, eigenlijk is het niet wit maar kleurloos. Dat wij die als wit zien komt doordat het licht in al die kleine luchtbelletjes tussen het bladweefsel van de bloemblaadjes naar alle richtingen toe weerkaatst wordt. Dat geeft het effect van een witte kleur. Knijp je de luchtbelletjes uit de bloemen weg, dan zie je dat ze feitelijk kleurloos zijn.

Je gelooft het niet maar dit kleine bolgewasje heeft veel bewonderaars die dermate dol op de sneeuwklok zijn dat ze allerlei kwekerijen, zelfs landen afreizen om elk nieuw bolletje met een net wat ander stipje of streepje te kunnen bemachtigen. En dat terwijl je bijna met een loep moet bekijken waarin het ene verschilt van het andere. Het ogenschijnlijk simpele bolletje bevat allerlei stoffen, gifstoffen en bruikbare stoffen. In de homeopathie wordt het voor alle mogelijke kwalen gebruikt. Het bevat ook galantamine, een stof die zou kunnen werken op de cognitieve functies in ons brein. Het zou misschien in de toekomst de ziekte van Alzheimer kunnen remmen. In de reguliere geneeskunde is men dat aan het onderzoeken.

Of onze sneeuwklokje erg te lijden hebben van de eindeloze hoeveelheid regen die nu al zo lang op de bodem neerdaalt weet ik niet maar het valt me wel op dat ik voor het eerst veel beschadigde bloemen zie. Een biologische bijzonderheid is dat het blad van de sneeuwklok  raphiden bevat die het tegen slakkenvraat beschermt. Raphiden zijn naaldvormige kristallen van calciumoxalaat die o.a. ook voor nierstenen zorgen. Als je dit binnen zou krijgen via de bladeren van de sneeuwklok, kan dat nare gevolgen hebben, ook voor dieren. Er zijn echter zo veel giftige planten in de natuur dat we er ons daar over het algemeen niet zo druk over hoeven te maken.

Via de specialisten binnen onze tuinclub, kunnen de leden op dit moment genieten van de mooie botanische irisjes die er in schitterende en aparte kleuren en tekening zijn. Het is wel jammer dat  al die vroeg bloeiende bollen het zonder insecten moeten doen. Die zie je nog nauwelijks. Ook de regen maait ze in een dag omver, jammer!

5 februari 2016

Op veel landgoederen wordt tegenwoordig veel gedaan om de oorspronkelijke structuren uit het verleden weer terug te brengen. Dit stuk bos behoort daar ook toe en de laan is opnieuw ingeplant met jonge beuken. Het zijn de enige bomen die, behalve de naaldbomen, nog wat kleur in het bos brengen. Beuken hebben een heel dunne schors en daardoor zijn ze zeer gevoelig voor verbranding door de zon. Om zonnebrand te voorkomen, blijft het blad aan de jonge boompjes zitten zodat het schaduw kan bieden en schade aan de stam voorkomen.

Uiteindelijk gaat ook het zittende beukenblad verloren. Het wordt in de winter immers niet meer gevoed door de boom. In het groeiseizoen verdampt een flinke Beuk per dag wel 500 liter water en dat water zou kunnen bevriezen als de wortels in de winter zouden doorgaan met het opzuigen van water. Daarom gaan de bomen in rust. Weer, wind en seizoen hebben vrij spel om het blad langzaam maar zeker af te breken en op te laten gaan in de humuslaag. Beukenbladcompost is heel vruchtbaar voor een bos.

Ik ben heel erg benieuwd wanneer dit jaar de beuken beginnen uit te lopen. Je kunt aan de knoppen zien dat ze niet lijdzaam wachten op het voorjaar maar, net als heel veel andere planten, toch al wat aan het ontwikkelen zijn. Het schuiven van de knoppen wordt dat genoemd. De blaadjes liggen al kant en klaar in elkaar gevouwen binnen de schubben. Die schubben bevatten een restantje vocht  en samen met de suikers die er nog inzitten vormt dat een soort antivries waardoor de knoppen niet kunnen bevriezen. Een bepaald hormoon in de knop zorgt ervoor dat de knop in rust blijft. Nu gaan de knoppen van de Beuk nog niet zwellen, dat gebeurt pas in de lente, opeens zie je dan hier en daar een paar takken met heldergroene verse blaadjes.

3 februari 2016

Gisteravond en vanmorgen spraken de weerman en -vrouw over "parelmoerwolken" en dat scheen iets heel bijzonders te zijn, sinds 1996 zelfs niet meer in ons land gezien. Ik had er nooit over gehoord en even dacht ik dacht ik ze ook gefotografeerd had gisteravond. Maar op het internet vindt ik veel kleurrijker foto's dus het zal wel niet. Hoe het ook zij, ik vond die gekleurde wolken in zacht lila en blauw prachtig, zeker in combinatie met de dreigende regenwolken die langs de hemel zweefden.

Omdat zowaar in de loop van de middag de regen verdween en de zon verscheen, ging ik even kijken bij de IJssel waar het water behoorlijk hoog stond en snel stroomde. Het is altijd aangenaam een poosje bij de rivier te staan met het gezicht op de weilanden met ganzen en het pittoreske plaatsje Olburgen in de verte.

Sinds de eerste bewoners zich langs de IJssel vestigden vaart hier al een pont. Momenteel heeft de pontbaas het behoorlijk druk en daar zal hij zeer blij mee zijn. Nu de reparatie van de brug over de IJssel bij Doesburg de autoweg tijdelijk onbruikbaar maakt voor het verkeer, kiezen automobilisten de pont bij Dieren om naar de overkant te komen. Lange rijen vehikels staan aan beide zijden van de rivier geduldig te wachten tot de "Altijd Voorwaarts" hen veilig naar de overkant brengt. Nog twee weken kan de pontbaas nu zijn slag slaan.

2 februari 2016

Dit is een bloeiende tak van een struik maar ik weet niet welke. In het boeket dat ik met kerst van mijn zoon kreeg, zaten een paar takken die na een week begonnen uit te lopen en wat later ook in bloei raakten. Niet alleen vogels, vlinders en vleermuizen kampen met de extreme weersomstandigheden, ook wilde plantensoorten die nu buiten in bloei staan ondervinden in de komende weken vast nog veel schade en vooral de kruidachtige planten vriezen dood door nog komende nachtvorsten of zijn al doodgevroren tijdens de koude-inval die opeens optrad. Aldus Arnold van Vliet van de Natuurkalender. Opmerkelijk in onze tuin is dat de roos Zépherine Drouhin, die ik vorige lente plantte nog volop in fris groen blad zit. Ondanks de nachtvorsten. Maar ook de Lelie staat erbij alsof het voorjaar is, sterk en groen, maar gelukkig zonder knoppen.

Naar de effecten van weersomstandigheden op hazenpopulaties is uitgebreid onderzoek gedaan. Hazen hebben veel meer last van regen dan van kou. Dat geldt eigenlijk voor meer soorten. Jonge haasjes worden al heel vroeg in het jaar geboren en kunnen niet wegkruipen in een lekker warm hol. Ze worden geboren in een ondiep kuiltje in de open lucht. Stel je maar eens voor wat dit met de beestjes doet in omstandigheden als nu, met die extreme hoeveelheid regen! Een haas is lang zo vruchtbaar niet als een konijn en werpt per jaar gemiddeld tien jongen. De hazenstand blijft over het algemeen vrij stabiel aangezien tijdens slechte weersomstandigheden wel 60% van de jonge haasjes het niet redt. De bronsttijd begint al heel vroeg in het jaar, februari, soms al eerder. Rammeltijd wordt dat genoemd, de hazen rennen als gekken achter elkaar aan.

Voor konijnen geldt eigenlijk hetzelfde. Zij wonen weliswaar in holen maar moeten er toch regelmatig opuit om te foerageren. Waar de haas een solitair levend dier is, is het konijn een groepsdier. De groep bestaat uit een paar mannetjes, een groter aantal vrouwtjes, en de jongen. Helaas worden de konijnen geteisterd door een virusziekte die in 2004 ook ons land bereikte hetgeen een dramatisch effect had op de populaties. Het virus muteert ook en nu is er een variant waartegen geen remedie bestaat, dus ook huiskonijnen kunnen er het slachtoffer van worden. Het besmette konijn sterft in korte tijd, lijdt hevige pijn en heeft inwendige bloedingen.

Mollen worden bij dit voortdurend natte weer vaak verdreven uit de polders waar ze zich veelal ophouden. In het bos, de plek waar ze het meest voorkomen, hebben ze daar niet veel last van. Van oorsprong zijn mollen ook bosdieren, ze houden van losse gronden en een permanente begroeiing. Op de paden zie je vaak de mollengangen, de mol zelf zie je meestal alleen als hij dood is. Als een mol een gang graaft, trekt hij zijn kop in en duwt met zijn snuit en schouders de aarde opzij die hij met zijn sterke kolenschophandjes weer omhoog werkt.

31 januari 2016

Oei, de geringde Goudvink waarvan ik al eerder melding maakte, blijkt een hap uit zijn veren te hebben. Wat zou er gebeurd zijn, dook er een Sperwer op hem toen hij ergens op een vloerplank zat en kon hij nog net op tijd ontsnappen? Wat zou ik dat graag willen weten.

Naar blijkt heeft de Goudvink ook een ringetje om zijn andere poot, een rood ringetje. Ik was blij te constateren dat de vrijheidslievende vogel sneeuw en nachtvorsten goed doorstaan had. Je krijgt toch een speciale belangstelling voor zo'n beestje. Ik hoop dat ik hem binnenkort met een vrouwtje aan zijn zijde zal zien, snoepend van de zwellende knoppen van de krentenboom waar ik hem veel zie en mooi kan fotograferen. Maar zover is het nog niet, al is het morgen al februari. Goudvinken worden vaak als kooivogel gehouden, net als veel andere soorten. Ze mogen daarvoor niet uit het wild worden gevangen maar het gebeurt wel. Er is daarop geen enkele controle en naar bewijzen wordt nooit gevraagd. De goudvinken zullen alleen vanwege hun fraaie verenkleed gehouden worden want hun zang stelt nauwelijks iets voor.

Merel en Houtduif eensgezind op de schoorsteen. Maar de Houtduif zit behaaglijk met zijn gat op de warme gassen die uit de centrale verwarmingsketel opstijgen. Zouden vogels ook genieten van een mooie zonnige dag? Volgens mij is dat zo, ik hoorde de merel zachtjes zitten te zingen in een struik. Het klonk of hij het zeer naar zijn zin had, en daardoor ik ook. Vogels reageren nu heel sterk op de daglichtlengte en weldra zullen ze hun broedterritoria al zingend gaan bewaken. Wie verheugt zich niet op de komende ochtendconcerten!

Deze winter zien we, in tegenstelling tot andere jaren, nauwelijks duiven. Noch de Houtduif noch de Turkse tortel. Heel af en toe komen de laatste even op bezoek. Het zijn, net als de goudvinken, ook vogels die je overwegend gepaard ziet: mannetjes en vrouwtjes, dicht tegen elkaar zittend en knuffelend op zijn vogels. Alleraardigste vogels zijn het.

29 januari 2016

Sneeuwklokjes en winterakonieten bloeien al volop en op een zonnige dag als gisteren gaan de bloemen wijd open voor de hommels. Maar die zag ik nog niet. In deze merkwaardige winter, waar temperaturen elkaar op extreme wijze afwisselen is het elke week weer spannend wat er gaat gebeuren. De enorme hoeveelheid regen heeft de bodem dermate verzadigd dat de eerstvolgende bui alweer bospaden in modderpoelen verandert.

In onze tuin waagde dit botanische irisje het maar op en "ging in bloei". Her en der schijnen al veel bolletjes hetzelfde te doen. Vandaag klettert de regen het alweer meedogenloos neer.

Ik heb er nog eens heel goed op gelet, de bomen houden het hoofd koel en piekeren er niet over hun knoppen aan te zetten tot uitbotten. De Meidoorn daarentegen is de kluts kwijt en heeft al wekenlang blaadjes. Op een bepaalde  manier is het ook wel grappig, een natuur die dit jaar zo eigenzinnig is. Geen mens weet nog waar we aan toe zijn. Eén ding lijkt vast te staan: een droog voorjaar kunnen we vergeten dankzij de na-ijlende effecten van El Niño  die ons tot in het voorjaar nog zal plagen met heel veel regen. Niets is zeker in het leven, ook het weer niet.

28 januari 2016

In het bos kom je nog steeds paddenstoelen tegen, sommige oud en andere nieuw. Dit Waaiertje (Schizophyllum commune)  is versleten, regen en ouderdom hebben de schijnhoed uiteen gerafeld tot een kanten schelpje dat op de tak van een gevelde boom zit.

Het Waaiertje voelt taai aan en als je het omkeert zie je hoe mooi het nog steeds is. Heel goed zijn nu de gespleten en gegolfde lamellen te zien die vanuit hetzelfde punt uiteen groeien. De naam Waaiertje is dan ook goed gekozen.

De Dennenmoorder (Heterobasidion annosum) is nieuw. Dat wil zeggen, hij is zich op dit moment aan het ontwikkelen op de oude stobbe van een gekapte naaldboom. Naaldboom en Dennenmoorder vind je meestal samen. De zwam is gevreesd vanwege zijn agressie, in percelen naaldhout kan hij flink en desastreus tekeer gaan. In het begin is de bovenkant warmbruin van kleur. Later wordt dat een bobbelige grijze korst.

Van deze vondst werd ik heel vrolijk, ik fotografeerde dit prachtige Judasoor (Auricularia a. judea) vorige week toen het 's nachts nog zo vroor. Tussen het kaphout zag ik stukken oude Vlier liggen en daarop wat bruine frutsels. Als je het Judasoor kent, herken je die frutsels al snel als zich ontwikkelende of juist indrogende oren. Het zijn net weermannetjes: bij vochtig weer worden het prachtig uitstaande oren en als het een tijd droog is verschrompelen ze om naderhand weer open te vouwen. Ze zijn zo mooi, en voelen heel lekker aan, net zacht leer. Dit oor leek totaal overvallen door een stevige nachtvorst en was bezig te ontdooien, ijsrestjes zitten nog op de nerven.

26 januari 2016

Mijn oudste kleinzoon die inmiddels 20 jaar oud is, heeft een stel parkietjes gekocht. Toen hij nog maar net kon zitten, nam ik hem al in zijn wagentje mee het bos in, Elke week. Of het mede daardoor kwam weet ik niet maar hij werd een echte dierenliefhebber. Liep kilometers met huisjesslakken in zijn handen, of een mooie rups, een lieveheersbeestje, mestkevers. Alles wilde hij mee naar huis nemen en "verzorgen", en er naar kijken. Als kleutertje moest hij vreselijk huilen toen ik het beter vond dat hij een jong padje dat hij vond, beter niet mee naar zijn kamer kon nemen. Ontroostbaar, want dat padje was zo klein en lief.....

Nu krijg ik steeds e-mails waarin hij mij laat weten hoe tam de vogels al zijn, dat ze op zijn hand vliegen, op zijn hoofd zitten en hoe hij 's ochtends nog een poos in zijn bed blijft liggen om te kijken hoe ze spelen met elkaar, met de belletjes in de kooi, het stuk touw dat hij voor ze ophing. "Oma, ik kan er uren naar kijken". Daar word ik helemaal warm van, van dat bijna twee meter lange joch dat in katzwijm gaat voor zijn parkietjes. Heerlijk, toch nog een kleinkind dat de groene genen van zijn oma geërfd heeft!

24 januari 2016

In Loenen op de Veluwe ligt het Nationaal Ereveld voor oorlogsslachtoffers, met een overdonderende  hoeveelheid graven. Er heerst een serene rust maar het verhaal op de grafstenen vertelt anders. Hier werden de stoffelijke overschotten van Nederlandse militairen herbegraven. Teruggehaald uit de graven op vreemde, indertijd vijandige grond waar de soldaten  sneuvelden in de oorlog. Twee jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog besloot onze regering de gesneuvelden terug te halen naar vaderlandse bodem en hun een respectvolle herbegrafenis te geven. Een indrukwekkende hoeveelheid grafstenen, een indrukwekkende hoeveelheid verdriet en een indrukwekkende hoeveelheid verbijstering.

Het terrein is 17 hectare groot en inmiddels liggen hier meer dan 4.000 soldaten. Hun graven zijn voor de eeuwigheid en de teksten op de stenen vertellen het gruwelijke verhaal van zoveel jonge mannen, zonen, broers, geliefden die aan het begin van hun volwassen leven de dood vonden in een waanzinnige oorlog. Oorlog is altijd waanzinnig: je wordt gestuurd, hebt maar te gehoorzamen en je sneuvelen is een betreurenswaardig maar niet te voorkomen "bedrijfsongeval".  Zo gaat dat overal op de wereld, tenzij je vrijwillig ten strijde trekt. Als je hier rondloopt, besef je dat ten volle en je raakt er van onder de indruk. Oorlog zal er altijd blijven, zolang de aardse bevolking bestaat. Nog altijd worden hier soldaten en burgers herbegraven die sneuvelden tijdens politieke, humanitaire of vredesmissies.

Bij een van de graven lag een granaatappel. Die lag er al lang en had door zijn gewicht een kuiltje gemaakt in het mos. De granaatappel bevat talrijke pitten die symbool staan voor de vele nakomelingen van de vrucht maar ook voor een  teken van hoop en wedergeboorte. Ik moet binnenkort mijn kleinkinderen eens meenemen naar dit oord van herdenking. Het met eigen ogen zien zegt immers zoveel meer dan al die kranten- en tv-berichten over oorlogen en slachtoffers.

22 januari 2016

Je staat soms verbaasd van de vele manieren waarop het ijs zich op water vormt. De lucht- en watertemperatuur spelen hierbij een rol maar natuurlik ook de wind. Er worden daardoor vaak de mooiste kunstwerkjes gevormd.

Op de bodem van vijvers en sloten ligt soms een dikke laag ingewaaid blad. Dat blad rot natuurlijk en veroorzaakt gassen die vanaf de bodem naar het oppervlak van het water stijgen. Deze methaanbellen veroorzaken de wonderlijkste patronen op het water.

Allemaal zijn ze verschillend. IJsmeesters hebben een grote hekel aan deze bellen want waar ze omhoog borrelen veroorzaken ze bewegingen in het water waardoor er zwakke plekken ontstaan op de beoogde schaatsbaan.

Ook op ondiep water kan iets fraais ontstaan. Dit is een laagje water waar een herfstblad is ingepakt door ijs en omringd door ontelbaar veel opstijgende gasbelletjes. Geef je ogen de kost, dan is er overal iets moois te ontdekken.

20 januari 2016

Terwijl het lange tijd leek alsof de herfst naadloos over zou gaan in de lente vond de winter het tijd worden een duidelijk signaal af te geven. Bloeiende planten werden genadeloos afgestraft met stevige nachtvorsten en knoppen een kopje kleiner gemaakt. Volgens "Natuurbericht" zijn de enorme temperatuursverschillen die zo abrupt optraden, slecht voor de natuur. Nu wacht ons weer de dooi.

Aan de Veluwezoom hebben wij geen noemenswaardige sneeuw gehad, wat er viel bleef vooral op de buitenweggetjes liggen. Er waren alweer grote verschillen in ons land wat dit betrof.

De omgeploegde akkers in de uiterwaard, met hun onregelmatige kleibonken, werden bezet door rijp hetgeen een mooi gezicht was. Het licht aan het einde van een zonnige middag is momenteel heel mooi en zeker de moeite waard er, al dan niet met de camera, op uit te gaan.

Het water in de IJssel staat behoorlijk hoog nu en in de nevengeul vormde zich een flinterdun laagje ijs. Winter in Nederland, het kan altijd alle kanten uit.

19 januari 2016

Nou, daar hebben we dan toch eindelijk de winter waarnaar velen reikhalzend uitkeken! Voor de vogels is dat afzien; de nachten zijn lang dus moeten ze ook een fikse periode teren op het voedsel dat ze voor het eind van de dag nog gevonden hebben. Voor het stoken van hun inwendige kacheltje wordt de vetlaag gebruikt en die neemt daardoor op een zeer koude nacht hun gewicht dramatisch af. Vlak na de laatste wereldoorlog werd er een experiment gedaan door vogels uit het wild te vangen en in een koel- of vrieskast te stoppen. Toen bleek dat bijvoorbeeld een mus bij een temperatuur van min 14° niet langer dan 14 uren overleefde. Hun nachtelijk gewichtsverlies zorgde voor een te grote afname van het isolerend vermogen. Maar doordat onze buitenmussen gedurende de nacht - net als veel andere vogels - dicht tegen elkaar aankruipen kunnen ze het met hun gezamenlijke kacheltjes gelukkig aanzienlijk langer uithouden.

Ik maakte gisteravond een foto van de hemel om het mooie blauw vast te leggen. Omdat we een aanvoer hebben van zeer koude polaire lucht, is de lucht heel helder en schoon en daardoor wordt die zo prachtig van kleur. IJskoude lucht....

's Ochtends wordt ik wakker van het geroep van de merels die grote behoefte hebben aan voedsel. Als ik opsta zie ik ze naast elkaar op de hagen en pergola zitten maar als ik ze gevoerd heb, veranderen ze in irritante en onverdraagzame naarlingen die elkaar geen kruimel gunnen. In plaats van rustig hun buikjes te vullen jagen ze elkaar na en weg terwijl er toch genoeg voedsel ligt. Om te zorgen dat de vogels wat van hun restje energie kunnen sparen, hak ik 's avonds vast wat vetbollen uit elkaar zodat ze die makkelijk naar binnen kunnen werken. Zelfs de kleine vogels zijn daar verzot op. Hetzelfde doe ik met de pinda's, waarom zou je vogels in deze zware omstandigheden eerst laten zwoegen voor ze een stukje hebben uitgebikt. Een luchtpompje in de vijver zorgt ervoor dat ik niet met steeds opnieuw bevriezende waterbakken hoef te sjouwen. Voeren moet nu in het belang van de vogels heel vroeg in de morgen en nog een keer een uur voor het donker is geworden.

16 januari 2016

Het is een genot weer zoveel mussen in de tuin te hebben; vele jaren was dat niet het geval. Een juiste begroeiing is een van de dingen waarmee je ze permanent kunt lokken. De zijmuur van ons huis is bedekt met klimop en tussen de takken en altijd groene bladeren gaan ze graag slapen. Het is er veilig en minder koud. We  horen wanneer ze de oogjes willen sluiten: eerst een hoop geruzie om de favoriete plekjes en dan complete stilte. Veilige schuilplekken zijn onontbeerlijk voor mussen, zo blijkt uit jarenlang onderzoek. In een bestrate, kale tuin blijven ze weg en helaas zie je die steeds meer. Klimop, een groenblijvende haag en zelfs bamboe worden door de vogels zeer gewaardeerd.

Wij zien in onze tuin het hele jaar veel mussen, jonge musjes  vrouwtjes- en mannetjesmussen maar de Ringmus is er maar af en toe eens bij. Ringmussen hebben een donkere vlek op de wangen, zowel man als vrouw, maar ze geven de voorkeur aan het buitengebied.

 Aan de sterke snavel is goed te zien dat mussen typische zaadeters zijn en omdat ze altijd met zoveel zijn, gaat er heel wat vogelzaad doorheen. Het is goed de mussen ook in de zomer te blijven voeren want ook is gebleken dat er dan nog al eens voedseltekorten optreden in de tijd dat er jongen te verzorgen zijn. Slim zijn ze ook en ze houden goed in de gaten hoe de andere vogels aan voer komen. Daardoor hebben ze geleerd om aan pindanetjes te hangen en van de pindakaas te snoepen. Zoutloze (!)  pindakaas geeft trouwens alle vogels veel energie vanwege het hoge vetgehalte. In de winter komt dat natuurlijk goed van pas. Dit weekend kan weer meegedaan worden aan de nationale vogeltelling. Voor wie het leuk vindt om een half uurtje mee te tellen  zijn bijzonderheden te vinden op: https://www.tuinvogeltelling.nl/

15 januari 2016

Dit is geen vergissing, deze Rhododendron staat al twee weken in volle bloei en is een spektakelstuk in de buurt. Het is voor de tweede maal dat ik hem zie bloeien maar ik weet niet of hij vorige winter ook zo vroeg was. Het is bijna ongelooflijk dat deze struik er hartje winter zo bij staat. Ik heb geprobeerd te achterhalen welke naam hij heeft en kom niet verder dan R. daurica "Midwinter". Alleen, hij is bij geen Nederlandse kweker te vinden, zo lijkt het.  Als ik het wel wist zou ik hem meteen bestellen. Wat een pronkstuk in de winter.

Er zijn nog heel wat planten die nu bloeien. Het Moederkruid gaat gewoon door, net als de Dovenetel, Gele ganzenbloem, Koekoeksbloem. Sierkwee en ga zo maar door. Er zal toch vast wel een moment komen dat de vorst er een eind aan maakt. Hier aan de Veluwezoom is daarvan nog niet veel te merken.

Het Madeliefje (Bellis perennis) is een verhaal apart. Zou het de hele winter niet vriezen dan zou het jaarrond bloeien. Dit ontembare bloeiertje laat zich alleen door de vorst bedwingen. Het plantje komt over de gehele wereld voor, behalve in de tropen, en doet het nog goed tot een hoogte van 2400 meter. In Noord-Amerika wordt het zelfs verguisd omdat het zich zo snel verspreidt. Het ogenschijnlijk zo simpele plantje verdient daarom meer waardering dan het over het algemeen krijgt. De Franse koning Lodewijk IX, die leefde van 1214 tot 1270, wist het op waarde te schatten en gaf het een eervolle plek. Madeliefje kreeg naast de lelie een plek in zijn familiewapen. De koning was zo vroom en deed zo meedogenloos zijn best volkeren (kruistochten) te bekeren tot het christendom, dat paus Bonifatius hem in 1297 zelfs heilig verklaarde. Tja....., lief bloempje in het wapen maar hardvochtig met het zwaard.

13 januari 2016

Vanuit ons huis hadden wij het aanhoudende gekrijs van de zaagmachines al dagenlang gehoord en toen ik het bos inliep zag ik het al: er worden weer bomen gekapt. Het lijkt altijd net of bosbeheerders op een bepaald moment denken: o jee, binnenkort begint het broedseizoen weer, snel nog even wat hout oogsten.

Door alle regen van de laatste tijd is het al zo'n modderboel in het bos maar dit maakt het nog erger dan het al was. Langs de hele laan liggen stammen en de werkzaamheden hebben de paden veranderd in modderpoelen.

Daarnaast rijdt de boswachter van landgoed Twickel dagelijks zijn rondjes door het bos en ook zijn auto maakt van de paden een moddertroep. Nee, veel lol is er niet in het bos te beleven nu. Maar ook buiten het bos is het ellende wat dit betreft. In onze straat werden vandaag in een hoog tempo veel berkenbomen gekapt. Die zouden in slechte staat verkeren maar aan het binnenste van de stammen was niets te zien. Over twee weken worden in ons dorp maar liefst 600 bomen gekapt om plaats te maken voor een open tunnel onder de autoweg. Om Twickel mee te laten profiteren wordt een stuk van de autoweg verlegd zodat die vlak naast het spoor komt te liggen. Twickel kan dan weer een stuk grond bij het landgoed trekken. Er moet wel een heel bosperceel van 300 bomen voor worden gekapt. Nog eens 200 bomen langs het spoor verdwijnen eveneens. Vervolgens wordt ons mooie stationsplein met  prachtige oude villa's beroofd van 100 stuks volgroeide bomen. Dit om de werkzaamheden mogelijk te maken. Wat een treurnis, hoe lang zal het gaan duren eer ons mooie plein weer zijn statige allure terug heeft? Je zult er maar wonen! Ik wordt helemaal miserabel van de plannen en het doen verdwijnen van al dat heerlijke groen.

11 januari 2016

Langs het Apeldoorn-Dierens kanaal staan enkele narcissen al hoog boven de grond, de knoppen dicht maar zichtbaar en enkele stonden al in bloei. Ik ging er even langs maar iemand had de bloemen al mee naar huis genomen. Pech dus, geen recente foto. Niet alleen in het oosten van het land staan deze en andere  bollen in bloei. We krijgen iets dat we eigenlijk niet verdienen op dit moment  maar ik kan er wel van genieten.

In een groenstrook bloeien al de eerste krokussen van dit jaar. Ik geloof niet dat ik ze ooit zo vroeg gezien heb. Je wordt er toch een beetje vrolijk van ook al weet je dat het zomaar weer afgelopen kan zijn als de aangekondigde koude nachten komen opdraven. Maar ja, dat zit er in.

Ook de gele hebben hun kopjes boven de grond gestoken. Dat wil zeggen: de dappere onder de bolletjes want de meeste zitten nog lekker diep onder de grasmat. Het bijzondere van de gele krokus is dat de mussen er dol op zijn. De vogels eten alleen de gele bloemblaadjes op; die bevatten een hoge concentratie beta-caroteen wat een sterke antioxidant is, en in het lichaam wordt omgezet in vitamine A. Prachtig dat die mussen dat "weten". Eigenlijk is dit hetzelfde instinct dat maakt dat bijvoorbeeld vee instinctief niet eet van het Jakobskruiskruid. Alweer iets waarin dieren de mens de baas zijn, zij hoeven geen lijst met "giftige planten" te raadplegen.

9 januari 2016

Het is heel opvallend dat je steeds weer de verzuchting van wandelaars hoort dat ze al tijden geen wild meer zien in het bos. In eerdere jaren zag je bijvoorbeeld regelmatig zwijnen, zelf heb ik die ook al lange tijd niet meer gezien. Maar ook herten laten zich nauwelijks zien.  In de winter lijken de zwijnen nog imposanter met hun dikke speklaag en idem vacht. De bovenste laag haren kan in de winter wel tot 10 cm dik worden. Daaronder zit nog een laag wolachtig, gekruld haar. Ik vind hun oren leuk, net of het zwijn oorwarmers draagt.

Zwijnen zijn omnivoren, ze verorberen alles wat eetbaar is. Dat kun je heel goed zien aan hun kiezen, die lijken wel molenstenen. Bij een pasgeboren zwijntje zijn de hoektanden al aanwezig terwijl de rest van het gebit pas later komt. Samen met de sterke wroetschijf op het uiteinde van de neus doen die hoektanden dienst om diep in de bodem te kunnen graven naar voedsel. In het bos zie je overal bomen die tot aan hun wortels zijn blootgelegd door de zwijnen. Het was vreemd dat afgelopen herfst een geweldig mastjaar was met heel veel eikels, en dat die hier langs de Veluwezoom rondom Dieren in het bos niet te vinden waren.

In de komende maanden worden de jonge zwijntjes geboren. Hoe zachter de winter is des te eerder de biggen geworpen worden. De jonge zwijntjes komen kaal ter wereld maar hebben na een week al hun bekende streepjespyjama's aan. In dat stadium zien ze er schattig uit, vooral als ze al heel vroeg het gedrag van hun moeder kopiëren en je ziet hoe ze driftig met hun lijfjes tegen boomstammen staan te schuren. Heel veel biggen worden gepakt door de vos maar er worden er jaarlijks zoveel geboren dat men meent dat er veel moeten worden afgeschoten, ook biggen.

7 januari 2016

IJsregen, dat is niet meer voorgekomen sinds 1987. Ik herinner me nog hoe onze kinderen over straat met de schaatsen onder naar school gingen. Wij kregen hier echter geen ijsregen en gingen er speciaal voor naar Drenthe. Wat was dat mooi om te zien maar ook angstig, bomen die als luciferhoutjes braken onder het gewicht van het ijs op hun takken. Maar ook met ijs ingepakte grassen en plantenresten. Heel spectaculair. Opnieuw is het fenomeen alleen in het noorden van het land te zien en deze foto's kreeg ik toegestuurd van mijn vriendin die zich in huis verschanst heeft en van daaruit haar tuin fotografeerde. De tegenstelling tussen eind december en begin januari kon niet groter zijn en dat staat mooi afgebeeld in deze foto: bloeiende sierkwee omhuld door ijsregen.

Ze stuurde mij ook een foto van de IJsvogel die op een tak boven haar vijver zit maar niets te eten vindt, de ijslaag verhindert het vangen van visjes. Gelukkig gaat het weer dooien, deze ijzige omstandigheden zijn funest voor vogels. Een overdekte voerplek in je tuin is nu geen overbodige luxe. En hoe zou dat gaan met de schapen en paarden die buiten staan? Zouden de dikke, isolerende schapenvachten nu ook voorzien zijn van een ijslaag? Ingepakte schapen, hoe bizar. Tussen haar en mijn huis ligt maar 93 kilometer maar vandaag is dat een wereld van verschil.

6 januari 2016

Tineke, roept mijn man, ze staan weer voor de keukendeur en ze roepen je! Hij doelt op de merels die rozijnen willen. Inderdaad hoor ik ze ook. Tussen deze merelvrouw en mij bestaat een uitstekende verstandhouding. Zodra ik de gordijnen 's ochtends opentrek zit ze al te kijken of de rozijnen volgen want dat is ze zo gewend. Als ik ze heb neergelegd hoef ik maar een paar stapjes achteruit te lopen voor ze op de tafel neerstrijkt. In de boom zit de merelman met klokkende geluiden te waarschuwen: niet doen, niet doen, je kunt het niet vertrouwen! Maar daar trekt de merelvrouw zich niets van aan, ze heeft besloten dat ik betrouwbaar ben en dat is toch zo leuk!

Voor het eerst deze winter is ook de Boomklever present in onze tuin. Al vriest en sneeuwt het in dit deel van het land  nog steeds niet, in het bos zal misschien het voedsel toch wel wat schaarser worden en wat is dan makkelijker om het in de diverse tuinen te halen. Dus stamp ik weer pinda,s en verschaf zonnepitten.  Succes verzekerd!  Kijk eens naar zijn tenen; geen wonder dat hij als een specht langs de stammen omhoog en omlaag kan kruipen. Boomklevers zijn zeer gehecht aan hun territorium dus je kunt gerust aannemen dat je steeds dezelfde op je voerplank ziet. Als het hem meezit kan hij wel negen jaar oud worden. De "onze" heeft dan ook een naam: Tibor en wij geloven dat het al jarenlang dezelfde is.

De mooie Goudvinkman is nu dagelijks present. Geen wonder dat hij alleen is en niet samen met een vrouwtje: het is een gekweekte vogel. Toen hij in de boom zat en ik hem goed voor de lens kreeg zag ik dat hij een blauw ringetje om zijn poot heeft. Blijkbaar is hij ontsnapt en vliegt nu vrij rond. Er scharrelt ook een winterkoninkje in de tuin, ik zie hem steeds als hij zich als een muis door de takken beweegt. Helaas komt hij niet op de voerplank, het bescheiden vogeltje is meer geholpen met wat universeelvoer dat tussen de klimop gestrooid wordt. Maar hij vindt voorlopig zelf genoeg te eten. Als het nog kouder gaat worden zal ik hem helpen.

4 januari 2016

Op zo'n natte, grijze zondag als het gisteren was kun je je beter niet in het bos begeven. Erg veel mensen die behoefte hebben aan wat frisse lucht of lichaamsbeweging wandelen er dan rond en je voelt je niet plezierig als je dan met je camera boven allerlei onbestemds hangt. Bovendien is het er een vieze moddertroep. Dus dan maar wat spelen met de macrolens in de eigen tuin. Deze druppeltjes op een afgestorven hortensiablad vond ik net geslepen kristal.

Beregend blad is altijd mooi om te zien en ik heb er al heel wat foto's aan gespendeerd.  Dit is het blad van een viooltje. Ik heb er een deel van uitgesneden zodat dit net een bellenblazend poesje lijkt. Met ook nog een belletje om haar hals.

2 januari 2016

In tegenstelling tot de eerste dagen van 2016 was het weer tijdens de jaarwisseling kraakhelder zodat de giftige chemische dampen die door vuurwerk in de atmosfeer terecht kwamen snel konden wegdrijven. Vuurwerk zorgt wel voor een geweldige onrust onder de vogels die bij het losbarsten van het aardse geweld massaal op de vleugels gaan ondanks het feit dat het nacht is. Aan rondvliegende ganzen kun je dat heel goed horen, ze lijken compleet in paniek te zijn.

Zelfs in de ochtend toen de knal- en stankmisère al uren achter de rug was, vlogen de ganzen nog almaar rond boven de mist. Op deze link is goed te zien wat er om 24.00 uur gebeurt: http://horizon.science.uva.nl/fireworks/  Hun geluid klinkt alsof ze paniekerig roepen om contact te houden met soortgenoten en dat gaat de hele nacht nog door. Zelfs als de rust is weergekeerd en het daglicht verschijnt blijven de ganzen onrustig en boven de bomen in de grijze mist hoor je ze aldoor maar roepen, onophoudelijk.....

Het nieuwe jaar vangt hier in het oosten aan met mist, regen en een eerste nachtvorst, alsof het de moed niet heeft eraan te beginnen. Enigszins mistroostig, wat een merkwaardig woord is in dit verband: mist en troost verpakt in een enkel woord. Bijna op ooghoogte hoor en zie ik een Goudvink die als een kleurig en hoopgevend signaal afsteekt tegen de grijze hemel. Hij is alleen, bijna altijd zie je ze samen, man en vrouw. Dit mannetje moet nog een vrouwtje strikken om samen in de lente voor nageslacht te kunnen zorgen. Gelukkig hoeft zo'n vogel zich niet af te vragen in wat voor wereld hij zijn kinderen moet grootbrengen..... Welkom in 2016.

1 januari 2016

Toen ik pas deze scheefgegroeide besjesboom zag dacht ik: ha, dit is een mooie voor een nieuwjaarswens in mijn natuurdagboek. Iets van "laat je hoofd met alle winden meewaaien maar houd je voeten stevig op de grond".

Toen kreeg ik deze aardappel in mijn handen. Misschien wat beter geschikt voor een goede wens: "houd hoofd en hart ook in 2016 open voor allen die naar warmte zoeken". Laten we maar gewoon proberen het goed samen te hebben, de harmonie en veerkracht te bewaren, te genieten van het moois dat het nieuwe jaar hopelijk biedt maar ook dapper de lasten te dragen die ongetwijfeld ook op ons pad zullen komen.

Opnieuw raakten er door vuurwerk kinderen vingers of hand kwijt, meldt het Rotterdamse oogziekenhuis slachtoffers met ernstiger oogletsel dan vorig jaar en daardoor blijvende schade en werden er hulpverleners bekogeld met vuurwerk. De letsels werden veroorzaakt door legaal vuurwerk. Wie het vuurwerkmanifest wil steunen kan dit doen op www.vuurwerkmanifest.nl

30 december 2015

Tja, we raken er niet over uitgepraat, al die bloemen in eind december. En vlinders op tweede kerstdag, het oogsten van asperges, perenbomen in bloei, kikkers op pad en ga zo maar door. Als de verwachtingen bewaarheid worden en in elk geval de nachtvorsten komen, nou dan zullen we wel anders piepen. Ik heb nu toch maar mijn laatste potten met vorstgevoelige  zomerbloeiers naar binnen gehaald. Ik vind het altijd jammer om de mooiste exemplaren die mij het hele jaar zoveel plezier bezorgd hebben, aan de winter over te leveren. Buiten bloeit nog wat Robertskruid en paarse Bacopa, gezellig naast elkaar alsof ze de winter negeren.

Grote stukken van de tuin vol Iberis, het blijft een raar gezicht in december. Maar vrolijk is het wel en stel dat de komende  maanden koud en misschien wel wit worden, dan heeft  uiteindelijk iedereen het toch naar zijn zin gehad.

Overal zie je ook de rozen bloeien, en dan geen armzalige bloemen op halfdode stengels maar met fris groen blad. En zo had ik deze laatste maand van het jaar toch nog iets te bieden aan vrolijke plaatjes. Vanaf nu wordt dat steeds moeilijker maar over ruim twee maanden zitten we alweer in de lentemaand. Ik verheug mij er nu al op.

28 december 2015

Momenteel bevinden zich in ons dorp weer veel roeken tussen de kraaien en kauwtjes. Ze zijn op zoek naar hazelnoten die op bepaalde plekken jaarlijks zoveel te vinden zijn dat de vogels er de hele winter zoet mee zijn. Maar dit keer hebben ze pech: de hazelaars hebben nauwelijks of geen vruchten geproduceerd. Ze zijn echter zo gewend aan die vaste plekken dat ze er toch blijven rond scharrelen. Gelukkig is het nog altijd zacht weer zodat ze hun magen ook kunnen voeden met larven en regenwormen die ze met hun sterke snavels uit de bodem peuren.

De Roek (Corvus frugilegus) is de grootste kraaiachtige die we in ons land kennen. Je zou het niet geloven als je zijn geluid hoort maar ze behoren tot de zangvogels. In de zomer zien we ze met heel vele in de uiterwaarden, zoals op deze opname. Tegen de winter trekken ze de bewoonde wereld in omdat deze intelligente vogels weten dat ze daar dan meer voedsel vinden. In de winter wordt onze populatie tijdelijk aangevuld met trekkers uit Duitsland.

Erg elegant is de Roek niet. Hij ziet er lomp uit met zijn veren die vanaf zijn dijen omlaag hangen en zijn grote grijze snavel is ongevederd als hij volwassen is en daardoor lijken de vogels nog groter . Ze gedragen zich behoorlijk schuw en laten zich door de mens niet makkelijk benaderen, misschien wel door de ervaring wijs geworden. Roeken worden niet door iedereen gewaardeerd en door verjaging en bestrijding daalt sinds 2000 het aantal in ons land. Ook deze nam meteen de benen toen ik hem wilde fotograferen met mijn "onderweg cameraatje". Het schijnt dat er op elke 100 Nederlander slechts 1 Roek is, dat is dus heel bescheiden.

25 december 2015

Ik wens alle lezers van Natuurfragmenten mooie Kerstdagen toe met af en toe momenten van bezinning en reflectie. Nooit eerder herbergde de wereld zoveel mensen die op de vlucht waren voor honger, oorlog of uitzichtloosheid. Laten we ze bejegenen met hulpvaardigheid en compassie, hun kinderen  een hoopvolle nieuwe toekomst geven want zij zijn de nieuwe  generatie die de toekomst moet helpen sturen.

De Kerstster (Euphorbia pulcherrima) is een lid uit de wolfsmelkfamilie. Deze familie bevat stengels die een melksap bevatten dat heel irriterend is, komt het (via de vingers) in ogen terecht dan kan dat blijvende schade opleveren. Desondanks is de plant met kerst danig populair en in november werd hij zelfs tot "plant van de maand" uitgeroepen. De werkelijke bloemen zijn de kleine groene "knopjes" in het midden van de schutbladeren. Bovenste foto: Kerstroos (Helleborus niger). De plant komt van oorsprong uit de Alpen en de Karpaten. Het is nu de tijd deze decemberbloeier te ontdoen van het oude blad omdat dit  vaak is aangetast door schimmels die de bloemknoppen kunnen besmetten..

23 december 2015

In de tuin staat de Hulst in volle bloei. Geen bessen dit keer in december maar wel bloemen. Het is het gesprek van de dag, dat vreemde, extreme weer dat we nu hebben. Bij de vijver hoorde ik pas ´s nachts de kikkers kwaken en ik zie ze rondscharrelen in de borders, terwijl ze in winterrust behoren te zijn in deze tijd van het jaar. Ze vinden nauwelijks iets te eten. Schapen worden nog geweid, het gras groeit nog steeds en de maaimachine rijdt nog over de plantsoenen, het is gewoon bizar.

Bloeiend Slangenkruid op 23 december, het is raar. Ik zag een hele pol donkerblauwe Salvia in bloei staan en gele Papaver. Als je in de diverse voortuinen kijkt blijf je je verbazen. Maar goed is het natuurlijk niet. Het zijn niet alleen de planten die de kluts kwijt zijn maar ook dieren. Egels worden weer wakker en lopen rond op zoek naar eten dat er bijna niet is. Vogels laten de voerplank  links liggen want honger hebben ze niet en de Lijster denkt dat het lente is en zingt vrolijk zijn lentelied.

De Gele toorts in het plantsoen maakt op haar uitgebloeide stengel gewoon weer nieuwe bloemen aan. Dus kun je de gevolgtrekking maken dat zo´n verdorde stengel nog lang niet dood is, al ziet hij er wel zo uit.

Als je door het mooie stadje Doesburg rijdt, waan je je midden in de zomer. Langs de straten staan eindeloze stroken met rozenbeplanting die in volle bloei staat. En niet een enkele bloem maar het staat er boordenvol. Je vraagt je af hoe lang dit nog zo doorgaat. Alle regen die er aldoor valt komt de natuur ook niet ten goede. Er wordt vaak gedacht dat een zachte winter de insecten in leven houdt en dat een flinke vorstperiode daar een eind aan maakt. Maar het is precies andersom, zeker als het zo nat is als nu. Denk maar aan de hommelkoningin die onder de grond is weggekropen, of de muizen in hun holletjes die vol regenen, de mierennesten die doordrenkt raken. Dat soort dierlijk leven is heel wat beter af met vorst en sneeuw.

21 december 2015

Door het zachte weer in de inmiddels voorbije herfst gaat de natuur gewoon op een zacht pitje door. Op een beukenstam vond ik nog weer een slijmzwam. De bolletjes vormen het rijpe stadium waaruit de sporen zich verspreiden. Het witte dradenstelsel is achtergebleven nadat de massa zich verplaatst heeft. Het organisme verplaatst zich een tiende centimeter per uur. Het zijn wonderlijke en fascinerende verschijningen. Wereldwijd bestaan er wel duizend soorten en pas vorige eeuw kwam men erachter wat dat eigenlijk waren. Geen planten, geen paddenstoelen maar wat dan wel! Dit exemplaar is het Rossig buikkussen.

IJsvingertjes, prachtig om te zien. Meer dan een eeuw geleden ontdekte men een slijmzwam in een tuin in Texas. Sindsdien heeft men geprobeerd te achterhalen hoe deze slijmzwammen functioneren. Het bleek te gaan om een heel aparte vorm van leven; de slijmzwam heeft een zeer primitieve vorm van intelligentie en kan beslissingen nemen. Zo worden bijvoorbeeld sporen op verkenning gestuurd om voedsel te zoeken waarmee de massa zich kan voeden. De sporen ontvangen signalen op dat het voedsel uitzendt.

In het laboratorium bleek dat de slijmzwam het goed doet op havervlokken. Zo kon het proces mooi gevolgd worden. Telkens moet er een nieuwe plek gevonden worden want voedsel is nodig om groei en voortplanting te realiseren en om die reden trekt de slijmzwam langzaam verder tot het stadium van rijpheid bereikt wordt en dan verhardt de massa en komt tot stilstand. Op deze foto is goed te zien hoe de rijpe sporen in de bolletjes zitten. Deze heet Troskalknetje.

De slijmzwammen verschijnen alleen als de omstandigheden daarvoor gunstig zijn. Als ze het rijpe stadium bereikt hebben is de slijmzwam nog maar kort te zien. Deze heet Badhamia.

De sporen worden verspreid en er blijft niets meer over dan nog wat dradige massa die tijdens het bewegen is achtergelaten.Ook dat is snel verdwenen. Het is dus altijd boffen als je ze op het juiste moment ontdekt. Alle foto's maakte ik in het bos. Foto: Heksenboter

 

naar boven